«Zeven ‘Indische’ gedichten van Bernardo Ashetu.» – Klaas de Groot

AshetuKlaas de Groot kwam in de nog ongepubliceerde poëzie van de Surinaamse dichter Bernardo Ashetu (1929-1982) zeven gedichten tegen die een ‘Indisch’ etiket opgeplakt zouden kunnen krijgen. Hij schreef er eerder bijdragen over op Caraïbisch Uitzicht en in literair tijdschrift Extaze (nr. 28) en werkte deze publicaties om tot het artikel ‘Een durian als handgranaat’, op 11 februari 2019 verschenen op Caraïbisch Uitzicht: ‘De poëzie van Bernardo Ashetu heeft veel weg van een oceaan. Achter iedere horizon ligt een andere einder. Iedere herlezing zorgt ervoor dat nieuwe ruimtes zich openen, nieuwe perspectieven zich presenteren. Dit hoeft niet te verwonderen, want achter het pseudoniem school immers de zeeman Hendrik George (Henk) van Ommeren. Een man die vele zeeën en oceanen heeft gezien. Van Ommeren werd op 4 maart 1929 geboren te Paramaribo, hij overleed in Den Haag op 3 augustus 1982. Zijn graf bevindt zich daar op Oud Eik en Duinen. Tijdens zijn werkend leven als telegrafist heeft hij veel poëzie geschreven, maar algemeen bekend is hij nooit geworden. Ook hier is er een parallel met de zee: het allergrootste deel van de gedichten kwam niet aan de oppervlakte. Na de publicatie van Yanacuna in 1962, een aflevering van de Antilliaanse Cahiers, kwamen er geen bundels meer naar buiten. Hij stelde nog dertig selecties samen die hij niet wilde publiceren. Weerzin tegen de naam van zijn vader, Van Ommeren, moet hem daartoe gebracht hebben. Het is logisch dat tussen alle gedichten van Ashetu heel wat poëzie staat die met de zee te maken heeft. Er zijn meer dan negentig zeegedichten. Daarnaast is er een veel kleinere groep gedichten te ontdekken. Dat is een opvallende reeks van zeven gedichten, die een ‘Indisch’ etiket opgeplakt zouden kunnen krijgen. (…)
Lees hier het artikel
Meer over Bernardo Ashetu bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Klaas de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

Albert Hagenaars – Pelgrimsgrond. Gedichten

HagenaarsAlbert Hagenaars
Pelgrimsgrond

gedichten
gebrocheerd in omslag met flappen,
84 blz., € 17,50
ISBN 978-94-93214-32-3 NUR 306
september 2021

Net als de vorige dichtbundels van Albert Hagenaars kent Pelgrimsgrond een strakke thematische indeling. In zeven reeksen van elk zeven gedichten roept hij ditmaal herinneringen op aan momenten dat hij kort maar heftig of juist blijvend getroffen werd door poëzie, schilderijen, muziek en films, herbeleeft hij de glorie en teloorgang van de liefde en bezoekt hij plaatsen die niet alleen cultureel maar ook sacraal van betekenis zijn. De lezer komt in ‘Pelgrimsgrond’ Charles Baudelaire en de Middeleeuwse mystica Hadewych tegen, beschouwt schilderijen van Edward Hopper, Edvard Munch en Egon Schiele, hoort muziek van Jacob Obrecht en Gustav Mahler, ziet films als ‘Der Tod in Venedig’ en ‘The crying game’ en doet bedevaartplaatsen aan in Cambodja, China, Litouwen, Noorwegen en Polen. ‘Pelgrimsgrond’ verbindt hierbij telkens individuele gebeurtenissen met algemene, het verleden met het heden, onvermogen met prestatie, realiteit met verbeelding. Door alle gedichten heen klinken de bastonen van Hagenaars’ vertrouwde thema’s: levensdrang; erotiek en vruchtbaarheid; het belang van reizen en identiteit; de fascinatie voor de eindeloos uit te vouwen werkelijkheid.

