«Hartverscheurende details in kraakheldere taal.» – Gerlof Leistra

Frans Lopulalan1Over Frans Lopulalan 1953-2020 in Elsevier Weekblad, 14 november 2020:
(…) In ‘Onder de sneeuw een Indisch graf’ beschrijft Frans Lopulalan zijn jeugd in het kamp in Woerden en de rol van zijn dominante vader, een voormalig KNIL-militair die model staat voor alle Molukse vaders. Het boek werd een klassieker in de Indische literatuur. (…) Ernst Jansz: ‘Na het overlijden van Hugo Claus en Jan Wolkers was Frans Lopulalan voor mij de grootste nog levende Nederlandstalige schrijver. Natuurlijk heeft hij niet véél geschreven, maar het gaat erom wat die woorden met je doen.’ (…) Jos Knipscheer was voor hem meer dan een mentor. Ze maakten samen lange strandwandelingen en spraken uitvoerig over het literaire werk. Toen Knipscheer in 1997 overleed, was Lopulalan volgens partner Cindy Smits zijn maatje en sparringpartner kwijt. Alfred Birney: ‘Hij stelde een briefwisseling voor, maar dat hield ik niet vol.’ (…) ‘Frans leed aan een writer’s block, maar heeft met zijn debuut een monument nagelaten.’ (…)
Lees hier het artikel in EW
Meer over Frans Lopulalan op deze site

«Jos Knipscheer neemt sinds februari 1997 overal alle tijd voor.» – Frans Lopulalan

FransLopulalan-JosKnipscheerFrans Lopulalan in column ‘Groot Smoezenboek’ op blog Zeist-Porto Saparoea, 1 april 2012:
«Ik zou je graag nog een keer ontmoeten, voordat ik mij op de klanken van ‘Watermelon in Easter Hay’ in het gezelschap van Jos ga begeven. Ik zie er naar uit je te ontmoeten, goede Franc. Groeten, ook aan Anja.», lees ik in de laatste door hemzelf getypte en verzonden e-mail aan mij op dinsdagavond 6 oktober 2020. Een paar dagen geleden stuurde Cindy mij een column van Frans van 1 april 2012 die ik niet eerder (als niet-blogger en niet-Facebooker) gelezen had: “Het manuscript is voorlopig nog een stapeling van brokken tekst verspreid over schriftjes en schrijfblokken van de Action. (…) Nu hij er al zo lang niet meer is, kan ik zijn naam – Jos Knipscheer – zonder al te veel gêne toevoegen aan mijn Persoonlijk Groot Smoezenboek voor De Schrijver op Zekere Leeftijd, die ’s avonds niet voortzwoegt aan zijn meesterwerk. (…) Waarom zou ik voort maken met dat godvergeten manuscript? (…) Jos Knipscheer neemt sinds februari 1997 overal alle tijd voor. (…)»
[ f k, 2 november 2020 ]
Lees de column ‘Groot Smoezenboek’ op Columns of klik
Meer over blog ‘Zeist-Porto Saparoea’
Meer over Frans Lopulalan op deze site

Frans Lopulalan overleden

FransLopulalan1985 foto Els Kirst
De auteur van het tweede boek dat Uitgeverij In de Knipscheer in 1976 uitgaf, de Amerindiaanse auteur Craig Strete, placht zijn brieven (nog geen internet, nog geen fax) te ondertekenen met ‘Keep Walkin’ In Beauty’. Daar sprak een trots en fierheid uit die hij later door een van de personages in een van zijn romans liet verwoorden met ‘Ik ben niet bang te sterven, ik ben bang uit te sterven’. Die trots en fierheid, alsook de implicatie van het uitsterven, heb ik ook altijd toegedicht aan de Molukse schrijver Frans Lopulalan, die in 1985 aan één boek genoeg had om het leed en onrecht berokkend aan de generatie van zijn ouders onder woorden te brengen en onsterfelijk te maken: Onder de sneeuw een Indisch graf.

