Didi de Paris – Maladie d’Amour. Roman

90-6265-259-xDidi de Paris
Maladie d’Amour

Roman, België
Paperback, 128 blz.,
ISBN 90-6265-259-X
Eerste druk 1987

«Psychiatrisch patiënt geneest zichzelf.»

“Lieve zuster, zie hier de eerste bladzijde van mijn allegorisch dagboek! Op mijn zoektocht ben ik slechts geïnteresseerd in de eigen mythe – en het doorbreken ervan! Nauwkeuriger dan de modernste apparatuur waarover men hier beschikt, zal ik mijn lelijkheid beschrijven, haarfijn, tot ik ’n sprankeltje schoonheid vinden zal. De resultaten van mijn onderzoek zal ik aan u overdragen.”

Zo ontstond Maladie d’Amour, het eerste boek van Didi de Paris. Men zou het een therapeutische roman kunnen noemen, omdat het is opgezet als een fragmentarisch verslag van problematische ervaringen (in relaties, met werkloosheid, enz.) die tot een crisissituatie en opname in een psychiatrische kliniek hebben geleid, en van zijn verblijf aldaar.

Maar vooral is het een vlijmscherp tijdsbeeld, geschreven in een spontaan proza, dat gekenmerkt wordt door verrassende, soms schokkende beelden, wrange humor en een meeslepend eigentijds ritme.

“Oh! Daar gaat de bel, de zuster brengt mij mijn avondmaal. Ik leg dus maar vlug mijn pennetje neer, vooraleer ik er opnieuw mee in mijn arm begin te griffen.”

«Een bespreking van dit boek is overbodig. Je moet het gewoon ondergaan. Van de hak op de tak stuurt Didi je immers de psychiatrische inrichting in. Maar hij doet dat met zo’n virtuositeit dat je er paf van staat!» – Weirdo’s

«Het schijnbaar spontane verslag van iemand die een psychische crisis doormaakt. Tegelijkertijd wordt in de individuele crisis een beeld geschetst van de crisis van de maatschappij… Het boek bestaat uit een aantal korte fragmenten. Ze lijken sterk associatief geschreven, maar vertonen een grote onderlinge samenhang.» – De Waarheid

«Een verzameling invallen, vele erg geestig… Een vlot romandebuut. Iets wat van andere debutanten uit de punkgeneratie niet gezegd kan worden.» – De Gazet van Antwerpen

Didi de Paris – Hors d’Oeuvre. Roman

90-6265-306-5Didi de Paris
Hors d’Oeuvre

Roman, België
Paperback, 251 blz.
ISBN 90-6265-306-5
eerste druk 1989

Didi de Paris debuteerde in 1987 met de “verrassend, chaotisch, cynische en eerlijk geschreven roman Maladie d’Amour over de geschiedenis van een persoonlijke crisis die tegelijk een maatschappelijke crisis is.

In zijn nieuwe boek, Hors d’Oeuvre, hangt Didi de Paris, samen met zijn vrienden Didier Rathee en D,J. Blazee, een sprekend beeld op van onze samenleving, onze kunst(jes) en vooral van de wondere wereld der schone letteren, en geeft hij à volonté aan alle would be-schrijvers tips om in deze woelige postmoderne tijden het hoofd boven water te houden.

Hors d’Oeuvre leest als een stripverhaal met rake klappen en grappen op elke bladzijde en met als enige boodschap aan de lezer: Denk zelf!

“De Paris heeft een volstrekt eigen toon die het lezen tot een (ritmisch) genot maakt.” – Opscene

Hans van Hartevelt – De kwelling

Hans van HarteveltHANS VAN HARTVELT
De kwelling

Nederland Roman
224 blz., paperback
Gebrocheerd, 224 blz., € 15,75
Eerste uitgave 2005
ISBN: 90-6265-569-6

Beklemmende roman over de ondenkbare geschiedenis van misdaad in eigen kring.