Albert Hagenaars debuteerde in 1979 bij Poëzie-uitgeverij WEL met de bundel ‘Stadskoorts’. Zijn latere bundels zijn ter wille van de helderheid strak thematisch geordend, het meest symbolisch in ‘Tropendrift’ (2003). Dit boek, dat in het NL en Engels tegelijk verscheen, volgt qua compositie zowel in traject als verblijfsduur een reis. Het is gewijd aan bezochte plaatsen in Zuidoost-Azië: Thailand, Maleisië & Singapore, Sumatra, Java, Bali, Singapore & Maleisië en opnieuw Thailand. In ‘Tropendrift’ speelt de geschiedenis een belangrijke rol, zowel op het algemene niveau van politiek, religie en oorlog, als op het persoonlijke van familiebetrekkingen en relaties tussen man en vrouw, tussen ouders en kinderen, tussen west en oost. In ‘Bloedkrans’ (2012), bestaande uit 4 delen van elk 20 gedichten, brengt Albert Hagenaars vooral liefde, lust en dood samen. In dit boek, geschreven in het verhoopte midden van z’n eigen leven, koppelt de dichter herinneringen en eigen ervaringen aan wereldgebeurtenissen en omgekeerd. Nog nadrukkelijker dan voorheen richt hij zich hier op de thematiek van vruchtbaarheid. De drang tot overleven vormt voor elke cultuur in sterke mate de basis van het geloof.

Albert Hagenaars (Bergen op Zoom, 1955) was aanvankelijk werkzaam als beeldend kunstenaar en galeriehouder. Hij studeerde Nederlands en bracht veel tijd in Frankrijk door. In 1980 koos hij voor de literatuur. Werk van zijn hand verscheen in talrijke bladen en bloemlezingen, waaronder Maatstaf, De Tweede Ronde, Literair Akkoord, Raster, Poëziekrant en ‘De Nederlandse poëzie van de negentiende en twintigste eeuw in 1000 en enige gedichten’. Behalve gedichten, romans en vertalingen schrijft hij ook kritieken over literatuur en moderne beeldende kunst voor tal van bladen. Hagenaars werkt vaak samen met kunstenaars en musici en ook met collega’s uit andere taalgebieden. Enkele van zijn boeken werden vertaald; in het Duits, Frans, Indonesisch en Roemeens. Enkele componisten maakten muziek bij werk van Albert Hagenaars. Hagenaars maakte veel reizen, door o.a. de Verenigde Staten, Latijns-Amerika en het Verre Oosten. De laatste jaren woont hij deels in Indonesië, het geboorteland van zijn vrouw, Siti Wahyuningsih, met wie hij al ruim 200 Nederlandstalige gedichten van bekende en onbekende auteurs in Bahasa Indonesia vertaalde en publiceerde. (www.alberthagenaars.nl)
Meer over ‘Pelgrimsgrond’
Meer over ‘Tropendrift’
Meer over ‘Bloedkrans’
Meer over Albert Hagenaars op deze site

Gedicht van Wim Brands

Opmaak 1In zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Vandaag (29 maart 2021) is het de geboortedag van onder anderen dit zevental dichters: Obe Postma, Jules de Corte, R. Dobru, Geert van Istendael, Nina Werkman, Jürgen Smit, en Wim Brands (1959-2016). Peter van Steen stierf op 29 maart. Bij wijze van felicitatie/gedenken kiest Wim van Til voor een gedicht van Jules de Corte; uitgeverij In de Knipscheer kiest in dit bericht voor een gedicht van Wim Brands uit Extaze 1 (In de Knipscheer 2011, nr.1): ‘In memoriam Carlos Westerhout’. Dit gedicht werd ook opgenomen door Klaas de Groot in de bloemlezing ‘Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer poëzie’.

In memoriam Carlos Westerhout

Ik kende in Den Haag een man die elke avond in de stationsrestauratie zat;
ik heb nooit gezien dat hij daar at, meestal keek hij voor zich uit;

ik heb ook nooit gezien dat hij een krant las, of iets opschreef,
wat sommige vaste bezoekers wel deden. Grote, boze zinnen.

Hij keek voor zich uit, en rookte. Dat mocht toen nog binnen.
Soms bleef hij een tijd weg, niemand die vroeg waar hij was.

Altijd kwam ik hem weer tegen in de Passage, maar wie zag je daar niet?
Als ik denk aan jou in deze stad zie ik je daar ook lopen.

Je bent moederziel alleen, niet perse ongelukkig,
en je laat de ruimte galmen omdat je wilt

dat Den Haag ook voor jou zingt. Was je wel eens zo onbekommerd,
ook al stonken je kleren? Vrolijk op weg naar het station

om weer eens een paar weken verderop te gaan.
Maar in de restauratie niets prijsgeven van dat verlangen.

