Meine Fernhout – De stem van het vuur. Roman

Opmaak 1Meine Fernhout
De stem van het vuur

roman
Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
214 blz., € 18,50
ISBN 978-90-6265-500-7
eerste druk oktober 2018

In De stem van het vuur laat de hoofdpersoon Derk K. de op hem verliefde Aartje, student aan de kunstacademie, kennismaken met een beroemd schilderij. Hij geeft daarbij een geheel eigen interpretatie. De titel is een op het eerste gezicht aandoenlijke vraag: wie is er bang voor rood, geel en blauw? Het immense doek is bewonderd en verguisd. De restauratie na een grondige vernieling, veroorzaakte grote opwinding. De magie van het intens rode vlak zou volgens kenners zijn verdwenen. Het schilderij is niet meer hetzelfde. Dan wordt Derk ernstig ziek. Als Aartje is vertrokken, ondergaat hij een hersenoperatie. Zijn klachten verdwijnen zo goed als, maar bijeffecten veranderen zijn gedrag. Is híj nog wel dezelfde? Beïnvloed door ‘Wie is er bang…..’ maakt Aartje nieuw werk, waarin zij haar eigen oplossing vindt. Uit dat werk spreekt een verbond dat ze beiden laat ontsnappen aan hun beperkingen. Hun geschonden liefde wordt opgetild. Zo stelt het verhaal de vraag naar betekenis van herstel.

Meine Fernhout (Velsen, 1946) was in de jaren zestig slaggitarist in de Bintangs, hij studeerde af in de sociale wetenschappen op een kunst-sociologisch onderwerp, werkte vervolgens in de museumwereld en werd directeur van een kunstacademie. In 2015 verscheen zijn debuutroman ‘De blinde kamer’.

NBD / Biblion over ‘De blinde kamer’: «De roman is een boek van het dualisme: wetenschap tegenover mystiek; rationalisme versus romantiek; materie versus geest; materialisme versus geborgenheid. De roman, met daarin veel kennis over licht-natuurkundigen, bevat heftige wetenschapskritiek. Een ideeënroman die zeker de moeite loont.»

Arti Kraaijeveld † 1 mei 2018

ArtiKraaijeveld2Begin september 2010 kreeg ik een mailtje van Frank Kraaijeveld, dat de Bintangs in 2011 50 jaar zouden bestaan, dat hij een uitgever zocht om ter gelegenheid daarvan een boek te maken. En omdat hij mijn in 1997 overleden broer Jos Knipscheer had gekend dacht hij dat In de Knipscheer wel eens geïnteresseerd zou kunnen zijn.
Mijn broer Jos en ik begonnen in 1976 een literaire uitgeverij. Eind 1978 o.a. versterkt met mijn partner in leven en werk Anja Brandse. Jos was eind jaren zestig en in de jaren zeventig popjournalist en schreef vanaf de oprichting met regelmaat voor Muziekkrant Oor. En ook ik schreef in 1976, 1977 een paar stukken voor Oor. Maar als je een boekenuitgeverij begint, kun je andere zaken en hobby’s wel vergeten. Dus dat was het einde van ons beider werk voor o.a. Oor. Maar goed, Jos schreef o.a. dus ook over de Bintangs en later nog over Circus Kraaijeveld. Jos was net als Frank Kraaijeveld een grote fan van de Indiaanse muzikant Link Wray en ook onder de indruk van diens producer Steve Verocca met wie later de Bintangs in 1975 ‘Genuine Bull’ zouden opnemen. Volgens Frank is Jos daarvoor zelfs mee geweest naar de Rockfield Studios in Wales.
Grappig genoeg ben ik dan weer een paar keer thuis op bezoek geweest bij mijn leeftijdgenoot Arti Kraaijeveld. Dat moet begin jaren ’70 geweest zijn. Mijn toenmalige vrouw Loes werkte in die jaren met Arti’s vrouw in een Bruna boekhandel in Amsterdam. Ik vond dat natuurlijk wel spannend, want Loes kwam uit deze contreien (Kennemerland en de IJmond), en we waren in onze verkeringstijd vanaf 1966 in deze regio met enige regelmaat naar lokaal gevierde bandjes gaan kijken zoals Rob Hoeke en ook de Bintangs, want op mijn netvlies staat nog het beeld geëtst van Arti met lang haar in een lange jas die zijn onnavolgbare soli met zijn rug naar het publiek toe speelde.
Dat boek is er gekomen: ‘Bintangs Fifty Fifty’ en twee jaar later nog een tweede Bintangsboek: ‘Rhythm & Rhyme’. Maar Arti zat al decennialang in Spanje en heb ik nooit meer gezien.

franc knipscheer

Nog een keer Travelling in the USA (2016)
Meer over Frank Kraaijeveld en Bintangs bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Roman van het dualisme die zeker de moeite loont. » – Jos Radstake

Opmaak 1Over ‘De blinde kamer’ van Meine Fernhout voor Biblion, 20 januari 2016:
In deze roman van Meine Fernhout (1946, ooit gitarist bij de Bintangs, museoloog, filosoof en kunstdocent) vertelt de hoofdpersoon vanuit de Koepelgevangenis zijn verhaal. Rick Alting von Geusau wordt ervan verdacht een innig bevriend natuurkundige, een vrouw die erin geslaagd zou zijn het licht stil te zetten, te hebben vermoord. Vanuit de gevangenis vertelt hij over wat hem in zijn leven is overkomen. Een bepalende jeugd – zonder vader, maar met een bijzondere moeder – in Bergen aan Zee, in een apart huis met een blinde kamer (de bibliotheekkamer van zijn grootvader, waarin hij alle kennis, vooral filosofisch en natuurkundig, tot zich nam) belicht hij. Over zijn studie, bijbaan als taxichauffeur en baan in het Teylers Museum wordt geschreven en over zijn pogingen het licht te begrijpen. De roman is een boek van het dualisme: wetenschap tegenover mystiek; rationalisme versus romantiek; materie versus geest; materialisme versus geborgenheid. De roman, met daarin veel kennis over licht-natuurkundigen, bevat heftige wetenschapskritiek. Een zware ideeënroman die zeker de moeite loont.
Meer over ‘De blinde kamer’

Maandag 7 december Meine Fernhout op Amsterdam FM-Radio

Opmaak 1Interview van 16.30 tot 17.00 uur met Meine Fernhout over het romandebuut van deze oud-Bintangsgitarist en voormalig directeur van de Academie voor Beeldende Vorming in Amsterdam. ‘De blinde kamer’ is een terugblik op het leven van de hoofdpersoon Rick, geschreven in een cel van het Huis van Bewaring . Hij wordt verdacht van de verdrinking van de vrouwelijk natuurkundige die erin is geslaagd “het licht stil te zetten”. Haar lichaam werd gevonden in het Spaarne, recht tegenover het Haarlemse Teylersmuseum waar Rick werkte en waar hij in een toespraak, bedoeld ter ere van het licht-experiment, zijn gevoelens kenbaar maakt. Hij heeft zich vanaf het begin afgevraagd of zij niet te ver was gegaan. “Wie het licht stilzet, haalt de adem uit het leven”. Het boekenuur van het programma Kunst & Cultuur op Amsterdam FM-Radio, wordt live vanuit de Openbare Bibliotheek Amsterdam uitgezonden en kan (op de 4de etage van de OBA, op loopafstand van Centraal Station) door belangstellend publiek worden bijgewoond.
Luister hier naar de uitzending
Meer over ‘De blinde kamer’

«Overdonderend.» – Wim Verbei

© Dirk W. de Jong American Blues omslag augustus 2015 22x22 hardOver ‘American Blues’ van Dirk W. de Jong in De Blueskrant nr. 3, november 2015:
Journalistieker van aard is ‘American Blues’ van de Groningse fotograaf Dirk W. de Jong. Tussen 1990 en 2014 maakte hij voor muziekbladen als Oor en Jazzism reportages in de VS. Wat hij zag legde hij vast in even sfeer- als kleurrijke beelden, ondersteund met ‘the stories beyond the pictures’. Over het algemeen zijn die stories fragmenten uit gesprekken, quotes, flarden – net voldoende om de sfeer van de foto’s te ondersteunen. De Jongs tocht begint in Nashville, Austin-Texas en Mexico, daarna komen overdonderend Mississippi, Memphis en New Orleans in beeld. Van diverse artiesten die hij fotografeerde, maakte De Jong tevens een ‘home movie’, die je via een QR-code in het boek kunt bekijken. Daarin is nog een cd ingesloten met tamelijke forse punk-blues van R.L. Burnside, T Model Ford en Bob Log.
Lees hier het artikel
Meer over ‘American Blues’

Meine Fernhout – De blinde kamer. Roman

Opmaak 1Meine Fernhout
De blinde kamer. Roman

Nederland
Paperback met flappen, 328 blz., € 19,50
Eerste druk november 2015
ISBN 978-90-6265-881-7

‘Wie het licht stil zet, haalt de adem uit het leven.’

Meine Fernhout vraagt zich in zijn debuutroman De blinde kamer af hoe dat zit: materie en geest. Rick Alting von Geusau doet niet veel anders sinds hij als puber in ‘de blinde kamer’ kennismaakte met de boekenkast van zijn grootvader. Zijn obsessie betreft de relatie tussen goddelijk licht en natuurlijk licht. In de bizarre geschiedenis die deze vierenveertigjarige neurotische filosoof in afwachting van zijn proces beschrijft, maken we kennis met de villa in Bergen aan Zee waar hij opgroeide. In deze omgeving heeft het licht de goede intensiteit gehad om zijn illusies te voeden. Tijdens een bijbaantje als taxichauffeur vervoert Rick geleerden van luchthaven naar congres. Hij krijgt zicht op de grote vragen van vandaag. De overmoed van de materialisten die alles tot stof willen reduceren irriteert hem mateloos. In Parijs bezoekt hij de inspirerende colleges van Lacan, een hippe psychiater die een heel ander geluid horen laat.

Terug in Amsterdam ontspoort een taxirit met een Belgisch psychiater volledig. Dan overlijdt zijn moeder. Juist in deze periode vol frustraties wordt een congres gewijd aan het experiment van het ‘stil gezette licht’. Het Teylers Museum, waar hij werkt, lijkt de ideale plek voor de afsluiting daarvan. Rick pleit tijdens zijn speech voor een natuurkunde die zichzelf zo oprekt dat er plaats komt voor zoiets als de geest. Vervolgens neemt hij ontslag en reist naar het Noorden. Onderweg leest hij in de krant dat hij wordt gezocht. De vrouwelijke natuurkundige die het lukte om ‘het licht stil te zetten’ blijkt in het Spaarne, de rivier waaraan het museum ligt, verdronken te zijn. Ricks toespraak en contacten met haar leiden tot zijn verdenking. Hij belandt in een cel van de Koepel, het Huis van Bewaring te Haarlem.

‘Hoe ons lichaam zich verhoudt tot dat wat denkt, praat, schrijft, is een buitengewoon twijfelachtig geheel. Wat praat en doet, zoekt zijn manifestatie langs de wetten van de stof en de wetten van de straling. Een eeuw geleden is er voor de relatie tussen beide een formule gevonden. Dat heet wetenschap; het wordt op grote schaal toegepast en niemand begrijpt er echt iets van.’

Meine Fernhout (Velsen, 1946) maakte zijn school niet af en werd gitarist in de Bintangs. Hij studeerde daarna sociale wetenschappen met filosofie als bijvak in Amsterdam en Utrecht alsmede museologie in Leiden. Hij was vervolgens werkzaam als kunstcriticus, maker van tentoonstellingen in het Frans Halsmuseum in Haarlem, docent in het kunstonderwijs en ten slotte als directeur van de Academie voor Beeldende Vorming in Amsterdam. Hij woont afwisselend in Frankrijk en Nederland.
Meer over ‘De blinde kamer’
Meer over Meine Fernhout bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Een sterk inkijkje in de creatieve wereld van een van Nederlands oudste en echtste rock-’n-rollers.» – Jacob Haagsma

Over ‘Rhythm & rhyme’ van Frank Kraaijeveld in Leeuwarder Courant, 16 augustus 2013:
Als liedjesschrijver is Frank Kraaijeveld (68) een laatbloeier. Pas eind jaren zeventig, toen zijn band Bintangs al bijna twintig jaar onderweg was, kreeg hij zelf de smaak van het schrijven te pakken. Nu is Bintangs toch al een zaak van de lange adem. Na dik vijftig jaar is de band, ooit begonnen als indorockers om zich vervolgens te verschansen in een geharnast r&b-geluid als waren ze de Nederlandse Stones, nog steeds actief. (…) Frank Kraaijeveld brengt hier ruim negentig liedjes bijeen, of in ieder geval de teksten. De meerwaarde zit hem in de summiere toelichtingen, de sfeervolle, haast abstracte foto’s van zoon Remko en de 21 ruwe demoversies op de bijgeleverde cd.