Er passeert geen dag zonder dat wij ons in onledigheid kunnen vermaken met moord en doodslag. Wee de dag waarop de knop niet kan worden omgedraaid, waarop het boek niet kan worden dichtgeslagen, waarop moord niet plaatsvindt in een andere plaats, niet gepleegd is onder criminelen, maar bijna onder je eigen ogen. Vrees het moment dat daders worden gezocht in eigen kring, jouw geliefde kring, dat zelfs jij als Kaïn wordt heengezonden terwijl je rouwt omdat ook jij het slachtoffer hebt gekoesterd. Intussen dool je rond in vertwijfeling en grievend zelfverwijt, omdat jij het – misschien, misschien – toch had kunnen voorkomen.
Meer over ‘De kwelling’
Meer over Hans van Hartevelt bij Uitgeverij In de Knipscheer [ = http://www.indeknipscheer.com/?s=Hans+van+Hartevelt ]

Hugo Pos / Erwin de Vries – Twaalf Balladen

Hugo PosHUGO POS
ERWIN DE VRIES
Twaalf Balladen

Poëzie, Suriname
40 blz., geïllustreerd, ingenaaid, april 2005.
Formaat: 34,3 (h) x 24,8 (b) cm.
€ 24,50
ISBN: 90-6265-535-1
Eerste uitgave 2005
Uitverkocht

In de maanden voorafgaand aan zijn dood op 11 november 2000 voltooide Hugo Pos (Paramaribo, 1913) Twaalf Balladen. Op zijn verzoek maakte Erwin de Vries (Paramaribo, 1929) bij elke ballade een tekening, die in dit boek op ware grootte is afgedrukt. Twaalf Balladen bundelt zo het unieke talent van twee grote zonen van Suriname.

Hugo Pos studeerde rechten in Leiden en Parijs. Hij werkte 13 jaar in Suriname als rechter en procureur-generaal en was vanaf 1964 rechter in Amsterdam en raadsheer in Den Haag. Na zijn pensionering krijgt zijn liefde voor literatuur de ruimte, eerst als recensent van Het Parool en Trouw en vanaf 1985 als schrijver van een 15-tal bundels kwatrijnen en verhalen en van zijn met de E. du Perron-prijs bekroonde autobiografie In Triplo (1995).

Schilder en beeldhouwer Erwin de Vries wordt als een van de belangrijkste hedendaagse kunstenaars beschouwd. Hij volgde zijn opleiding tekenen en beeldhouwen in Den Haag en Amsterdam en had zijn eerste tentoonstelling op 19-jarige leeftijd. In de jaren vijftig van de vorige eeuw was hij tijdelijk kunstdocent in Suriname, waar hij zich vanaf 1984 opnieuw vestigde. In 1998 had Erwin de Vries een tentoonstelling in het Stedelijk Museum Amsterdam. Hij is de maker van het Nationaal Monument Slavernijverleden (2002).

De tekeningen van Erwin de Vries zijn in Twaalf Balladen in duotone gedrukt op 150 grams houtvrij mat papier. De bundel kon op deze wijze worden uitgegeven dankzij het Prins Claus Fonds.

Kijk voor meer informatie over Erwin de Vries op Erwin de Vries 75 jaar. http://www.suriname.nu/210cult/index.htm

René Smeets – Met jou open ik oude nachten

wijngedichten
RENÉ SMEETS / PHILIPPE DEBEERST
Met jou open ik oude nachten

De mooiste wijngedichten uit de wereldliteratuur
Gebonden met stofomslag, geïllustreerd, 240 blz.
€ 29,50
Uitgeverij P, Leuven, 2004
In Nederland in de boekhandel gebracht door
Uitgeverij In de Knipscheer, oktober 2014
ISBN 978-90-6265-869-5

