Annel de Noré – Stem uit duizenden

annel noréANNEL NORÉ
Stem uit duizenden
Suriname Roman
Ingenaaid, 320 blz., € 18,90
ISBN 978-90-6265-586-1
Eerste druk 2007


‘Zou ik… Henk… mogen spreken?’
Susans hart springt op en galoppeert in haar borstkas. Vroeger had Henk haar met dit soort grapjes geplaagd. Ze scant de mogelijkheden. Een practical joke? Uitgesloten! Zelfs een zonderling met een absurd gevoel voor humor zou dit niet grappig noemen. Trouwens wie zou haar zo’n valse streek flikken? Bovendien, van alle mensen die ze kent, lijkt geen enkele stem zoveel op die van Henk als deze. Een gelaagde stem. Lagen die achter elkaar aan vibreren zodat van elke klank echo’s natrillen door de lucht.
‘Bent u er nog?’
‘Met wie spreek ik?’ Tevergeefs probeert ze haar stem en hart te beteugelen.

De weduwe Susan Tersluys-Jones verzorgt thuis haar ernstig zieke moeder. Op een dag rinkelt de telefoon. Omdat ze verwacht dat een van haar beide dochters in Nederland belt neemt ze op. Aan de lijn is een man die zich een goede vriend noemt van haar overleden echtgenoot en ook haar dochters zegt te kennen. Hoe de vrouw ook haar best doet zich de ‘vriend’ te herinneren, ze kent hem niet. De raadselachtige telefonische kennismaking verbreekt haar eenzaamheid. Maar wat met ‘zijn stem uit duizenden’ onschuldig begint loopt uit op een situatie geladen met onderhuidse spanning waarin de hoofdpersoon meent te verliezen wat haar het meeste lief is.

Annel de Noré schaarde zich met De bruine zeemeermin (2000) bij de nieuwe generatie schrijfsters die het Suriname van nu als belangrijkste thema heeft. In haar van passie, wreedheid en magie doordrenkte verhalen, gebundeld in Het kind met de grijze ogen (2004), toonde zij deel uit te maken van een Caribische verteltraditie.

Lees hier de recensie van Joost Minnaard in ‘OSO, tijdschrift voor Surinamistiek en het Caraïbisch gebied’
Meer over Annel de Noré op deze site

Tourism Jounalism Award 2006 (Curaçao) voor Hans Vaders

De Chata, de Curaçao Hospitality and Tourism Association heeft voor de elfde keer de prestigieuze Tourism Journalism Award uitgereikt. De onderscheiding voor 2006 ging naar auteur Hans Vaders voor zijn reeks van 30 verhalen in het Antilliaans Dagblad over de rebelse buurt Otrobanda, een wijk die hoteleigenaar Jacob Gelt Dekker van Kuri Hulanda bij zijn komst omschreef als een ‘Somalisch oorlogsgebied’ en die sinds enkele jaren in optima forma toeristisch wordt ontwikkeld. Otrobanda speelde in de Antilliaanse literatuur tot dusver alleen een rol in Boeli van Leeuwens roman Schilden van leem en vooral in Erich Zielinski’s De Engelenbron. Uitgeverij In de Knipscheer is voornemens in najaar 2006 de verhalen in boekvorm te bundelen onder de titel «Otrobanda».

Ngugi wa Thiong’o – Slechts een korrel graan. Roman

90-6265-364-2NGUGI WA THIONG’O
Slechts een korrel graan

Roman, Kenia
de Afrikaanse Bibliotheek
Vertaling: Lieke Frese
Nawoord: Jan Kees van de Werk
Paperback, 316 blz. € 16,50
ISBN 978-90-6265-364-5
Tweede druk 1992

