«Heel knappe bundel die de veelzijdigheid van Michaël Slory extra in de kijker zet.» – André Oyen

Opmaak 1Over ‘Alsof men alles loslaat’ van Michaël Slory op Ansiel, 24 april 2018:
(…) Slory zet in zijn poëzie de geschiedenis en het leven van de creolen met een karakteristieke eigen toon neer, maar tevens draagt zijn poëzie sporen van een brede oriëntatie , bijvoorbeeld met bundels sonnetten en kwatrijnen. (…) Op vijf na werd geen van de bijna 50 gedichten in deze bundel eerder gepubliceerd. (…) Het is een heel knappe bundel geworden die de veelzijdigheid van Michaël Slory extra in de kijker zet.
Lees hier de recensie [ = pdf in bijlage ]
Meer over ‘Alsof men alles loslaat’
Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Alles wat Michaël Slory ziet leidt bijna vanzelf tot een gedicht.» – Hans Franse

Opmaak 1Over ‘Alsof men alles loslaat’ van Michaël Slory op MeanderMagazine, 23 mei 2018:
(…) De bloemlezing ‘Alsof men alles loslaat’ van Michaël Slory, maakt deze recensent (…) trots op de verzameling poëzie en proza die in deze 93 bladzijden zijn samengebracht. (…) Dank zij dichters als Michaël Slory hebben wij de mogelijkheid kennis te nemen van mooie poëzie in die taal uit een land waar nog zoveel Nederlands leeft: het maakt de bundel interessant en belangrijk; een ‘must’ voor diegenen die geïnteresseerd zijn in poëzie in het algemeen en de culturele ontwikkeling in de republiek Suriname in het bijzonder. En uiteraard voor diegenen die van fraaie boekjes houden, want het is mooi uitgegeven. (…) De dichter is iemand voor wie alles taal wordt. Sommige mensen die ik ken maken constant tekeningetjes van alles wat ze zien, waar soms heel rake, meesterlijke bij zijn; ik krijg de indruk dat alles wat Michaël Slory ziet bijna vanzelf tot een gedicht leidt. Er is niet één alles doordringend poëtisch thema dat de bundel bepaalt, maar het is de hele wereld, inclusief de talen die er gesproken worden. In de verhelderende Verantwoording achterin de bundel merkt Michiel van Kempen niet voor niets op dat er maar weinig dichters zijn ‘voor wie leven, werkelijkheid en taal zo’n naadloos continuüm vormen’. (…) De liefhebbers hebben de polyglot Slory al herkend; het is aan hen om de bundel aan te schaffen en verder te lezen en van de kleurrijke internationale taaloefeningen te genieten. (…)
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Alsof men alles loslaat’
Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

Michaël Slory – Alsof men alles loslaat. Bloemlezing

Opmaak 1Michaël Slory
Alsof men alles loslaat
bloemlezing poëzie en kort proza

Suriname / Nederland
samenstelling en Nawoord Michiel van Kempen
vertalingen uit het Sranantongo i.s.m. Ed Hart
gebrocheerd in omslag met flappen,
94 blz., € 17,50
Eerste uitgave 2018
ISBN 978-90-6265-993-7

Er zijn maar weinig dichters voor wie leven, werkelijkheid en taal zo’n naadloos continuüm vormen als Michaël Slory. Al wat de in 1935 in het Surinaamse district Coronie geboren dichter meemaakt, ziet, voelt, ruikt, leest of bedenkt zet zich om in poëtische taal. Het heeft geen zin een opsomming te geven van wat Slory kan inspireren: het kan alles zijn, van een palmboom tot een vuilniston. En elk nieuw gedicht is een geboortemoment, een aftasten van wat de vorm wil prijsgeven. Dat kan in elke traditionele versvorm zijn – haiku, kwatrijn, sonnet en ga zo maar door – of in elke vrije vorm. En het kan zijn in het Nederlands, in Slory’s moedertaal het Sranantongo, in het Spaans waarmee hij in de jaren ’80 van de 20ste eeuw begon te experimenteren of in het Engels dat hij na 2000 beproefde als poëzietaal. Proza schreef hij maar heel weinig: sinds hij in 1987 medewerker werd van het Surinaamse dagblad de Ware Tijd heeft hij een aantal korte prozaschetsen aan de krant bijgedragen. Daaruit is in Alsof men alles loslaat een kleine selectie opgenomen. Op vijf na werd geen van de bijna 50 gedichten in deze bundel eerder gepubliceerd. De eerste versies van de gedichten werden geschreven tussen ongeveer 1986 en 2016; zo goed als alle gedichten werden later door Slory herzien, bijgeschaafd of soms grondig omgewerkt. Geen enkele dichter is zo’n conservator van de enorm uitgebreide taalschat van het Sranantongo als Michaël Slory. Een tiental gedichten geschreven in het Sranantongo werd door Michiel van Kempen in samenwerking met Ed Hart vertaald naar het Nederlands en is vóór publicatie ter autorisatie voorgelegd aan de dichter.

Alsof men alles loslaat is na Ik zal zingen om de zon te laten opkomen (1991) en Torent een man hoog met zijn poëzie (2012) de derde bloemlezing uit het werk van Michaël Slory die bij Uitgeverij In de Knipscheer verschijnt.
Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

« * * * * Een mooi en onderhoudend boek voor iedereen die Suriname én Slory een warm hart toedraagt.» – Ko van Geemert

VoorplatZoekennaarSlory75Over ‘Zoeken naar Slory’ van E. de Haan in Parbode 105, januari 2015:
Ezra de Haan gaat (voor de eerste keer) naar Suriname en laat zich door alles verrassen wat op zijn pad komt: ontmoetingen, gerechten, krantenartikelen, winkels, de natuur, reizen naar Nickerie, Coronie, het binnenland. (…) ‘Vandaag hoop ik Michaël Slory te ontmoeten.’ De Haan is bij het gebouw van de Ware Tijd, waar Slory elke dag zijn krantje komt halen. Zo niet vandaag! De Haan zet zijn zoektocht voort en krijgt hem, op pagina 196, aan de telefoon. Ze spreken de volgende dag af, op het Kerkplein. In het hoofdstuk ‘Slory is Suriname’ doet De Haan verslag van het gesprek dat hij met Slory had. (…) Een mooi en onderhoudend boek voor iedereen die Suriname én Slory een warm hart toedraagt.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Zoeken naar Slory’
Meer over E. de Haan bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

«De Haan schetst ook een bemoedigend beeld van Suriname.»

VoorplatZoekennaarSlory75Over ‘Zoeken naar Slory’ van E. de Haan in Straatjournaal, 1 januari 2015:
Ezra de Haan heeft van ‘zijn cultuurshock’, zijn eerste roadnovel gemaakt, getiteld ‘Zoeken naar Slory’. De Haan heeft voor vertrek ook het plan opgevat om tijdens zijn bezoek de legendarische Surinaamse dichter Michaël Slory te ondervragen. De kleurrijke markt bezoekt hij vrijwel dagelijks. Daar zou Slory regelmatig dichtbundeltjes van eigen hand proberen te slijten en de krant waar hij ook voor schreef, ‘De Ware Tijd’, ophalen. Maar Slory treft hij niet. (…) De tijd verstrijkt sneller dan gedacht – hoewel de uren met broeiende hitte en slagregens lijken voort te kruipen – en Slory is nog steeds niet gevonden. De Haan is inmiddels met de boot en met taxi’s het land af geweest. Hij heeft de geboortegrond, het district Coronie, en de binnenlanden verkend. Hij heeft zijn nummer achtergelaten bij de krant, heeft bij het schamele woonhuis van Slory tevergeefs aangeklopt. Het versterkt het boek.
Straatjournaal is de maandelijkse dak- en thuislozenkrant van Bollenstreek, Haarlemmermeer, Kennemerland, West-Friesland, de Kop van Noord-Holland en Texel.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Zoeken naar Slory’
Meer over E. de Haan bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Uiterst informatief, romanesk (dag)boek.» – Guus Bauer

VoorplatZoekennaarSlory75Over ‘Zoeken naar Slory’ van E. de Haan op Literatuurplein.nl, 21 december 2014:
De Haan krijgt een uitnodiging om op de Surinaamse Schrijversvakschool een aantal cursussen te geven. Het is een uitgelezen kans om tegelijkertijd de natuur, de levenswijze van de inwoners, de inborst en de taal en de muziek van de voormalige kolonie te bestuderen. De Haan lijkt zich vast voor te hebben genomen om niet als een zelfingenomen bakra de toerist te gaan uithangen, maar zich daadwerkelijk open te stellen voor de kleinigheden, hoe eigenaardig ook, die Suriname maken tot wat het is. (…) Via korte citaten uit ‘De Ware Tijd’ geeft De Haan een duidelijk beeld van een, naar het lijkt, murw geslagen maatschappij. Een land vol tegenstellingen, een land ook met vaak onverholen discriminatie tussen Creolen, Hindoestanen, Javanen, bosnegers en andere in- en uitheemse bevolkingsgroepen onderling. (…) Maar De Haan schetst ook een bemoedigend beeld van de mensen die hij tegenkomt, gewoon op straat, in de (eet)winkeltjes. Een beeld waardoor je begrijpt waarom ook veel bakra’s toch verknocht zijn aan dit stukje Zuid-Amerika. (…) De Haan heeft voor vertrek ook het plan opgevat, interviewer in hart en nieren immers, om tijdens zijn bezoek de legendarische Surinaamse dichter Michaël Slory te ondervragen. (…) Het is eigenlijk niet belangrijk of hij de levende legende treft of niet. De dichter en zijn land wonen zogezegd in zijn gedichten. De gedichten schetsen in hun ogenschijnlijke eenvoud een eigen beeld van Suriname. Een land van wonderbaarlijk schone vrouwen, van een overweldigende natuur. Een land dat blijft verbazen, waar de mensen nog zichzelf durven zijn, dat door improvisatie toch fier overeind blijft, net als dit uiterst informatieve, romaneske (dag)boek dat een eerste inzicht geeft in de ingewikkelde verhoudingen tussen Surinamers onderling en tussen Suriname en Nederland.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Zoeken naar Slory’
Meer over E. de Haan bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Orchida Bachnoe heeft met haar debuutroman ‘Azijn in mijn aderen’ de knuppel in het Surinaams-Hindostaanse hoenderhok gegooid.»

Over ‘Azijn in mijn aderen’ van Orchida Bachnoe in De Ware Tijd, 18 augustus 2012:
“Ik ging er van uit dat suïcide doodsoorzaak nummer twee is onder jongeren maar dat blijkt de belangrijkste doodsoorzaak te zijn voor 15-30 jarigen. Je hoopt dat het meevalt maar dat is niet het geval. Het geeft aan dat de problematiek heel groot is.”

Lees hier het artikel

Meer over auteur en boek

«Azijn in mijn aderen is een aanrader voor de literatuurlijst van middelbare scholieren.» – Jerry Dewnarain

Over ‘Azijn in mijn aderen’ van Orchida Bachnoe in De Ware Tijd Literair (Paramaribo), za. 28 juli 2012:Azijn in mijn aderen
Bachnoe hangt met haar ‘Azijn in mijn aderen’ de vuile was van een gesloten gemeenschap dapper genoeg buiten. Voor mijn part mag zij nog een paar keer een wasje draaien, want de was is vuil genoeg! Dat is dus de meerwaarde van dit boek. Ook bespreekt zij een serieus onderwerp dat jongeren bezighoudt: ze verbreekt taboes door jongeren zelf als hoofdfiguren te gebruiken om hun eigen kommer en kwel aan de lezer kenbaar te maken. Dat doet zij heel knap door in deel twee van het boek haar hoofdfiguren te beschrijven alsof ze de acteurs zijn in een Bollywood-film.

Lees hier de recensie
‘To be or not to be, that’s the question’ DWT 28-07-2012 Azijn in mijn aderen-3