Met jou open ik oude nachten. De mooiste wijngedichten uit de wereldliteratuur is een prachtige bloemlezing in 10 hoofdstukken met pro- en epiloog, die de hele wijncultuur omvat. Van wingerd en wijngaard over druivenpluk en -persing tot het heerlijk savoureren van de godendrank! Samensteller René Smeets leerde bij de wijnclub Tastevin wijn degusteren. Zijn liefde voor de poëzie is nagenoeg even oud als die voor wijn en ooit moesten die twee elkaar ontmoeten. Het resultaat is een reis door de wereldliteratuur en de tijd. Van Chili tot China en van Rusland tot Zuid-Afrika. Van Homeros en Horatius over Neruda en Baudelaire tot Vondel, Villon en vele vele anderen. Begeleid door exclusieve paginagrote foto’s van Philippe Debeerst.
Samensteller René Smeets (1956) publiceert sinds 1999 publiceert literaire vertalingen, hoofdzakelijk uit het Duits en uit het Frans. Deze verschenen o.a. in tijdschriften als De Tweede Ronde, Dietsche Warande & Belfort, Poëziekrant en Deus ex Machina. Fotograaf Philippe Debeerst (1958) trok gefascineerd door het medium fotografie naar Gent om er het metier te leren. Hij verdiende zijn sporen in de industriële fotografie en werkt nu hoofdzakelijk voor uitgevers, met als specialiteiten kunstcollecties en architectuur.
Meer over René Smeets

Netty Simons wint met gedicht tweede prijs

465px-AnneldeNorePoëzie- en voordrachtsprijs Het Gebroken Hart in Teylers Museum Haarlem, 4 juli 2004:
Onder haar eigen naam Netty Simons is de Surinaamse schrijfster Annel de Noré (‘De bruine zeemeermin’ en ‘Het kind met de grijze ogen’) tweede geworden op de poëzie- en voordrachtsprijs Het Gebroken Hart. De finale vond zondag 4 juli plaats op De Dag van het Gebroken Hart in het befaamde Teylers Museum in Haarlem rondom de tentoonstelling ‘Het hart, een teken van leven’. Uit de meer dan honderd inzendingen uit Nederland, België, Zuid-Afrika en Suriname nomineerde de jury twintig dichters voor tien eervolle vermeldingen plus oorkonde. Onder de tien prijswinnaars bevonden zich onder meer de bekende dichteres Carla Bogaards en schrijfster Inge Bak, die dit voorjaar bij Uitgeverij In de Knipscheer debuteerde met de roman ‘Zon in het haar’. De prijzen werden overhandigd door de Haarlemse stadsdichter en juryvoorzitter George Moormann. De eerste prijs ging naar dichteres Sylvia Hubers, van wie in oktober een tweede bundel uitkomt bij de Amsterdamse uitgeverij Fagel. Netty Simons, die nog niét eerder poëzie publiceerde, werd verrassend tweede.

Gebroken: een oeroud stenen hart

Wekker, computer, afwasmachien,
douche, haardroger, wasmachien,
sleutel in slot, pinpas in automaat,

roltrap op,
trein in.
Fluit!

Rust…

Omlijst door driedimensionaal dagduister
reist in vlakke, onthullende, flitsvlagen
een ijl, vreemdbekend spiegelbeeld mee…

en ’t gisternacht doorgeseind noodsignaal
wreekt de gigabeet links onder het borstbeen
die eerst in, nu door de wind wordt geslagen.

Gevangen in technologie, digitaal en staal
breekt verweerd, oeroud, ’t hart van steen
alsnóg en weigert – uiterst banaal – dienst.

Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij In de Knipscheer

Hans Plomp – Venus in Holland

venus1HANS PLOMP
Venus in Holland

Nederland / Poëzie
Paperback, 80 blz., € 12,50
Eerste druk 1981
ISBN 90-6265-052-X
uitverkocht

Hans Plomp (1944) is bij het lezerspubliek vooral bekend als prozaschrijver. Voor de groeiende schare bezoekers van poëziemanifestaties overal in het land behoort hij daarentegen met o.m. Vinkenoog en Deelder tot de bekendste en meest gevraagde Nederlandse dichters van nu.
Plomp stamt uit de generatie van Provo en woont al jaren met geestverwanten in het gekraakte dorp Ruigoord. Zijn gedichten sluiten aan bij de enorme veranderingen die zich in onze maatschappij voltrekken en munten uit door helderheid en strijdbaarheid.
In zijn eigen woorden: De nieuwe poëzie moet direct en aangrijpend zijn, wil zij weer de belangrijke rol kunnen spelen die essentieel is voor een samenleving: het in stand houden van de poëtische werkelijkheid. Poëzie moet weer begrijpelijker worden dan de atoombom!