Ook niet als je boos was. Want hoe je je ook voelde, waar je ook was,
met of zonder dak, altijd gesloten dat hart.

Wie was je? Dit spookt door mijn hoofd: dat je post naar Zaandam ging.
Dat heet post apart.

Meer over Wim Brands op deze site
Meer over ‘Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer poëzie’

Gedicht van R. Dobru

voorplatSilence75In zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Het is vandaag (29 maart 2021) de sterfdag van Peter van Steen en de geboortedag van onder anderen Obe Postma, Jules de Corte, Geert van Istendael, Nina Werkman, Wim Brands, Jürgen Smit en R. Dobru (1935-1983). Bij wijze van gedenken plaatst Wim van Til een gedicht van Jules de Corte; Uitgeverij In de Knipscheer kiest voor het gedicht ‘Blues and roots’ van R. Dobru, gepubliceerd in haar bloemlezing ‘De stilte van het ongesproken woord’ (In de Knipscheer, 2014).

Blues and roots

plotseling
heb ik mijn mingus nodig
om bij mij in de diepten te gaan
de wortels los te maken
zodat ik kan voelen
wat beneden in mij roert
en daarna naar het oppervlak
te brengen
alles wat ik nodig heb
voor de strijd
een heldere bron kreten van de agida
zwart water uit mijn kra
naar de stroomversnelling in mijn bloed
over rotsen van vallen en opstaan
en dan de brede
verbeten en vastberaden rivier
opnieuw op weg naar de zee

Meer over ‘De stilte van het ongesproken woord’

«Deze verhalenbundel is schitterend omdat alle verhalen zonder exceptie boeiend zijn.» Job ter Steege

VoorplatBrabanderOnweer-75Over ‘Het geluid van naderend onweer’ van Eric de Brabander op LeesKost, 29 maart 2021:
(…) Deze verhalenbundel, ‘Het geluid van naderend onweer’, is schitterend omdat alle verhalen zonder exceptie boeiend zijn. Nergens zakt het niveau in of zijn er tussen de verhalen ‘zwakke broeders’ aan te wijzen. Telkens weer wordt de lezer verrast door een prikkelende wending of een verrassend slot. De schrijfstijl is levendig en nooit vervelend. Zo ook de onderwerpen. Nooit vervalt de schrijver in een herhaling van zetten of gezeur. Het zevende en langste verhaal draagt de titel van dit boek. ‘Het geluid van naderend onweer’ gaat over een tandarts in crisis. Er staan trouwens twee verhalen over een tandarts in dit boek. Niet verbazingwekkend aangezien de auteur tandarts is. In het tweede verhaal krijgt de tandarts een verkrachter en moordenaar in zijn behandelstoel. De delinquent staat onder bewaking, maar weet toch, met allerlei tandheelkundige spullen in zijn mond, uit de stoel te ontsnappen. Zo iets wil je toch lezen? En al die andere buitengewone verhalen die er niet voor onder doen.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Het geluid van naderend onweer’
Meer over Eric de Brabander bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Alleen het woord kon zij dienen.» – Chawwa Wijnberg

ldmChawwa3Je ziet het steeds vaker: e-mailadressen en websites van overleden auteurs blijven na hun dood nog lang ‘in de lucht’. Zelfs Facebook nodigt je vaak uit hen te feliciteren met hun verjaardag… Maar deze al dan niet opzettelijke nalatigheid geeft de nabestaanden ook de kans stukjes nalatenschap van hun geliefden te delen. Zo kwam vandaag dit mailtje binnen van Chawwa Wijnberg (1942-2019) met als kopje ‘Voor Chawwa leefde alles. Zomer 1984’.

De kroontjespen

De kroontjespen wist dat zij van wezenlijk belang was. Alleen het woord kon zij dienen.
‘Noblesse oblige’, zoals zij de inktlap toevertrouwde.
‘Maar jij begrijpt dat niet, stakker’, zei ze dan, ‘maar het is belangrijk, werkelijk.’
De inktlap, zoals meestal, zweeg. Zeker tegen de kroontjespen.
‘Puntig mormel’, zei ze zachtjes tegen het blauwe inktgum.
‘Spetterslet’, zei het inktgum’, hard, zodat de kroontjespen uithaalde en een hoogst interessante kras maakte.
Het papier zei niets. Het papier wist niet wie zij meer vreesde, de pen met haar scherpe halen en gelek of het harde blauwe gum dat gaten in haar dunne huid maakte.
De inktlap was de conversatie niet waard, onverstaanbaar als ze was.
Nee, het papier kon eigenlijk met niemand spreken.