Er kwam in 1994 nog een tweede boek van hem uit, Dakloze herinneringen, aangekondigd als ‘notities van een schrijver tussen twee romans in’. Op het omslag daarvan is een postzegelgroot fotootje afgedrukt van een door Frans gedragen zonnebril. Als je daarop inzoomt is in de reflectie een manspersoon te ontwaren: zijn redacteur Jos Knipscheer, mede-oprichter van en -uitgever bij In de Knipscheer. Jos had zich toen al uit de uitgeverij vooral om gezondheidsredenen moeten terugtrekken en zou een paar jaar later overlijden. Frans, de schrijver, kon niet zonder Jos, de redacteur. Frans bleef de trom roeren met op het scherp van de snede geschreven, vaak ‘boze’ columns, maar die tweede roman is, en ik denk daarom, nooit gekomen.

Het beeld van Frans dat in mijn geheugen is gegrift is door mist omgeven: in 1986 zond omroep Ikon zonder filmische beelden en zonder tussenkomst van een interviewer een televisiegesprek uit van drie kwartier tussen twee jonge, volop rokende schrijvers, Frans Lopulalan en Ernst Jansz over hun beider Indische vaders, opgenomen in Literair Café De Engelbewaarder in Amsterdam. Dat kon toen nog. Gewoon op Nederland 1.

Frans Lopulalan (1953) is vanmiddag 28 oktober 2020 overleden in een hospice. Keep Walkin’ in Beauty, Frans.

franc knipscheer, Haarlem

Meer over Frans Lopulalan bij Uitgeverij In de Knipscheer

Howard Krol / Arthur Lava (1955-2020), in herinnering

HowardKrolIk zou het moeten nakijken, en dat kan ik niet want ik zit net een weekje in Frankrijk op adem te komen, maar ik denk dat het eind 1986 begin 1987 geweest moet zijn dat mijn broer Jos Knipscheer († 1997) vanuit Amsterdam met Howard Krol de uitgeverij in Haarlem binnenstapte. Howard, tien jaar jonger dan Jos, lang, knap, energiek. Zijn bruinverbrande kop stak af tegen het immer bleke gelaat van Jos, die het toen al moest redden met een energieschaal van 6% vanwege falende nieren. Hij zou zeker voor vijf jaar de rechterhand worden van Jos – en gezamenlijk zouden zij een nieuwe generatie jonge schrijvers aan de uitgeverij binden, niet alleen een aantal Maximalen (als Arthur Lava), maar ook bijvoorbeeld Diana Ozon en Adriaan Bontebal († 2012). Howard was behalve een goed redacteur, een goed organisator, een man met contacten en daardoor een promotioneel uithangbord van de uitgeverij. Hij voelde zich thuis op het podium, bracht het tijdschrift De Held bij ons binnen, hielp de uitgeverij eind 1988 begin 1989 verhuizen naar het Singel 450 in Amsterdam en een paar jaar later het 15-jarig bestaan van de uitgeverij daar vormgeven. Het klikte tussen hem en de in die tijd gezichtsbepalende vormgever van de uitgeverij Henrik Barends, een samenwerking die zich ook nadien zou voortzetten bij Uitgeverij Voetnoot, een initiatief van Henrik en zijn partner, vertaalster Anneke Pijnappel. En natuurlijk kwamen we elkaar in recenter jaren tegen bij het afscheid van zoveel gezamenlijke dierbaren. En die regelmatige ‘weerzienen’ waren altijd een warm genoegen en deden ons ieder in gedachten terugdenken aan die tijd dat de uitgeverij als een jonge puber te groot was voor servet en te klein voor tafellaken. En nu zit ik hier te proberen ook eens een bruinverbrande kop te krijgen en moet ik veel te vroeg achter jouw naam een jaartal zetten met een kruisje; †2020. Howard, bedankt voor je commitment aan en inzet voor de uitgeverij.