In Venus in Holland heeft Hans Plomp zijn persoonlijke, definitieve selectie bijeengebracht uit de gedichten die hij tussen 1960 en 1981 geschreven heeft en die voor het merendeel niet eerder werden gepubliceerd.

«Omdat mijn hoofd in de wolken is zie ik soms te weinig.» – Annel de Noré

465px-AnneldeNoreAnnel de Noré in gesprek met Marieke Visser over schrijven in De Ware Tijd Literair, 21 augustus 2004:
Ze was even terug in Suriname, Netty Simons, tegenwoordig ook bekend als Annel de Noré auteur van de roman ‘De bruine zeemeermin’ (2000) en van de verhalenbundel ‘Het kind met de grijze ogen’ (2004).

“Als ik een goed verhaal wil schrijven, dan moet ik een begin en een einde hebben, en zo’n beetje weten hoe het verhaal loopt. Dan ga ik schrijven en gebeurt er van alles. Je hebt personages waarover je nadenkt, en je ziet iemand op straat die er heel aardig uitziet en dan opeens heel naar uitvalt, onverwacht. Dat gebruik je dan. Bij ‘De bruine zeemeermin’ hebben heel wat mensen zich in mijn personages herkend: onterecht, want het boek gaat niet over bestaande personen. Het moet zelfs niet echt zijn, want het blijft een spel. Schrijvers liegen de waarheid. Als je een leugen vertelt kan het nooit over de realiteit gaan.”

“Het leven is een spel. Een boek is een spel dat geschreven is over een spel: dubbelop een spel dus.” Gevraagd naar het plezier dat het spelen van het spel haar brengt, begint de schrijfster te stralen. “Ongelofelijk! Het ís heerlijk! Je bent als schrijver in een bevoordeelde positie. Je moet ’t niet te vaak doen, maar je kan je eigen frustraties kwijt in je verhalen. Je kan iemand van repliek dienen.”

Een andere reden waarom zij zo geniet van haar schrijverschap is dat ze al schrijvend de wereld om haar heen lijkt te verklaren. “Ik ben een idealistische realist. Ik loop met mijn hoofd in de wolken, maar sta met mijn voeten op de grond. Omdat mijn hoofd in de wolken is zie ik soms te weinig. Ik verwacht altijd redelijkheid, terwijl die er niet is, niet bestaat. In mijn verhaal ‘De vloek’ probeer ik aan te geven waarom mensen dingen doen. Mensen zijn gewoon niet redelijk. Ik probeer situaties te creëren in mijn verhalen waar beweegredenen, motieven duidelijk worden. Op jezelf heb je niet goed zicht. Vandaar mijn lievelingsspreekwoord: advocaat voor jezelf, rechter voor de ander.”

Voelt zij zich méér schrijfster nu ze gepubliceerd heeft? “Mijn grootste droom is in vervulling gegaan. Ik dacht dat ik nooit iets zou durven laten lezen aan een ander. Dat heb ik nu wel gedaan en dat voelt goed.” Simons heeft haar hele leven geschreven, zolang als ze zich kan herinneren. Zelfs bij de sommetjes schrijf je een verhaal, zei een onderwijzer op de lagere school tegen de kleine Netty. “Ik heb dat nooit zo gezien. Het schrijverschap, en in het bijzonder het publiceren, is – behalve natuurlijk mijn kinderen – het beste dat me overkomen is.”
Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij In de Knipscheer

Erich Zielinski – De engelenbron

erich zielinskiErich Zielinski
De Engelenbron
Curaçao, Nederland
Paperback, Ingenaaid, 254 blz., 15,75
ISBN 90-6265-561-0

In het oude stadsdeel Otrobanda op Curaçao meent Monchín zijn evenwicht te hebben gevonden. De Harley Davidson waarop hij als politieman reed is met keilbouten verankerd in een betonplaat op een oude waterput. Op die motorfiets vlucht Monchín uit de werkelijkheid en houdt hij existentiële monologen met zijn alter ego ‘Broeder Abt…’

Zielinski schildert met een gevarieerd pallet van emoties in De Engelenbron een wonderlijk en veelkleurig Caribisch decor waarin de mens te zien is, getekend door zijn noden en de verleidingen van het leven. De humor is nooit ver te zoeken, evenmin als de kritische ondertoon waar het penseel vluchtig overheen strijkt.

