«Confronterend, vlot en boeiend geschreven roman over moreel verval, fraude en corruptie.» – E. Mutter

VoorplatBouwval-75Over ‘De bouwval’ van Ronny Lobo voor NBD/Biblion, 21 oktober 2020:
Derde roman van Ronny Lobo (1954), een uit Surinaamse ouders op Curaçao geboren architect. In 1992 ontving Lobo de Cola Debrotprijs voor Architectuur, maar daarnaast is Lobo een getalenteerde romanschrijver. ‘De bouwval’ is een bewogen en turbulente familiegeschiedenis over het gezin van Willem de Wilde. Een volksjongen uit de Jordaan die zich zonder veel opleiding op Curaçao opwerkt tot een geslaagde aannemer en tot de notabelen behoort van de eilandsamenleving. Hij is getrouwd met de rijke Amsterdamse juweliersdochter Monique en samen met hun drie kinderen vormen ze een voorbeeldige familie in kerk en samenleving. In een kleine koloniale samenleving liggen in het bedrijfsleven echter fraude en corruptie op de loer. En ook de op het oog zo voorbeeldig levende De Wilde bezwijkt voor deze verleidingen. Dure prestigieuze bouwprojecten worden met gemeenschapsgeld en ontwikkelingsgelden betaald. Zonder al te veel scrupules werkt De Wilde mee aan deze malversaties. ‘De bouwval’ is een confronterend, vlot en boeiend geschreven roman over moreel verval, fraude en corruptie.
Meer over ‘De bouwval’
Meer over Ronny Lobo bij Uitgeverij in de Knipscheer

«Bouwwerken die tot bouwvallen verworden. Letterlijk en figuurlijk.» – Brede Kristensen

VoorplatBouwval-75Over ‘De bouwval’ van Ronny Lobo op Caraïbisch Uitzicht, 5 oktober 2020:
(…) Als het ging om gebeurtenissen lang geleden, zou dit een historische roman kunnen worden genoemd die een waar gebeurde geschiedenis uit een ver verleden op fictieve wijze tracht te verbeelden. Maar de gebeurtenissen hebben zich kortgeleden voorgedaan. We kunnen het dus als ‘documentaire fictie’ bestempelen. Een mengeling van ware gebeurtenissen en eigentijdse werkelijkheden worden bewust vervormd, niet alleen om te voorkomen dat mensen zich onheus bejegend voelen, maar ook om te ontsnappen aan de plicht feiten te vermelden en nuances aan te geven die de aandacht van de centrale boodschap van de schrijver afleiden. Aangevuld met fictieve verhaalelementen ontstaat zo een verhaal dat gelijkenis vertoont met de feitelijke werkelijkheid, maar zonder pretentie ermee samen te vallen. Een verhaal waaruit lering kan worden getrokken. Dat doet deze roman in hoge mate. We krijgen een spiegel voorgehouden die laat zien dat exclusieve netwerken en gebrek aan transparantie zeer bevorderlijk zijn voor corruptie en verval. De hoofdpersoon, aannemer Willem de Wilde die eindigt als een bouwval, is de belichaming van deze boodschap. Er wordt momenteel van alles bedacht om integriteit in bestuur en maatschappij te bevorderen. De effecten zijn minimaal. Al lezend begon ik te denken dat een geloofwaardige ‘spiegel-roman’ als deze wellicht een probaat middel is om integriteit te bevorderen. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘De bouwval’
Meer over Ronny Lobo bij Uitgeverij in de Knipscheer

«Een ‘geselecteerde werkelijkheid’ wordt gestructureerd en gemodelleerd tot de ‘universele waarheid’.» – Wim Rutgers

