Gedicht van Walter Palm in vergaderzaal van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

WalterPalmOver ‘Bonaire’ van Walter Palm, 17 september 2021:
In een van de nieuwe vergaderzalen van het prestigieuze ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in Den Haag prijkt sinds kort het gedicht ‘Bonaire’ van Walter Palm. Het gedicht prijst de rust op het Bonaire. Het gedicht is gepubliceerd in zijn gedichtenbundel ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’ (In de Knipscheer; 2002 herdruk 2018). ‘Bonaire’ werd ook opgenomen in de door Klaas de Groot samengestelde bloemlezing ‘Vaar naar de vuurtoren. Eiland Isla Island Eilân. Gedichten over 12 eilanden van het Koninkrijk der Nederlanden’.

Bonaire

Flamingo’s beelden
rozezachte stilte uit.

Groen gekrijs van papegaaien
omlijst de rust.

Naast de schildpad
zwemt de tijd.

Op de zeepaarden
hobbelt een glimlach.

Plots opduikende
dolfijnen, een flits

van inspiratie.

Klik hier voor locatiefoto van Mike Bink
Meer over toegepaste kunst in dit ministerie
Meer over Walter Palm bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’
Meer over ‘Vaar naar de vuurtoren’

«Permanente plek in de Surinaams-Hindostaanse literatuur.» – Jerry Dewnarain

WeddingIn Memoriam Saya Yasmine Amores in De Ware Tijd Literair, 13 september 2021:
De Ware Tijd Literair wijdde op 13 augustus 2021 een hele pagina aan het overlijden van Saya Yasmine Amores (v/h Cándani) op 4 augustus jl. “(…) De thematiek van haar poëzie is onlosmakelijk verbonden met haar eigen verleden (existentiële situatie). Haar poëzie voegt ongetwijfeld een meerwaarde toe aan de Surinaamse literatuur. (…) In 1990 kwam haar eerste Sarnámi-dichtbundel uit: Ghunghru tut gail/De rinkelband is gebroken, die ook de Nederlandse vertalingen bevatte. Omdat ook in Den Haag een presentatie zou plaatsvinden, reisde ze af en besloot – weliswaar illegaal – daar te blijven. (…) Haar moeizame jeugd en de pijnlijke familierelaties zijn gebed in het leven op buiten, met de dieren, zonsondergangen en culturele voorwerpen om het huis. Ook de door haar geschreven romans hadden die thematiek: het Hindoestaanse bestaan van een eenvoudige familie. In Oude onbekenden (2001) en Huis van as (2002) is dat verleden bevraagd en een zoektocht naar haar identiteit uitgezet. Wat meer historische houvast bood Geef mij het land dat in jou woont (2004), met schetsen over het verleden en de Hindoestaanse immigratie. (…)
Lees hier ‘Niet de dood, het leven is vreemd’ door Jerry Dewnarain
Meer over Saya Yasmine Amores/Cándani bij Uitgeverij In de Knipscheer

Gedicht van Henry Habibe siert wand van het Ministerie van Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties.

Habibe Foto met dank aan Bookish Publishers

Over ‘Lanta para, watapana! / Recht je rug, watapana!’ van Henry Habibe, 6 september 2021:
In het gebouw waarin de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie en Veiligheid zijn gehuisvest (Turfmarkt 147 te Den Haag), zijn onlangs voor de duur van vijf jaar de vergaderzalen voorzien van een ode aan waardevol Nederlands literair erfgoed. Iedere zaal draagt de naam van een geografisch gebied in Nederland: een provincie, een stad, een (wadden)eiland, een rivier of een streek. Per zaal is een geschikte tekst gezocht die over de plek gaat of er een bepaalde relatie mee heeft. De selectie van teksten, geschreven door dichters, (tekst)schrijvers en artiesten van uiteenlopende generaties, met verschillende culturele achtergronden, jong tot oud, opkomende tot zeer gerenommeerde talenten, geven de rijkdom van de Nederlandse taal weer, toegespitst op aspecten uit het Nederlandse landschap. Voor Aruba viel de eer te beurt aan dichter en linguïst Henry Habibe. Behalve het gedicht is ook een korte biografie van de betreffende dichter van die zaal te lezen en een foto te zien van het geografisch gebied met enige geografische informatie. De zalen worden gebruikt door ministers, staatssecretarissen, (hoge) ambtenaren en hun gasten afkomstig uit alle hoeken van de samenleving. Het geselecteerde gedicht is te lezen in de door Uitgeverij In de Knipscheer uitgegeven bloemlezingen ‘De navelstreng van mijn taal’ van Anton Claassen en ‘Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer poëzie’ van Klaas de Groot. Van Henry Habibe verscheen eveneens bij In de Knipscheer de Nederlandstalige bundel ‘Vulkanisch samenzijn’.
Klik hier voor de foto’s van Mike Bink
Meer over Henry Habibe bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Vulkanisch samenzijn’
Meer over ‘De navelstreng van mijn taal’
Meer over ‘Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer poëzie’

