Boeli van Leeuwen – Wie denk je dat ik ben? Een biografische bloemlezing

VoorplatWieDenkJe-300Boeli van Leeuwen
Wie denk je dat ik ben?
Een biografische bloemlezing

Gekozen en bezorgd door Klaas de Groot
Voorwoord Sheila Siltalsing
Curaça0, Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
276 blz., € 19,50
ISBN 978-94-93214-86-6
presentatie 8 oktober 2022
100 jaar Boeli van Leeuwen

De verhalenbundels De ruïne van een kathedraal (1996) en De taal van de aarde (1997) van Boeli van Leeuwen zijn niet meer in druk, en dat is jammer. Om die leemte deels te vullen en om het feit te vieren dat de auteur honderd jaar geleden, op 10 oktober 1922, werd geboren is Wie denk je dat ik ben? samengesteld. De ondertitel ‘Een biografische bloemlezing’ laat zien dat het om een keuze uit zijn korte werk gaat waarin de auteur geregeld zichzelf naar voren laat komen. Opgenomen zijn verhalen uit bovenstaande bundels en uit de meer recente verzamelingen Geniale Anarchie (1990) en Ver weg dichtbij (2017). Voor deze gelegenheid is er ook materiaal opgenomen dat niet eerder in boekvorm is verschenen, de eerste krantenstukken uit 1947 bijvoorbeeld, dus het echte debuut van Van Leeuwen. Ook ander verspreid werk waarin de schrijver zelf op krachtige wijze aanwezig is krijgt nu de kans om een tweede leven te beginnen.

Sheila Sitalsing in het Voorwoord bij deze uitgave:
“(…) En dan de uitstapjes die hij maakt naar Spaans, Papiaments, Duits en Engels wanneer de jas van het Nederlands hem te krap wordt. Boeli van Leeuwen is te groot voor het Nederlands alleen en tegelijk is hij één van de grootste schrijvers die het Nederlandse taalgebied heeft voortgebracht. (…) Het is een godsgeschenk dat (…) de stukken die hij voor kranten schreef omdat hij de concentratie voor een roman even niet kon opbrengen, hier verzameld zijn. (…) Opdat ook de generaties die nog met lezen moeten beginnen, zullen weten: hier was een grote zoon van het koninkrijk aan het werk.”

Boeli van Leeuwen debuteerde in 1959 met de roman De rots der struikeling, waarvoor hij later in Nederland de Vijverbergprijs (de tegenwoordige F. Bordewijkprijs) ontving, samen met de romans Een vreemdeling op aarde (1962) en De eerste Adam (1966) wel ‘de trilogie van een displaced person’ genoemd. Na zijn rechtenstudie en advocatenpraktijk in Nederland, Spanje en Venezuela bekleedde hij als hoogste ambtenaar de functie van Secretaris van het eilandgebied Curaçao. In 1983 werd hij voor zijn literaire werk bekroond met de Cola Debrotprijs, de belangrijkste Antilliaanse culturele onderscheiding. Na zijn pensionering dat jaar werkte hij als pro-Deo-advocaat in de armen wijken die hij ‘schaduwzijde van the neat Dutch treat in the Caribbean’ noemde. Ook wijdde hij zich opnieuw aan het schrijven, wat onder meer resulteerde in de romans Schilden van leem (1985), Het teken van Jona (1988) en zijn befaamde columnverzameling Geniale anarchie (1990) waarmee hij een nieuwe lezersgeneratie aan zich wist te binden.

Klaas de Groot (Leiden 1942) was in de jaren 80 van de vorige eeuw leraar Nederlands op Curaçao en Aruba. Hij stelde voor Uitgeverij In de Knipscheer de bloemlezingen Vaar naar de vuurtoren en Grenzenloos samen en bezorgde voor deze uitgeverij mede poëzie-uitgaven van Aletta Beaujon en Boeli van Leeuwen. Ook stelde hij Because en andere gedichten van Carla van Leeuwen samen. Daarnaast schrijft hij regelmatig over met name Caraïbische literatuur in tijdschriften en op Caraïbisch Uitzicht.

Meer over ‘Wie denk je dat ik ben?’
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Klaas de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Sheila Sitalsing op deze site

«Het boek zit ongelooflijk goed in elkaar.»

