«Uitmuntend observator met spontane ingevingen.» – Brede Kristensen

VoorplatMetlegehanden-75Over ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’ van Walter Palm in Amigoe/Napa, 26 januari 2019:
(…) Palm is een uitmuntend observator die zich laat treffen door kleine dingen waarover hij dan besluit te dichten. (…) Het in mijn ogen mooiste gedicht van de bundel is, een ode aan Oda Blinder. ‘Sombere, geknakte orchideeën / in haar kanten hart / Tortelduiven en dromen / in haar wuivende ogen. / Wassende, zwangere maan / spiegel van haar poëzie’. Uiteindelijk gaat de reeks via een knallend onweer, waarbij de moe geworden doelloos drijvende wolken naar beneden vallen en een laatste saluutschot klinkt, naar de definitieve apocalypse. Eigenlijk een a-typisch gedicht. Want Palm wekt de indruk iemand te zijn die weliswaar oog heeft voor het aardse tranendal maar anderzijds ook met volle teugen van het leven kan genieten. (…) In bijvoorbeeld Make-up komt zijn observatievermogen weer mooi om de hoek kijken: ‘zeemeeuw danst / met zijn spiegelbeeld in het water / wat een verschil / met de verwaande dame / die zelfs opgemaakt / ontevreden / is met haar spiegelbeeld’. Het is Walter Palm op zijn best en ten voeten uit. Alhoewel expliciet, toch geen woord teveel. Zou ik denken. Verrassend ook, met een stevige vleug ironie. (…) Nog een opvallend kenmerk van zijn poëzie: (…) de spontane ingeving. Het met lege handen gaan slapen en wakker worden met een onverwacht gedicht. Het toont de charme van Walter Palm.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’
Meer over Walter Palm bij Uitgeverij In de Knipscheer

‘En vindt in vrede rust tallentijd’: Shrinivási overleden

Shrinivasi75

Het leven van een mens
is als een luchtbel op de rivier
zonet nog zondoortinteld
is het plots uiteengespat

Op 26 januari 2019 overleed in Willemstad op Curaçao op 92-jarige leeftijd de in 1926 geboren Surinaamse dichter Shrinivási (Martinus Lutchman), nestor van de Surinaamse literatuur. Shrinivási was bij mijn weten het laatst in Nederland rond de jaarwisseling 2008/2009. In januari 2009 ontmoetten we hem op een bijeenkomst van vrienden, een plezierig weerzien nadat hij een paar jaar daarvoor een bezoek aan de uitgeverij had gebracht om de puntjes op de Hindoestaanse i te zetten van het manuscript Bapauti/Erfenis waarmee muzikant Raj Mohan in 2008 zou debuteren als dichter. Op die januaridag in 2009 overhandigde Shrinivási mij een gedicht, weliswaar aan mij gericht, maar in feite een eerbetoon aan de pleitbezorgers van literatuur uit verre contreien in onze westerse wereld. Het is Shrinivási ten voeten uit, bescheiden, nederig haast. Hij bedankt ons terwijl wij hém dank verschuldigd zijn voor al het dichterlijk moois dat hij ons gaf. En wat hij me nog in 2017 schreef, wens ik hem vandaag toe: ‘En vindt in vrede rust tallentijd’.

Van Shrinivási mocht de uitgeverij in 1984 een grote verzamelbundel uitgeven van 184 bladzijden, Een weinig van het andere, een prachtige door Geert Koefoed samengestelde bloemlezing uit zijn tot dan veelal in eigen beheer in Suriname uitgegeven dichtbundels. Het zou hem eindelijk ook in Nederland de erkenning opleveren die hem als dichter toekwam. Geert Koefoed bezorgde ook Shrinivási’s tweede door In de Knipscheer uitgegeven – en warm onthaalde – bundel Hecht en Sterk uit 2013. In 2014 zijn gedichten van Shrinivási en van Dobru en Trefossa op muziek gezet door Dave MacDonald en op DVD meegeleverd met de door Robert Sordam geëntameerde publicatie De stilte van het ongesproken woord.

