«Getuigenissen van verwoeste levens, schrijnend in hun eenvoud.» – Fred de Haas

Omslag_Buitenbeentjes_HR.inddOver ‘Buitenbeentjes’ van Janny de Heer n.a.v. presentatie tijdens The Twain Shall Meet, 20 september 2017:
(…) In haar boek laat de auteur een tiental verhalen de revue passeren van individuen en families die op een of andere wijze aan het eind van de Tweede Wereldoorlog vastzaten in ‘Indië’. Die mensen waren blanke Nederlanders of Nederlanders van gemengd bloed, de zogenaamde ‘Indo’s, een oneerbiedig woord, maar niet als zodanig gevoeld in die tijd. Ze hadden tijdens de oorlog vaak onder erbarmelijke omstandigheden vastgezeten in de ‘Jappenkampen’ en, als ze geluk hadden, hun gevangenschap in geestelijk en lichamelijk gehavende toestand overleefd. Na hun verblijf in Japanse gevangenschap riskeerden zij de dodelijke wraak van Indonesische nationalisten die het met geslepen bamboesperen voorzien hadden op de koloniale overheersers uit Nederland en hun ‘meelopers’ die nu beschermd moesten worden door de Japanners, de voormalige vijand die zich aan de geallieerden had moeten overgeven. Wie geluk had kon met veel moeite het voor hen eens zo idyllische Indië verlaten door op een boot naar Nederland te stappen om daar vervolgens ontredderd aan te komen, al of niet overgeleverd aan de genade van familie en vrienden. Hun verhalen, getuigenissen van verwoeste levens, zijn schrijnend in hun eenvoud. Die eenvoud en directheid worden ook weerspiegeld door de schrijftrant van de auteur die niet heeft geprobeerd om het ‘mooier’ te maken door er een pseudo-literair tintje aan te geven. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Buitenbeentjes’
Meer over Janny de Heer bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Fred de Haas op deze site
Meer over The Twain Shall Meet op 3 september 2017 in Podium Mozaïek

Het waarom van ‘Schaduwvrouw’

VoorplatSchaduwvrouw_Opmaak 1.qxdOver ‘Schaduwvrouw’ van Margarita Molina in Antilliaans Dagblad, 12 september 2017:
Tijdens de gecombineerde boekpresentatie ‘The Twain Shall Meet’ van Uitgeverij In de Knipscheer op 3 september jl. in Podium Mozaïek, bracht Margarita Molina een hartstochtelijke apologie van haar roman ‘Schaduwvrouw’, het relaas van haar liefdesrelatie met de dichter Elis Juliana. De presentatie werd onverwacht onderbroken door de overhandiging van een cadeau van de auteurs aan de uitgevers, vanwege het 40-jarig bestaan van de uitgeverij in 2016, namelijk een compleet verzorgde reis naar Suriname. Fred de Haas was aanwezig en schrijft het volgende commentaar op het feestelijk samenzijn: «Al zegt ‘goud’ me helemaal niets: ik had die middag voor geen goud willen missen. Een staande ovatie voor Franc en zijn uitgeverij. Een mooie fotoreportage door Michiel van Kempen, initiator van het geschenk voor Franc en Anja: een reis naar Suriname. Goede, humane interviews door Peter de Rijk. Jopi Hart hield een excellente toespraak. Aart Broek was mild over het ‘voortschrijdend inzicht’ ten aanzien van Zwarte Piet. Clyde Lo A Njoe zwierde met de Schaduwvrouw die wat meer uit de schaduw kwam. Jos de Roo liet de geest van Boeli over de wateren zweven en we zagen dat het goed was.»
Klik hier voor de krantpagina’s met foto’s van Michiel van Kempen
Meer over ‘Schaduwvrouw’
Meer over ‘The Twain Shall Meet’

