‘De schijn van onbevlekt’ van Edwin de Groot op Laurens Jz Coster

VoorplatGrootNeus-75Uit ‘Neus tegen het glas’ van Edwin de Groot op Laurens Jz. Coster, 5 oktober 2022:
Redacteur Raymond Noë maakt voor het blog Laurens Jz. Coster elke werkdag een keuze uit een poëziebundel van een Nederlandstalig dichter. ‘Dichter van de dag’ is op deze 5de oktober 2022 Edwin de Groot (1963) van wie onlangs zijn tweede Nederlandstalige bundel ‘Neus tegen het glas’ verscheen bij Uitgeverij In de Knipscheer. Zijn keuze is dit keer ingegeven door ‘Week van het Nederland’. Het door Noë gekozen gedicht ‘De schijn van onbevlekt’ is vandaag ook geplaatst op Neerlandistiek.nl.
Bron

De schijn van onbevlekt

ik herinner mij nog dat de postbode afscheid nam van zijn gleuf
hij kreeg er een inwerp-opening voor terug
de post lag niet anders op de mat

dat ik werkte met, ik zei mongooltjes, voor de drumband uit
ik liet ze, ik moest me ongelogen doodschamen en toen
werd kreupel rechtgezet met minder valide

bouwvallig ook, schiet me nu te binnen, het gebruik van rijm in een gedicht
negerzoen een woord dat absoluut nooit meer gesproken mag
een kaarsje branden voor de slaven, dat zeker wel
en zingen wat God’s liefde wel niet vermag

en voor elk gebroken beeld een nieuw beeld boetseren
met rechtschapen edel gezicht
tot het weer donker wordt
en weer licht
en donker
licht

«Er spreekt een grote liefde voor de natuur uit. Maar er is meer. » – Ivan Sacharov

VoorplatGrootNeus-75Over ‘Neus tegen het glas’ van Edwin de Groot op Meander Magazine, 9 september 2022:
De titel – eerst wat bevreemdend – vindt voor mijn gevoel pas echt aansluiting bij het gedicht ‘En zo gingen de slaven’ in de laatste strofe. De kleine koolwitjes, die zo (tegen hun wil?) door de wind meedogenloos worden meegevoerd naar onbegrepen rotsen. (…) Er spreekt een grote liefde voor de natuur uit. (…) Het water, de wind en de zee zijn de eigenlijke hoofdrolspelers in deze gedichten. Typisch Nederlandse, ‘Friese’ elementen, zou ik zeggen, gekruid met een actueel thema. Maar er is meer. Een kant die mogelijk onbelicht blijft als we ons door de waan van de dag laten leiden. (…) Volgens mij zit ook een metafysisch randje aan sommige van deze gedichten. Wat nooit kwaad kan: het is altijd bevredigend om in het individuele het universele te vinden! (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Neus tegen het glas’
Meer over Edwin de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Miniatuurtjes met behoefte aan ‘verhaal’. Verfijnd humoristisch, associatief.» – Wijnand Steemers

VoorplatGrootNeus-75Over ‘Neus tegen het glas’ van Edwin de Groot voor NBD/Biblion, 27 juli 2022:
Tweede Nederlandstalige bundel van Friese dichter. Speelt beide talen tegen elkaar uit, tot remise. Zeven afdelingen met programmatisch gedicht ‘Aanraken’ als voorafje: dichter taalt naar ‘barmhartige afloop’; smart en kommer in binnen- en buitenwereld worden ‘invoelbaar herkenbaar’, met de ‘neus tegen het glas’, ‘geruststellend/als je hem aan kunt raken’, zonder behoefte aan een onbevlekte wereld. Miniatuurtjes met behoefte aan ‘verhaal’, in rijm mijdende dichtvormen ‘om in te kunnen wonen’. Verfijnd humoristisch, associatief. In conversatie met de door technologie bedreigde natuur. Linkt o.a. naar Aristoteles’ Ethica, Hafez, Ettore Majorana, en naar het universum, in contrast én verbinding met thema ‘thuis’. Affiniteit met wandelartiest Hamish Fulton, e.a. Kauwt niet voor, daarom soms cryptisch suggestief, wat tot herlezen noopt. Lichte en duistere facetten aan eigen persoon, natuur en wereld ontbreken niet. Inzichten in vergankelijkheid, retrospectie of identificatie: ‘als je een konijn eet ben je ook een konijn’. Ook als vijfde Friestalige titel door de Friese pers positief beoordeeld.
Bron
Meer over ‘Neus tegen het glas’
Meer over Edwin de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

