«Weer een zalige editie van Extaze!» – André Oyen

coverE28voorDOver Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ op Lezers tippen lezers, 22 februari 2019:
Literair tijdschrift Extaze is een kwartaalschrift gewijd aan literair en beeldend werk van Nederlandse en Belgische schrijvers en kunstenaars. (…) ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. (…) In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982). (…) Hoewel hij debuteerde in een tijd toen vele dichters zich voor het eerst presenteerden, onttrekt zijn in het Nederlands geschreven poëzie zich aan de toon en de dichterlijke objecten van die dagen (in het bijzonder aan de maatschappelijk bewogen strijdpoëzie). Hij schrijft gevoelige verzen, fijnzinnig observerend hoe droom en werkelijkheid uit elkaar groeien (hij had een enorm problematische relatie met zijn vader) en uiteindelijk slechts droefenis overblijft voor ontheemden overal ter wereld. Lang na zijn overlijden begonnen zijn gedichten te verschijnen in de ‘Spiegel van de Surinaamse poëzie’ (1995) en in tijdschriften als Dietsche Warande & Belfort, Bzzlletin, Poëziekrant en De Tweede Ronde. In 2002 kwam er een nieuw bundeltje van hem uit in Paramaribo: ‘Marcel en andere gedichten’. In 2007 verscheen in Nederland een keuze uit zijn werk gemaakt door Gerrit Komrij onder de titel ‘Dat ik zong’. Later dat jaar verscheen een bibliofiele editie van zijn gedicht ‘Indiaans’. In dit Extazenummer treft de lezer ook gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp. Weer een zalige editie van Extaze!
Lees hier de aankondiging
Meer over ‘Extaze 28’

Literair tijdschrift Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ [Jrg. 7, nr. 4]

coverE28voorDExtaze 28– Geloof in de kunst
zevende jaargang nr. 4, november 2018
redactie Cor Gout, Els Kort (vormgeving)
gebrocheerd, geïllustreerd, 112 blz.,
€ 15,00
presentatie 15 november 2018
ISBN 978-90-6265-623-3

Zoals in elk nummer wordt ook in dit nummer de inhoud bepaald door essays, gedichten, korte verhalen en beeld en nog uitgebreid met interviews en recensies op het digitale supplement van Extaze. ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. In zijn essay ‘De tegenverbeelding van het religieuze’ concludeert Kris Pint na lezing van Gerard Reve’s literaire werk, dat de schrijver in het katholicisme een tegenverbeelding vond die krachtig genoeg was om de strijd met zijn wanhoop, verslaving en angst voor depressies aan te gaan. De neurotheologie leert ons dat de religieuze verbeelding dient als interface om met de primitieve religieuze ervaringen om te gaan die in de specifieke structuur van de hersenen zijn opgeslagen.

De sterke religieuze vervoering die is uitgedrukt in het beeld ‘Extase van de heilige Theresia’ van Giam Lorenzo Bernini (1598-1680) zet Onno Schilstra in ‘Het nachtkastje van Franco’ op hetzelfde spoor als Pint. De sculptuur vormt een verwijzing naar iets onzegbaars, iets ‘onbegrippelijks’ dat hooguit door het soort symbolen waarover Reve schrijft in ‘Moeder en zoon’ (1980) in taal uitgedrukt kan worden.

’Een verrukkende heidense schoonheid’ is de titel van Ruurd Halbertsma’s essay over de waardering van de antieke beeldhouwkunst door de eeuwen heen en de aantrekkingskracht die de lichamelijkheid en sensualiteit van de beelden uitoefenden op mensen met sluimerende seksuele fantasieën. Louis Couperus beschouwde de antieke wereld als een ‘foreign country’, waarnaar hij terugreisde op elk moment dat hij in extase een klassieke sculptuur beschouwde.

Artien Utrecht is geboeid door de tegenstelling die de schrijver Junichiro Tanaziki waarnam tussen de Japanse sensitiviteit voor nuances van licht en duisternis en de westerse voorkeur voor het felle licht. Op het Japanse kunsteiland Naoshima ervaart ze dat het spel van schaduwlagen en hun verschillende diepten je dwingt om te kijken met je zintuigen. Het donker vraagt om een voorbijgaan aan het ‘gewone’ zintuiglijke zien. Voorbij het gewone zien ligt de verbeelding van wat niet is, maar zou kunnen zijn.

In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982), wiens thematiek: dood en verandering gekoppeld aan geweld, voor hem een middel was om zich bevrijd te voelen van beklemming en onderdrukking.

In dit nummer gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp.