«Mooie poëzie.» – Ezra de Haan

VoorplatNicolaas75Over ‘Als de aloë sluimert’ van Quito Nicolaas in Antilliaans Dagblad, 6 juni 2016:
(…) Quito Nicolaas refereert in het gedicht ‘Golven’ naar zijn jeugd op Aruba, de aankomst in Nederland en de Caribische gewoonte om de navelstreng na de geboorte van een kind te begraven. Daarmee is het een heel persoonlijk gedicht dat menig Antilliaan zal aanspreken. Tegelijkertijd is dit een gedicht dat mij nu, en het gedicht werd in 1995 geschreven, sterk doet denken aan al die vluchtelingen die per boot naar het westen zijn gevlucht. (…) Daarmee reikt dit gedicht van Nicolaas verder dan zijn eigen verhaal. Hij heeft het daarvan losgezongen en tot een gedicht voor velen gemaakt. Regelmatig stelt Nicolaas iets aan de kaak of wordt zijn mening, ook als die in mooie poëzie is verpakt, aan de lezer duidelijk gemaakt. Zijn gedicht ‘Afro-Arubaan’ windt er ook geen doekjes om. Het gaat hem in dit gedicht om de migrant en de discriminatie die hij op Aruba ervaart. (…) Het gedicht ‘Afro-Arubaan’ is bijtend van toon en je merkt dat de dichter bij het schrijven ervan woedend maar ook moedeloos was.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Als de aloë sluimert’

«Dichterlijke ode aan jarig Aruba.» – Otti Thomas

VoorplatDoorwaaiwoning72Over ‘Doorwaaiwoning’ van Olga Orman in Ñapa (Amigoe), 2 april 2016:
Een selectie gedichten van Olga Orman is vertaald door Fred de Haas. Het geeft mensen die het Papiaments niet machtig zijn een inkijk de strijd voor zelfbestuur en vaderlandsliefde. Olga Orman schreef de 28 gedichten in de periode 1981 tot 2014. (…) Het gedicht Bewust gaat duidelijk over de kolonisatie van de Nederlandse Antillen. (…) En vervolgens over de dekolonisatie. (…) Een terugkerend onderwerp in het werk van Orman is het Papiaments. ‘Geitje toch! Niet “achter terug”, maar “terug” of “ga naar achter”. Eerste les in mijn moedertaal, mijn eerste stap naar later,’ aldus de laatste regels van het gedicht De liefde voor mijn taal uit 1981. Dertig jaar later schreef ze Mijn verhaal over de moeizame ontwikkeling van het Papiaments. ‘Ik was een ruwe diamant: hoe meer slaag mijn sprekers kregen, hoe meer ik op de drie eilanden begon te glanzen.’ (…) Vaak is de vertaling erg raak.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Doorwaaiwoning’

«De liefde voor Aruba werkt aanstekelijk.» – Otti Thomas

VoorplatNicolaas75Over ‘Als de aloë sluimert’ van Quito Nicolaas in Ñapa (Amigoe), 2 april 2016:
Een groot deel van de 42 gedichten houdt verband met de Arubaanse strijd voor zelfbestuur. Een pijnlijke strijd, zoals bijvoorbeeld blijkt uit Het Jaar van de Maan, waarin Nicolaas de gevoelens van Aruba jegens Curaçao verwoordt. (…) Nicolaas is blij met de zelfstandigheid van Aruba, schrijft hij in Verlangen. (…) Tegelijkertijd vindt hij dat er nog veel is om voor te vechten. ‘Mijn Land, je kinderen roepen je op al die barricades, uit een ivoren toren die in Palo Marga werd geboren,’ constateert hij in Natievorming. Met name bij dergelijke gedichten is de uitgebreide uitleg van vertaler Fred de Haas een welkome toevoeging. Nicolaas maakt veelvuldig gebruik van termen, waar een hele geschiedenis aan vast zit. De ivoren toren en Palo Marga verwijzen naar de protesten tegen de plannen voor een dragrace circuit, die uiteindelijk resulteerden in de val van de eerste regering na de status aparte, legt De Haas uit in een voetnoot. Nicolaas schrijft ook over andere ontwikkelingen. Afro-Arubaan gaat bijvoorbeeld over migranten, die ondanks hun belangrijke bijdrage aan de opbouw van Aruba gediscrimineerd worden.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Als de aloë sluimert’

