Heruitgave van ‘Kopzorg’ van Edgar Cairo

De Surinaamse schrijver Edgar Cairo (1948-2000) schreef in het Sranantongo, in het Surinaams-Nederlands en enkele titels in het Nederlands (o.a. ‘Dat vuur der grote drama’s’ en ‘Kopzorg ‘. Uitgeverij Cossee hield op 3 juli 2024 de heruitgave van ‘Kopzorg’ ten doop in de OBA. De roman verscheen in 1988 bij Uitgeverij Agathon, nadat in 1979 al de Surinaams-Nederlandse (Cairojaans)  versie ‘Temekoe/Kopzorg’ was verschenen bij Uitgeverij In de Knipscheer en in 1969 in Paramaribo in het Sranantongo het oorspronkelijke ‘Temekoe’. 65 jaar na dit origineel voegde Cossee aan de heruitgave van ‘Kopzorg’ een verhelderend Nawoord toe van Thalia Ostendorf. Bij de presentatie (waaraan ook Felix Burleson, Gerda Havertong, Sarita Bajnath, Thalia Ostendorf en Dean Bowen meewerkten) hield  Michiel van Kempen een korte inleiding waarin hij ook verwijst naar de door Charl Landvreugd gehouden Van Lierlezing 2024 op 29 februari 2024 die geheel gewijd was aan dit vader-zoonverhaal (novelle, roman) in drie decennia in drie taalversies.

Lees hier de Inleiding van Michiel,van Kempen
Lees hier de Van Lierlezing 2024 van Charl Landvreugd
Meer over Edgar Cairo op de website van  Uitgeverij In de Knipscheer

De voorjaarscolleges van prof. dr Michiel van Kempen over de literatuur van Suriname, de Nederlands-Caraïbische eilanden en Indië

De colleges Caraïbische letteren worden vanaf 9 februari tot en met 24 mei 2024 gegeven telkens op een  vrijdag van 15.00 tot 18.00 uur in zaal 4.40 van het P.C. Hoofthuis, Spuistraat 138  in Amsterdam. Voor volgers van Uitgeverij In de Knipscheer zijn enkele colleges van bijzonder belang: op vrijdag  16 februari 2024 over Medardo de Marchena – Staatsgevaarlijk in koloniaal Curaçao (in aanwezigheid van bezorger dr Aart G. Broek);  op vrijdag 15 maart 2024 over Boeli van Leeuwen – Wie denk je dat ik ben? (gastcollege door redacteur Klaas de Groot); op vrijdag 19 april 2024 over  Edgar Cairo – Kollektieve schuld (gastcollege door Thalia Ostendorf MA). Wie graag de reeks of enkele colleges bijwoont kan zich per mail aanmelden: M.H.G.vanKempen@uva.nl . Het vooraf gelezen hebben van de te behandelen tekst is voorwaarde om het college te kunnen bijwonen. Auteurs aan wie de overige colleges worden gewijd zijn: Roline Redmond, Cola Debrot, J. van de Walle, Frank Martinus Arion, Ellen Ombre, Anil Ramdas, F. Springer en Chris Polanen m.m.v. onder anderen dr Karin Amatmoekrim, Mineke de Vries, dr Gábor Pusztai, prof.dr  Bert Paasman,

Klik hier voor het college-overzicht
Meer over Medardo de Marchena op deze site
Meer over Boeli van Leeuwen op deze site
Meer over Edgar Cairo op deze site

Marius Atmoredjo in Powema Boto

IMG-20230612-WA0011Op vrijdag 30 juni 2023 vindt in het Rotterdamse Theater Zuidplein een afwisselend en middagvullend programma plaats met voordracht, zang, dans, tentoonstelling en documentaires. De verhalen van alle Surinaamse talen en culturen maakten van Suriname een van ’s werelds meest kleurrijke smeltkroezen. Die rijkdom voel je terug in de Surinaamse poëzie en die staat deze middag centraal. Met optredens van o.a. Raoul de Jong, Arthur Cairo (broer van schrijver/performer Edgar Cairo), Eelke Veltman, Hermine Haman. Carlo Hoop, Anuska Sewnath en Marius Atmoredjo. Theater Zuidplein is gelegen aan de Gooilandsingel 95, 3083 DP Rotterdam. Aanvang programma 14.00 uur. Bestel hier kaarten ad. € 5,00. Powema Boto wordt georganiseerd en aangeboden door Samenwerking Taalmuseum, Erasmus Universiteit Rotterdam en Rotterdamsch Leeskabinet en Theater Zuidplein
Meer over Marius Atmoredjo bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Edgar Cairo bij Uitgeverij In de Knipscheer

