«De oerknal van de Nederlandse bluesjournalistiek.» – Rien Wisse

Over ‘Boom’s Blues’ van Wim Verbei in Block nr. 157, lente 2012:


Verbeis intentie was evenwel om niet alleen dat manuscript van Boom te bewerken en te publiceren, maar ook om erachter te komen wie de in 1953 in Indonesië overleden Frans Boom was. Dat laatste kostte hem meer dan een decennium.

Lees

«Een intrigerend boek waarin alle kanten van de discussie rond karma en voorbeschikking samenkomen.» – Ezra de Haan

Over De voorbestemming van Hans van Hartevelt op Literatuurplein.nl, 20 april 2012:

De voorbestemming van Hans van Hartevelt is zijn meest ambitieuze roman tot nu toe. Door de slimme vorm waarin deze roman is gegoten, vraagt het boek om directe herlezing. Al is het alleen al om te checken of alles wel klopt.
Lees

«Waarom verschijnen er in Nederland zo weinig boeken over jazz en blues? Waarom zo weinig die zo fraai uigegeven en gedegen gedocumenteerd zijn als deze studie van blueskenner en journalist Wim Verbei?» – Mischa Andriessen

Over ‘Boom’s Blues’ van Wim Verbei in Jazzmagazine Jazzenzo, 3 april 2012:
Boom stortte zich destijds met een zeldzame gedrevenheid op de verschillende soorten bluesteksten die hij analyseert met een aangename mengeling van ernst, naïviteit en schwung. Hij was geen uniek schrijftalent, de combinatie van gebetenheid op het onderwerp, zijn intelligentie, fantasie en ondanks de beperking in toegankelijk bronnenmateriaal zeer gedegen kennis, maken ook het bijna zeventig jaar oude manuscript een pageturner.

Lees

«Een meer dan gepast eerherstel voor de jonge student die in zijn onderduikjaren een uniek boek geschreven blijkt te hebben.» – A.J. Heerma van Voss

Over ‘Boom’s Blues’ van Wim Verbei in JazzBulletin, nr. 82, maart 2012:
En nu kunnen we het, na 66 jaar, eindelijk lezen: De Blues: Satirische liederen van de Noord-Amerikaanse Neger door
‘J. Frank G.. Boom’, geschreven in Amsterdam 1943- ‘45 – als onderdeel van Boom’s Blues: Muziek, journalistiek en vriendschap in oorlogstijd. Een prachtig boek, rijk geïllustreerd en zorgvuldig gedocumenteerd, geschreven door journalist Wim Verbei, bekend als bluesspecialist van onder andere Jazzwereld en Muziekkrant OOR.

Lees

*Uitgave Muziek Centrum Nederland [mic@mcn.nl / mic@mcn.nl]

«Mooi uitgegeven boek.»

978-90-6265-667-7Over ‘Boom’s Blues’ van Wim Verbei in Historisch Nieuwsblad, maart 2012:
Dit mooi uitgegeven boek bestaat uit twee delen: er is de biografie van Frans Boom, de Amsterdammer die in 1943 de eerste publicatie ter wereld schreef over de bluesmuziek. Wim Verbei vertelt hoe Boom in aanraking kwam met deze muziek, maar ook over zijn vriendschap met de musicoloog Will Gilbert, die in de oorlog voor de Kultuurkamer werkte en aan de wieg stond van het door de Duitsers uitgevaardigde Jazzverbod. Deel 2 bevat een uitgave van het manuscript van Boom: ‘De Blues, Satirische liederen van de Noord-Amerikaanse neger’. Bijgevoegd is een cd met bluesnummers uit Booms collectie.
Meer over Boom’s Blues
Wim Verbei, Frans Boom, biografie, bluesmuziek, Will Gilbert, Kultuurkamer, jazzverbod, De Blues -Satirische liederen van de Noord-Amerikaanse neger,

«De bondige zinnen schieten altijd raak en verbazen je van de eerste tot de laatste regel.» – Leon Mosselman

De laatste paradeOver ‘De laatste parade’ van Ruth San A Jong op Recensieweb, 19 februari 2012:
De dood speelt in alle verhalen een rol. De tradities die hierbij horen zijn uiteraard anders dan bij ons, en zo kan men via deze verhalen het eigene van de Surinaamse cultuur ervaren. Dit folkloristische aspect geeft een extra dimensie aan deze verhalen, die in hun geconcentreerde vorm stilistisch hoogstaand zijn. In een pagina of tien voert San A Jong je binnen in een compleet andere wereld. De kwalitatief sterke, bijzondere verhalen die je bovendien een andere cultuur doen ondergaan, maken dit bundeltje tot een waar leesgenot.