Kees Broere was eind september, begin oktober vanuit Curaçao even terug in Nederland. Op 7 oktober 2021 kon daarom zijn nieuwe roman ‘Irma’ presenteren in een gesprek met Peter de Rijk in de Pletterij in Haarlem. De eerste roman van Kees Broere bij In de Knipscheer, ‘Pom’, verscheen 3 jaar geleden. Broere had toen net een jarenlang correspondentschap voor de NOS en De Volkskrant achter de rug in Nairobi, Kenia. De roman ‘Pom’, speelt zich dan ook af in Kenia, Nairobi in het bijzonder. Ezra de Haan schreef toen in Antilliaans Dagblad: «Belangrijke roman over hedendaags terrorisme, contraspionage en politieke dwarsverbanden. Als in een thriller zorgt Kees Broere voor cliffhangers die je doen doorlezen. Je weet dat er iets gaat komen. Maar wat?» Dat thrillerelement speelt ook zeker een rol in zijn nieuwe roman ‘Irma. Een mikado van boze goden’, die zich – inderdaad – voornamelijk afspeelt in de Caribische regio en in het heden. R: «Hoofdpersoon Irma is op de hoogte van iets over haar Bonairiaanse vriend Paul. De lezer weet niet wat, maar in ieder hoofdstuk komt hij steeds dichter bij het moment dat het gaat gebeuren. Dat geeft een spanningseffect.» Thema’s als vrijheid, zwart-wit spelen een vanzelfsprekende rol: [B: citaat]. Vrijheid, vond Irma, is geen cadeau dat je beleefd in ontvangst neemt. Vrijheid pluk je zelf. Vrijheid verover je, eigen je je toe, eis je voor jezelf op, dwing je af. Vrijheid is het recht om nee te zeggen. Je niet met minder te laten afschepen. Jezelf genoeg te weten. Om zo vernedering te wreken. En daarna het gesprek te kunnen beginnen over gelijkwaardigheid. R: Dat is een tekst om in te lijsten! Later in de roman komt dat thema nog eens terug: [B: citaat van Paul] Om werkelijk vrij te kunnen zijn, moeten we de bestaande orde juist genadeloos bevechten, wat ook onze vredelievende vrienden hiervan zeggen. (…) We moeten het dus van binnenuit doen, maar onontdekt, door ogenschijnlijk de normen en waarden van het systeem te accepteren, door ons er dienstbaar aan op te stellen. En vervolgens onze eigen slag te slaan. Door de chaos binnen de chaos te scheppen.
Na het interview volgt als felicitatie aan de auteur een eerste recensie over de roman door redacteur Willem Thies. Door een technisch mankement op 7 oktober is in deze opname het zaalgeluid gestreamd in plaats van het geluid vanaf het mengpaneel en minder perfect dan gebruikelijk bij Pletterij.
Kijk hier naar de presentatie op Youtube
Lees hier de recensie over Irma’ van Willem Thies
Meer over ‘Irma. Een mikado van boze goden’
Meer over Kees Broere bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Onherroepelijk dringt de verwantschap zich op met de bluesmuziek die opkwam in het zuiden van de Verenigde Staten.» – Eric de Brabander

Over o.a. ‘Sierlijke golven krullen van plezier’ van Walter Palm in Noord & Zuid, jrg. 3 nr. 5, september 2020:
(…) Curaçao, sinds de zeventiende eeuw onderdeel van de Zeven Provinciën en nu autonoom onderdeel van het Koninkrijk der Nederlanden, hoort langer bij Nederland dan de Waddeneilanden. (…) Het gedicht ‘Spoken van slaven’ uit de bundel ‘Sierlijke golven krullen van plezier’ (2009) van de Curaçaoënaar Walter Palm toont hoe de multiculturele en meertalige samenleving van Curaçao tot nu toe worstelt met het koloniale verleden, een verleden dat heden ten dage op elke straathoek nog waarneembaar is. Onherroepelijk dringt de verwantschap zich op met de bluesmuziek die opkwam in het zuiden van de Verenigde Staten in de negentiende en twintigste eeuw. De woordkunstenares Lucille Berry-Haseth (…) is begaan met de Curaçaoënaar die heeft leren leven met misstanden die onlosmakelijk met het eiland verweven zijn. “Permanent naar de bliksem”, zo beschrijft Boeli van Leeuwen zijn eiland in de verhalenbundel ‘Geniale Anarchie’. “Niemand leeft ongestraft onder de palmen”, zo stelt hij. Wie daarover klaagt is een zeurkous. De verbondenheid van mens en natuur is universeel, op Curaçao echter lijkt deze in de poëzie meer beleefd te worden dan in het moederland. De Amsterdamse dichter Ko van Geemert, een regelmatige passant op onze eilanden, begrijpt die weemoedige band met de natuur. Hij schrijft: (…) Mocht u er ooit eens komen, draag dan een strooien / hoed, een wit gewaad / van linnen of papier, als pantser / voor de lichtheid van een niet te dragen last. (…)
Lees hier en hier het artikel
Meer over ‘Sierlijke golven krullen van plezier’
Meer over Geniale anarchie
Meer over Eric de Brabander bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Liefdevol, onderhoudend, mooi, smaakvol.» – Ko van Geemert