Edgar Cairo – A now toe foe mi ai/In de nood van het aangezicht. Gedichten

Edgar Cairo
A now toe foe mi ai/In de nood van het aangezicht.
Nederland, Suriname, Gedichten
Mandalareeks
Paperback 32 blz.,
ISBN 90-6265-067-8
Eerste uitgave 1980

HÉGRON ABOMA                                          VAN DE HOGE GRONDEN AF

le’fa aboma                                                       als wurgslang
foe hégron                                                         boa der hoge gronden,
m’e lolo doro dja                                             kruip ik aan.
noja.

tak’ mi kba!                                                       zeg mij!, en zie mij reeds
tek’ boeba!                                                         wat huid is binnengaand.

mi na da wortoe                                                ik ben het woord
loto kon so: wa!                                                dat is gewerveld
tot het sprekend leven!

m’e frekti jesi                                                      ik wurg het oor
gwe go te na noko                                              en sluip tot in de laag
lolo kon so: wa!                                                   van wat voor hersens
het geheimste hol is!

hara! hatjah!                                                          van daar af worstel ik

dan now m’e frekti                                              met heel je geest, uit-
bak’agen, ala joe kra,                                          eindelijk mij nestelend
foe pot’ joe sdon                                                   in wat van jou de mens is,
tjitjari,                                                                       mens, ooit kronkelvrij
nain soso libisma.                                                 geweest.

Wie Cairo’s optreden kent, wéét, dat, vooral in combinatie met de drum, het orale in deze gedichten gaat leven. Opeens ontvlamt zo’n gedicht met het ritme van de drum, de dans en zelfs de zang. Zo’n tekst op papier vraagt, dat men het herkent.
Meer over Edgar Cairo

101 gedichten uit het Koninkrijk van 1945 tot nu

BruinjaOnlangs verscheen bij Uitgeverij Querido de door Tsead Bruinja samengestelde bloemlezing ‘De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie’. Tsead Bruinja in het Nawoord: «Het leek mij bij de selectie goed te kijken naar het hele koninkrijk, zodat ook de poëtische stemmen uit de Antillen, Suriname en Indonesië mee mochten spreken. Het boek moet een gesprek opeen over wat we onder ‘Nederlandse poëzie’ verstaan. Het liefst zou ik zien dat er nooit meer een bloemlezing verschijnt met louter Nederlandse poëzie.» Dichters die ook bij Uitgeverij In de Knipscheer publiceerden komen daarin ruim aan bod: Frank Martinus Arion, Bernardo Ashetu, Aletta Beaujon, Edgar Cairo, Cándani (Saya Yasmine Amores), R. Dobru, Nydia Ecury, Aly Freije, Jelle Kspersma, John Leefmans, Tip Marugg, Djordje Matic, Raj Mohan, Jit Narain, Munye Oduber-Winklaar, Astrid H. Roemer, Johanna Schouten-Elsenhout, Ibrahim Selman, Shrinivási, Michaël Slory, Trefossa.
Meer over ‘De eerste bloemlezing van de Nederlandse poëzie’
Meer bloemlezingen bij Uitgeverij In de Knipscheer met poëzie van Caraïbische dichters: ‘Grenzenloos’, ‘Vaar naar de vuurtoren’, ‘De navelstreng van mijn taal’ en ‘Wie ik ben / Ta ken mi ta

10de Caraïbische Letterendag op 8 oktober 2022

CaribischeLetterenOp zaterdagmiddag 8 oktober vindt (van 13.00 tot 17.00 uur) de 10de Caraïbische Letterendag plaats. Deze lustrumviering vindt plaats in het HNI (voorheen NAi) in Rotterdam. Na ruim twee jaar uitstel vanwege corona viert de Werkgroep Caraïbische Letteren eindelijk een nieuwe editie, gewijd aan de grote voorlopers. Bij deze gelegenheid verschijnt de bundel ‘Dat wij zongen’ (Uitgeverij Das Mag) met essays van 21 auteurs (waaronder Ken Mangroelal, Astrid H. Roemer, Tommy Wieringa, Eric de Brabander, Ruth San A Jong) over 20 groten die hen voorgingen (onder wie Albert Helman, Pierre Lauffer, Boeli van Leeuwen, Michaël Slory, Shrinivási, Edgar Cairo, Astrid H. Roemer, Bernardo Ashetu, Bea Vianen). Het eerste exemplaar van ‘Dat wij zongen’ wordt aangeboden aan de grootste levende Nederlands-Caraïbische dichter: Jit Narain. In gespreksronden, geleid door Raoul de Jong en Julien Ignacio, komt een groot aantal schrijvers uit de bundel ‘Dat wij zongen’ aan het woord. Verder zijn er intermezzi: Charlotte Doornhein herdenkt de onlangs overleden Diana Lebacs; Raoul de Jong leest voor uit zijn succesroman ‘Jaguarman’; Michiel van Kempen vraagt aandacht voor de ten onrechte onbekende Antilliaanse antikoloniaal Medardo de Marchena van auteur Aart G. Broek en een mystery guest zet Ronald Snijders – winnaar van de Boy Edgarprijs – in de schijnwerpers. De presentatie is in handen van Sarita Bajnath, van het AT5-boekenprogramma ‘Leesoffensief’.
Meer over ‘10de Caraïbische Letterendag’
Meer over ‘Dat wij zongen’

