Het waarom van ‘Schaduwvrouw’

VoorplatSchaduwvrouw_Opmaak 1.qxdOver ‘Schaduwvrouw’ van Margarita Molina in Antilliaans Dagblad, 12 september 2017:
Tijdens de gecombineerde boekpresentatie ‘The Twain Shall Meet’ van Uitgeverij In de Knipscheer op 3 september jl. in Podium Mozaïek, bracht Margarita Molina een hartstochtelijke apologie van haar roman ‘Schaduwvrouw’, het relaas van haar liefdesrelatie met de dichter Elis Juliana. De presentatie werd onverwacht onderbroken door de overhandiging van een cadeau van de auteurs aan de uitgevers, vanwege het 40-jarig bestaan van de uitgeverij in 2016, namelijk een compleet verzorgde reis naar Suriname. Fred de Haas was aanwezig en schrijft het volgende commentaar op het feestelijk samenzijn: «Al zegt ‘goud’ me helemaal niets: ik had die middag voor geen goud willen missen. Een staande ovatie voor Franc en zijn uitgeverij. Een mooie fotoreportage door Michiel van Kempen, initiator van het geschenk voor Franc en Anja: een reis naar Suriname. Goede, humane interviews door Peter de Rijk. Jopi Hart hield een excellente toespraak. Aart Broek was mild over het ‘voortschrijdend inzicht’ ten aanzien van Zwarte Piet. Clyde Lo A Njoe zwierde met de Schaduwvrouw die wat meer uit de schaduw kwam. Jos de Roo liet de geest van Boeli over de wateren zweven en we zagen dat het goed was.»
Klik hier voor de krantpagina’s met foto’s van Michiel van Kempen
Meer over ‘Schaduwvrouw’
Meer over ‘The Twain Shall Meet’

Aart G. Broek – Schaamrood. Essay

VoorplatSchaamrood75Aart G. Broek
Schaamrood
Aantekeningen over angst, agressie en ambitie

Essay
Gebrocheerd met flappen, 164 blz.
€ 16,50
Eerste druk 2017
ISBN 978-90-6265-972-2
Presentatie september 2017

‘Schaamrood’ is een noodzakelijke en welkome aanvulling op ‘De terreur van schaamte’ en ‘Dwarsliggers’, waardoor een intrigerende trilogie is ontstaan. Met deze aantekeningen doorzoekt de sociaal wetenschapper Aart G. Broek opnieuw de reikwijdte van schaamte: het pijnlijke gevoel dat we krijgen wanneer we worden vernederd en dreigen opnieuw te worden vernederd. Dat kweekt angst en agressie én soms juist ambities. Het vorsen en wroeten vinden plaats aan beide zijden van het Koninkrijk der Nederlanden. Wrokkende jihadspijtoptanten, bestuurlijk gajes bij geprivatiseerde overheidsbedrijven en de gure kritiek op Zwarte Piet voegen zich bij de revolte van mei ’69 op Curaçao, het politieke denken van Frank Martinus Arion, de vileine afstraffing van Medardo de Marchena op Bonaire en de carnavaleske sinterklaasviering op een zonovergoten eiland in de Caribische Zee.

De zoektocht van Broek levert beschouwingen op, waarin soms uitgesproken controversiële zienswijzen worden verdedigd en gevoeligheden schaamteloos worden benoemd. Zwarte Piet symboliseert verdraagzaamheid waar dreadlocks de dictatuur verheerlijken. Jihadspijtoptanten zijn als het lontje van een kruitvat, waar we een lucifer bij houden. Voorkom klokkenluiden, word een dwarsligger. Rolmodellen voeden agressie. Dekoloniseren is geen roulette; het Koninkrijk der Nederlanden kent vier landen: dat moet er dan ook één worden. Hoogtijd voor moslims om de hand in eigen boezem te steken. Tot zondebok bestempelen snoert de mond, internering is wel zo effectief. De herdenking van slavernij voedt racisme en vereist verschuiving naar groter verband. Schaamteloos besturen verdient zonder meer de voorkeur. Door succes zal wraak zoet blijken.

Aart G. Broek specialiseerde zich in communicatiewetenschap, (historische) sociologie en, meer recentelijk, criminologie. Hij promoveerde op een onderzoek naar de propagandapraktijk van de rooms-katholieke missie op de Benedenwindse Antillen. Hij woonde twintig jaar op Curaçao, werkte er als docent, projectuitvoerder en interim-manager. Sinds zijn terugkomst in Nederland ontwikkelde hij zich tot organisatie- en beleidsadviseur inzake conflict-, agressie- en veiligheids¬vraagstukken. Broek publiceerde onder meer ‘Het zilt van de passaten; Essays over Caribische cultuur’ (2000), ‘De kleur van mijn eiland; Ideologie en schrijven in het Papiaments sinds 1863’ (2006), ‘De terreur van schaamte; Brandstof voor agressie’ (2007), ‘Geboeid door macht en onmacht; De geschiedenis van de politie op de Nederlands-Caribische eilanden’(2011) en ‘Dwarsliggers; Tegenspraak onder schaamteloos leiderschap’ (2013).