«De rijkdom van deze dichtbundel komt volledig tot zijn recht.» – Ezra de Haan

VoorplatNicolaas75Over ‘Als de aloë sluimert / Cucuisa cabisha’ van Quito Nicolaas op Literatuurplein, 2 maart 2016:
Met ‘Als de aloë sluimert is een belangrijk deel van de poëzie van Quito Nicolaas eindelijk in vertaling verkrijgbaar. Het levert een gedichtenbundel die meer inzicht geeft in de geschiedenis van en het leven op Aruba dan menig dikke roman zou kunnen bewerkstelligen. (…) De voorbeeldige vertaling, het uitgebreide voorwoord en het notenapparaat van Fred de Haas, en ook de uitleg met betrekking tot de schrijfwijzen van het Antilliaans zorgen ervoor dat de rijkdom van deze dichtbundel volledig tot zijn recht komt. Ook voor de niet-Papiamentstalige Nederlander. De gedichten van Quito Nicolaas kenmerken zich door hun toon. De dichter legt niets uit, let vooral op de schoonheid van de taal en verwacht dat de lezer begrijpt wat hij tussen de regels door vertelt. Waar een dichter als Walter Palm het regelmatig van de alliteratie moet hebben, kiest Nicolaas, in de originele Papiamentstalige gedichten deels voor het eindrijm, maar nog vaker voor de woorden zelf en de beelden die ze oproepen. Een gedicht als ‘Golven’, uit de afdeling ‘Creolisering’ in deze bundel, wordt ook echt door golven gedragen. Steeds weer komt de tekst in beweging door de gedachten die Nicolaas er aan toevoegt. Als water dat golft, omslaat, terugstroomt.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Als de aloë sluimert / Cucuisa cabisha’

«Een sterke tweetalige bundel.» – André Oyen

VoorplatNicolaas75Over ‘Als de aloë sluimert / Cucuisa cabisha’ van Quito Nicolaas op Ansiel, 4 november 2015:
In deze mooie selectie bruist de geschiedenis, cultuur en levensstijl van een Caribisch volk. Het is een sterke tweetalige bundel waarin de lezer ook wordt vertrouwd gemaakt met termen als ‘landskind’ en ‘creolisering’. De woorden doordesemd van nostalgie en verlangen nemen je mee naar de spirit en schoonheid van Aruba!
Lees hier de recensie
Meer over ‘Als de aloë sluimert’

AFM-Radio in gesprek over ‘Als de aloë sluimert’ met Quito Nicolaas (Aruba)

QuitoNicolaas1Op maandag 21 september 2015 is auteur Quito Nicolaas live te gast in het boekenuur van 16.00 tot 17.00 uur in het programma ‘Kunst & Cultuur’ van Radio AmsterdamFM. Hij wordt geïnterviewd door Peter de Rijk en Bert van Galen. Quito Nicolaas werkt vanaf de jaren tachtig (eerst vooral als essayist, later als dichter en prozaschrijver) aan een omvangrijk literair oeuvre, voor het overgrote deel in het Papiaments. Vertaler Fred de Haas maakte een thematische keuze van 42 gedichten uit 5 van Nicolaas’ Papiamentstalige bundels. De inhoud van de gedichten geeft er blijk van dat de auteur de gebeurtenissen, zeker ook de politieke, op zijn geboorte-eiland nauwlettend heeft gevolgd en nog steeds volgt. Dankzij de vertalingen onder de titel Als de aloë sluimert kan deze poëzie nu ook weerklank vinden bij een Nederlandstalig lezerspubliek. De uitzending kan (op de 4de etage van de OBA, op loopafstand van Centraal Station) door belangstellend publiek worden bijgewoond.
Luister hier naar de uitzending
Meer over ‘Als de aloë sluimert’

Quito Nicolaas – Als de aloë sluimert. Gedichten

VoorplatNicolaas75Quito Nicolaas
Als de aloë sluimert / Cucuisa cabisha. Gedichten

Aruba / Nederland
Tweetalig Nederlands-Papiaments
Keuze, inleiding en vertaling Fred de Haas
Paperback, 152 blz. € 18,50
Presentatie 13 september 2015
ISBN 978-90-6265-894-7

Quito Nicolaas (San Nicolas, Aruba, 1955) vertrekt in 1972 naar Nederland om er Cultureel werk, Politicologie en Internationaal recht te gaan studeren. Hij debuteert als dichter in 1980 met het gedicht ‘E Dia di Mañan’ in Kontakto Antiyano. Na zijn studie keert hij in 1981 voor enkele jaren terug naar Aruba (waar hij de politieke aanloop naar de Status Aparte van Aruba meemaakt) om zich in 1984 definitief te vestigen in Nederland. Sindsdien werkt hij, eerst vooral als essayist, later als dichter en prozaschrijver aan een omvangrijk literair oeuvre, voor het merendeel in het Papiaments. In 2001 is hij een van de initiatiefnemers van de in 2003 opgerichte schrijversgroep Simia Literario.