VoorplatBouwval-75Over ‘De bouwval’ van Ronny Lobo in Antilliaans Dagblad, 12 september 2020:
(…) Hoofdpersoon van de roman is Willem de Wilde, die met zijn vrouw Monique en kinderen in de jaren zeventig naar Curaçao is uitgezonden om daar voor zijn Nederlandse bedrijf onder meer een groot aantal volkswoningen en uiteindelijk een modern nieuw hospitaal te realiseren. (…) Het gaat Willem voor de wind en hij maakt een sprookjesachtig snelle carrière. (…) Met de politici onderhoudt hij een innige band. Zijn bedrijf sponsort politieke partijen. (…) Naast bouwfraude door financieel gerommel in aannemingsprocedures, is de lokale politiek een tweede verhaallijn, een politiek die zowel corrupt blijkt als afhankelijk is van het grote geld dat de verkiezingscampagnes sponsort. (…) De derde verhaallijn in de roman is de wereld van accountancy en consultants, zoals Luuk Steenborg. (…) Hij slaagt erin de opdracht voor de bouw van het nieuwe hospitaal, via een paar douceurtjes aan de premier binnen te harken. (…) De bouw van het nieuwe ziekenhuis vormt een splijtzwam in politiek en samenleving door de keuze tussen het terrein van de oude Amstel bierfabriek of een renovatie en uitbreiding van het oude hospitaal in Otrobanda. In dit felle conflict komen in de roman de advieswereld, de bouwwereld en de politiek ‘handjeklap’ samen. (…) De bouwfraude is van ongekende omvang met tentakels vanuit de lokale bouwwereld naar Nederland (…) In De bouwval wordt ‘een geselecteerde werkelijkheid gestructureerd en gemodelleerd’ tot de ‘universele waarheid’ dat hebzucht en eigenrichting nooit lonen, met een impliciet pleidooi dat tegenover geldzucht en de daaruit voortvloeiende corruptie een sociale levenshouding prevaleert.
Lees hier de recensie
Meer over ‘De bouwval’
Meer over Ronny Lobo bij Uitgeverij in de Knipscheer

«Onherroepelijk dringt de verwantschap zich op met de bluesmuziek die opkwam in het zuiden van de Verenigde Staten.» – Eric de Brabander

Over o.a. ‘Sierlijke golven krullen van plezier’ van Walter Palm in Noord & Zuid, jrg. 3 nr. 5, september 2020:
(…) Curaçao, sinds de zeventiende eeuw onderdeel van de Zeven Provinciën en nu autonoom onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden, hoort langer bij Nederland dan de Waddeneilanden. (…) Het gedicht ‘Spoken van slaven’ uit de bundel ‘Sierlijke golven krullen van plezier’ (2009) van de Curaçaoënaar Walter Palm toont hoe de multiculturele en meertalige samenleving van Curaçao tot nu toe worstelt met het koloniale verleden, een verleden dat heden ten dage op elke straathoek nog waarneembaar is. Onherroepelijk dringt de verwantschap zich op met de bluesmuziek die opkwam in het zuiden van de Verenigde Staten in de negentiende en twintigste eeuw. De woordkunstenares Lucille Berry-Haseth (…) is begaan met de Curaçaoënaar die heeft leren leven met misstanden die onlosmakelijk met het eiland verweven zijn. “Permanent naar de bliksem”, zo beschrijft Boeli van Leeuwen zijn eiland in de verhalenbundel ‘Geniale Anarchie’. “Niemand leeft ongestraft onder de palmen”, zo stelt hij. Wie daarover klaagt is een zeurkous. De verbondenheid van mens en natuur is universeel, op Curaçao echter lijkt deze in de poëzie meer beleefd te worden dan in het moederland. De Amsterdamse dichter Ko van Geemert, een regelmatige passant op onze eilanden, begrijpt die weemoedige band met de natuur. Hij schrijft: (…) Mocht u er ooit eens komen, draag dan een strooien / hoed, een wit gewaad / van linnen of papier, als pantser / voor de lichtheid van een niet te dragen last. (…)
Lees hier en hier het artikel
Meer over ‘Sierlijke golven krullen van plezier’
Meer over Geniale anarchie
Meer over Eric de Brabander bij Uitgeverij In de Knipscheer

Henry Toré – De eed. Roman

VoorplatDeEed75Henry Toré
De eed

roman
Curaçao, Bonaire
gebrocheerd in omslag met flappen, 120 blz.,
€ 17,50
ISBN 978-90-6265-791-9
eerste uitgave oktober 2020
presentatie 18 oktober 2020

In De eed groeit Ofnes Nicolaas (door zijn vrienden Oi genoemd) op Bonaire op in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Het dunbevolkte eiland maakte moeilijke tijden door en was voor de essentiële zaken afhankelijk van de centrale regering, die op Curaçao zetelde. Oi, bijgestaan door zijn trouwe vriend Lucien, omringde zich vaak met andere jonge Bonairianen, die hij trachtte de ogen te openen voor het feit, dat (zoals hij het formuleerde) de wereld niet ophield bij Klein Bonaire, het eilandje voor de kust. Een streven dat hij voortzette nadat hij op Curaçao en in Nederland had gestudeerd. De kleine gemeenschap dweepte met hem. Oi had ook een uitzonderlijke belangstelling voor de situatie in sommige Latijns-Amerikaanse landen, waar priesters optraden als leiders van opstand tegen het gevestigde gezag. Een vreselijke ontdekking in zijn persoonlijk leven pakt uiterst noodlottig uit voor deze gewaardeerde son-of-the-soil.