VoorplatAvila-75Avila Beach Hotel in 5 korte verhalen’ van Eric de Brabander in Ñapa en op Caraïbisch Uitzicht, 8 februari 2020:
Ter afronding van het jaar waarin het 70-jarig bestaan werd gevierd en als opstap naar de komende 70 jaar werd een boekje (35 pagina’s) over de historie van Avila Beach Hotel uitgebracht. Wie met het idee kwam de geschiedenis te belichten door vijf voor het hotel belangrijke figuren (Simon Bolivar, Albert Kikkert, Pieter Hendrik Maal, Nic Møller, Boeli van Leeuwen) in de schijnwerpers te zetten, weet ik niet, maar het is een goed idee. Evenals de keuze voor de Curaçaose auteur Eric de Brabander als schrijver. In zijn gestaag uitbreidend oeuvre (vijf romans tot heden) heeft hij er blijk van gegeven over een opmerkelijke fantasie te beschikken en die verbeelding bovendien op een overtuigende wijze weet te verwoorden. (…) Soms denk je, waar haalt die De Brabander ’t toch allemaal vandaan? (…) Niet alleen is de verbeelding bij uitstek het privilege en de macht van de kunstenaar/fictieschrijver, maar ook vanwege de wijze woorden die schrijver Tim Krabbé ooit sprak: ‘Bederf nooit een mooi verhaal door te veel research’. (…) Bij de verkoop van het hotel aan de familie Vogels in 2015, bestond de vrees dat Avila het culturele, muzikale aspect zou gaan verliezen. (…) Maar het duurde niet lang voordat Wil, Katja en Robbin Vogels beseften dat het hotel dat ze gekocht hadden niet zomaar een hotel was en dat de historie en de centrale plaats die het hotel inneemt in de Curaçaose kunstwereld bewaard diende te blijven. (…) ‘Avila Beach Hotel in 5 korte verhalen’ is een liefdevol gemaakt boekje, onderhoudend geschreven door Eric de Brabander, mooi vormgegeven door Irving Schenker, smaakvol uitgegeven door In de Knipscheer.
Lees hier het artikel ‘De geschiedenis van Avila in vijf schetsen’
Meer over Avila Beach Hotel op deze site
Meer over Eric de Brabander bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Cornelis Zitman op deze site
Meer over Nic Møller op deze site

«We moeten Boeli blijven lezen.» – Ronald van Raak

geniale anarchieOver ‘Geniale anarchie’ van Boeli van Leeuwen op Koninkrijksrelaties.nu, 8 augustus 2019:
Boeli van Leeuwen, die overleed in 2007, nam geen blad voor de mond en schreef in alle openheid over zijn eiland, zoals deze woorden uit ‘Geniale Anarchie’. In Nederland zijn we wel wat gewend als het gaat om harde woorden, maar ook ik schrok toen ik deze tekst voor het eerst las: ‘De armoe en de arme: waarmee kan hij zich verdedigen? Niet alleen met kapmessen en pistolen, ijzeren staven en blote vuist! Hij heeft zijn carnaval, zijn loterij en nummers, het casino en bovenal de seksualiteit, dit troosteloos copuleren in de vale ochtend of in de hitte van de namiddag met tenslotte de zwangere gang naar Sociale Zaken, de grote buik naar voren geschoven om een verveelde ambtenaar tot ontferming te bewegen.’ Dat was in 2010 toen ik dit boek las als voorbereiding op het debat in de Tweede Kamer over de nieuwe autonome status van Curaçao. In dat debat, waaraan ook politici van Curaçao deelnamen, heb ik deze woorden van Van Leeuwen geciteerd. Ik gebruikte deze woorden toen niet om mensen te beledigen – evenmin als Boeli van Leeuwen dat ooit zo heeft bedoeld – maar omdat het beeld zo sterk is. Curaçao is een rijk land, maar met veel arme mensen. (…) Het leidt voor veel Curaçaoënaars tot een uitzichtloosheid, die Boeli op zo’n harde wijze verwoordde. We moeten Boeli blijven lezen. [ Ronald van Raak is woordvoerder Koninkrijksrelaties van de Tweede Kamerfractie van de SP. ]
Lees hier de column
Meer over ‘Geniale anarchie’ (1990)
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Ze verschenen nooit eerder in druk.» – André Oyen