Toen realiseerde bij zich
dat de rivier
toch maar één oever had
waarop hij stond
en naar de verte keek
waarin een beeld
uit vroegere dagen
langzaam maar zeker
was opgelost
zodat er toekomst
noch verleden was
verlangen niet
en eindelijk geen verdriet

franc knipscheer

Lees ook het IM van Michiel van Kempen op Caraïbisch Uitzicht
Meer over Shrinivási bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Boeiende bijdrage aan de Curaçaose literatuur.» – Eric de Brabander

VoorplatRachClara_Opmaak 1.qxdOver ‘Het wonder van Santa Clara’ van Chesley Rach in Antilliaans Dagblad, 24 januari 2019:
‘Het wonder van Santa Clara’ is (…) een magisch sprookje met een religieuze inslag, een menselijke moraal en een wetenschappelijk kader. En dat maakte voor mij dit boek van Chesley Rach bijzonder. Het is geen magisch-realistisch boek zoals door de grote Latijns-Amerikaanse schrijvers als Álvaro Mutis en Gabriel García Márquez geschreven. Het is niet geheel fictief, verhalen als deze zijn talloos op het Latijns-Amerikaanse continent. (…) Rach zelf balanceert boven een diep dal, zo vermoed ik. Magisch, realistisch, religieus en wetenschappelijk, ze lijken alle deel uit te maken van het gedachtegoed van de schrijver. Een haast onmogelijke combinatie. (…). Chesley Rach heeft mijns inziens een boeiende bijdrage geleverd aan de Curaçaose literatuur, zowel met zijn debuutroman ‘De terugkeer van Ricardo Bonifacio’ als met ‘Het wonder van Santa Clara’. Een roman waarin een aantal interessante existentiële vragen centraal staat.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Het wonder van Santa Clara’
Meer over Chesley Rach

«Schitterende openingsregels van het gedicht ‘Paradijsvogels’.» – John Leerdam

VoorplatMetlegehanden-75In ‘Vraag je eerst af waarom Antillianen hierheen komen’ in NRC, 18 januari 2019:
‘Verdoemden in deze uithoek/ vluchten voor de toekomst.’ Dit zijn de schitterende openingsregels van het gedicht ‘Paradijsvogels’ van de Curaçaose dichter Walter Palm. Het gedicht is opgenomen in zijn onlangs herdrukte gedichtenbundel ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’. De verdoemden in die uithoek kunnen bootvluchtelingen op de Middellandse Zee zijn, maar ook immigranten uit Curaçao. (…) Nieuwkomers uit Curaçao laten integreren is het probleem niet. Het is de penibele economie als pushfactor. (…) John Leerdam is voorzitter van het Overlegorgaan Caribische Nederlanders en oud-Kamerlid (PvdA).
Lees hier het artikel
Meer over ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’
Meer over John Leerdam op deze site

«Boeiende en ook spannende reis langs de eigenaars van horloge.» – Ko van Geemert

VoorplatVergankelijkheid75Over ‘De vergankelijkheid der dingen’ van Eric de Brabander in Amigoe / Ñapa, 8 december 2018:
(…) ‘De vergankelijkheid der dingen’, De Brabanders vijfde roman, begint in Grenchen, Zwitserland, december 1918. Wanneer ’s lands beste uurwerkmaker Thomas Fischer gevraagd wordt een klokje passend te maken voor een nieuw model polshorloge, betwist hij de haalbaarheid daarvan. Toch kómt dat polshorloge er, een Favre Leuba. Gaspard Landrieu, technisch tekenaar bij Peugeot, in Sochaux, Frankrijk, ontvangt dit horloge bij zijn pensionering. We maken hierna een boeiende en ook spannende reis langs de eigenaars van dit horloge, via Hélène, de vrouw van Gaspard, de Nederlander Hans, Curaçaoënaar Juny, Columbiaan Kabès, Tito uit Curaçao en, ten slotte, Gunnar Fischer, een verre nazaat van ontwerper Thomas, met wie de geschiedenis begon. Het verhaal wordt verteld in twaalf hoofdstukken. De Brabander combineert daarin fictie en non-fictie. (…) Eric de Brabander is een echte verteller. Nadat hij terdege research heeft gepleegd, laat hij de personages hun eigen leven leiden, gelardeerd met persoonlijke ervaringen. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘De vergankelijkheid der dingen’
Meer over Eric de Brabander op deze site