Deze roman uit Bonaire verhaalt van een persoonlijke tragedie en geeft een mooi ‘klein’ en schrijnend (maar liefdevol en betrokken) portret.

Henry Toré (Curaçao, 1940) was van 1964 tot 1996 werkzaam in het onderwijs op Bonaire, waar hij nog steeds woont. Daarnaast bekleedde hij verschillende officiële functies. Hij was ook actief in het sociale leven op het eiland. Van zijn hand verschenen eerder in eigen beheer de volgende romans: Een tropische kruisiging (1997), De ontspoorde Benjamin (1999), Tranen over Matravagera (2003) en Broos geluk (2010).

«Briljant boek dat in het hart van de Nederlandse canon staat .» – Yra van Dijk

Over ‘Schilden van leem’ van Boeli van Leeuwen in De koloniale leeslijst, (Dichters & Denkers) De Groene Amsterdammer, nr. 33, 12 augustus 2020:
(…) Al meteen aan het begin stuiten we op een sfeer van verlies, verval en vergane glorie die niet onderdoet voor ‘Honderd jaar eenzaamheid’. (…) ‘Schilden van leem’ is een grillige en spannende roman, doordesemd van postkoloniale kritiek. De vagebondachtige, drankzuchtige held en zijn illegitieme geboorte, de mystieke geladenheid van de gemeenschap, de nadruk op prostitutie, de bizarre werkelijkheid van corruptie die van de maatschappij een groot theaterspektakel maakt en de zieke relatie met Nederland. En de taal zelf – doorspekt met Engels, Spaans en Papiaments – is een carnaval van stemmen uit alle gelederen. Van Leeuwen beschrijft de postkoloniale conditie van het eiland via een heden dat wordt gekenmerkt door verval en corruptie – en toont steeds aan hoe taal en tekst een rol spelen in die machtsverhoudingen. (…) Lees dit barokke, onnavolgbare en briljante boek, dat wat mij betreft in het hart van de Nederlandse canon staat – ergens dicht in de buurt van Anton de Kom, Cola Debrot, Astrid Roemer en Maria Dermoût.
Lees hier de bijdrage van Yra van Dijk aan de serie ‘De koloniale leeslijst’
Meer over ‘Schilden van leem’
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Yra van Dijk op deze site

«Confronterende roman over sociaal aanzien, corruptie en het betalen van een hoge morele prijs.» – André Oyen

VoorplatBouwval-75Over ‘De bouwval’ van Ronny Lobo op Lezers tippen lezers, 1 augustus 2020:
(…) De op het eerste gezicht zo degelijke Willem kan ook niet weerstaan aan macht en geld. Net als vele mensen in koloniale gebieden wordt er ook door Willem in Curaçao gefraudeerd dat het een lieve lust is. (…) Willem heerst als een katholieke potentaat in zijn gezin, maar houdt er voor zichzelf nauwelijks christelijke waarden op na. Zijn vrouw volgt geheel in het kader van de tijdsgeest de wensen en grillen van haar man, zonder zich al te veel vragen te stellen maar waarvoor ze later wel duur zal moeten betalen. ‘De bouwval’ is een heel confronterende roman over sociaal aanzien, corruptie en het betalen van een hoge morele prijs voor geestelijk bouwen of drijfzand.
Lees hier de recensie
Meer over ‘De bouwval’
Meer over Ronny Lobo bij Uitgeverij In de Knipscheer

Ronny Lobo – De bouwval. Roman

VoorplatBouwval-75Ronny Lobo
De bouwval

roman
Nederland, Curaçao
gebrocheerd met flappen,
302 blz., € 22,00
Eerste uitgave 2020
ISBN 978-90-6265-793-3

De bouwval is een bewogen familiegeschiedenis over sociale stijging, over het overschrijden van grenzen, het betalen van een morele prijs, over illusies en ontgoocheling. Is iemand – een naaste, een vader – wel degene voor wie je hem je leven lang gehouden hebt? De roman biedt een duizelingwekkende confrontatie met het gekoesterde beeld van de vader met de werkelijkheid. Wanneer deze twee niet overeenkomen, botst het, en kan een wereld in duigen vallen.