VoorplatVerWegDichtbij75Over ‘Ver weg dichtbij’ van Boeli van Leeuwen op Ansiel, 6 april 2018:
Boeli van Leeuwen (1922-2007) besloot zijn oeuvre met een serie columns in de Curaçaosche Courant, die werden gebundeld in het magistrale slotakkoord ‘Geniale Anarchie’. Tot voor kort was onbekend dat hij zijn schrijversleven er ook zowat mee begon: columns die hij veertig jaar eerder schreef voor de Wereldomroep werden onlangs door literatuurwetenschapper Jos de Roo uit het archief van de Wereldomroep geplukt en in een mooie uitgave op de markt gebracht. Ze verschenen nooit eerder in druk en waren slechts bedoeld om te worden uitgesproken voor de radiomicrofoon. Van Leeuwen schreef ze tussen 1951 en 1954, jaren waarin hij in Nederland verbleef.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Ver weg dichtbij’
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer

Boeli van Leeuwen – De rots der struikeling

Opmaak 1Boeli van Leeuwen
De rots der struikeling

roman
Nederland / Curaçao
genaaid gebonden met leeslint en manchet
gesealed, 188 blz., € 17,90
Heruitgave, 7de editie, 2018
ISBN 978-90-6265-975-3

De rots der struikeling is een klassieker uit de Nederlandse literatuur. De roman is wellicht het enige werk dat, behalve in de originele gebonden en paperbackedities, in drie pocketreeksen werd gepubliceerd, te weten als Salamander pocket, als Rainbow pocketboek en als Ooievaar.

Eddy Lejeune komt in Venezuela op raadselachtige wijze aan zijn eind bij het zoeken naar diamanten. Deze opmerkelijke roman vertelt dit relaas in een sterke dagboekvorm en begint bij het einde van zijn leven. Daarvóór wordt zijn schooltijd beschreven, zijn opgroeien in een pleeggezin, de oorlog die hem als student overvalt, het kamp. Met name zijn oorlogservaringen blijken van grote invloed te zijn op zijn denken.

Voor De rots der struikeling ontving Boeli van Leeuwen (Curaçao, (1922-2007) in Nederland de Vijverbergprijs (de tegenwoordige F. Bordewijkprijs). In 1983 werd hij voor zijn literaire werk bekroond met de Cola Debrotprijs, de belangrijkste Antilliaanse culturele onderscheiding. Na zijn pensionering dat jaar werkte hij als pro-deoadvocaat in de armenwijken die hij ‘schaduwzijde van the neat Dutch treat in the Caribbean’ noemde. Ook wijdde hij zich opnieuw aan het schrijven, wat onder meer resulteerde in de romans Schilden van leem (1985), Het teken van Jona (1988) en zijn befaamde columnverzameling Geniale anarchie (1990) waarmee hij een nieuwe lezersgeneratie aan zich wist te binden. Het Fonds voor de Letteren kende hem in 2007 als waardering voor zijn hele oeuvre een Eregeld toe.

In 2007 is Uitgeverij In de Knipscheer begonnen met opnieuw gezette heruitgaven van Boeli van Leeuwens werk in uniforme gebonden edities. De rots der struikeling is het zesde boek uit het oeuvre van Boeli (dr. mr. W.C.J.) van Leeuwen dat op deze wijze verschijnt. De roman (1959) is samen met de romans Een vreemdeling op aarde (1962) en De eerste Adam (1966) wel ‘de trilogie van een displaced person’ genoemd.

«Een schrijver, met een zeer eigen stijl, een eigen visie, een bewonderenswaardige taalbeheersing en het vermogen om van de stof, die hem zo na aan het hart ligt, afstand te kunnen nemen.» – Miep Diekmann
«Levendig en met evenveel vaart als intelligentie geschreven. – Vrij Nederland
«Een van onze grootste schrijvers.» – Tommy Wieringa

«**** In deze gesproken columns is al de grote schrijver te ontwaren die hij later zou worden.» – Tommy Wieringa