Handelen in drugs is een kunst, zoals balletdansen in een mijnenveld kunst is. Je moet goed opletten waar je je voeten neerzet en toch geen enkele noot missen van de muziek.

De personages in het boek ontkomen niet aan de dans. Petchie, Monchín en Hendrik van Alsum raken verstrikt in een mislukte drugsaffaire waarin twee vrouwen uiteindelijk de touwtjes in handen hebben: Aura die opgroeide in een sloppenwijk in Santo Domingo waar het instinct tot zelfbehoud sterker is dan alle deugden bij elkaar, en Rona. Zij was een Hindoestaanse, en dat alleen al omringde een deel van het huis met mystiek alsof daarin knielende mensen wierook offerden. Zij had een non kunnen zijn; een kloosterlinge die alleen nog haar God diende.
In dat huis ligt de invalide Hendrik en luistert naar Piaf: Et on danse, on danse, on danse

Erich Zielinski, zoon van een Duitse vader en een Curaçaose moeder, werd in 1942 geboren op Bonaire, maar groeide op in het oude stadsdeel Otrobanda op Curaçao. Na zijn opleiding in Nederland keerde Zielinski terug naar de Nederlandse Antillen waar hij werkzaam was als onderwijzer. Hij werd in die tijd oprichter en redacteur van het tijdschrift Vitó dat in de woelige jaren zestig als `kritisch tijdschrift tegen het establishment op de Nederlandse Antillen ageerde. Op Curaçao voltooide hij zijn rechtenstudie en vestigde hij zich als advocaat. Begin jaren zeventig was hij korte tijd hoofdredacteur van het voormalige dagblad Beurs- en Nieuwsberichten, waarna hij toch weer koos voor de advocatuur. De Engelenbron is zijn eerste roman.

De pers over De engelenbron
«Monchín, bijna gepensioneerd politieagent op Curaçao, houdt er een merkwaardige gewoonte op na: met regelmaat kruipt hij op zijn Harley Davidson die met keilbouten is verankerd boven een put, en terwijl hij de motor laat brullen, praat hij tot zijn betere ik, ‘Broeder Abt’. Hij woont in het grote huis De Engelenbron, waar ook de Dominicaanse prostituée Aura met haar dochter woont, en de verlamde zakenman Hendrik met wiens vrouw Monchín de liefde bedrijft. Er ontspint zich een intrige rond de drugsdealer Petchie die tot een dramatisch hoogtepunt komt wanneer Aura’s dochter overlijdt aan het slikken van drugsbolletjes. Deze eerste roman van Zielinski (Bonaire, 1942) is een schot in de roos. Aan de actuele drugsproblematiek van Curaçao geeft hij trefzeker een rijk decor als van een grote Latijns-Amerikaanse roman. Hij bouwt de spanning voortreffelijk op, schrijft soepel, geestig en met veel menselijk medeleven. Het lijdt geen twijfel: dit is het belangrijkste Antilliaanse romandebuut sinds Frank Martinus Arion.» – Michiel van Kempen voor Biblion

«Er is voor de lezer veel te beleven in De Engelenbron. Zo speelt een aantal intrigerende motieven op mysterieuze wijze door en met elkaar, wat het lezen ervan tot een spel maakt en wat zijn uitdrukking in het lichtvoetige taalgebruik vindt. Ik kan u verzekeren dat met het debuut van Erich Zielinski het eiland Curaçao een schrijver rijker is geworden, omdat De Engelenbron inhoudelijk interessant is en bovendien een originele vorm heeft met een knappe structuur en persoonlijke stijl». – Wim Rutgers in Amigoe

