Bea Vianen is niet meer

data39982651-d7cddd Foto Els Kirst

Angst

Schrijven en dan wachten tot de schemering is ingetreden
Minder beschaamd om wat er mis ging met mimiek
En dat went. Misschien doe ik de kamer aan kant.
Haal ik wat boodschappen zoals twee eieren.
Misschien wel drie. Kan ik daarna vertrekken
Of zou het kunnen dat het mij nooit meer lukt?

De Surinaamse schrijfster Bea Vianen, geboren op 6 november 1935, is op 6 januari 2019 op 83-jarige leeftijd in Suriname overleden. Ik kreeg het vandaag te horen, zo kort nog na het overlijden van leeftijd- en landgenoot Michaël Slory. En toch schrik ik weer. Van 1969 t/m 1973 beleefde ze haar grote periode bij Uitgeverij Querido met de publicatie van vier romans waarin de Hindoestaanse migratie tot en met haar eigen komst naar Nederland een voornaam thema is. Vanaf 1984, toen we al tal van jongere Surinaamse schrijvers in ons fonds hadden, tot en met 1988 gaven we drie van deze vroege romans opnieuw uit. Immers, zij was een belangrijk schrijver, de vrouwelijke stem in de Surinaamse literatuur, die niet in de vergetelheid mocht raken. En natuurlijk in de hoop dat het heruitgeven van die drie romans tot nieuw proza zou kunnen leiden. Dat proza kwam er niet, wel twee dichtbundels Over de grens in 1986 en Op het laatst krijgen we met z’n allen donderop in 1989. De relatie tussen deze uitgeverij en haar was niet een heel gelukkige. In die jaren tachtig was zij nergens thuis en reisde ze in veel Zuid-Amerikaanse landen, Curaçao incluis, en raakte daar keer op keer in problemen. Dan werd ik midden in de nacht door de marechaussee gebeld of ik haar kon ophalen van Schiphol. En ik heb wat met haar in lange rijen voor loketten gestaan om het zoveelste paspoort of woonvergunning of uitkering te regelen. In de jaren negentig, toen de uitgeverij aan het Singel in Amsterdam huisde, stond ze ineens op de stoep met naast haar al haar schamele bezittingen. Nergens thuis, zeker niet meer in Nederland. Misschien dan toch het beste terug naar de moederschoot in Suriname. Strafhok of paradijs? Ik verscheepte haar gasfornuis, koelkast en andere huisraad naar Paramaribo en bracht haar letterlijk tot aan de deur van het vliegtuig. Ze was met mij te ver gegaan, over de grens. Dat voelde toen al als een noodzakelijk definitief afscheid en dat bleek het ook te zijn. Ik reageerde allergisch op haar, kon de telefoon niet opnemen als ze belde. Ik ben er niet fier op. Zo vervaagde ons rechtstreekse contact, zoals haar vele faxen hun kleur en leesbaarheid zijn kwijtgeraakt. Niet meer gesproken, niet meer gezien. Wél nog steeds gelezen: twee gedichten met trots gebloemleesd door Klaas de Groot in Grenzenloos, dat nog geen maand geleden het licht zag. Want wat een schrijfster was ze! En met recht verklaren vele van haar inmiddels talrijke opvolgers van latere generaties zich schatplichtig aan haar. Niet voor niets was Bea Vianen een van de auteurs aan wie Astrid H. Roemer in 2016 haar P.C. Hooftprijs opdroeg.

franc knipscheer

Meer over Bea Vianen bij Uitgeverij In de Knipscheer

Bea Vianen – Sarnami, hai

90-6265-289-1Bea Vianen
Sarnami, hai.

Roman, Suriname
Uitgebreid met Nawoord van Jos de Roo
Paperback, 176 blz., € 13,50
ISBN 90-6265-289-1
Derde, verbeterde druk november 1988
Uitgeverij In de Knipscheer, uitverkocht

Sarnami, Hai (Suriname, ik ben) is een klassieke roman over volwassen worden en het zoeken naar identiteit. De hoofdpersoon, het meisje Sita, is de kleindochter van de uit India afkomstige contractarbeiders, maar veel meer over haar verleden weet ze niet. Het zoeken naar haar eigen geschiedenis wordt in de loop van het verhaal (via gewone gebeurtenissen in het ongewone Suriname van de jaren vijftig) steeds meer een gevecht voor een toekomst, die met een studie in Nederland moet beginnen.
Bea Vianen (Paramaribo, 1935 – RK Hindu) debuteerde in 1966 met het dichtbundeltje Cautal. In de periode 1969-1974 publiceerde zij behalve Sarnami, Hai drie romans en een dichtbundel: Strafhok (1970), Ik eet, ik eet, tot ik niet meer kan (1972, 1984*), Het paradijs van Oranje (1973, 1985*) en in 1974 Liggend stilstaan bij blijvende momenten. In 1979 verscheen nog de roman Geen onderdelen en in 1986 en 1989 de dichtbundels Over de grens* en Op het laatst krijgen wij met z’n allen donderop*.]

(*) Ook verschenen bij Uitgeverij In de Knipscheer

Meer over Bea Vianen op deze site

Bea Vianen – Het paradijs van Oranje. Roman

ParadijsvanoranjeBea Vianen
Het paradijs van Oranje

roman
Suriname /Nederland
gebrocheerd, 157 blz.
ISBN 978-90-6265-187-0
Tweede druk november 1985
Uitgeverij In de Knipscheer, uitverkocht

Deze roman speelt kort voor de onafhankelijkheid van Suriname. Via de hoofdfiguur, een in Nederland wonende Surinaamse schrijver, wordt een beeld gegeven van de moeilijke situatie van Suriname, door de slechte samenwerking van de verschillende groeperingen en de onverschilligheid van Nederland. Net als haar eerdere romans gaat ook dit boek over wat de schrijfster zelf het ‘ophangen van de vuile was’ genoemd heeft. Maar deze keer wordt Suriname-in-Nederland beschreven, vanaf de aankomst met de Bijmerexpres op Schiphol tot en met het werkelijke beeld van de Surinamer in Nederland: de binnenkant van de Surinaamse mens, vol heimwee en frustraties. De ik-figuur, een mannelijke auteur van Surinaams-hindostaanse origine, laat ons achter de schermen van het schijngeluk kijken, schrijvend en piekerend over vriendschap, familiebetrekkingen, woontoestanden, tolerantie en eerlijkheid, maar vooral over het zoeken naar zichzelf in een vreemde omgeving.

«De Surinaamse schrijver Sirdjal Singh gaat met zijn neef naar Schiphol om een familielid af te halen. Op Schiphol wordt Sirdjal geconfronteerd met de schijnwereld waarin veel Surinamers in Nederland leven. Firoz, een vroegere leerling van hem, is vrijwel de enige waarmee Sirdjal contact heeft. Als Firoz naar Suriname vertrekt en binnen 3 weken weer terug is in Nederland, beseft Sirdjal dat ook hij, ondanks zijn heimwee, vermoedelijk nooit naar Suriname zal terugkeren. Bea Vianen is een Surinaamse schrijfster, die vanaf 1969 een aantal romans heeft gepubliceerd. Haar boeken hebben alle als centraal thema: het vinden van een eigen identiteit. Deze roman probeert een beeld te geven van de gedachtewereld van Surinamers (Hindostanen) in Nederland, waarbij deze gedachtewereld vaak wat verwrongen overkomt. Bepaalde situaties echter zullen veel Surinaamse lezers zeer bekend voorkomen.» – Marijke van Geest, NBD | Biblion

Meer over Bea Vianen bij Uitgeverij In de Knipscheer