Meer over Chawwa Wijnberg bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Dit bracht mij innerlijk tot heling.» – Tania Kross

VoorplatSlaaf75Over ‘Katibu di Shon / Slaaf en meester’ van Carel de Haseth in De Volkskrant, 27 maart 2021:
Er is een periode voor en nadat ik het boek ‘Katibu di Shon’ (1988) heb gelezen, zo’n zestien jaar geleden. Het is een historische roman van Carel de Haseth die gaat over een slavenopstand op Curaçao, over een slaafgemaakte en de zoon van de meester op een plantage die samen opgroeien. Het wordt vanuit die twee perspectieven verteld. Ik realiseerde me toen: als ik in de opera ‘Andrea Chénier’ zing, dan kan ik alles opzoeken over de Franse Revolutie wat ik maar wil. Maar over mijn eigen achtergrond, over de Antillen, was zo weinig beschikbaar. Nu was er iets, dat heeft voor mij zoveel innerlijk tot heling gebracht. Ik wist meteen: ik moet dit delen, in dit boek zit een opera. Het heeft acht jaar geduurd om er een opera van te maken. Carel de Haseth maakte zelf het libretto. We bleken op een bizarre manier te zijn verbonden. De plantage waar het verhaal zich afspeelt, was van zijn voorouders. En mijn voorouders leefden daar als slaafgemaakte mensen. Er was één voorstelling in Amsterdam, daarna moest iemand anders het oppakken, maar dat gebeurde niet. Er is geen registratie van gemaakt. Nu ik op Curaçao ben, wil ik die opname alsnog gaan maken: een operafilm, maar wel hedendaags, als een soort lange videoclip. Er is hier geen theater meer, ik wil iets wat blijft, als ultieme liefdesverklaring aan mijn cultuur en de geschiedenis van het koninkrijk.
Lees hier het artikel
Kijk hier naar een fragment
Meer over Katibu di shon

«Hulde aan de auteur die het genre van magisch realisme binnen de Nederlandse literatuur doet herleven.» – Kees de Kievid

VoorplatHetMeer-75Over ‘Het Meer’ van Harman Nielsen op Boekenbijlage, 25 maart 2021:
Op een totaal verwilderd en verlaten terrein achter de duinen staat een vervallen fabriek. (…) De hoofdpersoon is Dyan, van Surinaamse afkomst, een twintiger en verwoed fotograaf. (…) Hij en wil rond en in de fabriek foto’s maken. Niet zomaar foto’s, maar hele bijzondere die iets toevoegen aan de werkelijkheid, “het meer”. (…) In het halfdonker maakt hij een aantal foto’s. Thuisgekomen, ontdekt hij dat er op de foto van een wenteltrap een meisjesgezicht te zien is. Dyan heeft ‘het meer’ gevonden! Hij raakt geobsedeerd door haar en wil haar vinden. (…) De omgeving die Nielsen beschrijft doet onwillekeurig denken aan de schilderijen van Carel Willink: een desolaat landschap met een eenzame persoon. Het lijkt zo realistisch, maar wat zit erachter verborgen? Zo ook in dit boek. (…) Horend bij het magisch realisme is de realistische beschrijving van verbeelding. Dat is eveneens het zoeken naar ‘het meer’ het proberen de realiteit te verbinden met het bovennatuurlijke. (…) Spannend mag dit werk zeker genoemd worden. De kans dat Dyan betrapt wordt, lijkt steeds groter te worden, zeker als hij een derde bezoek aan het terrein aflegt. De spanningsboog wordt steeds strakker gespannen, zowel inhoudelijk als in stijl. Wat zal de climax brengen? Dat weet Nielsen tot het laatst te bewaren met een verrassend (of toch niet) einde. Hulde aan de auteur die het genre van magisch realisme binnen de Nederlandse literatuur doet herleven. Een vergelijking met Daisne en Lampo, de meesters van het genre, ligt in het verschiet.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Het Meer’
Meer over Harman Nielsen bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Het proces van grotere etnische en religieuze diversiteit is met de globalisering onontkoombaar.» – Walter Palm