Lees hier de recensie

Meer over ‘De laatste parade’

«Het is te hopen dat ‘Extaze’ het een tijdje gaat volhouden.» – Coen Peppelenbos

Extaze 2Over Extaze [2012] nr. 2 op Literair weblog Tzum, 13 februari 2012:
Dwars tegen de ontwikkelingen in startte vorig jaar in Den Haag het literaire tijdschrift ‘Extaze’. Dat is maar goed ook, want al is het literaire tijdschrift als medium bijna overleden, een tijdschrift kan wel aandacht besteden aan schrijvers die elders niet meer aan bod komen. In het tweede nummer staat een verhaal uit de nalatenschap van Willem Bijsterbosch, een schrijver die in de jaren tachtig juichende recensies kreeg in de krantenbijvoegsels, maar die bij zijn plotselinge dood in 2010 geen enkel in memoriam kreeg in diezelfde kranten. In het nul-nummer stond al een artikel over deze Haagse schrijver en nu komt het tijdschrift met het nog ongepubliceerd verhaal ‘De hond’. (…) Alleen dit verhaal maakt de aanschaf van het blad meer dan waard. Centraal in het tijdschrift staat de kunstenaar Philip Akkerman. Wim Noordhoek schrijft een interviewachtig stuk over hem, in het blad staan veel zelfportretten van Akkerman en ook worden nogal wat bladzijden ingeruimd voor zijn dagboekaantekeningen. (…) De afbeeldingen van de schilderijen vergoeden echter veel. Een ander hoogtepunt in het tijdschrift is het korte verhaal van Kees ‘t Hart. (…) Het is te hopen dat ‘Extaze’ het een tijdje gaat volhouden.
Lees hier de recensie
Meer over Extaze

«‘Te leven op duizend plaatsen’ is het lezen zeker waard.» – Joost van der Vleuten

Rob GroenewegenOver ‘Te leven op duizend plaatsen. Jo Otten 1901 – 1940’ van Rob Groenewegen op Literair Nederland, 26 januari 2012:
Groenewegen doet alle moeite doet om de wereld van de schrijver tot leven te wekken. Hij geeft een beeld van Rotterdam in de eerste decennia van de twintigste eeuw, dat zich schoksgewijs ontwikkelde tot wereldhaven. Hij beschrijft het culturele leven: het was de tijd van de filmliga, de charleston en de grammofoonplatenfeestjes, de tijd ook van nieuwe zakelijkheid, vitalisme en futurisme. Groenewegen schetst de gecompliceerde veelvormigheid van de Nederlandse literatuur uit die tijd, met allerlei avant-gardebewegingen die over elkaar heen tuimelen. En hij doet een verdienstelijke poging de waardering van Otten en vele anderen voor het fascisme en andere autoritair-populistische stromingen te begrijpen in de context van hun tijd. (…) Rob Groenewegen heeft het allemaal grondig uitgezocht, opgeschreven en met gulle hand van illustraties voorzien.

Lees hier de recensie

Meer over deze biografie

«Een surrealistische queeste naar de oerbron van muzikaal meesterschap.» – Jan van Bergen en Henegouwen

Als gitaren schreeuwenOver ‘Als gitaren schreeuwen’ van Glenn Pennock voor NBD Biblion, 24 januari 2012:
Deze roman is een surrealistische queeste naar de oerbron van muzikaal meesterschap en waarin bijna alle thema’s van de rock ‘n’ roll langs komen: verlichting, seks, geweld, (Indische) familieverbanden en onbereikbare liefde. Onderweg schieten overledenen (ondermeer zijn gitaarhelden Hendrix, Healy en Harrison) te hulp. Door met je smartphone een tag te scannen op het stofomslag is de muziek van deze helden te beluisteren. Een roman waarin wordt geschakeld tussen droom en werkelijkheid. De stijl is helder en bevat veel dialoog. Roman voor een publiek dat van boeken over popmuziek en levenskunst houdt.