«Deze eerste roman van Zielinski (Bonaire, 1942) is een schot in de roos. Aan de actuele drugsproblematiek van Curaçao geeft hij trefzeker een rijk decor als van een grote Latijns-Amerikaanse roman. Hij bouwt de spanning voortreffelijk op, schrijft soepel, geestig en met veel menselijk medeleven. Het lijdt geen twijfel: dit is het belangrijkste Antilliaanse romandebuut sinds Frank Martinus Arion.» – Michiel van Kempen voor Biblion

«Een roman doordesemd van drugs, niet van de verslaving eraan maar van hun maatschappelijke invloed, is tamelijk uniek – en over Curaçao al helemaal. Wat de Nederlandse lezer ogenblikkelijk treft is het karakter van smeltkroes dat Otrobanda in de onnadrukkelijke weergave van Zielinski heeft. De lezer ziet het bonte en verwarrende leven in de hellende steegjes van Otrobanda met hun pastelkleurige huisjes voor zich, decor voor moord en overspel met humor. In De Engelenbron ontkracht Zielinski het cliché dat van drugs alleen een paar superdealers profiteren: de oneervol ontslagen politieman kan er zijn schamele zolderwoning van opknappen, de oudere Dominicaanse prostituee verwerft een pand al verliest ze haar dochter aan de bolletjesslikkerij. De plot is een thriller waardig, een oningewijde moet goed opletten om de deals in drugs en onroerend goed te volgen.» – John Jansen van Galen in Het Parool

«Boeiend beeld van de Antilliaanse ‘escape’-mentaliteit.

«De eerste keer dat de argeloze Nederlander het boek ‘De Engelenbron’ van de Antilliaanse schrijver Erich Zielinski leest, raakt hij wellicht geschokt. Prostitutie, buitenechtelijke kinderen als een geaccepterd verschijnsel, drugshandel, moord; het komt er allemaal in voor. Een boek om van je af te schuiven, zeker vanwege het lugubere slot, waarin een lijk met man en macht van een zolder naar beneden wordt gesjord om buiten in een put gedumpt te worden. Wanneer de lezer echter een tweede keer naar het werk grijpt, raakt hij onder de indruk van de gevoelig uitgebeelde personages, die tezamen een indringend tijdsbeeld geven van het leven op het zonnige rijksdeel Curaçao.» Uit: Haagsche Courant, 13 juli 2004

«De Engelenbron is zéér de moeite waard
Ik krijg regelmatig per mail ontzettend wervende aanbiedingen van boeken van de relatief kleine uitgeverij In de Knipscheer en nu heb ik al een paar keer zo’n aangeprezen boek gelezen en telkens blijkt dat de moeite waard.
Zo las ik een heel bijzondere roman van een Antilliaanse schrijver, van Erich Zielinski, geboren op Bonaire, maar opgegroeid in de volkswijk Otrobanda in Willemstad op Curaçao. Eerst was hij onderwijzer, later advocaat. Hij heeft altijd geschreven, vooral poëzie en dan in het Papiaments. Nu is er zijn eerste roman De Engelenbron, op zijn 61ste, een laat debuut dus. Hij schreef het in het Nederlands en het zou best eens de laatste Antilliaanse schrijver kunnen zijn die dat doet, want de nieuwe generatie op de Antillen beheerst het Nederlands steeds minder. Curaçao is meer en meer een smeltkroes van nationaliteiten: natuurlijk veel Surinamers, wat Nederlanders, maar ook veel Venezolanen, Colombianen en mensen uit de Dominicaanse Republiek enz. en dat zie je mooi weerspiegeld in de roman, die zich ook in Otrobanda afspeelt. Drugs spelen een grote rol, het speelt zich tenslotte af op Curaçao, en het is echt fascinerend om te zien hoe enorm de maatschappelijke invloed ervan op de eilandbewoners is. Ze zijn er niet aan verslaafd en toch heeft iedereen er op een bepaalde manier wel mee te maken, want uiteindelijk sijpelt dat grote drugsgeld door naar de onderste regionen, niet alleen naar die arme bolletjesslikkers, maar ook bijvoorbeeld naar die oude politieman die door zijn kop in het zand te steken een kleine tegemoetkoming ontvangt. In ieder geval realiseer je je dat dat drugsgeld ondertussen een economische en sociale factor van belang is geworden. Erich Zielinski bevolkt zijn roman met kleurrijke types en bouwt zijn plot zorgvuldig en spannend op. Het boek is een beetje een thriller en in het juryrapport van de Gouden Strop dit jaar werd zijn debuut ook met name genoemd en geprezen en zelfs aanbevolen, maar de jury vond het om duistere redenen nú niet voldoen aan hun thrillermaatstaven. Hoe dan ook, De Engelenbron is zéér de moeite waard.» Uit: Adeline van Lier tipt boeken, KRO-radio Dolce Vita 25 juni 2004

