Dag Michaël Slory,

Slory-Alsof-men-alles-26-juni-2018-1-705x940
Het laatste publieke optreden van Michaël Slory bij de boekpresentatie van ‘Alsof men alles loslaat’ op 26 juni 2018 in Tori Oso, Paramaribo

Bij wijze van In Memoriam, Michaël Slory, 04-08- 1935 / 19-12-2018:
Merkwaardig toch, of toch niet, dat je hier in een kil Nederland de laatste dagen voortdurend ter sprake kwam. Afgelopen zondag 16 december hield Uitgeverij In de Knipscheer in het Amsterdamse theater Podium Mozaïek haar jaarlijkse boekpresentatie van de in 2018 nieuw verschenen titels van onze Antilliaanse en Surinaamse auteurs. Het slot van het programma was – als eerbetoon – gewijd aan jou met de Nederlandse presentatie van Alsof men alles loslaat, je nieuwste bundel die ik tot mijn blijheid in juni van dit jaar in jouw bijzijn mocht presenteren in Tori Oso. Je was toen eigenlijk al te zwak maar je wilde toch meedoen. Aan de hand van Sombra en Karin Lachmising liep je moeizaam naar je tafeltje bij het podium. Maar hoezeer je lijf ook protesteerde, je bleef scherp en alert. Dat beeld, die foto werd zondag op het grote theaterscherm in Amsterdam geprojecteerd.

Terwijl ik loftuitingen over Alsof men alles loslaat voor het publiek citeer, zie ik vanuit mijn ooghoek die foto voorbijkomen. Het ontroert mij onverwacht hevig, het besef dat we elkaar toen in Paramaribo voor het eerst en laatst hebben ontmoet, en het lukt me niet enkele gedichten van je voor te lezen. Aanwezige Surinaamse auteurs Karin Lachmising en Usha Marhé snellen me te hulp en brengen improviserend je titelgedicht ten gehore van het eerste boek dat In de Knipscheer van je in 1991 uitgaf: Ik zal zingen om de zon te laten opkomen.

Die Nederlandse loftuitingen herhaal ik hier met alle plezier. Meer dan bij Ik zal zingen (…) en je tweede bloemlezing Torent een man hoog met zijn poëzie bij ons uit 2012, zijn het ‘Hollandse’ recensenten en dichters die de loftrompet steken over Alsof men alles loslaat. Alle drie genoemde bundels kregen overigens hun selectie en hun voorwoord door Michiel van Kempen. Joost Baars, winnaar van de laatste VSB-Poëzieprijs 2017, een van de belangrijkste prijzen in Nederland voor dichters, schrijft: «Grenzeloos gelaagde eenvoud, en ik kan er alleen maar van dromen.» Hans Franse verzucht op Meander Magazine, het toonaangevende platform voor poëzie in Nederland: «Alles wat Michaël Slory ziet leidt bijna vanzelf tot een gedicht.» En John Jansen van Galen, niet onbekend met en in Suriname, en promotor van de poëzie, roept op de radio Michaël Slory uit tot «absoluut de beste dichter van Suriname.»

In Suriname ben je al in ver verleden gelauwerd met alle bestaande literaire prijzen. Maar nu is ook Nederland wakker. Net te laat.

Het ga je goed, Michaël.

Met beste groet,
franc knipscheer, uitgever
Haarlem, Nederland

Meer over Michaël Slory bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Het afgelopen jaar waren er heerlijke eerstgeborenen [zoals] het romantisch-zwarte ‘Door het vanggat’ van Aly Freije.» – Ellen Deckwitz

Opmaak 1Over de ‘C. Buddingh’-prijs 2017’ op Poetry International in De Morgen, 31 mei 2017:
(…) Er is anno 2017 minder aandacht dan ooit voor papieren verskunst. Amper een handjevol eerstelingen wordt gerecenseerd, waardoor veel beginnende dichters het gevoel hebben dat hun eerste bundel op zijn minst Nobelprijswaardig moet zijn om te worden opgemerkt. Met als gevolg: uitstelgedrag. Het tegenovergestelde zie je bij de jongste generatie romanciers. (…). Vergeleken met prozaïsten debuteren dichters in het tempo van een slak op valium. Gelukkig maar, want dat levert fantastische, ingedikte poëzie op. Het afgelopen jaar waren er heerlijke eerstgeborenen: het romantisch-zwarte Door het vanggat van Aly Freije (‘littekens maken sterk, breken/ kun je het leven niet verwijten’), het lyrische Waanzin went niet van Max Greyson (‘Nooit zal ik je ontbossen, nooit zal ik iets rooien’) en het korte maar krachtige De dagen de dingen van Pauline Sparreboom (‘Uit angst om af te geven aan de dingen/ of erger: andersom, blijf je liggen/ zo breng je de dagen door met/ het doorbrengen van de dagen, het stille’). En natuurlijk de [genomineerde] bundels van Vicky Francken (Röntgenfotomodel) en Joost Baars (Binnenplaats), die ieder op zich al een geschenk aan de Nederlandse dichtkunst zijn. En die de lat alleen nog maar hoger leggen voor degenen die na hen hun entree zullen maken. Ik kan niet wachten.
Lees hier het artikel
Meer over ‘Door het vanggat’