«Uitwerkingen van het spiegelmotief in roman.» – F. Hockx

VoorplatPOM3_Opmaak 1.qxdOver ‘Pom’ van Kees Broere voor NBD / Biblion, 21-12-2018:
Peter Flinck, opgegroeid zonder vader en een man die vooral een buitenstaander is, vertrekt in 1993 na een mislukt huwelijk naar Kenia. In de twintig jaar die de roman beslaat, ontmoet hij mensen die hem met zichzelf confronteren en wordt hij, zonder goed te weten waarom, informant van de Nederlandse veiligheidsdienst. (…) Groeiende instabiliteit in Kenia, de impact van terroristische aanslagen en de dood van zijn moeder zijn zaken die in die twintig jaar ‘langskomen’. Uiteindelijk verdwijnen veel mensen uit zijn leven. De op Curaçao wonende auteur (1958) is correspondent van de Volkskrant en was Afrika-correspondent voor de NOS. Onder de naam Kees Asten publiceerde hij in 1998 en 1999 twee romans. Die naam is in dit boek weggelegd voor een oudere journalist in wie Flinck het nodige herkent. Het is een van de vele nadrukkelijke uitwerkingen van het spiegelmotief in de roman. (…)
Meer over ‘Pom’

Chesley Rach – Het wonder van Santa Clara. Roman

VoorplatRachClara_Opmaak 1.qxdChesley Rach
Het wonder van Santa Clara

roman
Curaçao
gebrocheerd in omslag met flappen,
320 blz., € 19,90
ISBN 978-90-6265-616-5
eerste druk november 2018

De gerenommeerde New York Times-journalist Tom Alexander, tweevoudig winnaar van de Pulitzerprijs, is in korte tijd zijn kind en vrouw verloren. Hij is zwaar aan de drank geraakt en verkwanselt zijn talent als reporter. Zijn meerdere, hoofdredacteur Peter Becker, stuurt hem naar het mijndorpje Santa Clara in Mexico, dat ooit welvarend was maar dat in verval is geraakt toen het daar gewonnen zilver was uitgeput. In Santa Clara zouden zich wonderen voordoen, onverklaarbare, bovennatuurlijke verschijnselen. De hoofdredacteur hoopt dat Tom weer zijn oude niveau weet te behalen, weer de bevlogen journalist van weleer zal worden, en zijn nihilisme en drankzucht zal overwinnen.

Door het verlies van zijn kind en vrouw heeft Tom zich van God en het geloof afgekeerd. Als journalist is hij scherp, kritisch en empirisch; hij is dus niet bepaald iemand die ontvankelijk is voor het bovennatuurlijke. Hij neemt enkel aan wat waargenomen wordt, wat onafhankelijke bronnen bevestigen. Maar meer en meer lijkt het erop dat in Santa Clara inderdaad wonderen hebben plaatsgevonden, verricht door een jongeman uit het dorp genaamd Salvador. Deze schijnt een gave te hebben gekregen omdat hij tijdens een hevig onweer bij een bliksemschicht zijn beeltenis in de spiegel zag. Meerdere inwoners van het dorpje merken dat lichamelijke gebreken en ziekten zijn verdwenen na een omhelzing of aanraking van Salvador. Maar is zijn gave een zegen of vloek? Niet iederéén is onverdeeld gelukkig met de wonderen die Salvador verricht. Een duivels plan wordt beraamd.

Het wonder van Santa Clara is een fascinerend relaas, een indringende roman, die op meerdere niveaus gelezen kan worden: als een gelaagd misdaadverhaal, vanwege de plot of intrige, het drama en de spanningsboog; maar óók om de theologische, filosofische en morele vragen die de roman opwerpt. Is er een God en zo ja, hoe verhoudt Hij zich tot ons? Is Hij genadig of wraakzuchtig. Wat is schuld? Wie draagt schuld? Zijn het ‘alleen’ de aanstichters, degenen die de wandaad of misdaad beramen? Of zijn het de medeplichtigen, degenen die meeheulen met de aanstichters, die meeroepen met de horde? Die zich laten meeslepen in de daad? En is vergelding rechtvaardig of gerechtvaardigd, zelfs als die vergelding grenzeloos is – ongetemperd?