Opmaak 1Walter Palm over etnische en religieuze diversiteit in Hindorama, 24 maart 2021:
(…) Op basis van mijn jarenlange ervaring op het terrein van integratiebeleid, waardoor ik zelfs de eretitel van ‘Mister Integratie’ verwierf, zie ik drie mogelijke beleidsmatige antwoorden op etnische en religieuze diversiteit, namelijk: streven naar etnische en religieuze homogeniteit; onderdrukken van etnische en religieuze minderheden (in mijn essay ‘Het sluipend gif van islamofobie, 1989-2019’ beschrijf ik uitvoerig het fenomeen van politieke islamofobie binnen de Nederlandse politiek) en bruggen slaan naar etnische en religieuze minderheden. Mijn voorkeur gaat uit naar de laatste variant. (…) Je hoeft geen hogere wiskunde gestudeerd te hebben om uit te kunnen rekenen dat de substantiële migratiegolven in de jaren zeventig, decennia later een ingrijpende demografische verandering als consequentie zouden hebben. Deze drastische demografische verandering heeft niet alleen gevolgen voor de overheid. Het heeft ook consequenties voor instellingen. Zorg-, jeugd- en onderwijsinstellingen die een lelieblank bestuur en personeelssamenstelling hebben zijn natuurlijk niet meer van deze tijd. Deze instellingen moeten zowel qua samenstelling van hun bestuur als van hun personeel een afspiegeling zijn van de etnische en religieuze diversiteit, willen ze de boot niet missen. (…) De tijden veranderen. Het proces van grotere etnische en religieuze diversiteit is met de globalisering onontkoombaar. (…)
Lees hier het artikel ‘De eeuwenlange uitdaging van etnische en religieuze diversiteit’
Meer over ‘Het sluipend gif van islamofobie’
Meer over Walter Palm bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Brouwer heeft een indrukwekkende roman geschreven. Geniet van dit kunstwerk!» – Jan Stoel

VoorplatKraanvogel-96Over ‘Het oog van de kraanvogel’ van Peter WJ Brouwer op Hebban *, 26 maart 2021:
(…) Brouwer slaagt erin deze roman te laten klinken als een gedicht: mooi van vorm, rijk aan beelden, gecondenseerd. Achter het verhaal zit een diepere betekenis. Brouwer laat de taal die hij gebruikt zingen. Eigenlijk komen alle aspecten van zijn kunstenaarschap in deze roman bijeen. Geniet van dit kunstwerk! (…) In deze roman komen thema’s naar voren als zoeken naar je eigen identiteit, geaardheid, vriendschap, liefde, schaamte, verdriet, spijt en de tegenstelling tussen gevoel en rede/verstand. Peter Brouwer kruipt in de hoofden van zijn personages en laat je ervaren hoe ze denken, voelen, reageren op elkaar. (…) De onzekere Marcus de Graaf en de besliste Arthur Klein Gunnewiek (de twee belangrijkste personages) leren elkaar eind van de jaren tachtig kennen op het conservatorium. Ze zijn negentien jaar. (…) Vijfentwintig jaar later wordt Marcus uitgezonden naar Tokio om grensoverschrijdend gedrag van de dirigent van een symfonieorkest te gaan bespreken. Arthur maakt deel uit van dat orkest en is in Tokio zijn contactpersoon. Ieder is zijn weg in het leven gegaan, maar ze hebben een gedeeld verleden. (…) De confrontatie vindt plaats in ‘The Crane’, een bar in Tokio. Boven hen hangt een grote kraanvogel als ‘scherprechter’. Een prachtig beeld, want in Japan wordt de kraanvogels als een brenger van geluk en zuiverheid beschouwd. (…) Brouwer heeft een indrukwekkende roman geschreven, poëtisch van taal, rijk aan bespiegelingen, een verhaal dat onder je huid kruipt en je bijblijft.
*] Deze recensie is ook verschenen op ‘De Leesclub van alles’
Lees hier de recensie
Meer over ‘Het oog van de kraanvogel’
Meer over Peter WJ Brouwer bij Uitgeverij In de Knipscheer