Gedicht van Peter H. van Lieshout (2)

Lieshout-Zo goed als nieuw-75In zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Het is vandaag (10 januari) de geboortedag van Jan H. Eekhout, Mies Bouhuys, Jo Verbruggen, Saskia Stehouwer en Peter H. van Lieshout. Het is ook de sterfdag van A. Marja en Guy Commerman. Bij wijze van felicitatie/gedenken kiest Wim van Til voor een gedicht van A. Marja; uitgeverij In de Knipscheer kiest voor het gedicht ‘Allen Ginsberg, meikoning’ van Peter H. van Lieshout (1946-2017) uit zijn bij deze uitgeverij verschenen bundel ‘Zo goed als nieuw’ (In de Knipscheer, 1976). Dit gedicht werd ook geselecteerd door Klaas de Groot in zijn bloemlezing ‘Grenzenloos; 40 jaar Knipscheer Poëzie’ (2018).

Allen Ginsberg, meikoning

Ik stel me nu Allen Ginsberg voor,
zonder kleren aan, grinnikend
in het grote bagagedepot
van het Centraal Station in München.

Net als in het dure fotoboek
van Richard Avedon en James Baldwin
zou hij daar dan staan
nat en naakt met gespreide tenen,
tegen het lijf geplakt hoofd-
en lichaamshaar, de handen beschermend
om het blote Dichterslid gevouwen.

Geflankeerd door ruwhouten rekken
volgestapeld met genummerde valiezen,
rugzakken en glimmende aluminium koffers
zou hij daar dan wijdbeens staan,
met glanzende brillenglazen de Mens wezen,
Lijden, er Zijn.

Allen Ginsberg, Koning van de Mei,
Walpurgisnacht een bezemsteel in Praag,
een boodschappentas tomaten opeisend
aan het bagagedepot te München.

Meer over Peter H. van Lieshout bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Grenzenloos’

«Weer een zalige editie van Extaze!» – André Oyen

coverE28voorDOver Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ op Lezers tippen lezers, 22 februari 2019:
Literair tijdschrift Extaze is een kwartaalschrift gewijd aan literair en beeldend werk van Nederlandse en Belgische schrijvers en kunstenaars. (…) ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. (…) In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982). (…) Hoewel hij debuteerde in een tijd toen vele dichters zich voor het eerst presenteerden, onttrekt zijn in het Nederlands geschreven poëzie zich aan de toon en de dichterlijke objecten van die dagen (in het bijzonder aan de maatschappelijk bewogen strijdpoëzie). Hij schrijft gevoelige verzen, fijnzinnig observerend hoe droom en werkelijkheid uit elkaar groeien (hij had een enorm problematische relatie met zijn vader) en uiteindelijk slechts droefenis overblijft voor ontheemden overal ter wereld. Lang na zijn overlijden begonnen zijn gedichten te verschijnen in de ‘Spiegel van de Surinaamse poëzie’ (1995) en in tijdschriften als Dietsche Warande & Belfort, Bzzlletin, Poëziekrant en De Tweede Ronde. In 2002 kwam er een nieuw bundeltje van hem uit in Paramaribo: ‘Marcel en andere gedichten’. In 2007 verscheen in Nederland een keuze uit zijn werk gemaakt door Gerrit Komrij onder de titel ‘Dat ik zong’. Later dat jaar verscheen een bibliofiele editie van zijn gedicht ‘Indiaans’. In dit Extazenummer treft de lezer ook gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp. Weer een zalige editie van Extaze!
Lees hier de aankondiging
Meer over ‘Extaze 28’

Literair tijdschrift Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ [Jrg. 7, nr. 4]

coverE28voorDExtaze 28– Geloof in de kunst
zevende jaargang nr. 4, november 2018
redactie Cor Gout, Els Kort (vormgeving)
gebrocheerd, geïllustreerd, 112 blz.,
€ 15,00
presentatie 15 november 2018
ISBN 978-90-6265-623-3

Zoals in elk nummer wordt ook in dit nummer de inhoud bepaald door essays, gedichten, korte verhalen en beeld en nog uitgebreid met interviews en recensies op het digitale supplement van Extaze. ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. In zijn essay ‘De tegenverbeelding van het religieuze’ concludeert Kris Pint na lezing van Gerard Reve’s literaire werk, dat de schrijver in het katholicisme een tegenverbeelding vond die krachtig genoeg was om de strijd met zijn wanhoop, verslaving en angst voor depressies aan te gaan. De neurotheologie leert ons dat de religieuze verbeelding dient als interface om met de primitieve religieuze ervaringen om te gaan die in de specifieke structuur van de hersenen zijn opgeslagen.

De sterke religieuze vervoering die is uitgedrukt in het beeld ‘Extase van de heilige Theresia’ van Giam Lorenzo Bernini (1598-1680) zet Onno Schilstra in ‘Het nachtkastje van Franco’ op hetzelfde spoor als Pint. De sculptuur vormt een verwijzing naar iets onzegbaars, iets ‘onbegrippelijks’ dat hooguit door het soort symbolen waarover Reve schrijft in ‘Moeder en zoon’ (1980) in taal uitgedrukt kan worden.

’Een verrukkende heidense schoonheid’ is de titel van Ruurd Halbertsma’s essay over de waardering van de antieke beeldhouwkunst door de eeuwen heen en de aantrekkingskracht die de lichamelijkheid en sensualiteit van de beelden uitoefenden op mensen met sluimerende seksuele fantasieën. Louis Couperus beschouwde de antieke wereld als een ‘foreign country’, waarnaar hij terugreisde op elk moment dat hij in extase een klassieke sculptuur beschouwde.

Artien Utrecht is geboeid door de tegenstelling die de schrijver Junichiro Tanaziki waarnam tussen de Japanse sensitiviteit voor nuances van licht en duisternis en de westerse voorkeur voor het felle licht. Op het Japanse kunsteiland Naoshima ervaart ze dat het spel van schaduwlagen en hun verschillende diepten je dwingt om te kijken met je zintuigen. Het donker vraagt om een voorbijgaan aan het ‘gewone’ zintuiglijke zien. Voorbij het gewone zien ligt de verbeelding van wat niet is, maar zou kunnen zijn.

In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982), wiens thematiek: dood en verandering gekoppeld aan geweld, voor hem een middel was om zich bevrijd te voelen van beklemming en onderdrukking.

In dit nummer gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp.

De presentatie van Extaze 28 vindt plaats op donderdag 15 november 2018. Locatie: Houtrustkerk, Beeklaan 535, Den Haag (hoek Houtrustweg). Parkeren kan gratis op het erf van de internationale school aan de overzijde. Aanvang: 20.15 uur precies. Deur open van 19.45 uur tot 20.10 uur, dus graag op tijd aanwezig zijn. Entree: € 10,00 (alleen contant te betalen). Reserveren: redactie@extaze.nl. Presentatie: Cor Gout. Licht en geluid: Anton Simonis (Adesign).
Lees ook supplement van ‘Extaze’
Meer over ‘Extaze’