Etchica Voorn wint met haar prozadebuut ‘Dubbelbloed’ de OPZIJ Literatuurprijs 2018

Dubbelbloed_01Dinsdagavond 3 juli 2018 is op een feestelijke bijeenkomst in EYE Amsterdam uit de shortlist van tien genomineerden Etchica Voorn met haar prozadebuut ‘Dubbelbloed’ als winnaar van de OPZIJ Literatuurprijs 2018 bekendgemaakt.
De OPZIJ Literatuurprijs is een stimulering die jaarlijks wordt uitgereikt. In aanmerking komen titels die bijdragen aan de bewustwording, emancipatie en ontplooiing van vrouwen. Daarnaast moet de winnende titel Opzij hebben gegrepen vanwege de literaire kwaliteit en de impact op onze maatschappij. De prijs wordt sinds 1979 uitgereikt. Grote namen als Hella S. Haasse, Doeschka Meijsing en Manon Uphoff ontvingen eerder de prijs als erkenning voor hun literaire werk. De prijs bestaat uit erkenning voor het literaire werk en een halve bitcoin, met een waarde van ruim 2.500 euro. De tien genomineerde boeken voor de shortlist van de OPZIJ Literatuurlijst 2018 – in alfabetische volgorde van de auteur – zijn: Griet op de Beeck met ‘Het beste wat we hebben’, Renate Dorrestein met ‘Dagelijks werk’, Laura van der Haar met ‘Het Wolfgetal’, Hella de Jonge met ‘Hartschade’, Charlotte Mutsaers met ‘Harnas van Hansaplast’, Nina Polak met ‘Gebrek is een groot woord’, Marieke Lucas Rijneveld met ‘De Avond is ongemak’, Aya Sabi met ‘Verkruimeld land’, Etchica Voorn met ‘Dubbelbloed’ en Jolande Withuis met ‘Raadselvader’.
Klik hier voor juryrapport
Meer over ‘Dubbelbloed’

«Een verhaal waar je koud van wordt.» – Ezra de Haan

VoorplatNjaiInem75Over ‘Njai Inem’ van Barney Agerbeek op Literatuurplein, 8 januari 2015:
Als in een film trekken de ervaringen van de drie jonge contractarbeiders aan ons voorbij. Wat ze voelen komen we via Inem te weten. In deel vier komt daar een interessante component bij: het denken van de planter waarbij Inem terecht is gekomen en aan wiens wensen ze moet voldoen. Zonder van deze man een karikatuur te maken, wat overigens al te makkelijk was geweest, beschrijft Agerbeek niet alleen de dilemma’s waar hij voor komt te staan maar ook zijn gevoelens daarbij. Juist daardoor wordt het een mens van vlees en bloed. Natuurlijk maakt hij wreed misbruik van de situatie van meisjes als Inem, dat staat buiten kijf. En ook de wijze van handelen op de plantage is hard… maar regelmatig rechtvaardiger dan je zou verwachten. Net zoals je verbaasd bent over het geduld dat hij met zijn njai heeft en de privileges die hij haar geeft. Juist door dat ‘grijs’ te tonen stijgt het verhaal boven het zoveelste boek over ‘ons Indië’ uit. Eigenlijk toont een roman als die van Barney Agerbeek aan dat grote romans als Heren van de thee van Hella S. Haasse langzaam maar zeker uit de tijd raken. Er valt immers over die periode ook een ander verhaal dan dat van de planters alleen te vertellen. ‘Njai Inem’ is daar een goed voorbeeld van.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Njai Inem’
Meer over Barney Agerbeek bij Uitgeverij In de Knipscheer

Lezing Kees Ruys over zijn biografie van Aya Zikken

Woensdag 24 april, 20.15 uur, Kennemer Boekhandel:
Onlangs verscheen Alles is voor even. Het bewogen schrijversleven van Aya Zikken, geschreven door Kees Ruys. Aya Zikken (1919-2013) bracht haar jeugd in Nederlands-Indië door. Haar Indische jeugdjaren werden later de drijfveer van haar bestaan en de inspiratiebron voor haar schitterende literaire werk. Zij schreef meer dan dertig romans met als poëtisch middelpunt De atlasvlinder. In de literaire wereld onderhield zij contacten met schrijvers zoals Hella S. Haasse, J.C. Bloem en Gerard Reve. Kees Ruys schreef een intiem portret van haar persoonlijk leven en kunstenaarsbestaan.

Kennemer Boekhandel, Kleverparkweg 3, 2023 CA Haarlem, tel 023-5251944. Toegang € 5,-, reserveren gewenst. info@kennemerboekhandel.nl

Meer over deze biografie

«Aansprekende voorbeelden van de beeldvorming rond de Indo.» – Petra Teunissen-Nijsse

DubieuzenOver ‘De dubieuzen’ van Alfred Birney in Arabesken nr. 40, 1 november 2012:
Birneys inleiding over de begrippen ‘Indo’, ‘Indisch’, ‘Hollander’ en ‘koloniale literatuur’ legt duidelijk de pijnpunten bloot. Er is veel verwarring over deze begrippen, door tekortschietend historisch besef of door politiekcorrecte angst voor racisme. Birney stelt uiteindelijk voor om de term ‘Indisch’ als een cultureel begrip op te vatten en de term ‘Indo’ als een etnisch begrip. (…) In zijn omvangrijke essay laat Birney zien dat de Indo-schrijvers het multiculturele leven in Nederlands-Indië anders beschrijven dan Couperus en Multatuli. Hij geeft enkele aansprekende voorbeelden van de beeldvorming rond de Indo en zijn ‘dubieuze’ status. Ook trekt hij interessante parallellen tussen ‘liplappen’ en ‘sinjo’s’, en jonge halfbloeden in onze huidige samenleving.

Lees hier de recensie

Meer over De dubieuzen