Meer over Aart G. Broek op de site

«Schitterende sfeerbeelden van iets dat nooit en nimmer meer terugkomt.» – Hans Vaders

VoorplatTemepelsWoestijnen75Over ‘Tempels in woestijnen’ van Boeli van Leeuwen in Ñapa (Amigoe), 1 november 2014:
Bij de negen gedichten zitten poëtische juweeltjes. Ik heb het dan niet zo zeer over het drietal gedichten met de oorlog als thema, namelijk ‘Soldaten’, ‘Luchtgevechten boven een krankzinnigengesticht’ en ‘Oorlog’. Maar goed, Boeli van Leeuwen was amper terug uit een zwaar geteisterd en verwoest Europa, uit een kreupel Nederland waar hij noodgedwongen de Tweede Wereldoorlog had moeten uitzitten in de schoolbanken. En waar zijn alma mater, het imposante gymnasium aan het Stokroosplein in Den Haag, op last van de Duitse bezetter in 1942 was gevorderd en kort daarna gesloopt in het kader van de aanleg van de Atlantikwall. En in juni 1947 was juist de eerste politionele actie in Indië begonnen, een complete oorlog die slechts verliezers zou opleveren. Van Leeuwen besefte toen al dat het leven de facto een slangenkuil behelsde met vele wonderlijke wezens met dito rituelen, zelfverkozen, aangeleerd of niet. Nee, het zijn eerder de prachtige strofen waarin hij zijn dorre dorstige eiland van toen bezingt. Schitterende sfeerbeelden van iets dat nooit en nimmer meer terugkomt – althans niet in een vorm die wij nu kennen. Er is geen plaats meer voor oude rituelen die in taal worden gebeiteld. (…) Een mooi uitgegeven bundel met treffend werk van Van Leeuwen waarin de contouren zich reeds aftekenen voor zijn latere in zijn romans uitgewerkte thematiek.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Tempels in woestijnen’
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Hans Vaders bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Verplichte kost voor heel bestuurlijk Nederland.» – Eric de Brabander

BroekDwarsliggers2In zijn bespreking van het boek ‘Het einde van de Antillen’ van Freek van Beetz, verwijst Eric de Brabander in het Antilliaans Dagblad van zaterdag 18 mei 2013 en op Caraïbisch Uitzicht van 20 mei 2013 twee maal naar het essay over ‘Dwarsliggers’ van Aart G. Broek:
Toen ik dit verhaal las moest ik onwillekeurig denken aan het boek van Aart Broek, ‘Dwarsliggers’. Wellicht zou dit boekje verplichte kost moeten zijn voor heel bestuurlijk Nederland. (…) Weer verwijs ik naar ‘Dwarsliggers’ waarin Aart Broek beschrijft hoe moeilijk het is voor bestuurders om beleid over een andere boeg te gooien als duidelijk wordt dat een andere koers gevaren dient te worden.

Lees hier en hier de recensie over ‘Het einde van de Antillen’

Meer over Aart G. Broek en ‘Dwarsliggers’ op deze site

Meer over ‘Dwarsliggers’ op Facebookpagina auteur

Klik hier voor columns van Aart G. Broek m.b.t. ‘Dwarsliggers’

Aart G. Broek – Dwarsliggers; Tegenspraak onder schaamteloos leiderschap

BroekDwarsliggers2AART G. BROEK
Dwarsliggers
Tegenspraak onder schaamteloos leiderschap

Essay
Genaaid gebonden, 120 blz., € 17,90
ISBN 978-90-6265-826-8
2013

Waarom luisteren leiders niet naar tegenspraak? Deugdelijke tegenspraak voorkomt bedrijfs- en beleidsfiasco’s. Tegenspraak is een profijtelijke uitdaging. Toch houden toezichthouders, directie en management niet van kritische dwarsliggers. Het spreekwoord wil anders, maar in de praktijk geldt: beter ten hele gedwaald dan ten halve gekeerd.
De schok die bij tegenspraak ontstaat, is een kwestie van schaamte: het pijnlijke gevoel dat we krijgen wanneer we worden vernederd of dreigen te worden vernederd. Door kritische tegenspraak bevinden we ons plots niet meer ín de groep, maar staan juist te kijk vóór de groep waartoe we behoren. We verlangen bewondering. We haten het buitengesloten worden. We haten schaamte.

Het is een opgave om te accepteren dat je door je ondergeschikten en gelijken kritisch wordt tegen-gesproken. Het is óók een opgave om je meerderen of gelijken daadwérkelijk tegen te spreken. Tóch is het haalbaar om het gefundeerde tegenspreken in een organisatie te integreren. Tegenspraak deugdelijk meenemen, voorkomt bovendien klokkenluiden.
Centraal staat de beheersing van schaamte-ervaringen. Er staat ons een half dozijn praktische opties ter beschikking om tegenspraak mogelijk te maken. Rails worden sterk door dwarsliggers. Organisaties ook.