Lees hier de recensie

Meer over deze novelle

Lof van lezers voor de biografie van Rob Groenewegen over Jo Otten

Herman Romer:
Rob Groenewegen moet op een ongelofelijke wijze door de figuur van Jo Otten gefascineerd zijn geweest. Eindelijk een hoogwaardige medestander die ook vindt, dat het vaak weggedrukte literaire leven in Rotterdam meer in de schijnwerper moet worden geplaatst!
Otten voelde zich duidelijk al jong anders dan anderen, een bewustzijn dat hij in wezen tijdens zijn hele leven heeft behouden. Hij lijkt me een rasindividualist te zijn geweest, die in aanleg al afstand nam van vastgeroeste opvattingen en prietpraat. En dat terwijl zich zich in zijn vrij korte leven juist op diverse terreinen ingrijpende ontwikkelingen voordeden. Ontwikkelingen die bijna smeekten om afwijkers van de norm, mensen met een geheel eigen visie op het maatschappelijk leven. Ook in zijn tijd was er kennelijk al sprake van lieden die anderen buitensloten en elkaar bij voortduring het balletje toespeelden.
Mensen als Otten voelen zich als non-conformist al jong eenzaam en geïsoleerd in een gemeenschap, die wegduikt voor dwarse en oorspronkelijke visies.
Ik heb grote bewondering voor wat Groenewegen allemaal in de biografie ‘Te leven op duizend plaatsen‘ nog boven water heeft gekregen. Niet minder voor het titanenwerk dat hij ervoor heeft moeten verrichten. Uit mijn bescheiden ervaring op dit terrein weet ik, hoeveel niet aflatende inzet dit kost, wat dikwijls door anderen niet wordt gezien, laat staan erkend. Alle hulde!
Bron: e-mail aan de auteur (29-01-2012)

Rinus Spruit (Nieuwdorp):
De afgelopen dagen las ik de door u geschreven biografie van Jo Otten met de prachtige titel Te leven op duizend plaatsen. Ik heb veel respect voor wat u tot stand heeft gebracht. Het moet welhaast een levenswerk geweest zijn. U hebt met uw biografie een boeiend portret gecomponeerd van een man die eigenlijk voortdurend bezig was zich te bewijzen, die voortdurend duidelijk wilde maken dat hij wel degelijk “iets waard” was. Ik denk dat de man leed aan minderwaardigheidsgevoelens die hij voortdurend trachtte te compenseren door te zoeken naar erkenning voor zijn literaire prestaties. Mijn dank en respect voor uw werk.
Bron: e-mail aan de uitgever

André van der Laan:
Ontegenzeggelijk een briljante biografie. Biograaf Rob Groenewegen legt pijnlijk bloot hoezeer Ter Braak en Forum het aangezicht van het interbellum hebben bepaald en figuren als Otten e.v.a. van deze starre zienswijze het slachtoffer zijn geworden. Ottens novelle ‘Bed en wereld’ uit 1932 is een waar meesterwerk, diens essay ‘Mobiliteit en revolutie’ (1932) zeer verrassend. Ook andere boeken en figuren die Groenewegen in deze biografie de revue laat passeren doen je terugverlangen naar een lang vervlogen tijd. Tien met een griffel deze biografie.
Bron

Hans C. Janssen:
Eén van de betere Nederlandse biografieën. Allemachtig wat is dit op de juiste – nuchtere – manier geschreven. De hoofdstukken over Rotterdam, het fascisme, de Filmliga en Ottens ‘Bed en wereld’ zijn zelfs briljant te noemen. Wat draagt Groenewegen onnoemelijk veel nieuwe informatie aan. Verplichte kost voor iedereen die in het interbellum geïnteresseerd is, ongeacht zijn of haar interessesfeer.
Bron

H. Leijtens:
Een verrassend sterke biografie. Al na een paar bladzijden voel je dat je een heel apart verhaal te wachten staat, zoveel spanning is er dan al ontstaan. Na enkele hoofdstukken raakte ik dus al aan dit verhaal verslaafd. Het knappe van deze biografie is ook dat biograaf Groenewegen op een briljante wijze ongemerkt heel veel nieuwe informatie aandraagt over het interbellum, wat deze biografie tot iets onvergelijkbaars maakt. De zeer vele voetnoten die Groenewegen ons schenkt zijn om je vingers bij af te likken. Groenewegen heeft een nuchtere stijl en is in staat om de meest complexe materie helder en vaak met weinig omhaal van woorden uit de doeken te doen. Dat maakt het lezen van zijn biografe, die veel méér is dan een biografie, over de complexe figuur Jo Otten tot een waar feest. Het boek is schitterend vormgegeven en voorzien van een hoop fotomateriaal.
Bron

Tim Donker 05-01-2012 22:41:
Bed en wereld’ was geniaal! geniaal, mensen! geniaal, geniaal!!!
Bron