«Af en toe zou ík van een schrijver informatie willen.» – Annel de Noré

VoorplatExit-75Analyse van het gedicht ‘Koudvuur‘ uit de bundel ‘Exit’ van Annel de Noré door de auteur:
‘Koudvuur’ heb ik op iemands verzoek (die in een schrijfgroep zit) onder handen genomen. En die persoon vond het verhelderend mijn verklaring te lezen waaruit blijkt dat het niet voor niets was. (…) Lezers hoeven niets met dit essay. Zelfs niet perse lezen. Het is voor hen die willen, die geïnteresseerd zijn. Waarom? Af en toe zou ík van een schrijver informatie willen. Nu ben ik geen literatuurweten-schapper dus zal ik vaak minder mijn weg kunnen vinden in dat doolhof. Toch denk ik dat van de auteur zélf horen wat die heeft bedoeld, het vinden van de weg gemakkelijker maakt en iets meer inzicht geeft. Het centrale thema van ‘Koudvuur’ is teleurstelling in een relatie waarbij de ene partij wordt afgemaakt en daardoor van streek raakt zonder dat die zich adequaat kan verdedigen tegen de aanvallen en zonder te begrijpen waarom het gebeurt.
Lees hier ‘Analyse Koudvuur’
Lees hier meer essays van Annel de Noré over eigen werk
Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij in de Knipscheer

Bernadette Heiligers – Van zo ver gekomen. Roman

VoorplatVanzover-75Bernadette Heiligers
Van zo ver gekomen

Nederlandstalige roman
Curaçao, Bonaire
Omslag Nancy Heldewier Vignon
gebrocheerd in omslag met flappen,
138 blz., € 17,50
ISBN 978-94-93214-49-1
eerste uitgave najaar 2021

De tienjarige, Dominicaanse Dini blijft na een tragisch ongeluk alleen achter bij een gezin op Curaçao. Haar moeder had illegaal voor ze gewerkt, in de hoop om vanaf die positie ‘uit de afvalbak te klimmen van mensen zoals wij’. Dini neemt het werk stilzwijgend over en probeert de gewoonten te leren van mensen die in haar ogen alles hebben. Niets is echter wat het lijkt. ‘Het duurde een poosje voordat ik begreep dat de scheidingslijn tussen goede en slechte mensen niet meer is dan een stippellijn.’
Vanuit die ervaring luistert Dini op latere leeftijd naar haar Bonairiaanse jeugdvriend Eldon, die zich hartstochtelijk tegen de snelle veranderingen op zijn eiland verzet. ‘Hoe anders was het hier voordat er gebouwen uit de grond schoten die als een lange, harde streep de natuurlijke verbinding brak tussen de mensen van het eiland en hun glinsterende baai.’
Terwijl Eldon in zijn eigen omgeving ontworteld raakt, vindt Dini een eigen koers om haar moeders droom te realiseren.