Ngugi wa Thiong’o herschept in zijn romans de geschiedenis van Kenia en brengt inspirerend de vrijheidsstrijders weer in levende herinnering. Zijn grote roman Slechts een korrel graan werd drie jaar na de onafhankelijkheid van Kenia gepubliceerd en behoort inmiddels tot de ‘klassieken’ van de Afrikaanse literatuur.
De roman speelt zich af op het snijpunt van de machtswisseling. De Engelsen vertrekken. Hoe zal het nieuwe bewind de gewonnen vrijheid verwerken? Ngugi onthult de verborgen barsten in de geloofwaardigheid van de bereikte vrijheid, toont de scheuren van het verraad aan de Mau Mau-strijders en waarschuwt voor de kater na de Uhuru-roes. Sinds 1982, één jaar na het verschijnen van zijn epische roman Bloesems van bloed, is Ngugi uit Kenia verbannen, is hij woordvoerder van de ondergrondse oppositiebeweging Mwakenya en is zijn roman Slechts een korrel graan van profetie tot actualiteit geworden.

«Een spannend boek, behorend tot het beste uit de Afrikaanse literatuur.» – De Volkskrant

«Een universele roman die niet aan evocatieve kracht heeft ingeboet.» – NRC Handelsblad

«Ngugi wa Thiong’o bewijst, zo dat al nodig is, dat Afrikaanse literatuur leesavontuur van de eerste orde biedt.» – Vrij Nederland
Meer over Ngugi wa Thiong’o

Ngugi wa Thiong’o – Bloesems van bloed

90-6265-236-0NGUGI WA THIONG’O
Bloesems van bloed
Kenia, Roman
de Afrikaanse Bibliotheek
Vertaling: Annelies & Karel Roskam
Nawoord Jan Kees van de Werk
Paperback, 552 blz., € 20,–
ISBN 978-90-6265-236-5
Eerste druk 1988

De moord op drie vooraanstaande inwoners in een bordeel vormt het begin van een tocht langs mythe en werkelijkheid. Tot de ontknoping van het drama voert Ngugi wa Thiong’o (Limuru, Kenia, 1938) de lezer mee door dorpen en steden, over de barre hoogvlakte en door de bergen en dalen der menselijke emoties.
Een voormalige Mau Mau-strijder, een onderwijzer, een prostituee en een vakbondsman zijn de verdachten. Door te verhalen over de levens van slachtoffers en verdachten, geeft Ngugi een indrukwekkend beeld van de wederwaardigheden van zijn volk voor, tijdens en na de onafhankelijkheidsstrijd. Zijn diepe verbondenheid met de mensen, zijn afkeer van wreedheid en onrecht maken dat hij de lotgevallen van de inwoners van een Keniaas dorp tot een boeiend en universeel verhaal verwerkt. Gebruik makend van satire en metafoor, fel realistisch en met een zeldzame poëtische kracht heeft Ngugi wa Thiong’o met Bloesems van bloed een epische roman geschreven die het menselijke gezicht van de geschiedenis van Oost-Afrika benadrukt en die een groots moment in de wereldliteratuur werd.

Ngugi wat Thiong’o heeft zeven romans, tal van kinderboeken, toneelstukken, verhalen en essays gepubliceerd.

«Een aangrijpend boek… subtiel en eigenzinnig; zonder zich af te zetten tegen de Engelse literaire traditie verrijkt Ngugi zijn werk met vele geslaagde en van taaldwang bevrijde vernieuwingen.». The Sunday Times

Hans Vaders in De Tweede Ronde

In het ‘winternummer’ van De Tweede Ronde (Tijdschrift voor literatuur, uitgeverij G.A. van Oorschot, Amsterdam, januari 2005) is werk opgenomen van drie auteurs uit het fonds van In de Knipscheer. Klaas Jager, van wie in 2004 Klipgeiten verscheen, komt met twee nieuwe gedichten: Spiegel van de werkelijkheid? en Houden van het imperfecte. Van Hans Plomp is het verhaal Op koninklijk bezoek opgenomen, dat prachtig aansluit bij zijn verhalen uit In India. Hans Vaders (Curaçao), schrijver van de roman Tropische winters, debuteert als dichter eveneens met twee gedichten: De banneling en Hotel Maracaibo.