Willem de Wilde groeit op in een arbeidersgezin in de Amsterdamse Jordaan. Zonder al te veel diploma’s werkt hij zich op tot een succesvolle aannemer op Curaçao. Samen met zijn timide vrouw Monique, een rijke juweliersdochter, en hun drie kinderen vormt hij het voorbeeldige gezin waar de hele maatschappij naar opkijkt. Willem is het boegbeeld van het bedrijfsleven en een trouwe kerkganger. Peperdure projecten worden echter met gemeenschapsgeld betaald, gefaciliteerd door de beheerder van de Nederlandse ontwikkelingshulp. Mariska Schotman, de charismatische premier van het nieuwe land Curaçao tekent voor zo’n lucratief project. Haar opponent Wilfrido vormt een stoorelement. Zijn onvermoeibare strijd tegen onrecht wordt op mysterieuze wijze in de kiem gesmoord. Willems lievelingszoon Theo geeft de start van een briljante carrière in Nederland op om Mariska’s project uit het slop te trekken.

Ronny Lobo, geboren op Curaçao uit Surinaamse ouders, is architect. In 1992 ontving hij de Cola Debrotprijs voor Architectuur, de hoogste culturele onderscheiding op Curaçao. Daarnaast is hij romanschrijver. Hij debuteerde in 2013 opvallend met Bouwen op drijfzand dat moest worden herdrukt. In 2015 kwam zijn tweede roman uit, Tirami sù, een zelfstandig te lezen vervolg op zijn debuutroman. Ook zijn derde roman De bouwval heeft de wereld van de architectuur op Curaçao als decor.
Meer over ‘Bouwen op drijfzand’
Meer over ‘Tirami sù’

«De echte Alfredo overleed voor de publicatie van ‘Woestijnzand’.» – Elodie Heloise

Alfredo75Over Alfredo uit Bitterzoet in ‘Woestijnzand’ van Elodie Heloise, 29 april 2020:
Olieverfschilderij van Arthur Oster. De man op het werk stond model voor ‘Alfredo’ in het korte verhaal ‘Bitterzoet’ uit mijn verhalenbundel ‘Woestijnzand’. De echte Alfredo overleed voor de publicatie en ik had veel met hem gesproken maar helaas nooit een foto van hem gemaakt. Arthur Oster echter had ‘Alfredo’ ook al ontdekt en zijn portret geschilderd. Dit schilderij kreeg ik van hem cadeau. Ik koester het aan mijn hart, net als mijn herinneringen aan Alfredo. Voor de liefhebber hieronder een fragment van het verhaal: “Alfredo masseert zijn stramme benen en kijkt de Penstraat in. Ze ligt er onschuldig bij deze ochtend. Zo ’s morgens, in de bedrijvigheid van het gewone leven, is de Penstraat bijna een straat als zovele. Hij weet wel beter. Vroeger ja, vroeger toen de boulevard langs de zee nog het pronkstuk van de stad was. Waar de erfgenamen van oude gegoede families een buitenhuis hadden. Waar advocaten, doktoren, rechters en rijke zakenlieden het glas met elkaar hieven op cocktailparty’s terwijl hun dames vanachter hun waaiers fluisterend de laatste nieuwtjes doornamen. In de Penstraat werd op zondagmiddag geflaneerd. De heren in een witlinnen pak, het hoofd bedekt met een panamahoed en aan hun arm hun vrouwen gekleed volgens de laatste mode, voor zover bekend, aangepast aan het tropenklimaat met kleurige parasols, handschoentjes en hoeden. Het was toch nog niet zo lang geleden dat hij als kleine jongen zo’n zondagsstoet voorbij zag trekken. In die tijd kon er gesproken worden van allure, stijl en beschaving… .”
Bron
Meer over ‘Woestijnzand’

«Hoog tijd om het Statuut af te schaffen.» – Aart G. Broek

aart g. broekAart G. Broek met Eilanden als bedelende horigen van Nederland in Antilliaans Dagblad, 17 april 2020:
Nederland wist Suriname in 1975 tot onafhankelijkheid te bewegen. De Antilliaanse eilanden bedankten keer op keer voor die opgelegde vrijheid. Zij hebben daartoe het volste recht en kunnen niet tegen hun wil uit het Koninkrijk worden gezet. Vanaf 1990 veranderde het Nederlandse beleid. De verhoudingen zijn uitgesproken koloniaal gebleven. Hoog tijd voor de eilandbewoners om te kiezen. Het Koninkrijk: blijven we erin of stappen we eruit?
Lees verder op Columns+
Of klik hier
Meer over Aart G. Broek bij Uitgeverij In de Knipscheer