Aart G. Broek over de eerste Papiamentstalige dagkalender van Elis Juliana

E-Juliana-03copyOver ‘Awe t’awe: het is me ’t dagje wel!’ van Elis Juliana in op Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 20 januari 2020:
Op 29 september 1998 ging Elis Juliana een overeenkomst aan voor de uitgave van Awe t’awe: het is me ‘t dagje wel! Hij tekende voor de eerste Papiamentstalige dagkalender. Het werd een overrompelend succes. Vijftienhonderd exemplaren werden er in enkele weken tijds verkocht op Curaçao (met een bevolking van hooguit honderdvijftig duizend mensen). Vlak na Elis’ verjaardag, op 8 augustus, kreeg ik deze uitdaging als uitgever/redacteur – toentertijd woonachtig op het eiland – in de schoot geworpen. Een herinnering aan de op zijn geboorte-eiland Curaçao populaire auteur van gedichten en verhalen én beeldend kunstenaar, die in 2013 overleed. ‘Mijn volk leest niet,’ verzuchtte Elis Juliana en hij schreef verder. ‘Mijn volk leest niet, weet je. Maar het is wel dol op praten. Het houdt van filosoferen. Leg ze een gedachte voor en ze kunnen er uitgebreid over nadenken en met elkaar de voors en tegens afwegen. Daar zijn mijn haiku’s voor. Kleine gedichtjes. Drie regeltjes. Een vast aantal lettergrepen per regel. Antilliaanse haiku’s. Haiku’s met een heel lichte moraal. Even over nadenken. Even bij stilstaan. Een duwtje in de rug. Een handreiking. Een luchtige vingerwijzing.’ (…)
Lees verder in ‘Geluk kwispelt maar heel even zijn stompe staart’ op Columns+
Of klik hier
Meer over Aart G. Broek bij Uitgeverij In de Knipscheer

‘De waarheid krijgt geen stoel om op te zitten’ – Elis Juliana

Elis Juliana
Column over Elis Juliana n.a.v. overlijden vijf jaar geleden door Aart G. Broek op Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 23 juni 2018:
(…) Centraal in zijn poëzie staat de vermeende onhebbelijkheid van de Curaçaoënaar om de werkelijkheid niet onder ogen te zien. Nauw hiermee verbonden is de sterke gewoonte om zich een schijnwereld aan te meten waarvan vermoed wordt dat die draaglijker en leefbaarder is dan de werkelijkheid van elke dag. Juliana heeft in een viertal dichtbundels deze schaamtegevoelens en de bijkomende hang naar camouflage, huichelarij, roddel, dikdoenerij, agressie en andere schaamtemanifestaties bespreekbaar willen maken en willen doorprikken. ‘Voorzichtig doorprikken, want,’ zoals hij zelf zegt in een gesprek dat ik ooit met hem had, ‘je hebt geen vijanden nodig.’ (…) Af en toe mocht een zekere moedeloosheid de kop op steken, daarmee toonde Juliana zich zelf echter nog geenszins gewonnen. Hij bleef schrijven en zijn boodschap onvermoeibaar uitdragen. (…)
Recentelijk publiceerde Aart G. Broek ook twee columns over klokkenluiden en dwarsliggers en schaamte. Klik hier voor de drie columns
Meer over Elis Juliana op deze site