Gedichten uit ‘Neus tegen het glas’ van Edwin de Groot op Laurens Jz Coster

VoorplatGrootNeus-75Uit ‘Neus tegen het glas’ van Edwin de Groot op Laurens Jz. Coster, 4 juli 2022:
Redacteur Raymond Noë maakt voor het blog Laurens Jz. Coster elke werkdag een keuze uit een poëziebundel van een Nederlandstalig dichter. ‘Dichter van de dag’ is op deze 4de juli 2022 Edwin de Groot (1963) van wie onlangs zijn tweede Nederlandstalige bundel ‘Neus tegen het glas’ verscheen bij Uitgeverij In de Knipscheer. De door Noë gekozen gedichten ‘En fiets je zo onvoorzien door je oude buurt’ en ‘Algoritmen en brain freeze’ zijn vandaag ook geplaatst op Neerlandistiek.nl.

En fiets je zo onvoorzien door je oude buurt

naar mijn jeugd reisde ik af
door toeval (?) en zo op de plek
waar talrijke knieën werden geschaafd
schatten gezocht, verdedigd en hard geleerd

berenklauw moet je absoluut afblijven
gestolen appels smaken naar angst en zweet
en als je een konijn ziet ben je zelf ook een konijn

nu rubber tegels onder het klimrek
kleurige buizen met zachte plastic hoeken
en nieuwe mensen op de stoepen, de huizen
de deuren nog als toen, al zal er fors gestorven zijn

terwijl ik de parelmoeren schelpen zocht
in glanzende algoritmen en
gladweg de tijd vergeten

••

Algoritmen en brain freeze

ja toen, toen kwam de ommezwaai
het is lastig te zeggen achteraf, er was geen knal
maar zeg over een honderd jaar even terugkijken lijkt me aardig

zo van, weet je nog, van die oogverblindende tijd
met in drieën gedeelde jongleurs als volleerde scheppers
van gewenste gedachten en alles, dachten we, was gratis

Meer over ‘Neus tegen het glas’
Meer over Edwin de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer gedichten van In de Knipscheer-auteurs op Laurens Jz Coster

Edwin de Groot – Neus tegen het glas. Gedichten

VoorplatGrootNeus-75Edwin de Groot
Neus tegen het glas

gedichten
Nederland, Friesland
gebrocheerd in omslag met flappen,
royaal formaat 17 x 20 cm
92 blz., € 18,50
ISBN 978-94-93214-73-6
eerste uitgave juni 2022

Neus tegen het glas is de tweede Nederlandstalige bundel van de Friese dichter Edwin de Groot . Over ‘Neus tegen het glas’ schreef Arjan Hut in het Friesch Dagblad: “bij vlagen overweldigend” en “de dichter laat zien hoe poëzie cultuur- en tijdoverstijgend kan zijn”. En de Leeuwarder Courant schreef: “dwars en ontregelend”, “niet altijd gehoorzamend aan de grammatica” en “daagt de lezer uit”.

Edwin de Groot (1963) debuteerde in 2018 bij Uitgeverij In de Knipscheer met ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’. Bij uitgeverij Afûk in Leeuwarden verscheen deze bundel als zijn vijfde Friestalige titel. De dichter opereert in twee talen, speelt ze tegen elkaar uit en dat de beste moge winnen, elk heeft zijn eigenheid, maar het loopt vaak, eigenlijk altijd, op een remise uit. Edwin de Groot is redacteur van het het (online)tijdschrift ensafh en won in het Friese taalgebied diverse prijzen met zijn poëzie. Hij is tevens actief in het Friese Dichterscollectief RIXT dat een brug probeert te slaan tussen poëzie en de wereld er omheen.

De pers over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’:

«IJzig mooie verzen en ook nu weer vormen natuur en vergankelijkheid de voornaamste thema’s. Verwacht een natuurmens die zichzelf en de wereld om hem heen in beproefde lyriek, en zo nu en dan op begaafde wijze, gestalte geeft.» – Ton van ’t Hof op Dingen & structuur

«Het Nederlandstalige poëziedebuut van de Friese dichter Edwin de Groot biedt mooie, inhoudelijke en krachtige poëzie. De dichter neemt zijn lezer mee in een diversiteit van poëzie waar zowel het aardse als het bovenaardse in beeldspraken en stevige taal naar voren komt.» – André Oyen op Ansiel

«Poëziedebuut [van Friese dichter] in het Nederlands. Roept zonder mooischrijverij een wereld op van plattelandsleven met baggeraars, turfstekers, vissers, kerkklokken, observaties van vogels, zelfs wielrennen.» – Wijnand Steemers voor NBD / Biblion