De presentatie van Extaze 28 vindt plaats op donderdag 15 november 2018. Locatie: Houtrustkerk, Beeklaan 535, Den Haag (hoek Houtrustweg). Parkeren kan gratis op het erf van de internationale school aan de overzijde. Aanvang: 20.15 uur precies. Deur open van 19.45 uur tot 20.10 uur, dus graag op tijd aanwezig zijn. Entree: € 10,00 (alleen contant te betalen). Reserveren: redactie@extaze.nl. Presentatie: Cor Gout. Licht en geluid: Anton Simonis (Adesign).
Lees ook supplement van ‘Extaze’
Meer over ‘Extaze’

«Goed beeld van het sprankelend en turbulent leven.» – Roger Nupie

Hans PlompDeBesteOver ‘Dit is de beste aller tijden’ van Hans Plomp in De Auteur (De Boekhouding), 27 maart 2018:
(…) ‘Dit is de beste aller tijden’ is een ruime bloemlezing uit het poëtische oeuvre van Hans Plomp. Tevens is er een selectie van zijn vertalingen van gedichten van o.a. Yvan en Claire Goll, Samuel Taylor Coleridge, T. S. Eliot en Artur Rimbaud opgenomen en – beslist even interessant – poëzie uit India en Iran. (…) De levensschets van Peter de Rijk, in de vorm van een monoloog van Plomp zelf, geeft een goed beeld van het sprankelend en turbulent leven van de dichter, die stelt deze behoorlijk afschuwelijke tijd toch te ervaren als de beste aller tijden. (…) Een pluim voor samensteller Peter de Rijk, die al eerder een bloemlezing van Rogi Wieg bezorgde, ‘Even zuiver als de ongeschreven brief’ (2015), gevolgd door ‘In de kring van menselijke warmte. Hommage aan Rogi Wieg’ (2017), met meer dan 100 gedichten van voormalige uitgevers, vrienden en collega’s van Rogi Wieg. (…)
Lees hier de recensie
Lees meer over ‘Dit is de beste aller tijden’
Meer over Hans Plomp bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Zeker aanschaffen en meerdere malen lezen.» – Hans Franse

Hans PlompDeBesteOver ‘Dit is de beste aller tijden. Een bloemlezing uit vijftig jaar dichtwerk’ van Hans Plomp op MeanderMagazine, 8 augustus 2017:
(…) De poëzie van Hans Plomp is uiterst helder, zijn taalgebruik eenvoudig, zijn woordkeus alledaags, wat ook logisch is gezien zijn bijdrage aan het ’Manifest van de jaren zeventig’, waarin de uitdrukking ‘nieuwe wartaal’ voorkomt, waarmee deze groep schrijvers zich tegen de Vijftigers afzette. (…) Een deel van deze bloemlezing is gewijd aan vertalingen die Plomp maakte. Het taalgebruik van zowel de Europese als de exotische gedichten was prachtig. Ik heb een paar gedichten in de oorspronkelijke taal nagezocht en geconstateerd dat de vertalingen niet alleen mooi taalgebruik opleveren, maar ook goed zijn. (…) De levensschets, opgeschreven door Peter de Rijk, is als een monoloog van Hans Plomp zelf. Lees eerst de levensschets. Daarna de poëzie en dan nog eens de levensschets. (…) De levensschets is verhelderend. Wie kennis wil nemen van poëtische reacties op grote maatschappelijke bewegingen, moet deze bloemlezing zeker aanschaffen en meerdere malen lezen.
Lees hier de recensie
Lees meer over ‘Dit is de beste aller tijden’
Meer over Hans Plomp bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Optimistische toon.» – André Oyen