Mama wist zeker dat het allemaal zou meevallen. ’s Avonds lagen we in ons kamertje en vertelde ik haar wat ik die dag op school geleerd had. Een echt slaapkamertje was het niet; eerder een smalle inloop-pantry met een verroeste waterpomp die op de regenbak was aangesloten. We gebruikten dat water voor het bad- en toiletschuurtje dat we met de werkster van de familie mochten delen. Ena heette zij en ze had drie gezichten. Voor mij was ze lief, tegen mama deed ze boos, en als er iemand van de familie bij was, zag ze ons geen van beiden staan.
Ik wilde dolgraag bij Ena in de gratie blijven en hielp haar waar ik kon. Iedere avond bewoog ik de onwillige slinger van de pomp totdat ik drie grote emmers had gevuld. Bij het gehuil van het ijzer stelde ik me voor dat ik mijn heimwee aan stukken sneed en ze een voor een in de regenbak gooide.

Over eerdere werken van Bernadette Heiligers bij In de Knipscheer:
Pierre Lauffer. Het bewogen leven van een bevlogen dichter, Biografie, 2012:
‘De biografie die bewondert en toch niets verzwijgt. Onmisbaar voor iedere liefhebber van Caribische literatuur.’
Ezra de Haan op Literatuurplein

‘De biografie heeft diepgang, is uiterst evenwichtig en menselijk, met een degelijke en knappe onderbouwing.’
Margo Groenewoud voor Antilliaans Dagblad

Schutkleur. Roman, 2015:
‘Een zorgvuldig verteld, eerlijk en betrokken romandebuut met een prachtige literaire structuurvondst.’
Wim Rutgers voor Antilliaans Dagblad

‘Mooi maar ook messcherp proza.’
André Oyen voor Ansiel

Meer over ‘Pierre Lauffer. Het bewogen leven van een bevlogen dichter
Meer over ‘Schutkleur

«Hoe was het mogelijk dat zo’n jong meisje zulke indringende beelden kon scheppen?» – Effendi Ketwaru

Candani3staand foto Nicolaas Porter
Over ‘Ghunghru tut gail/De rinkelband is gebroken’ in Herinnering aan Cándani op Caraïbisch Uitzicht, 8 augustus 2021:
Het was een ongewone kennismaking, die ochtend ergens in de eerste maanden van 1985. (…) Haar ongeveinsde binnenkomst was verfrissend en ze had meteen mijn sympathie. Echter, zonder nog iets van haar gelezen te hebben, bereidde ik me in gedachten voor hoe ik het slechte nieuws zou verpakken. (…) Zonder enige poespas overhandigde ze me een schoolschrift. De eerste gedichten leken mijn vooroordeel te versterken. (…) Ik ging echter door met het bijten in de spreekwoordelijke appel want ik wist dat ze me nadrukkelijk observeerde. Ik las verder en ik schrok. ver achter mij vluchtte al het licht / op de rug van een slak Enkele bladzijden later stuitte ik op nog meer juweeltjes. Ik keek haar verwonderd aan. Dit was geen rotte appel maar een oester: ik had op een oester zitten bijten die een parel bevatte. Hoe was het mogelijk dat zo’n jong meisje (…) met zo’n achtergrond zulke indringende beelden kon scheppen? (…)
Lees hier verder
Meer over Saya Yasmine Amores/Cándani bij Uitgeverij In de Knipscheer

Kees Broere – Irma. Een mikado van boze goden. Roman

Opmaak 1Kees Broere
Irma. Een mikado van boze goden

roman
Nederland, Curaçao, Sint Maarten
gebrocheerd in omslag met flappen,
276 blz., € 19,50
ISBN 978-94-93214-36-1
eerste uitgave oktober 2021

Irma Weever, een Surinaams-Curaçaose vrouw, reist naar het Caribische eiland Sint Maarten. Zij is er vaker geweest, zowel privé als voor haar werk als jurist. De plek en de mensen zijn haar vertrouwd.
Maar dit keer zal alles anders zijn.

“De aankomst is precies op de geplande tijd. Op het strandje pal voor het begin van de landingsbaan ziet Irma een paar opgewonden badgasten de armen in de lucht steken. Alsof ze de kist vlak boven hen kunnen aanraken. Of als doodsaanzeggers naar beneden willen trekken.”