«Een authentiek geluid in beeldend Nederlands: aardse poëzie van grote kracht, mede door de soms heel bijzondere woordkeus, vaak met neologismen die eveneens iets authentieks hebben. De bundel getuigt ook van de hoge kwaliteit van de Friese poëzie, een bijzonder stukje literatuur in ons Nederlandse taalgebied. Alleen daarom al is deze ‘cross over’ van belang. Van harte aanbevolen.» – Hans Franse op Meander Magazine

Meer over Edwin de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

“Zin om te schrijven.” Koos van den Kerkhof onverwacht overleden.

koos_van_den_kerkhof_bew_kl_2Deze zondag vernam ik dat in de nacht van zaterdag op zondag 14 november 2021 dichter en redacteur Koos van den Kerkhof (11 april 1946) onverwacht is overleden aan een gescheurde aorta. Als dichter debuteerde hij in 1978 bij de toenmalige Limburgse uitgeverij Corrie Zelen. Vanaf die tijd zit zijn naam in mijn geheugen, vanwege de samenwerking die Uitgeverij Corrie Zelen, de Rotterdamse uitgeverij Flamboyant/P en Uitgeverij In de Knipscheer in die jaren hadden op het gebied van vertegenwoordiging van hun fondsen naar de boekhandel toe. Pas in 2000 kwam het tussen hem in zijn hoedanigheid van redacteur en de uitgeverij tot een sindsdien ononderbroken samenwerking. De debuutroman De bruine zeemeermin van de toen in Paramaribo woonachtige auteur Annel de Noré was het eerste boek dat hij, al actief als schrijfdocent, voor In de Knipscheer redigeerde. Hij had antropologie gestudeerd en die gevormde belangstelling voor andere culturen gecombineerd met zijn dichterstalent voor taal maakte dat hij fascinatie had voor het schrijven van Surinaamse en Antilliaanse auteurs. Hij was begin deze eeuw een aantal jaar stadsdichter van Venlo; een aantal van die stadsgedichten is opgenomen in de bundel Oud zink, die in 2008 bij Uitgeverij In de Knipscheer verscheen. Enkele jaren later was hij gastdocent aan de Schrijversvakschool Paramaribo van Ruth San A Jong. Zijn laatste boek waaraan hij voor de uitgeverij werkte betrof de samenstelling en bezorging van een bloemlezing uit het poëtisch werk van Astrid H. Roemer Ik ga strijden moeder, die op het punt van verschijnen staat. Koos heeft de presentexemplaren nog net kunnen bewonderen. Onze laatste e-mailwisseling dateerde van een paar uur voor zijn overlijden:

Beste Franc, (…) Ik vond de kussenenvelop met twee exemplaren van Ik zal strijden moeder op de deurmat. Dank daarvoor. Mooi omslag met de handen, bijzonder mooie kleur ook. Ik heb met plezier en overgave aan de selectie gewerkt en het essay en de verantwoording geschreven. Het was een stimulerende opdracht. Ik kreeg erdoor zin om te schrijven. (…) Niets bepaalt wat ik schrijf dan mijn eigen verhaal en dat verhaal verandert steeds zoals alle deeltjes in mijn lichaam. Onlangs schreef ik onverwacht twee eerste versies van gedichten. Afbeeldingen van het werk van de Amerikaanse schilder Joan Mitchell brachten me ertoe terug te keren naar technieken die ik al vaker heb toegepast. (…). En ik mailde om 19:38 terug: Dag Koos, Ik hoop dat ze zullen leiden tot een bundel. Het is de tragiek van de redacteur: werk van anderen gaat voor.

Die anderen zullen hem dankbaar zijn: Barney Agerbeek, Peter Andriesse, Orchida Bachnoe, Alfred Birney, Eric de Brabander, Cándani [Yasmine Amores], Aly Freije, Els de Groen, Edwin de Groot, E. de Haan, Jopi Hart, Hans van Hartevelt, Elodie Heloise, Hanneke van der Hoeven, Hein van der Hoeven, Ernst Jansz, Mala Kishoendajal, Roni Klinkhamer, Helen Knopper, Frank Kraaijeveld, Karin Lachmising, Els Launspach, Diana Lebacs, Joan Leslie, Clyde R. Lo A Njoe, Ronny Lobo, Djordje Matic, Arjen van Meijgaard, Henriette de Mezquita, Quito Nicolaas, Annel de Noré, Frank Ong-Alok, Fred Papenhove, Glenn Pennock, Hans Plomp, Ton van Reen, Astrid H. Roemer, Arjen Sevenster, Brigitte Spiegeler, JP den Tex, Jacques Thönissen, Diana Tjin, Edith Tulp, Hans Vaders, Etchica Voorn, Bert Vuijsje, Karel Wasch, Rogi Wieg, Kristien De Wolf en de velen die ik zonder twijfel nu vergeet.