Hans PlompDeBesteOver ‘Dit is de beste aller tijden’ van Hans Plomp op Ansiel, 23 juni 2107:
Hans Plomp (Amsterdam, 29 januari 1944) is een vermaard Nederlands schrijver en dichter. Samen met collega-schrijver Gerben Hellinga was hij de drijvende kracht achter het van de slopershamer redden van Ruigoord. (…). Hij studeerde Nederlands, en was aanvankelijk leraar, maar werd actief in de Provo-beweging en gaf zijn baan op. Hij debuteerde in 1968 met ‘De ondertrouw’, een sleutelroman over zijn vriendschap met Gerard Reve en Johan Polak, maar werd pas echt bekend door ‘Het Amsterdams dodenboekje’ (1970). In datzelfde jaar publiceerde hij met Peter Andriesse, Heere Heeresma en George Kool een ‘Manifest voor de jaren zeventig’, waarin de groep zich afzet tegen gevestigde auteurs en tegen de door hen als Nieuwe wartaal afgewezen experimentele literatuur die in die tijd nogal in opgang was. (…) Naast zijn werk als schrijver en dichter stelde Plomp bundels samen en is hij actief geweest als vertaler. Hij vertaalde boeken van onder anderen James Purdy, George Steiner en Amos Tutuola. (…) En nu is er een selectie uit 50 jaar dichtwerk Dit is de beste aller tijden, samengesteld en van een levensschets voorzien door Peter de Rijk. De bundel zet zeer optimistisch in met: ‘Dit is de beste aller tijden’, en verlaat eigenlijk nergens meer die optimistische toon. (…)
Lees hier en hier de recensie
Lees meer over ‘Dit is de beste aller tijden’
Meer over Hans Plomp bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Daar heeft Gerard Reve zijn eerste reisbrief geschreven, de vrijwel onbekende ‘Brief uit Berlijn’.» – Hans Plomp

Hans PlompRGB3Hans Plomp over Gerard Reve in 1961 en 1962 in Argus, jrg. 1 nr. 8, 13 juni 2017:
“Met Xaviera Hollander, destijds nog Vera de Vries, zat ik in de redactie van de schoolkrant. Het was 1961 en we hadden Gerard Reve uitgenodigd voor een lezing op onze school. Hij was in het nieuws door de rechtszaak tegen hem, omdat hij geschreven had hoe hij de liefde bedreef met god. Deze had zich gemanifesteerd als een zachte ezel (…). Xaviera en ik hoopten op een schandaal, maar helaas hield hij een saaie voordracht over de catharsis in de Griekse tragedie. ‘Opdat jullie weten dat ik niet van de straat ben,’ verklaarde Reve zijn keuze voor dit onderwerp. Na afloop gaf ik hem enkele van mijn verhalen, waarin ik op puberaal-wrede wijze afrekende met mijn ouders. Reve vond dat prachtig en nodigde mij uit om eens langs te komen. We togen naar de Oudezijds Achterburgwal, waar hij indertijd woonde, om hem voor onze krant (‘sansjene’ geheten) te interviewen. (…) In 1962, kort nadat de Muur was gebouwd, vond er in Berlijn een congres van schoolkrantredacteuren uit heel Europa plaats. Ik was uitgenodigd, samen met collega’s als Jan Donkers en Martin Hartkamp. Jongens van een jaar of zeventien. Het was best ‘eng’, daar in Berlijn. Onze ouders vonden het geen goed idee, tenzij er een volwassene mee zou gaan. We zaten met de handen in het haar. Een volwassene om op ons te letten, dat leek ons vreselijk. Ik dacht aan Gerard, een echte vrijbuiter. Dat het alleen jongens waren die meegingen, vond hij zeer aantrekkelijk. Hij ging dus mee. Daar heeft hij zijn eerste reisbrief geschreven, de vrijwel onbekende ‘Brief uit Berlijn’. Deze werd gepubliceerd in een blad dat we naar aanleiding van onze avontuurlijke reis samenstelden.” Deze periode wordt ook door Peter de Rijk beschreven in ‘Een levensschets van Hans Plomp’ in ‘Dit is de beste aller tijden’, een bloemlezing uit vijftig jaar dichtwerk.
Meer over ‘Dit is de beste aller tijden’
Meer over Hans Plomp bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Maar bijna niemand weet het.» – Hans Plomp

Hans PlompDeBesteFrénk van der Linden praat met Hans Plomp over zijn boek ‘Dit is de beste aller tijden’ in Kunststof op NPO Radio 1, 7 juni 2017:
Deze week is de bloemlezing ‘Dit is de beste aller tijden’ verschenen. Het is een ruime selectie uit het poëtische oeuvre van Hans Plomp. Van dichtwerk uit de provo en Beatgeneration-periode tot latere meer introspectieve, erotische en surrealistische gedichten: alles komt aan bod. De lezer gaat terug in de tijd en beleeft de ontwikkeling van dichter en levenskunstenaar Hans Plomp achterstevoren. Over zijn psychose in 1972 die zo’n 4. 5 maanden zou duren en die begon op zijn 28ste verjaardag met een visioen over de dood van zijn vrouw precies 1 jaar later. Over de culturele vrijhaven Ruigoord, het al voor tweederde gesloopte en net op tijd gekraakte dorp-met kerk, waar kunststromingen met voormannen als Frank Lodeizen, Peter Vos en Aat Veldhoen zich konden voortzetten in een ‘buiten-Paradiso’. Over de zin van het leven: ‘Ik wil niet bijdragen aan de haatenergie. Ik leef om waardig te sterven.’
Luister hier naar de uitzending
Lees meer over ‘Dit is de beste aller tijden’

«Johan Polak leefde in een eindtijd, terwijl ik een nieuwe tijd zag gloren.» – Hans Plomp

Hans PlompRGB3N.a.v. de biografie J.B.W.P., het leven van Johan Polak van Koen Hilberdink halen Jan Siebelink en Hans Plomp in Argus herinneringen op aan deze legendarische uitgever, classicus en mecenas.