Aart G. Broek specialiseerde zich in communicatiewetenschappen, (historische) sociologie en, meer recentelijk, criminologie. Hij promoveerde op een onderzoek naar de propagandapraktijk van de rooms-katholieke missie op de Benedenwindse Antillen. Hij woonde twintig jaar op Curaçao, werkte er als docent, projectuitvoerder en interim-manager. Sinds zijn terugkomst in Nederland ontwikkelde hij zich tot organisatie- en bestuurskundig adviseur, met name inzake agressie- en veiligheidsvraagstukken. Broek publiceerde onder meer Het zilt van de passaten; Essays over Caribische cultuur (2000), De kleur van mijn eiland; Ideologie en schrijven in het Papiamentu sinds 1863 (2006), De terreur van schaamte; Brandstof voor agressie (2007) en Geboeid door macht en onmacht; De geschiedenis van de politie op de Nederlands-Caribische eilanden (2011).

Aart Broek – Het zilt van de passaten

aart broekAART BROEK
Het zilt van de passaten
Caribische literatuur in de twintigste eeuw

Cariben, Nederlands, Essays
Paperback, 232 blz., € 15,75
ISBN 978-90-6265-463-5
Tweede, geheel herziene en uitgebreide editie 2000

Het zilt van de passaten geeft inzicht in de belangrijkste motieven en thema’s van de Caribische literatuur in de 20ste eeuw. Vooral (of: pas!) in de jaren negentig kreeg deze veeltalige literatuur mondiale erkenning doordat de belangrijkste literaire prijzen, zoals de Nobelprijs en de Prix Goncourt, ten deel vielen aan Caribische schrijvers, resp. Derek Walcott en Patrick Chamoiseau, vertegenwoordigers van het Engelse en Franse taalgebied in de Cariben, waartoe verder – naast de Caribische creoolse talen – ook het Spaans en Nederlands behoren.

Behalve van de genoemde auteurs komt het werk van vele andere belangrijke schrijvers ter sprake: V.S. Naipaul, Jean Rhys, Earl Lovelace, Maryse Condé, Simone Schwarz-Bart, Reinaldo Arenas, Alejo Carpentier, Caryl Phyllips, maar ook van Frank Martinus Arion, Boeli van Leeuwen, Tip Marugg en Anil Ramdas – en dat maakt Het zilt van de passaten tot een bijzonder boek – in samenhang met elkaar en in relatie tot tal van andere culturele en maatschappelijke uitingen als reggae, calypso, rastafarianisme, carnaval, voodoo. Niet eerder werd de Caribische literatuur zo overkoepelend en over de taalgrenzen heen beschouwd.

Aart Broek – Het zilt van de passaten

Aart BroekAART BROEK
Het zilt van de passaten

Paperback, 186 blz, €
ISBN 90-6265-282-4
Eerste druk 1988

In Het zilt van de passaten wordt in een vijftal essays en evenzoveel ‘aanvullende notities’ de veelzijdige, fascinerende en bovenal aangrijpende Caribische literatuur beschreven. Werk van belangijke schrijvers als V.S. Naipaul, Jean Rhys, Earl Lovelace, Roger Mais, Jean Price-Mars, Luis Palés Matos, Maryse Condé, Simone Schwarz-Bart, Tip Marugg, Willem Eligio Kroon wordt inzichtelijk gemaakt door het te plaatsen tegen de sociaal-culturele veranderingen in de Caribische regio in de loop van deze eeuw. Veranderingen die vooral ook van belang zijn voor het begrip van de mondelinge overgeleverde literatuur, in de Cariben nauw verbonden met muziek. In Het zilt van de passaten besteed Aart G. Broek dan ook ruim aandacht aan belangwekkende fenomenen als de reggae en de calypso, tegen de achtergrond van hun respectieve voedingsbodem: het rastafarianisme en het carnaval. De essaybundel gaat bovendien uitgebreid in op de begindagen van de literatuur in één van de Caribische Creoolse talen: het Papiamento.

Een veelvoud aan Caribische literaire teksten wordt ontegenzeglijk gekenmerkt door (zeer) agressieve uithalen naar uiteenlopende vormen van onderdrukking en uitbuiting. De Caribische literatuur wordt echter te kort gedaan wanneer men zich uitsluitend op dergelijke teksten zou concentreren. De Caribische regio heeft eveneens (zeer) gematigde vormen van literair verzet voortgebracht, als ook literatuur die nauwelijks als verzet beschouwd kan worden en zelfs als behoudend.

Niet eerder werd voor een Nederlands lezerspubliek de veeltalige, Caribische literatuur zo breed benaderd en gedetailleerd toegankelijk gemaakt als in Het zilt van de passaten.