«Een boek dat moed geeft.» – Sheila Sitalsing

Over ‘Kollektieve schuld’ van Edgar Cairo op One World, 26 augustus 2022:
Eenentwintig jaar geleden stierf de grote Surinaamse schrijver Edgar Cairo alleen in zijn huis in Amsterdam. Niet de opbeurendste openingszin voor een lekkere zomerleeslijst, maar dit is misschien al beter: wat is zijn ‘Kollektieve schuld’ toch een fijn boek om de zomer mee door te komen. Deze klassieker uit 1976 vertelt over een kleurrijke Surinaamse familie die bijeenkomt voor een winti-prei (een reinigend ritueel uit de afro-Surinaamse winti-religie, dat altijd als ‘afgoderij’ verboden was geweest door kerk en koloniaal bestuur). Er is het hoofd van de familie Ma Marjan, er is Tante Lien die alles organiseert, er zijn Rudi en zijn bakra-vrouw uit Holland, er is dronken Oom, er zijn neven en nichten en er zijn yorka’s (geesten). Allemaal hopen ze op de winti-prei van vervloekingen en ongemakken uit het verleden af te komen. (…) Ook vijftig jaar later past de roman naadloos in een tijd waarin een nieuwe generatie migrantenkinderen haar rechtmatige plek opeist en haar stem verheft. Op aanstekelijke en overtuigende wijze laat Cairo zien hoe je dat doet: je eigen stem laten klinken. En hoe je kalmpjes om de erfenis van het kolonialisme heen werkt en je eigen cultuur en identiteit viert. Hij gebruikt de taal van de kolonisator, injecteert die met Sranantongo, Surinaams-Nederlands en zijn eigen woorden, en creëert zo een geheel eigen taal. (…)
Lees hier het signalement
Meer over ‘Kollektieve schuld’
Meer over Edgar Cairo bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer van Sheila Sitalsing op deze site

«Een schot in de roos.» – André Oijen

VoorplatLoslaten-75Over ‘Loslaten zullen ze nooit meer’ van Marius Atmoredjo op Ansiel, 6 augustus 2022:
(…) Persoonlijk ben ik altijd heel erg geïnteresseerd geweest in Surinaamse literatuur in het bijzonder die van Astrid H. Roemer, Albert Helman, Cola Debrot, en Edgar Cairo. Sinds kort is daar nog een grote favoriet bijgekomen namelijk Marius Atmoredjo. Zijn debuutbundel ‘Loslaten zullen ze nooit meer’, geïnspireerd door de verhalen van zes generaties Javanen in diaspora was meteen een schot in de roos. Die verhalen beginnen bij de tewerkstelling van de overgrootmoeder van de dichter, wanneer zij als contractarbeider vanuit Java in Suriname aankomt en gaan daarna over haar kinderen en kleinkinderen die in Suriname en Nederland wonen. De moeder van de dichter, Marie Atmoredjo, vertelde haar kinderen die verhalen in de avonduren voor het slapen gaan. Zij hebben in sterke mate de verbeeldingskracht van de dichter gevormd. De dichter weeft van al die verhalen een prachtig geheel. Beeld voor beeld reizen wij mee vanaf het verblijf in de buitengebieden tot de aankomst in Nederland. Atmoredjo laat zien hoe opgroeien in een levende verhalentraditie prachtige poëzie kan opleveren. De kunstenaar Robert Bosari voorzag elk van de twintig gedichten van een fraaie tekening in zwart-wit en dat maakt van deze bundel een unicum.
Lees hier de recensie
Meer over Marius Atmoredjo bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Marius Atmoeedjo op Caraïbisch Uitzicht