Hotel Maracaibo

Toen…ja toen in korte
weemoedige nacht,
verrot klokhuis vol genot,
tijd stilstond als de kapotte klok
in berucht hotel Maracaibo
en de immer heilige madelief Magda,
in besloten misdienst devoot
en langdurig werd bezeten;

In tempu di su ten,
tijd van weleer en toch weer geleend,
zijn sterren vluchtig en transparant,
wijde wijnzakken vol fijn gewreven
kristallen luchters.

Weer overvalt een wassende maan
de zwevende wereld, de kwetsbare
buik van een stad vol ingewijden.

Hotel Maracaibo is berooide haven,
het uitgelezen testament van karsokov
met zijn bruid, de volle bruine fles;

voor de barbier met geslepen mes
en tang om tand en tijd te slijten;
voor de bruut met zijn bijvrouw,
die hij bedreigt en zeer berouwt.

Elk drinkt rum en slaapt
met zijn favoriete meisje.
Maar waarom dan toch
die universele kilte,
gehuiver in flinterdunne dracht?

Een glimlachende geisha,
die niets heeft en alles wil bezitten,
grijpt warmbloedig naar onwillig bot.
In klamme kamers, waar
kakkerlak matroos regeert
op vele potsierlijke poten,
wordt oude zonde opgerakeld
tot traag vuur uit een vochtige tak,
een nat spoor uit zee.

Herinnering vervluchtigt slechts,
een bij voorbaat verloren, vuile oorlog,
tot luie lucht in de dolende ziel,
wanneer zij door vervlogen tijd
wordt ontmaskerd en ontleed.

Dwingende herinnering knaagt
alom aan het nabije verleden;
de hongerige rijstrat knaagt gestaag
aan het verboden kruid.

Verdrongen historie wordt
onverwacht opgeklopt tot heden.
Wie niet leeft, bestaat niet meer.
Wie zijn verleden vergeet,
keert nooit weer,
nooit weer naar het eiland,
niet naar de havenstad,
niet naar het hotel aan de kaai.

De banneling

Soms dacht ik, dat ik
de jonge jezus was.

Maar christus, wat is
mij nu nog gebleven
na het ontluisterd paradijs,
eens het mijne, enig bewijs en
middel van bestaan?

Ogenschijnlijk wijzigt niets zich,
in een hemel bezaaid met
vers gestrooid sterrengruis
en nog steeds en voor niemendal
danst de zondebok met de zwarte
clerus in vers gekerstende velden.

Wanneer de oude banneling rust
in naaldpulp zo kil en koud,
paren bange bosdieren schielijk,
balkend en licht ontstemd,

En kan hij, de wezenlijke,
de echte verlosser in exil,
slechts in staccato stamelen,
de gezwollen liefdeslippen praalziek
getuit van smart en koortsig paars:

María, ik had je lief, zo lief was je;
omarmden toch je roomblanke dijen
mijn naaktheid, mijn schuldig lichaam niet
onder het mij zo dierbaar bloedend hout?

«Meesterwerk.» – Kees ’t Hart

Mark InsingelNajaar 2004 verscheen bij Uitgeverij Meulenhoff ‘Hoe hij rolt’, de nieuwe roman van Mark Insingel. In De Groene Amsterdammer van 24-09-2004 schrijft Kees ’t Hart onder de titel ‘Woedende pracht’: «Dit boek ademt en beweegt. Uitermate boeiende literatuur die het pijnlijke, egoïstische en dubbelzinnige van relaties glashelder demonstreert. Insingel is een schrijver pur sang. Hij vormde in dit meesterwerk een eigen taal waarmee hij aantrekking, afstoting, knechting en schaamte opnieuw onder woorden kon brengen.» Eigenlijk vormt ‘Hoe hij rolt’ een tweeluik met ‘Eenzaam lichaam’. Kees ‘t Hart: «Ook in zijn vorige boek Eenzaam lichaam zette hij een paar schijnbaar niet samenhangende levens en herinneringen bij elkaar en daar slaagde hij al in zijn opzet.» Was ‘Eenzaam lichaam’ ook al een meesterwerk?
Klik voor de recensies over ‘Eenzaam lichaam’
Meer over Mark Insingel op deze site

Didi de Paris op gedichtendag 2005

Erfgoedhuis AntwerpenUitgerekend in het fraaie interieur van de Hofkamer van het Erfgoedhuis, door de fiere stad Antwerpen in 1772 verbouwd om er belangrijke gasten te ontvangen, en met de rijkdom de buitenwereld te overbluffen, zullen op de avond van 27 januari, Nationale Gedichtendag, vier vreemde vogels neerstrijken: Eva Cox, Didi de Paris, Han van der Vegt en Peter Holvoet-Hanssen.