franc knipscheer
Haarlem, 14 november 2021

Meer over Koos van den Kerkhof bij Uitgeverij In de Knipscheer

In de Knipscheer-dichters in Hollands Maandblad

HollandsMaandblad2021-6In het jongste nummer van Hollands Maandblad (2021 6/7) is nieuw werk opgenomen van Fred Papenhove en Edwin de Groot. Fred Papenhove (1956) ontving in 2009 de Halewijnprijs voor de bundel ‘De hemel is vol zwaluwen’. Hij werkt gestaag en standvastig aan een nieuwe, zesde dichtbundel. Zijn vijfde bundel, ‘Rechte paden doen ons niets’, verscheen in 2015 bij Uitgeverij In de Knipscheer. Edwin de Groot (1963) publiceert regelmatig in het Fries. Zijn Nederlandstalige bundel ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ kwam in 2018 uit bij Uitgeverij In de Knipscheer.
Hollands Maandblad (sinds 1959) is een uitgave van Stichting Hollands Maandblad.
Meer over de inhoud van Hollands Maandblad 2021 6/7
Meer over Fred Papenhove bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Edwin de Groot bij Uitgeverij in de Knipscheer

«IJzig mooie verzen.» – Ton van ’t Hof

Opmaak 1Over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ van Edwin de Groot op Dingen & structuur, 29 juli 2018:
Ik heb de afgelopen dagen ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ van Edwin de Groot gelezen. (…) Mijn korte recensie over zijn eerder uit het Fries naar het Nederlands overgebrachte derde bundel eindigde destijds als volgt: ‘De Groots Nederlandstalige debuut is buiten Friesland vrijwel onopgemerkt gebleven. Wat maar één ding betekenen kan: zijn bundel is niet door recensenten gelezen, want anders zouden er loftrompetten zijn gestoken en hadden meer mensen van deze prachtige aardse poëzie kennis kunnen nemen. Edwin de Groot bezit de gave.’ Ook in ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ staan weer enkele ijzig mooie verzen en ook nu weer vormen natuur en vergankelijkheid de voornaamste thema’s. (…) Verwacht (…) een natuurmens die zichzelf en de wereld om hem heen in beproefde lyriek, en zo nu en dan op begaafde wijze, gestalte geeft. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’

«Mooie, inhoudelijke en krachtige poëzie.» – André Oyen

Opmaak 1Over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ van Edwin de Groot op Ansiel, 17 juli 2018:
(…) ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ is het Nederlandstalige poëziedebuut van de Friese dichter Edwin de Groot. Het is mooie, inhoudelijke en krachtige poëzie. Persoonlijk vind ik deze bundel een hele warme ode aan Friesland, zijn bevolking en zijn taal. De dichter presenteert zich uitdrukkelijk als bewoner van Friesland, en in zijn taalgebruik zit een grote hang naar een dierbare identiteit. Ook al verwijst inhoudelijk veel naar Friesland, toch verkent de dichter ook andere oorden zoals de Ardennen, en de Alpe d’Huez. Zijn gedichten zijn mijmerend en filosofisch, en brengt ook een waardige hommage aan Emily Dickinson. De dichter neemt zijn lezer mee in een diversiteit van poëzie waar zowel het aardse als het bovenaardse in beeldspraken en stevige taal naar voren komt.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’

«Roept zonder mooischrijverij een wereld op van plattelandsleven.» – Wijnand Steemers

Opmaak 1Over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’ van Edwin de Groot voor NBD / Biblion, 5 juli 2018:
(…) Poëziedebuut [van Friese dichter] in het Nederlands. Titelgedicht biedt een mise-en-scène van haven, polder en uitzicht op zee (zie de strandgrot op omslag). Zes afdelingen, waarvan de eerste een vierluik. De eeuwige terugkeer van leven en sterven van mens en dier in de natuur – met name het veenlandschap – eist continu thematische ruimte op, waartegen de ‘ongelovige’ dichter taal en herinneringen inzet en poëtisch bezweert: ‘openbaring mankeert’. Citaten uit werk van Lowry, Dante, Dickinson e.a. zijn met een YouTube video-link aangegeven. Roept zonder mooischrijverij een wereld op van plattelandsleven met baggeraars, turfstekers, vissers, kerkklokken, observaties van vogels, zelfs wielrennen (Huez). (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Zelfs een Tibetaan belandt uiteindelijk in zee’