Album van de Caraïbische poëzie

AlbumCaribischePoezieOp 23 april 2022 verschijnt bij Uitgeverij Rubinstein ‘Album van de Caraïbische poëzie’, samengesteld door Michiel van Kempen en Bert Paasman, met medewerking van Noraly Beyer. Op die dag vindt in de OBA een programma plaats rond het uitkomen van dit boek. De trans-Atlantische relatie tussen Suriname, de Antillen en Nederland is meer dan vier eeuwen oud en beide zijden zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden geraakt door het slavernijverleden, migratie en culturele uitwisseling. Een complexe relatie die nergens zo goed wordt weerspiegeld als in de literatuur, en dan in het bijzonder de poëzie. In twaalf hoofdstukken wordt de lezer langs de rijkdom en de veelkleurigheid van de Caraïbische poëzie geleid. De samenstellers kozen een toegankelijke selectie van gedichten, versjes en liedjes, van de vroegste matrozenliedjes tot de jongste teksten van rappers. Vanzelfsprekend komt u in deze bloemlezing tal van dichters tegen die publiceerden bij Uitgeverij In de Knipscheer, onder wie: Frank Martinus Arion, Trefossa, Michaël Slory, Aletta Beaujon, Albert Helman, Edgar Cairo, Pierre Lauffer, Tip Marugg, Bea Vianen, Jit Narain, Elis Juliana, Shrinivási, Henry Habibe, Boeli van Leeuwen, Giselle Ecury, Scott Rollins, Marius Atmoredjo, Bernardo Ashetu, Aart G. Broek, Luis Daal, R.Dobru, Nydia Ecury, Carel de Haseth, Karin Lachmising, Diana Lebacs, Jojn Leefmans, Clyde R. Lo-A-Njoe, Raj Mohan, Quito Nicolaas, Olga Orman, Walter Palm, Hugo Pos, Astrid H. Roemer, Hans Vaders, Hilda de Windt Ayoubi.
Meer over het programma
Dit programma is ook online te volgen via deze LINK en later terug te zien op YouTube.
Nog meer Caraïbische dichters die bij In de Knipscheer verschenen vindt u terug in de bloemlezingen ‘Grenzenloos’, ‘Vaar naar de vuurtoren’, ‘De navelstreng van mijn taal’ en ‘Wie ik ben / Ta ken mi ta’
In 2014 verscheen bij Uitgeverij Rubinstein ‘Album van de Indische poëzie’, samengesteld door Peter Zonneveld en Bert Paasman, met o.a. werk van Marion Bloem en Ernst Jansz.

«Essays on Dutch colonial classics, some well known, others hidden gems — I discovered Frans Lopulalan’s ‘Onder de sneeuw een Indisch graf ‘.» – Rosemarijn Hoefte

VoorplatSneeuw-75Over ‘Onder de sneeuw een Indisch graf’ van Frans Lopulalan in New West Indian Guide [nr.96], april 2022:
(…) ‘De nieuwe koloniale leeslijst’, edited by Rasit Elibol (Amsterdam: Das Mag, 2021, paper €21.99), consists of 22 essays by established authors, poets, and critics on how to (re)read, (re)discover, and rethink Dutch colonial classics. Some are well known, such as ‘Max Havelaar’ by Multatuli, others may be hidden gems—I discovered Frans Lopulalan’s ‘Onder de sneeuw een Indisch graf ‘ (1986) on Moluccan experiences in the Netherlands. Ten chapters cover nine novels and one volume of poetry on the Caribbean published between 1931 and 2018: ‘De Stille plantage’ by Albert Helman (Xandra Schutte), ‘Mijn zuster de n[egerin]’ by Cola Debrot (Stephan Sanders), ‘Sarnami, hai’ by Bea Vianen (Warda El-Kaddouri), ‘Dubbelspel’ by Frank Martinus Arion (Kees ’t Hart), ‘Kollektieve schuld’ by Edgar Cairo (Rasit Elibol), ‘Over de gekte van een vrouw’ by Astrid [H] Roemer (Basje Boer), ‘Schilden van leem’ by Boeli van Leeuwen (Yra van Dijk), ‘De morgen loeit weer aan’ by Tip Marugg (Michiel van Kempen), ‘Badal’ by Anil Ramdas (Manon Uphoff), and ‘Habitus ‘by Radna Fabias (Alfred Schaffer). Despite the (deliberately?) awkward title, this is a rewarding read.
Bron
Meer over ‘Onder de sneeuw een Indisch graf’
Meer over ‘De nieuwe koloniale leeslijst’ op deze site
Meer over Albert Helman bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Bea Vianen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Edgar Cairo bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Astrid H. Roemer bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer