Eriek Verpale (63) overleden

Eriek VerpaleFoto J. van de Berghe
Over Eriek Verpale door Jef van Gool op Literatuurplein, 10 augustus 2015:
De vanmorgen in zijn woning dood aangetroffen Eriek Verpale werd als Eric Verpaele in 1952 geboren in Zelzate. Tussen 1975 en 1981 publiceerde hij drie dichtbundels: Polder- en andere gedichten (1975), Voor een simpel ogenblik maar (1976) en Op de trappen van Algiers (1980). In die laatste bundel beschreef hij in een dertigtal gedichten ‘de troost van het verlies’. Zijn vriend en kunstbroeder Luuk Gruwez, met wie hij in 1992 Onder vier ogen: Siamees dagboek schreef, koos het beste uit de dichtbundels en bracht het samen in de bundel Nachten van Beiroet (1994). De ontoereikendheid van al ons streven, het gemis en de liefde zijn kernwoorden in deze vroege gedichten. (…) Een meisje uit Odessa was in 1979 het eerste prozaboek van Verpale. Het bestaat uit 27, deels erg korte verhalen en een lange novelle. De bundel getuigt van de voorliefde die de door zijn uit Litouwen afkomstige Joodse overgrootmoeder opgevoede schrijver koesterde voor de Jiddische literatuur en van zijn grote kennis op dat vlak. De situering van de verhalen roept reminiscenties op aan het feodale Rusland uit de negentiende eeuw en het Tsjechië van Kafka. In de traditie van Joodse auteurs als Kafka en Isaak Babel heeft Verpale bij het optekenen van de impressies, dromen en sfeertekeningen in de verhalen veel oningevuld gelaten: gezichten zijn witte vlekken, locaties blijven ongenoemd.
Lees hier ‘Eriek Verpale overleden’ door Jef van Gool
Meer over Eriek Verpale bij Uitgeverij In de Knipscheer

Eriek Verpale – Een meisje uit Odessa. Verhalen

90-6265-029-5-75Eriek Verpale
Een meisje uit Odessa. Verhalen

België
Paperback, 128 blz., € 13,50
Eerste druk 1979
ISBN 90-6265-029-5
Rechtstreeks bij uitgever

De Vlaamse auteur Eriek Verpale werd geboren in 1952 in Zelzate. Hij studeerde een tijdlang Slavistiek en is een kenner (en vertaler) van de Jiddisje literatuur – twee gegevens waarvan in Een meisje uit Odessa, zijn prozadebuut, de sporen terug te vinden zijn. Zelf noemt hij als zijn inspiratoren o.m. Franz Kafka, Isaak Babel, Josef Hen en Bruno Schulz, maar ook bij voorbeeld de ‘Chassidische Vertellingen’ van Martin Buber.
Een meisje uit Odessa bevat één novelle en zevenentwintig, vaak zeer korte, verhalen een genre dat in de Vlaamse literatuur in het geheel niet, en in de Nederlandse nauwelijks beoefend wordt. Verpale roept in zijn proza een geheel eigen wereld op, die hij – met weglating van voorgeschiedenis en decor, van ruimtelijke situering en tijdsbepaling – door een groot, beeldend gevoel voor sfeer (wantrouwen, angst, onrust) en een zeer secure vormgeving pijnlijk herkenbaar weet te maken. Zelf zegt hij: ‘Mijn schrijven is eigenlijk niets anders dan een poging de onrust in zo veilig mogelijke banen te leiden.’

Eriek Verpale was mede-hoofdredacteur van het literaire tijdschrift Koebel, dat in 1975 onder de titel De Rabbi een speciale aflevering aan zijn verhalen wijdde. Behalve in Koebel verschenen verhalen uit Een meisje uit Odessa in o.m. Restant, Yang, Dietsche Warande & Belfort, Literair Akkoord en Nieuw Vlaams Tijdschrift. Verpale won twee keer de Ontmoetingsprijs van de Stichting Literaire Dagen in Eindhoven (in 1970 en 1972) en heeft twee dichtbundels gepubliceerd (Polder & Andere gedichten, Van Hyfte, 1975, en Voor een simpel ogenblik maar, Yang Poëzie Reeks, 1976).
Meer over Eriek Verpale