Hoewel Quito Nicolaas niet de ambitie heeft om de geschiedenis in te gaan als ‘politiek’ dichter, zijn de echo’s van politieke en sociale ontwikkelingen in zijn geboorteland in zijn poëzie luid en duidelijk. Zijn gedichten ademen behalve vreugde over de autonome status c.q. de afscheiding van Curaçao en de speciale band met Nederland, ook nauw verhulde wanhoop over de kwaliteit van het politieke en sociale beleid van de opeenvolgende Arubaanse regeringen. Fred de Haas maakte een thematische keuze van 42 gedichten uit 5 van Nicolaas’ Papiamentstalige bundels en vertaalde ze naar het Nederlands onder de titel Als de aloë sluimert. De inhoud van de gedichten geeft er blijk van dat de auteur de gebeurtenissen op zijn geboorte-eiland nauwlettend heeft gevolgd en nog steeds volgt.

‘Het bijzondere van deze selectie is dat de lezer iets meer te weten komt van de geschiedenis, cultuur en levensstijl van een Caribisch volk, dat, ofschoon verbonden met de geest van Europa, niet zonder meer aansluiting heeft met de Europese manier van denken en voelen’, aldus Quito Nicolaas in zijn Woord Vooraf

Meer over ‘Als de aloë sluimert’

«Aangenaam verrast door ‘Cas di biento’.» – Wim Rutgers

VoorplatDoorwaaiwoning72Over ‘Cas di biento / Doorwaaiwoning’ van Olga Orman in Antilliaans Dagblad, 11 juni 2015:
(…) Een uitgave met 28 gedichten, verdeeld over vier afdelingen, die in het Nederlands vertaald of misschien beter gezegd ‘hertaald’ werden door Fred de Haas die ook de inleiding en noodzakelijke aantekeningen verzorgde. Wie het werk van Olga Orman de laatste jaren heeft bijgehouden, door middel van de diverse publicaties, zal aangenaam verrast worden door ‘Cas di biento’ waarin het werk van de dichteres zich in de context van een complete bundel vervolledigt en verdiept. (…) De inhoud kan met de modeterm ‘identiteitspoëzie’ gekarakteriseerd worden. In de tien gedichten van Cas di biento / Doorwaaiwoning in de eerste afdeling ‘mijn land, mijn taal’ gaat Olga Orman terug naar haar wortels en geeft ze haar visie en standpunt op taalterrein waarbij ze, terugdenkend aan haar jeugd en haar ouders, haar moedertaal Papiamento en haar eiland in verleden en heden verdedigt en verheerlijkt. In de tweede afdeling ‘Onderweg’ met zes gedichten verinnerlijkt zich haar zoektocht, zoals in het slotgedicht van deze afdeling, in de vertaling van Fred de Haas: ‘Reisverhaal // Ik vertel zoveel verhalen / zing, verzin, vertel verhalen, welk verhaal blijf ik herhalen, / aldoor zingen en verhalen, / rij aan rij? / dat is het reisverhaal / van MIJ!’. (p. 63) In de vijf gedichten in de derde afdeling, zijn ‘Leven en dood’ een onvermijdbare ‘tweelingdracht / van dag en nacht en / tweezaam vormgegeven’, waarna de laatste groep van zeven gedichten verzameld onder de titel ‘bloeiend leven’ harmonie uitdrukt van de mens in de eilandelijke natuur en vooral de mens met zichzelf in zijn bestaan. Zo geeft de hele bundel een compositie waarin de ‘dichter-ik’ een weg zoekt in de ruimte, ten opzichte van het geboorteland en de moedertaal, en de tijd die de mens gegeven is te leven en van dat leven ten volle te genieten.(…)
Lees hierhier de recensie of in Antilliaans Dagblad
Meer over Olga Orman bij Uitgeverij In de Knipscheer