«Prachtig en gedetailleerd geschreven, nergens melodramatisch dankzij ironie.» – Sjoerd van Berkel

Over ‘Zilte windsels suikerwier’ van Inge Nicole op Hebban, 27 juli 2025:

Het boek ‘Zilte windsels suikerwier’ opent met een motto van Jean Cocteau: ‘Vriendschap is een verborgen liefde’. Dat is een prachtig thema waaruit je alvast kunt opmaken waar het in dit verhaal om zal draaien. (…) Duifje heeft onlangs de boodschap gekregen dat zij Diabetes type 1 heeft. (…) Dit heeft grote gevolgen en zij moet gaan leren wanneer zij insuline bij moet spuiten en wanneer niet. Deze ziekte geeft haar heel veel beperkingen en zorgen. De jongen die zij tegenkomt, heet Rayan en ook hij heeft zo zijn uitdagingen. Rayan is gevlucht en lijdt onder zijn herinneringen die worden opgeroepen door gebeurtenissen in het heden. (…) Inge Nicole schrijft prachtig en gedetailleerd over de belevenissen van de personages. Het wordt nergens melodramatisch. De schrijfster zet ironie in om het verhaal dragelijk te houden. Voor jongeren is dit een heel geschikt boek, omdat we in de huid kruipen van twee jongvolwassenen die met een afschuwelijk gegeven moeten leren leven. Tegelijk leren deze jonge mensen het gegeven als een gegeven te aanvaarden, hoe erg het ook is. Dat is een leerzaam uitgangspunt en maakt het goed bespreekbaar in de klas. (…) Ik vind dit een waardevol en bijzonder goed geschreven boek. Helaas ben ik niet bij machte om deze op de shortlist van de Libris literatuurlijst te zetten. Dat is jammer, het verhaal heeft me echt diep ontroerd. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Zilte windsels suikerwier’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Met elk nieuw boek wordt zijn eigenheid duidelijker én verrassender.» – Bart Vervaeck

Opmaak 1Over ‘Maskerade’ van Harry Vaandrager op De Reactor.org, Platform voor literaire kritiek, 3 november 2016:
Als je de appendix buiten beschouwing laat, zie je een haast symmetrisch opgebouwd bolwerk. Aan de buitenkant daarvan zit het verhaal van Ada Brink. Zij zorgt voor een voor- en een nawoord. Aan de binnenkant wisselen twee verhalen elkaar af: dat van Bob en dat van zijn ongeboren tweelingbroer, de dode en versteende foetus Ben Boëtius. Bob is zelf nog eens opgesplitst in twee stemmen: in romein is hij de verteller, cursief is hij het vertelde personage dat zich beklaagt over alle leugens, verzinsels en ‘verzwijgsels’ van zijn verteller. Die laatste blijkt Vaandrager te heten, waardoor de drie traditionele instanties van het verhaal in het kluwen opgenomen worden: auteur, verteller en personage. Wie de achtergrond en de vroegere versies van deze stemmen wil leren kennen, kan het feuilleton lezen dat Vaandrager op de site van het Rob Scholtemuseum plaatste. Daar heet Ben Boëthius nog Bob Scholte en is Bob Boëthius Rob Scholte. De gedaanteverwisseling kent geen einde. (…) Aan het woord is de ongekuiste taal. In haar nawoord zegt Ada ‘dat mijn woorden vieze nagelriemen hebben vanwege het pulken aan mijn eenzaamheid’. Maar zelfs ongekuist blijft de taal ontoereikend: ze kan het leed en de dood niet vatten, ze kan ze niet voelen of iets invoelbaar maken en ze kan ze al evenmin verzachten. De taal kan niet zwijgen, maar evengoed kan ze niet anders dan verzwijgen. Alle beelden, vloeken en ongecensureerde vertellingen blijven verhullingen. ‘Maskerade’ is een meesterlijke oefening in het verhullen en onthullen van de dood die – om het einde van een vitalistisch epos te perverteren – ‘ons allen boeien blijft in dit aardse leven’.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Maskerade’
Meer over Harry Vaandrager op deze site