De deelnemers/sters zullen er hun poëticaal werk confronteren met het begin van de moderne Nederlandstalige poëzie: Paul van Ostaijen. Als deze een vrouw geweest was dan zou hij geklonken hebben als Eva Cox. Het voorbije jaar debuteerde ze ijzersterk met “Pritt.stift.lippe”. Op papier tast ze of er inkt er in haar vingers zit en op een podium zet ze letters op stem. Hoe je het draait of keert, Cox on stage is een sensatie.

Didi de Paris portretteert Van Ostaijen als die eind 1918 als banneling in Berlijn verblijft. Tussen de diepe wonden die een wereldoorlog slaat en de wreedheid waarmee een revolutie de kop ingedrukt wordt, zoekt de dichter asiel in een dadaïstisch no man’s land. Aan een gelijkaardige vrijstaat bouwt de dichter. De voorbije 25 jaar zwierf De Paris als een troubadour door de lage landen en door de literatuur. Dit jaar hoopt hij rust te vinden in een dichtbundel.

Peter Holvoet-Hanssen verraste het voorbije jaar met zijn prozadebuut ‘De vliegende monnik’, leest voor de gelegenheid oorlogsgedichten voor uit zijn alom gewaardeerd poëticaal drieluik Strombolicchio, Dwangbuis van Houdini en Santander, legt linken met Van Ostaijen en breng ook verzen van de grootmeester. ‘Gedichten moeten / een belevenis zijn, niet geschreven lijken.’ zegt hij. Wellicht krijgen we ook materiaal te horen krijgen uit zijn nieuwste poëzieproject : Spinalonga. Bij elk nieuw werk van deze auteur horen we Van Ostaijen zeggen “Allen daar heen!”

De Last Post wordt geblazen door Han van der Vegt. Als opwarmertje brengt hij een hommage aan Baader. Hiermee katapulteert hij u naar de Berlijnse Dada Club van oktober 1918. Van hieruit vertrekt u in pole position door een bezwerend gedicht. Het voorbije jaar publiceerde Van der Vegt het magistrale “Ratel”. Hij wordt bijgestaan door Filip Vandebril op contrabas. Engelen, duivels, of gewoon een interventie van het ruimteschip Exorbitans? De combinatie was onaards. The perfect poem to blow your mind.

27 januari 2005,
Erfgoedhuis Den Wolsack, Hofkamer, Oude Beurs 27, 2000 Antwerpen. 03/212.29.73
Toegang €3 Deuren 20u – aanvang 20u30 Duur 90 minuten

Didi de Paris confronteert samen met drie andere deelnemers zijn poëtisch werk met het begin van de moderne Nederlandstalige poëzie: Paul van Ostaijen.

Didi de Paris – Maladie d’Amour. Roman

90-6265-259-xDidi de Paris
Maladie d’Amour

Roman, België
Paperback, 128 blz.,
ISBN 90-6265-259-X
Eerste druk 1987

«Psychiatrisch patiënt geneest zichzelf.»

“Lieve zuster, zie hier de eerste bladzijde van mijn allegorisch dagboek! Op mijn zoektocht ben ik slechts geïnteresseerd in de eigen mythe – en het doorbreken ervan! Nauwkeuriger dan de modernste apparatuur waarover men hier beschikt, zal ik mijn lelijkheid beschrijven, haarfijn, tot ik ’n sprankeltje schoonheid vinden zal. De resultaten van mijn onderzoek zal ik aan u overdragen.”

