Archive for the Recensies category

«Prachtig hoe vorm en inhoud een eenheid vormen.» – Els Moor

Standard post by webmistress on April 22, 2015
Comments are off for this post


VoorplatNjaiInem75Over ‘Njai Inem’ van Barney Agerbeek in De Ware Tijd Literair, 18 april 2015:
Een roman over contractarbeiders in Nederlands-Indië die de historische realiteit vanuit alle partijen weergeeft. (…) Een ‘njai’ was in de koloniale plantagetijd in Nederlands-Indië een inheemse vrouw die gedwongen werd samen te leven met een Nederlandse man, haar ‘toean’ (meester). (…) Het bijzondere van de roman is dat het leven van de inheemse arbeiders op de plantages niet vanuit de Nederlandse kolonialen beschreven wordt, maar vooral vanuit het perspectief van de inheemse contractarbeiders zelf. De thematiek, hoe onmenselijk de inheemse contractarbeiders vaak behandeld werden op plantages van rijke Hollanders, is er een waarover Hollanders niet graag schrijven en al helemaal niet vanuit het perspectief van de ‘slachtoffers’! Hier gebeurt dat wel. (…) Maar aan ieder goed verhaal zitten altijd menselijke en onmenselijke kanten en zo is het ook met deze roman. De ‘toean’ met wie Inem het bed moet delen, al wil ze dat absoluut niet, heeft ook zijn goede kanten, kan heel menselijk zijn. (…) Prachtig hoe in deze korte roman vorm en inhoud een eenheid vormen. Agerbeek schrijft beeldend. Het boek leest prettig. De mensen hun ervaringen beleven we mee en het tropische landschap, dat prachtig is, wordt zo beschreven dat we het voor ons zien.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Njai Inem’

«Een gedurfd boek.» – Zadok Samson

Standard post by webmistress on April 16, 2015
Comments are off for this post


WiersingaVoorplat2_Opmaak 1.qxdOver ‘Het paviljoen van de vergeten concubines’ van Pim Wiersinga op Boekennieuws.nl, 29 januari 2015:
Een historische briefroman die zich afspeelt in het China van 1792. De brieven zijn vooral geschreven door het hoofdpersonage, Vrouwe Cao, een tolk. (…) Vrouwe Cao schijnt af te stammen van een schrijver, Cao Xueqin, die in 1763 overleed. Xueqin schreef ooit het boek ‘Droom van de Rode Kamer’ en deze wordt tijdens de gevangenschap van Vrouwe Cao uitgegeven. Het volk is er dol op, het Hof minder (…) Het sterkste element van het boek is vooral de stijl waarin het is geschreven. Het neigt naar het theatrale, maar Wiersinga hanteert met strakke hand een mooie, poëtische stijl met daarin veel beelden en metaforen. Het is soms of de vraag of men ook echt op een dergelijke wijze met elkaar communiceerde, esthetisch gezien is het erg knap gedaan. (…) Zeker lezers die geïnteresseerd zijn in Chinese geschiedenis zullen aan hun trekken komen.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Het paviljoen van de vergeten concubines’

«Wat voor mens durft de dood in het gezicht te blaffen?» – Ivan Sacharov

Standard post by webmistress on April 10, 2015
Comments are off for this post


VoorplatTemepelsWoestijnen75Over ‘Tempels in woestijnen’ van Boeli van Leeuwen op MeanderMagazine, 10 april 2015:
Wat wordt bedreigd met uitsterven als (de natuur van) de taal gaandeweg verandert? Sommige formuleringen, opvattingen wellicht. Een lezer mag zich gelukkig prijzen als hij – ontdekkingsreiziger op papier nog altijd – per ongeluk een bedreigde soort tegenkomt. (…) Ik vind dit [‘Moeder van mijn moeder’] een mooi gedicht: met die perkamenten handen die als lichte vleugels op de ogen aan een engel doen denken. Het leven gespot op het moment van de dood, die als schuw wordt voorgesteld: alsof deze hooghartige aristocratische dame hém over de streep moet trekken! Zij was gewend om het voor het zeggen te hebben tijdens haar leven en nu, bij haar dood, is dat niet anders: zij sterft zoals zij geleefd heeft. Dáárom grijpen dood en leven dus in elkaar als ringen: ze passen bij elkaar. En zelfs het gedicht blijkt een ring: het grijpen in de laatste strofe doet weer denken aan de handen uit het begin. Een apart gedicht ook: door de ouderwetse taal die wordt gehanteerd. Wat een goede vondst lijkt van de dichter want vorm (gedicht) en inhoud (vrouwenziel) sluiten zo beter op elkaar aan (inderdaad: alwéér als ringen). Maar dit is niet bedoeld als ouderwetse taal. Dit werd geschreven omstreeks 1947, toen dit taalgebruik nog heel gewoon was. De tijd knaagt blijkbaar niet aan alle dingen; werkt soms zelfs in hun voordeel. (…) Afgezien van de cosmetica (hoofdletters, interpunctie en samengestelde woorden als juichendhelle) is het nog niet zo uit te leggen waarom dit gedicht [‘Luchtgevechten boven een krankzinnigengesticht’] als een bedreigde (dicht)soort kan worden beschouwd. Is het met die ‘scheefgeslagen ziel die God hun uit de hemel zond’ nog teveel gedrenkt in een op christelijke leest geschoeide cultuur? Misschien. (…) [Deze gedichten van Boeli van Leeuwen] getuigen in elk geval van lef. Want wat voor mens durft de dood in het gezicht te blaffen? Durft dat te schrijven: met die juichendhelle kreet, die op het laatst meer hel dan juichend moet zijn geweest. De lezer moge het zelf ontdekken (…) want wie zou het oordeel over dit werk alleen aan een paar stoffige heren willen overlaten?
Lees hier de recensie
Meer over ‘Tempels in woestijnen’

«Wat doe je als je op tv ziet dat het sneeuwt?» – Wim Noordhoek

Standard post by webmistress on April 7, 2015
Comments are off for this post


Extaze13VoorplatOver ‘Extaze 13’ op Avondlog, 7 april 2015:
Wat doe je als je op tv ziet dat het sneeuwt? Je gaat naar buiten om te kijken of het sneeuwt. ‘Echt / Onecht’ is het thema van het nieuwe nummer van tijdschrift Extaze. Verhelderend is de samenspraak in dichtvorm waarin Pieter Boskma zichzelf laat praten met een uit de dood opgestane Gerrit Achterberg. Vooral over de twee ‘opgedoken’ Achterberg-gedichten die Boskma in 2002 plaatste in het tijdschrift Awater. Menigeen trapte erin. (…) En Maarten Doorman, geïnterviewd in Extaze, zegt in zijn ‘De romantische orde': ‘Het bleek, hoezeer het romantisch streven naar authenticiteit telkens juist in kunstmatigheid ontaardde. De hang naar zelfverwerkelijking van het individu bracht het besef van vervreemding mee.’
Lees hier het betreffende log
Meer over inhoud Extaze 13
Meer over Extaze

«Het eigen aandeel in vernederingen is overdonderend.»

Standard post by webmistress on April 7, 2015
Comments are off for this post


aart broekAart G. Broek over ‘Excessief geweld en radicalisering’ in NRC, 7 april 2015:
Doorslaggevend voor agressief gedrag, excessief geweld en radicalisering is schaamte. Dat pijnlijke gevoel ontstaat door ervaringen met en diepgewortelde angst voor vernedering en krenkende uitsluiting. Bij een opeenstapeling van schaamte-ervaringen worden we verraderlijk. Aanval wordt de beste verdediging. Geweld wil schaamte lozen. If you can’t join them, beat them. Moslims wijzen naar de westerse samenlevingen. (…) Deze kritiek op het Westen gaat voorbij aan de schaamte-ervaringen binnen en door de eigen moslimgroepen. Het eigen aandeel in vernederingen is overdonderend. (…) Anders dan verluidt, doen moslims deze schaamte-ervaringen juist ook volop in eigen gelederen op.
Lees hier de ingezonden bijdrage in NRC
Meer over ‘De terreur van de schaamte’

«Zeer mooie gedichten van Olga Orman.» – André Oyen

Standard post by webmistress on April 6, 2015
Comments are off for this post


VoorplatDoorwaaiwoning72Over ‘Cas di biento / Doorwaaiwoning’ van Olga Orman op Ansiel en Iedereenleest.be, 5 april 2015:
Na haar studie (in Nederland) was Olga Orman (Aruba) jarenlang als leerkracht werkzaam op Curaçao. Vanaf de jaren 80 van de vorige eeuw begon zij haar gevoelens en gedachten in de vorm van gedichten tot uiting te brengen. De gedichten die in deze tweetalige bloemlezing zijn verzameld onder de titel ‘Cas di biento / Doorwaaiwoning’ zijn voornamelijk geschreven in Nederland en voor een deel in Aruba en Curaçao. Fred de Haas vertaalde de zeer mooie gedichten van Olga Orman en schreef ook een ook een zeer verhelderend voorwoord waarin leven en werk van deze bijzondere auteur in het juiste perspectief wordt geplaatst.
Lees hier de recensie of hier
Meer over Olga Orman bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Het leven verlengen van deze schrijver moet mogelijk zijn.» – Klaas de Groot

Standard post by webmistress on April 4, 2015
Comments are off for this post


geniale anarchieOver het gedicht van Gerrit Achterberg dat Lily van Leeuwen koos ter nagedachtenis aan haar vader op Caraïbisch Uitzicht, 4 april 2015:
In de maanden na het overlijden op 28 november 2007 verschijnen er in diverse Curaçaose kranten in memoriamgedichten (…) op Caraïbisch Uitzicht te lezen in de reeks ‘gedichten voor Boeli van Leeuwen’.
Op 28 januari 2008 verschijnt er in de Amigoe nog een gedicht in deze sfeer. Dochter Lily van Leeuwen koos van Gerrit Achterberg het volgende gedicht ter nagedachtenis aan haar vader: ‘Wie ik nu nog zal worden…’ De lezer van dit ‘ingezonden’ gedicht kan zich afvragen waarop deze keuze is gebaseerd. Voor een antwoord op die vraag is misschien dat wat Van Leeuwen schreef een mogelijke mijn om in te hakken.
Wat dan opvalt, is dat het gedicht eindigt zoals het begint, namelijk met een zeer beleefde dood: ‘gaat u mee, mijnheer’. Dit doet sterk denken aan de derde strofe van het gedicht ‘Moeder van mijn moeder’ uit de bundel Tempels in woestijnen. (…). Ook de opening van het gedicht wordt herhaald: ‘Wie ik nu nog worden zal is eender’. De ik bedoelt misschien dat de dood hem niet zal veranderen. Maar ook klinkt een adagium van Van Leeuwen door, namelijk ik ben die ik ben. Een echo van deze gedachte valt te lezen in de laatste regel van de derde strofe: ‘opdat ik des te meer / mijzelve wezen zoude’. Deze strofe begint met de ik als geheimhouder van het leven ‘in eigen beheer’. (…) In het prachtige verhaal ‘The rest is silence’, verschenen in Geniale anarchie, wordt de mens zelf een geheim genoemd en een universum.
Lees hier het hele artikel
Lees hier ‘Kleine chaos’ van Tommy Wieringa
Lees hier Klaas de Groot over gedicht Shrinivási voor Boeli van Leeuwen
Lees hier Klaas de Groot over gedicht Hans Vaders voor Boeli van Leeuwen
Lees hier Klaas de Groot over gedicht Walter Palm voor Boeli van Leeuwen
Lees hier Klaas de Groot over gedichten Helen Lashley en Coco Rais voor Boeli van Leeuwen

«Je zou Gout een hedendaagse ‘homo universalis’ kunnen noemen.» – Thomas van Lier

Standard post by webmistress on April 3, 2015
Comments are off for this post


VoorplatKorenblauw75Over ‘Korenblauw’ van Cor Gout op Literair Nederland, 3 april 2015:
De verhalen in ‘Korenblauw’ hebben met elkaar gemeen dat ze teruggrijpen op het verleden van Cor Gout, die in het naoorlogse Scheveningen opgroeide, een rustige, welvarende plaats aan de rand van de grote stad. De Duitse bezetting is echter nooit ver weg. ‘Ze waren gebleven, in en rond het park, de Duitsers, als geestelijke verstekelingen’, schrijft Gout in het verhaal ‘Van Stolkpark, verboden gebied’. Hij doet verslag van verlaten en vergeten villa’s, waar ooit Joodse families woonden. In het verhaal loopt hij er rond als jongen, op zoek naar spanning en avontuur. Gout heeft een formidabel geheugen; de kleinste, veelzeggende details weet hij op een beeldende, levendige manier te beschrijven. ‘De Lero-lijm was een benzolproduct en werd geleverd in een kwartliterblikje met afsluitbare dop, alsof het een verfblikje betrof. Het spul rook onaangenaam en zou na jaren een groot deel van de collages bederven’. In het langere verhaal ‘Zelfportret in collages’ wordt verteld hoe hoofdpersoon Patrick op latere leeftijd een intiem beeld krijgt van zijn mysterieuze vader. ‘Zelfportret in collages’ vormt een van de hoogtepunten uit de bundel omdat Patricks vader een kant blijkt te hebben die Patrick niet had verwacht. Of het verhaal nou is verzonnen of daadwerkelijk is gebeurd doet er niet toe; vooral de ontknoping is een gouden vondst.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Korenblauw’