Lees hier de recensie

Meer over Rhythm & rhyme

«Bintangs en Beeckestijnpop: allebei onverslijtbaar.» – Peter Bruyn

Fr zw soloOver Frank Kraaijeveld en de Bintangs in Haarlems Dagblad, 10 juni 2013:
Het was een mooi moment toen IJmuidenaar en muziekliefhebber Martin Schepers afgelopen zaterdag samen met zijn kleindochter op Beeckestijnpop de Bintangs aankondigde. Het onderstreepte hoe het Velsense popfestival na vierendertig jaar inmiddels generaties overbrugt. En dat geldt ook voor de oerrockband rond Frank Kraaijeveld. De Bintangs en Beeckestijnpop bevestigen elkaar in frisse onverslijtbaarheid. Het was ook allesbehalve toeval dat juist de Bintangs in het zonovergoten park in Velsen-zuid stonden. De festivalorganisatie had de jubileumeditie aangegrepen om – althans op het hoofdpodium – een keer terug te blikken met een aantal groepen die in het verleden op Beeckestijnpop speelden. En het begon in 1979 allemaal met Kraaijeveld en de zijnen die in de jaren die volgden nog een aantal keer naar het festival terug kwamen.
(…) Toch verdiende er maar één band werkelijk het predicaat ‘hoofdact’ op dit vijfendertigste Beeckestijnpop: de Bintangs, die met hun nog altijd moddervette rockgeluid bewijzen dat jaren noch bezettingswisselingen vat krijgen op de band. Niks nostalgie, vooral veel songs van de laatste jaren. En als Beeckestijnpop in 2028 voor de vijftigste keer georganiseerd wordt staan ze er natuurlijk wéér.

Lees hier het verslag

Meer over Frank Kraaijeveld en Bintangs

Minidocumentaire over Frank Kraaijevelds ‘Oertrax’ op lokale kabeltv


Over ‘Oertrax’ bij ‘Rhythm & Rhyme’ van Frank Kraaijeveld door Henk Tijbosch, 9 juni 2013:
Op 9 juni ging op de lokale kabeltv vanaf 20.00 uur (Ziggo 42 in Heemskerk, Beverwijk, Uitgeest, Castricum en Zandvoort) de 9 minuten durende ‘minidocumentaire’ Oertrax van Frank Kraaijeveld (Bintangs) in première met beelden uit Studio Miso Productions in Bakkum (techniek Ronald de Ruijter) en van de boekpresentatie/cd try out in de Pletterij in Haarlem met Frank Kraaijeveld, Dagomar Jansen, Aad Hooft en Marco Nicola. In deze bezetting maakt ‘Bintangs Unplugged’ in najaar 2013 een korte ‘Rhythm & Rhyme’-tournee door het land.
Kijk en luister hier naar enkele nummers gespeeld op de presentatie van Rhythm & Rhyme

Kijk en luister hier naar de nummers gepeeld op de boekpresentatie van Bintangs Fifty Fyfty in 2011

Meer over Bintangs en Frank Kraaijeveld bij In de Knipscheer

Klik hier voor meer informatie over de Rhythm & Rhyme-toer

«Hoe rock’n’roll wil je het hebben?» – Peter Bruyn

Over Rhythm & Rhyme van Frank Kraaijeveld in Revolver’s Lust for Life (nummer 031, blz. 102), juni 2013: :
Ik ken heel wat Bintangsfans. Maar ik heb er nimmer een ontmoet die bekende in de eerste plaats voor de zwaar rockende band uit Kennemerland te zijn gevallen vanwege de songteksten. Toch is er nu een boek met de éénennegentig teksten die Frank Kraaijeveld voor zijn Bintangs schreef. Fraai uitgevoerd en vergezeld van veel, speciaal voor het boek gemaakte foto’s van zoon Remko. En met toelichtingen – bondig, maar informatief. En vaak vermakelijk. Want wat valt er nu toe te lichten bij een partyliedje als Rock the Socks out of your Shoes. De vroegste Bintangs speelden covers. Daarna werd broer Arti Kraaijeveld een belangrijke songschrijver voor de groep – ondermeer de hit Travellin’ in the USA. Pas eind jaren zeventig, met het album Night-Fighter, werd de tekstdichter in Frank wakker. Het leverde de eerste jaren een serie refreinen rond merkwaardige dames op: Cross-eyed Mary Jane, Lora-lady, Rosemary Nymphet, Vitamin Vivi, Sweet Silly Marlene en zo nog een paar. Maar ook Drive, drive, drive, little Devil, Drive me wild. Hoe rock’n’roll wil je het hebben? Als extraatje een cd met ruim twintig demo’s – bijna vijf kwartier muziek – allemaal lower-dan-lo fi. Uit de jaren zeventig, tachtig en afgelopen jaar. Een mooi en smaakvol geheel. Niet in de laatste plaats omdat ook Bintangsfans salontafels hebben.

Lees hier de recensie

Meer over Rhythm & Rhyme