Chesley Rach (Curaçao, 1952) debuteerde in 2016 met de roman De terugkeer van Ricardo Bonifacio (‘boeiend verhaal, prima geschreven, uitstekend debuut’), waarmee hij de traditie van het carnavalsthema in de Caribische literatuur voortzet. Het wonder van Santa Clara is zijn tweede roman.

Meer over Chesley Rach op deze site [ = ]

Eric de Brabander – De vergankelijkheid der dingen. Roman

VoorplatVergankelijkheid75Eric de Brabander
De vergankelijkheid der dingen

roman
Curaçao
gebrocheerd in omslag met flappen,
272 blz., € 18,50
ISBN 978-90-6265-750-6
eerste druk november 2018

Grenchen, Zwitserland, december 1918. Wanneer ’s lands beste uurwerkmaker Thomas Fischer gevraagd wordt een klokje passend te maken voor een nieuw model polshorloge, betwist hij de haalbaarheid daarvan. Toch kómt dat polshorloge er, een Favre-Leuba. En de wijzers van één exemplaar beginnen een bijkans magisch-realistisch verhaal bij elkaar te tikken.

In De vergankelijkheid der dingen is de mens een speelbal van de tijd, op het letterlijke af. De verhalen, deelverhalen, buitelen over en langs elkaar heen in een tijdsbestek van een eeuw, in een gebied grofweg gesitueerd tussen Zwitserland en Colombia en Curaçao. De Brabander laat zijn personages los zoals gemakzuchtige ouders hun kinderen in een aftands pretpark. Je kijkt ernaar en schudt het hoofd, maar verkneukelt je heimelijk bij wat het noodlot misschien nog in petto heeft. Het glaswerk van het horloge fungeert als raamwerk van de vertelling. De Favre-Leuba gaat van hand tot hand, of eigenlijk van pols tot pols: van pensionado tot antiekhandelaar, van drugsdealer tot schoonmaakster. De tijd als parasiet, als scherprechter. Wanneer stopt bij wie het tikken? En waarom?

De vergankelijkheid der dingen rijgt diverse levens aan elkaar zoals een rozenkrans kralen. Het ene kraaltje wat groter, wat gepolijster dan het andere, en in het tikkend doorschuiven van al die kraaltjes ontvouwt zich een bijzonder literair tijdspad.

Eric C. de Brabander (1953) debuteerde in 2009 met Het hiernamaals van Doña Lisa. Daarna volgden in Hot Brazilian Wax of het Requiem van Arthur Booi in 2011 en De supermarkt van Vieira in 2013 en Het dilemma van Otto Warburg in 2016. De vergankelijkheid der dingen is zijn vijfde roman.

Meer over Eric de Brabander op deze site

«Een knappe compositie.»

Opmaak 1Over ‘De rots der struikeling’ van Boeli van Leeuwen voor NBD/Biblion, 18 oktober 2018:
Heruitgave van een kleine klassieker uit de Antilliaanse literatuur, in 1966 bekroond met de Vijverbergprijs. Hoofdpersoon Eddy Lejeune, een Curaçaose advocaat die de balie verruild heeft voor een soort zwerversbestaan, verdrinkt in zijn droomrivier in Venezuela, op zoek naar diamanten. Zijn nalatenschap bestaat uit autobiografische, dagboekachtige aantekeningen, met verhalen over karakteristieke gebeurtenissen uit zijn leven. Indringend zijn de passages over de verhouding tot zijn ouders, van wie vooral de vader een diepe indruk op hem maakte, net als het woord van God dat hij in de vorm van de bijbel altijd bij zich droeg en intens vreesde. De roman van Van Leeuwen (Curaçao, 1922) heeft een knappe compositie.
Meer over ‘De rots der struikeling’
Meer over Boeli van Leeuwen

«Een ontregelende, maar ook ontroerende roman.»

VoorplatPOM3_Opmaak 1.qxdOver ‘Pom’ van Kees Broere in De Volkskrant, 13 oktober 2018:
U kent Kees Broere tegenwoordig als de correspondent voor ‘De Volkskrant’ op Curaçao. Na zijn bijna twintig jaar voor de krant in Afrika schreef hij ‘Pom’. Het is een ongemakkelijke, ontregelende, maar ook ontroerende roman.
Klik hier voor de aankondiging van de roman in De Volkskrant
Meer over ‘Pom’