VoorplatVerWegDichtbij75Over ‘Ver weg dichtbij’ van Boeli van Leeuwen in De Volkskrant, 4 november 2017:
Boeli van Leeuwen (1922-2007) besloot zijn oeuvre met een serie columns in de Curaçaosche Courant, die werden gebundeld in het magistrale slotakkoord ‘Geniale Anarchie’. Tot voor kort was onbekend dat hij zijn schrijversleven er ook zowat mee begon: columns die hij veertig jaar eerder schreef voor de Wereldomroep werden onlangs door literatuurwetenschapper Jos de Roo uit het archief van de Wereldomroep gevist, aangevreten door waterschade en zilvervisjes. Ze verschenen niet eerder in druk en waren slechts bedoeld om te worden uitgesproken voor de radiomicrofoon. Van Leeuwen schreef ze tussen 1951 en 1954, jaren waarin hij in Nederland verbleef, ver weg van zijn eiland, dat hij zowel als een gevangenis in zee als een vrolijk toneel vol geniale anarchisten beschouwde. (…) In de bundel eerstelingen ‘Ver weg dichtbij’ zien we een paar van zijn latere romanfiguren optreden in hun werkelijke gedaante, zoals zijn zwarte min, de geitenhoeder Pedro en opzichter Cornees van plantage Santa Martha, welke eigendom was van Van Leeuwens grootmoeder; eenvoudige mensen zonder enige boekenkennis, die door Van Leeuwen liefdevol worden getekend als natuurfilosofen die de taal van de aarde spreken. (…) In zijn stukken volgen we een rusteloze zoeker, iemand die altijd positie moet bepalen tussen hier en daar. Prachtig beschrijft hij zijn vertrek van Curaçao, wanneer hij op een Franse pakketboot de Sint Anna-baai verlaat en de lichtjes van de Isla-raffinaderij ziet opgloeien in de warme nacht. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Ver weg dichtbij’

«Het carnaval van Ricardo Bonifacio.» – Ko van Geemert

Opmaak 1Interview met Chesley Rach over ‘De terugkeer van Ricardo Bonifacio’ in Ñapa Literatuur (Amigoe), 11 maart 2017:
En dan verscheen een paar maanden geleden uit het niets een roman. ‘Ik teken en schilder eigenlijk al veel langer dan dat ik schrijf, maar dat schilderen heb ik lang niet meer gedaan. Het schilderij dat op het omslag van het boek staat, dateert uit 1994. Ik begon rond die tijd met een drietal verhalen over uiteenlopende onderwerpen, maar het verhaal over Ricardo Bonifacio boeide mij het meest. Daar ben ik mee doorgegaan. Het was een figuur die ik bedacht had, een jongen die in een wijk op Curaçao opgroeit en allemaal avonturen beleeft, om mijn kinderen verhaaltjes te vertellen voor het slapen gaan toen ze nog klein waren. Mijn oudste dochter merkte als tiener een keer op dat ze benieuwd was hoe het de kinderen uit de verhalen vergaan was. Toen was het zaadje geplant.’
Lees hier het interview
Meer over ‘De terugkeer van Ricardo Bonifacio’

«Ben je eenmaal begonnen met lezen dan blijf je lezen.» – Ezra de Haan

VoorplatRooPraatjes_Opmaak 1.qxdOver ‘Praatjes voor de West’ van B. Jos de Roo op Literatuurplein, 19 december 2015:
In 2014 promoveerde B. Jos de Roo op een dissertatie die zowel door de Antilliaanse als door de Surinaamse literatuurcritici zeer goed werd ontvangen. Het onderwerp betrof de radio-uitzendingen van de Wereldomroep naar de West (Suriname en de Antillen) in de periode 1947-1958. De wereldomroep liet voor deze uitzendingen zowel Antilliaanse als Surinaamse auteurs verhalen schrijven. Deze verhalen werden door de schrijver zelf voorgelezen. Van de 267 literaire bijdragen wist Jos de Roo er 173, van de op schrift bewaard gebleven verhalen, terug te vinden. Een belangrijke vondst, vooral omdat er niets van de radio-opnames bewaard is gebleven. (…) Men noemde het in die dagen causerieën, of een babbeltje. Ze wisten immers niet dat sommige teksten door schrijvers van belang geschreven werden. Dat bleek pas veel later toen Boeli van Leeuwen, Frank Martinus Arion, John Leefmans, Jules de Palm, Henk Dennert en nog vele anderen hun literaire waarde hadden bewezen. Maar tussen de draaiboeken zaten meer teksten die aan de vergetelheid onttrokken moesten worden: de spinverhalen van Johan Ferrier en Raúl Römer, de verhalen over Sint Maarten van Irving Plantz. Ook wat betreft de Surinaamse geschiedenis kwam het nodige boven tafel. Zo bleek de Surinaamse nationalistische beweging Wie Eegie Sanie maandelijks zendtijd te hebben gehad om haar ideeën over taal, cultuurpolitiek en literatuur te verkondigen. Een bijdrage van Eddy Bruma, de leider van Wie Eegie Sanie kan zelfs als een beginselverklaring worden beschouwd.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Praatjes voor de West’