Zo ontstond Maladie d’Amour, het eerste boek van Didi de Paris. Men zou het een therapeutische roman kunnen noemen, omdat het is opgezet als een fragmentarisch verslag van problematische ervaringen (in relaties, met werkloosheid, enz.) die tot een crisissituatie en opname in een psychiatrische kliniek hebben geleid, en van zijn verblijf aldaar.

Maar vooral is het een vlijmscherp tijdsbeeld, geschreven in een spontaan proza, dat gekenmerkt wordt door verrassende, soms schokkende beelden, wrange humor en een meeslepend eigentijds ritme.

“Oh! Daar gaat de bel, de zuster brengt mij mijn avondmaal. Ik leg dus maar vlug mijn pennetje neer, vooraleer ik er opnieuw mee in mijn arm begin te griffen.”

«Een bespreking van dit boek is overbodig. Je moet het gewoon ondergaan. Van de hak op de tak stuurt Didi je immers de psychiatrische inrichting in. Maar hij doet dat met zo’n virtuositeit dat je er paf van staat!» – Weirdo’s

«Het schijnbaar spontane verslag van iemand die een psychische crisis doormaakt. Tegelijkertijd wordt in de individuele crisis een beeld geschetst van de crisis van de maatschappij… Het boek bestaat uit een aantal korte fragmenten. Ze lijken sterk associatief geschreven, maar vertonen een grote onderlinge samenhang.» – De Waarheid

«Een verzameling invallen, vele erg geestig… Een vlot romandebuut. Iets wat van andere debutanten uit de punkgeneratie niet gezegd kan worden.» – De Gazet van Antwerpen

Didi de Paris – Hors d’Oeuvre. Roman

90-6265-306-5Didi de Paris
Hors d’Oeuvre

Roman, België
Paperback, 251 blz.
ISBN 90-6265-306-5
eerste druk 1989

Didi de Paris debuteerde in 1987 met de “verrassend, chaotisch, cynische en eerlijk geschreven roman Maladie d’Amour over de geschiedenis van een persoonlijke crisis die tegelijk een maatschappelijke crisis is.

In zijn nieuwe boek, Hors d’Oeuvre, hangt Didi de Paris, samen met zijn vrienden Didier Rathee en D,J. Blazee, een sprekend beeld op van onze samenleving, onze kunst(jes) en vooral van de wondere wereld der schone letteren, en geeft hij à volonté aan alle would be-schrijvers tips om in deze woelige postmoderne tijden het hoofd boven water te houden.

Hors d’Oeuvre leest als een stripverhaal met rake klappen en grappen op elke bladzijde en met als enige boodschap aan de lezer: Denk zelf!

“De Paris heeft een volstrekt eigen toon die het lezen tot een (ritmisch) genot maakt.” – Opscene

Hans van Hartevelt – De kwelling

Hans van HarteveltHANS VAN HARTVELT
De kwelling

Nederland Roman
224 blz., paperback
Gebrocheerd, 224 blz., € 15,75
Eerste uitgave 2005
ISBN: 90-6265-569-6

Beklemmende roman over de ondenkbare geschiedenis van misdaad in eigen kring.

Er passeert geen dag zonder dat wij ons in onledigheid kunnen vermaken met moord en doodslag. Wee de dag waarop de knop niet kan worden omgedraaid, waarop het boek niet kan worden dichtgeslagen, waarop moord niet plaatsvindt in een andere plaats, niet gepleegd is onder criminelen, maar bijna onder je eigen ogen. Vrees het moment dat daders worden gezocht in eigen kring, jouw geliefde kring, dat zelfs jij als Kaïn wordt heengezonden terwijl je rouwt omdat ook jij het slachtoffer hebt gekoesterd. Intussen dool je rond in vertwijfeling en grievend zelfverwijt, omdat jij het – misschien, misschien – toch had kunnen voorkomen.
Meer over ‘De kwelling’
Meer over Hans van Hartevelt bij Uitgeverij In de Knipscheer [ = http://www.indeknipscheer.com/?s=Hans+van+Hartevelt ]