«Nederland mocht willen dat het een Boeli van Leeuwen had voortgebracht.» – Chris Engels

BoelivanLeeuwenJeroen Heuvel stuit op een brief over Boeli van Leeuwen. Op Caraïbisch Uitzicht, 10 oktober 2018:
Die brief (aan J. v.d. Walle ) staat in de bundel ‘Chris Engels, Brieven aan een koerantier’ in 1977 onder redactie van B. Jos de Roo in Curaçao uitgegeven. Over Boeli van Leeuwen is Chris Engels zeer positief. “Boeli’s observatievermogen is onverbeterlijk. Zijn hele hoofd is een Leica. Hij drukt op de knop en je staat erop. Het houdt hem ook onrustig. Hij moet alweer iets anders zien. Vooral het volk is hij goed gezind. Met ‘the man in the street’ kan hij stuk voor stuk praten , maar op een podium is hij te moeilijk voor hen. Hij heeft zijn sympathieën, maar dat maakt hem niet minder meedogenloos, als het erop aankomt. Nederland mocht willen dat het een Boeli van Leeuwen had voortgebracht. ‘Jammer dat Vestdijk zo slecht schrijft,’ kon hij eens rustig opmerken, en de Hollanders hadden hem de Nobelprijs toegedacht!’
Lees hier het bericht op Caraïbisch Uitzicht
Lees hier de brief
Meer over Jeroen Heuvel op deze site
Meer over Boeli van Leeuwen op deze site
Meer over B. Jos de Roo op deze site
Meer over J. van de Walle op deze site

J. van de Walle – De muggen van San Antonio

J. van de WalleJ. VAN DE WALLE
De muggen van San Antonio

Nederland, Roman
Globepocket, 186 blz., € 7,50
ISBN 90-6265-748-6
Eerste druk 1998

«Als Europeaan die een siësta onder de tropenzon in een doorstoofd Zuid-Amerikaans dorpje tastbaar weet te maken is J. van der Walle voor de Nederlandstalige letteren als een tweede B. Traven.»

‘Onze alcalde leeft, maar Ramon Oviedo, onze politiechef is morsdood,’ meldt de verteller in De muggen van San Antonio over de komst van een groep muggenbestrijders in het traditionele dorpje San Antonio. Het is de stijl van de bekende ‘Kroniek van een aangekondigde dood’ van Gabriel García Márquez (dat overigens pas jaren later uitkomt) en de spanning in zijn roman is even zinderend. Het verhaal gaat over het jongetje Miguel dat niets ziet in muggenverdelgers die van buiten komen: hij wil zijn muggen zelf doodslaan.

Johan van de Walle (1912) vertrekt als 22-jarige journalist naar Curaçao en Suriname. Vanaf 19656 schrijft hij in zeven jaar tijd zijn vijf ‘West-Indische’ romans, waarmee hij zich (volgens steeds meer literatuurcritici) schaart onder de grote romanciers.

«Een meesterwerk, het werk van de meester, zoals Van der Walle er ongetwijfeld een is, baart vrijwel nooit onmiddellijk opzien.» – Aya Zikken