«De slechtste mens heeft nog iets goeds
Caribische schrijvers denken niet zwart-wit

Hoe schrijvers in het Nederlandstalig Caribisch gebied tegen hun omgeving aankijken, weten we eigenlijk niet, omdat hun werk nauwelijks tot Nederland doordringt. Er is hier wel een uitgebreide migrantenliteratuur, maar daaruit komen we vooral te weten wat de migrant in Nederland ervaart. Twee nieuwe boeken uit het Caribisch gebied zelf (‘Het kind met de grijze ogen’ en ‘De Engelenbron’) laten zien dat schrijvers dáár (Annel de Noré en Erich Zielinski) heel andere oriëntatiepunten hebben.
[…]
Realistischer is ‘De Engelenbron’, het debuut van de 62-jarige Curaçaose advocaat Erich Zielinski. Met duidelijk plezier beschrijft hij het bruisende leven in de Curaçaose volksbuurt Otrobanda. Centrale figuur is Monchín, een voormalig motoragent, die ontslagen is omdat hij naakt uit een bordeel de straat opliep. Dat was op zichzelf niet zo erg, maar de kranten gingen erover schrijven, zodat het een politiek gevoelige zaak werd. De macho Monchín heeft groteske trekken die hem onvergetelijk maken. Zo heeft hij zijn motor verankerd op een cementen sokkel, elke maand start hij hem om denkbeeldige ritten op de stilstaande motor te maken. Zielinski’s levendige debuut is ook een eerbetoon aan een volk dat zelf de handen uit de mouwen steekt om rond te komen, ook al gaat dat op een manier die de officiële wereld niet accepteert – bijvoorbeeld via de handel in drugs.
Kennelijk leeft bij deze twee Caribische schrijvers het besef dat goed en kwaad met elkaar zijn verbonden. Ze omarmen hun werkelijkheid, al zien ze de fouten van hun landgenoten ook. Ze wijzen niet met een beschuldigende vinger naar Nederland: die werkelijkheid speelt in hun verhalen geen rol.» – Jos de Roo in Trouw

Hans Plomp – Lokomotive

90-6265-239-5HANS PLOMP
Lokomotive

Nederland / Roman
Paperback, 176 blz., € 13,50
ISBN 90-6265-239-5
Eerste uitgave 1986
Uitverkocht

‘In godsnaam, Dina, overleef me niet,’ smeekt in gedachten een ouder wordende zakenman aan het begin van de roman Lokomotive. De vrouw komt kort daarop aan haar einde, en met haar de banden die de man in het burgerlijk gareel houden.
Hiermee begint zijn reis terug in de tijd: naar het Berlijn van de jaren twintig, het milieu van dadaïsten en expressionisten. ‘Lokomotive’ was de bijnaam die de verteller, toen een jonge Nederlandse student, kreeg in de kring rond Raoul Hausmann, Claire en Yvan Goll, George Grosz en Richard Huelsenbeck. De ontmoetingen met deze mensen en zijn andere Berlijnse belevenissen hebben een onuitwisbare indruk op hem achtergelaten. Nu hij ongebonden is tracht hij de draad weer op te pakken: hij schrijft aan een boek, gaat naar Berlijn en onderneemt van alles om de mensen het genie van zijn toenmalige vrienden te laten inzien.

Hans Plomp is als verteller, dichter en essayist bekend om zijn treffend verbeelden van eigentijdse verschijnselen. Met Lokomotive presenteert hij zich als goed onderlegde gids naar het begin van deze eeuw.