Hans Plomp (1944) over 1962, zijn periode met uitgever Johan Polak, in Argus [jrg. 1 nr.7], 30 mei 2017:
(…) Zijn vriendschap toonde Johan Polak op veel manieren. Hij vond woningen voor mij, kocht auto’s en schonk mij een maandelijkse toelage. Bovendien bedacht hij bijzonder moeilijke opdrachten voor mij, zoals het vertalen van ‘Language and Silence’, van de pessimistische filosoof George Steiner. Ook ‘Color of Darkness’ van James Purdy, schepper van een zwartgallig, genadeloos homo-erotisch universum, vertaalde ik in zijn opdracht. (…) Samen bezochten we George Steiner, Roland Holst en J.C. Bloem. (…) Intussen schreef ik aan mijn eerste roman ‘De ondertrouw’, een somber herenboek. Deze ging voornamelijk over mijn relatie met Johan. Ik las de nieuwe stukken steeds aan hem voor. Hij vond het erg goed, maar wilde het niet uitgeven. Hij zei: ‘Dan denkt iedereen dat het vriendjespolitiek is.’ Ik debuteerde in België bij Manteau, in de Vijfde Meridiaanreeks van Julien Weverbergh. (…) Duidelijk is de cynische invloed van Reve, Purdy en Heere Heeresma, een andere literaire vriend. Ik dweepte met Gustav Mahler, Hölderlin, Lautréamont. Mijn wereld was een duistere. (…) Daar kwam verandering in toen ik kennismaakte met leeftijdgenoten in de provobeweging. (…)
Lees hier ‘Bewonderaar van mijn ranke knapenlijf’ door Hans Plomp
Lees hier de auteursversie (‘Johan Polak, mecenas’) van het Argus-verhaal, inclusief een 7-tal alinea’s (met name over Gerard Reve) dat wegens ruimtegebrek geschrapt werd
Lees hier ‘Hoe Johan Polak mij bij de hand nam’ door Jan Siebelink
Lees meer over Hans Plomp in ‘Een levensschets van Hans Plomp’ door Peter de Rijk in ‘Dit is de beste aller tijden’

«Een unicum in het hedendaagse literaire landschap.» – Lucas van der Deijl

Pierre LaufferOver o.m. ‘Koprot’ van Harry Vaandrager in Vooys (32/1), voorjaar 2014: Vaandragers werk is één groot oedipuscomplex, en barst van de bloedende navelstrengen, odes aan moeders, scheldkanonnades gericht aan vaders, erotische scènes met moeders – zelfs blindheid is een motief. En de penisnijd is nooit ver weg. (…) Vaandrager is een unicum in het hedendaagse literaire landschap. Hij is een schrijver die weer eens de dialoog aandurft met de stromingen en auteurs die decennia en eeuwen terug al vooruitliepen op de linie. (…) Deze literatuur combineert geestige spot met een cynische afkeer van het leven, een toon waarmee Groten als Reve en Hermans de Nederlandse literatuur eerder opgevrolijkt hebben. Vaandrager confronteert de literatuur met de eigen taligheid en reduceert haar thema’s tot de meest fundamentele: leven en dood.
Lees hier het hele artikel
Meer over ‘Koprot’

«Kees Ruys is een geboren biograaf.» – Jill Stolk

Over ‘Alles is voor even- het bewogen schrijversleven van Aya Zikken’ van Kees Ruys in Den Haag Centraal, 28 juni 2013:
Wie zeven verhuisdozen met notitieboeken, agenda’s, dagboeken, foto’s, geluidscassettes, eerste drukken, recensies, posters en brieven naar zijn werkplek meeneemt en het dan nog op een werk van zevenhonderdvijftig bladzijden weet te houden, verstaat zijn vak. In ‘Alles is voor even’ bezondigt Ruys zich niet aan onmatigheid.

Lees hier de recensie

Meer over Kees Ruys’ biografie over Aya Zikken