In Irma’s leven draait het steeds om de vraag naar gelijkwaardigheid en gerechtigheid. In haar professionele contacten. En in haar vriendschappen.
Op wie kan zij vertrouwen?

“Het is een spel. Een schaakspel. Wit begint, maar met de juiste zetten kan zwart evengoed winnen.”

Irma, een mikado van boze goden is de eerste Caribische roman van Kees Broere, correspondent van de Volkskrant op Curaçao. Bij Uitgeverij In de Knipscheer verscheen van hem in 2018 de roman Pom.

Over Pom:

«Een ontregelende, maar ook ontroerende roman.» – De Volkskrant
« Zijn geoefende pen wijst erop dat hij zelf ook veel plezier aan het schrijven beleefd moet hebben.» – Boekenbijlage

Meer over ‘Irma, een mikado van boze goden’
Meer over ‘Pom’
Meer over Kees Broere op deze site

« **** Een ontroerende geschiedenis over een onthecht gezin in Nederland.» – Mieke Koster

Voorplat catalograaf-75Over ‘De catalograaf’ van Diana Tjin op Alles over boeken en schrijvers, 1 april 2020:
Een liefdesgeschiedenis is de ondertiteling van deze roman, en dat is het ook. Edgar, die zijn leven lang nooit ergens anders heeft gewerkt als in de bibliotheek van de universiteit als catalograaf. En nu, nu gaat hij met pensioen. (…). Zijn vak, en de uitermate precisie waarmee hij dit uitvoerde, hield hem ver weg bij zijn diepste zielenroerselen. De geschiedenis van zijn uit Suriname afkomstige ouders met een Chinees Joodse wortels. (…) Kortom, hij raakt in een ernstige dip, en daar komt zijn vader hem redden. Samen rijden zijn naar Portugal om op zoek te gaan naar de roots van zijn moeder. Zij bleek een Sefardische Jodin afkomstig uit Portugal en haar familie vluchtte vanwege de Spaanse Inquisitie naar Suriname. Hij ervaart daar een nieuw soort thuiskomen. Hij herkent de mensen daar en zij herkennen hem. (…) Diana Tjin schrijft met deze roman een ontroerende geschiedenis over een onthecht gezin in Nederland. Over familiebanden, over mensen uit verre orden die in Nederland komen wonen, over nergens bij horen, over op zoek gaan naar identiteit, zonder je wortels te verloochenen. Over discriminatie, over ingewikkelde familiegeschiedenissen. Met heel veel humor, maar zeker ook met veel respect en liefde voert zij haar hoofdpersonages op. Ik ben van hen gaan houden en hoop van harte dat Edgar het geluk vindt wat hij in mijn ogen zeker verdient, gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).
Lees hier de recensie
Meer over ‘De catalograaf’
Meer over Diana Tjin bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Gevecht tegen boosheid.» – Franc Knipscheer

Yasmine Foto Massoud Memar
Rede bij de uitvaart van Saya Yasmine Amores op Caraïbisch Uitzicht, 13 augustus 2021:
Op 12 augustus 2021 vond in besloten kring de uitvaart plaats van Saya Yasmine Amores. Bij die gelegenheid sprak haar uitgever Franc Knipscheer de volgende tekst. (…) Yasmine kon boos zijn, grof zelfs, hatelijk, maar ook: hartelijk en meelevend en niet zelden ontzettend lief. Dat was wel eens verwarrend voor degenen die met haar omgingen. Een zekere sociale onhandigheid was haar niet vreemd. Ze gaf haar mening onomwonden, en die had een eigen toon en die was vrijwel altijd oorspronkelijk. En dat werd vaak als ‘ondiplomatiek’ ervaren. Yasmine Amores heeft zeker geprobeerd te vechten tegen de boosheid die een deel van haar leven, schrijversleven, bepaalde. Misschien heeft ieder van ons dat wel eens ondervonden. Haar naamsverandering van Asha naar Yasmine (ze stuurde zo trots het koninklijk besluit in 2013 rond) was deel van de beteugeling van die boosheid-die-pijn-is. Het moest het afscheid zijn, het op afstand zetten, van de trauma’s uit haar jeugd-als-Asha. Ze moest daarmee afrekenen, en afrekenen gaat ten koste van anderen. Ook als Yasmine worstelde ze met die gemoedstoestand, omdat de omvang en impact van haar eigen biografie zich stukje bij beetje bleef openbaren. (…) Woorden kunnen alles: liefkozen en pijnigen. Niet alleen anderen, maar ook jezelf. Haar zachte kant is misschien om die reden zichtbaarder in haar schilderijen die schoonheid en puurheid toonden; lieflijk ogen de meeste, veel bloemen, een en al kleur. Ze bezweren het gevaar, het ongemak, zoals de afbeelding van een lege korjaal (leeg? waarom?) in een eindeloze zee op haar vorig jaar verschenen dichtbundel ‘Het verdriet van de fluit’. (…)
Lees hier of hier de rede
Meer over ‘Het verdriet van de fluit’
Meer over Saya Yasmine Amores/Cándani bij Uitgeverij In de Knipscheer