«Spiegeler is in staat om goede gedichten te schrijven.» – Hans Puper

Standard post by webmistress on April 3, 2015
Comments are off for this post


VoorplatSpiegelerOver ‘Krijgskunst. Verluierde gedichten en andere vuurpauzes’ van Brigitte Spiegeler op MeanderMagazine, 3 april 2015:
In haar eerste gedicht, ‘Zeker het bestaat’, schrijft ze: ‘Goed ter tale / heb je niet in de hand / zelftwijfel ook niet / Bovendien moet het nog / wat liggen uitzweten.’ Dat gedichten in alle opzichten moeten ‘uitzweten’ is bekend. (…) Hoe zij zelftwijfel kan overwinnen, laat Spiegeler zien in ‘Opengebarsten vruchten’. Het tweede motto van de bundel, een aforisme van Karl Kraus, past hierbij: ‘Phantasie had ein Recht, im Schatten des Baumes zu schwelgen, aus dem sie einen Wald macht.’

Laat het laboratoriumwerk maar zitten
geen montage
geen herhalingen
geen echo’s
Slechts een krokante bodem
en luchtkastelen
zover het oog reikt.

Ik vind dat ze in haar geval gelijk heeft. Schrijf eenvoudige, ‘lekkere’ gedichten – de milde zelfspot bevalt me. Zulke gedichten zijn niet slecht: eenvoud is iets heel anders dan simpelheid.
Meer over ‘Krijgskunst’

«Opvallend is het bloemrijke taalgebruik.» – Maaike de Wijs

Standard post by webmistress on March 21, 2015
Comments are off for this post


WiersingaVoorplat2_Opmaak 1.qxdOver ‘Het Paviljoen van de Vergeten Concubines’ van Pim Wiersinga in China nu, 21 maart 2015:
Vrouwe Cao is Keizerlijk Tolk Tweede Klasse, maar diep van binnen voelt zij zich vooral auteur. Zij wordt verbannen naar het Paviljoen van de Vergeten Concubines omdat de man voor wie zij tolkte, de Brit Macartney, weigerde een koutou (vereringsgroet) uit te voeren voor de Keizer. Omdat de gezant moeilijk kon worden gestraft voor deze impertinentie, diende de tolk zijn plaats te vervangen. Zij werd verbannen, maar zij doet een beroep op haar talent om zichzelf vrij te pleiten. Eerst vraagt zij via brieven om penseel en papier: ‘Zonder de rietpen verkommert de geest, zonder papier verdorren ideeën. De Majesteit zal dit wel weten: hij is immers zelf dichter!’ Later vraagt zij zelfs toestemming om de Keizer bij te praten over Droom van de Rode Kamer. Zij was namelijk gezellin van Cao Xueqin, de beroemde auteur van dit boek. Hoe meer brieven zij schrijft, des te meer zij vertelt over Cao Xueqin en zijn roman. (…) Of het door de situatie komt of niet, opvallend aan de brieven van vrouwe Cao is vooral het bloemrijke taalgebruik. Dit is interessant, want een belangrijk thema van Droom van de Rode Kamer is de Tuin van het Grote Uitzicht. (…) Er staat ontzettend veel informatie in over de tijd waarin de roman speelt, namelijk het eind van de achttiende eeuw. Voor het Keizerrijk China was dit een roerige tijd. (…). Overigens is ook de literaire inquisitie die onder het bewind van de Qianlong-keizer tot volle wasdom kwam, duidelijk voelbaar. Wat het literaire thema betreft zal wie Droom van de Rode Kamer heeft gelezen, daarvan veel elementen herkennen, niet alleen uit de roman van Cao Xueqin zelf, maar ook van alle discussie daaromheen. Omdat die roman zo enorm populair was en nog steeds is in China, is het mooi om te zien dat zo de inhoud ook voor een westers publiek meer bekendheid krijgt.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Het paviljoen van de vergeten concubines’