Getormenteerd leven voorbij.

Wedding(foto Massoud Memar)

Gisteravond, woensdag 4 augustus 2021, is schrijfster en schilderes Saya Yasmine Amores op 56-jarige leeftijd overleden na een ongeduldig gedragen ziekbed. Ongeduldig, omdat zij nog lang niet klaar was met leven, werken en vooral ook vérwerken van wat haar vanaf haar geboorte op 8 maart 1965 in Suriname is overkomen, de drijfveer van haar schrijverschap, aanvankelijk in het Sarnámi. Veel van haar autobiografie klinkt door in haar romans en dichtbundels. Yasmine werd geboren als Asha Radjkoemar en koos als schrijver tot in 2007 voor het pseudoniem Cándani. De last van, vloek op, haar verleden deed haar een tiental jaar geleden officieel van naam veranderen in Saya Yasmine Amores, onder welke naam zij ook als schilderes van zich deed spreken.

De relatie auteur-uitgever begon medio jaren negentig van de vorige eeuw. Ze was in 1994 een van de schrijvers die door Michiel van Kempen en Michel Szulc-Krzyzanowski voor de uitgeverij werd geportretteerd in de uitgave ‘Woorden op de westenwind’. Vanaf 2007 richtte ze zich vooral op het schilderen en raakte ze wat uit zicht bij de uitgeverij en gaf zij haar eerste dichtbundels opnieuw uit in eigen beheer. Als auteur trad ze weer naar buiten toen Jit Narain in 2018 de Sarnámi cultuurprijs ontving en vooral toen eind 2018 en begin 2019 kort na elkaar vijf Surinaamse schrijvers van naam overleden: Bhai, Elly Purperhart, Shrinivási, Michaël Slory en Bea Vianen. In februari 2020 zocht ik haar op in het Antoni van Leeuwenhoekziekenhuis. Het hernieuwde contact resulteerde in de uitgave van ‘Bánsuri ke gam / Het verdriet van de fluit’ later in 2020.

Op 8 juli dit jaar ontvang ik mailtje van negen woorden: Ik kan het niet meer. Ik geef het op. Ik lees opnieuw mijn antwoord: «Je kunt niet meer. We weten: áls iemand zo vol voor het leven kiest, ben jij het. Elke cel in je hoofd, elke vezel in je lijf verzet zich tot het eind tegen het einde. Die ongelooflijke kracht is velen tot steun, dat weet ik zeker. Nu ben je moe, zo moe – en je wilt nog zoveel. De wereld om je heen heeft zo haar eigen ritme. (…) Leg je hoofd neer: het loopt over van gevoel; het is topzwaar geworden; rust uit, laat de spanning verdwijnen, leeg je hoofd, heb vrede. Laat je laatste tranen komen opdat die zich kunnen mengen met die van hen die je hoog achten tot een bron waaruit zij jouw moed putten. Het ga je goed, nu en straks.»

Haarlem, franc knipscheer

Meer over Saya Yasmine Amores/Cándani bij Uitgeverij In de Knipscheer