franc knipscheer, Vaux, 16 september 2020

Arti Kraaijeveld † 1 mei 2018

ArtiKraaijeveld2Begin september 2010 kreeg ik een mailtje van Frank Kraaijeveld, dat de Bintangs in 2011 50 jaar zouden bestaan, dat hij een uitgever zocht om ter gelegenheid daarvan een boek te maken. En omdat hij mijn in 1997 overleden broer Jos Knipscheer had gekend dacht hij dat In de Knipscheer wel eens geïnteresseerd zou kunnen zijn.
Mijn broer Jos en ik begonnen in 1976 een literaire uitgeverij. Eind 1978 o.a. versterkt met mijn partner in leven en werk Anja Brandse. Jos was eind jaren zestig en in de jaren zeventig popjournalist en schreef vanaf de oprichting met regelmaat voor Muziekkrant Oor. En ook ik schreef in 1976, 1977 een paar stukken voor Oor. Maar als je een boekenuitgeverij begint, kun je andere zaken en hobby’s wel vergeten. Dus dat was het einde van ons beider werk voor o.a. Oor. Maar goed, Jos schreef o.a. dus ook over de Bintangs en later nog over Circus Kraaijeveld. Jos was net als Frank Kraaijeveld een grote fan van de Indiaanse muzikant Link Wray en ook onder de indruk van diens producer Steve Verocca met wie later de Bintangs in 1975 ‘Genuine Bull’ zouden opnemen. Volgens Frank is Jos daarvoor zelfs mee geweest naar de Rockfield Studios in Wales.
Grappig genoeg ben ik dan weer een paar keer thuis op bezoek geweest bij mijn leeftijdgenoot Arti Kraaijeveld. Dat moet begin jaren ’70 geweest zijn. Mijn toenmalige vrouw Loes werkte in die jaren met Arti’s vrouw in een Bruna boekhandel in Amsterdam. Ik vond dat natuurlijk wel spannend, want Loes kwam uit deze contreien (Kennemerland en de IJmond), en we waren in onze verkeringstijd vanaf 1966 in deze regio met enige regelmaat naar lokaal gevierde bandjes gaan kijken zoals Rob Hoeke en ook de Bintangs, want op mijn netvlies staat nog het beeld geëtst van Arti met lang haar in een lange jas die zijn onnavolgbare soli met zijn rug naar het publiek toe speelde.
Dat boek is er gekomen: ‘Bintangs Fifty Fifty’ en twee jaar later nog een tweede Bintangsboek: ‘Rhythm & Rhyme’. Maar Arti zat al decennialang in Spanje en heb ik nooit meer gezien.

franc knipscheer

Nog een keer Travelling in the USA (2016)
Meer over Frank Kraaijeveld en Bintangs bij Uitgeverij In de Knipscheer

F. Starik overleden op 16 maart 2018

StarikFoto website starik.nl

1 Juni 2017 werd in Ro-theater als programmaonderdeel van Poetry International ‘In de kring van menselijke warmte’ gepresenteerd, de hommagebundel voor de in 2015 overleden dichter Rogi Wieg. Een van de tien dichters die uitgenodigd werd hun ode aan Rogi Wieg voor te dragen was F. Starik. Op die avond was het wachten op zijn komst, op hem aan wiens bijdrage de bundel voor zijn dichtersvriend Rogi zijn titel dankte. Maar in zijn plaats kwam de mededeling dat hij met een hartaanval in het ziekenhuis lag. Het liep toen maar net goed af. Vandaag niet. Dertig jaar geleden namen uitgever/redacteur Jos Knipscheer en redacteur Howard Krol hem op in het fonds van Uitgeverij In de Knipscheer. Hij debuteerde er met de bundel ‘Nepvuur’ waarvoor hij de De Avonden Literatuurprijs ontving. Een jaar later werd werk van hem opgenomen in de bloemlezing Maximaal, die Howard Krol (onder de naam Arthur Lava) voor de uitgeverij samenstelde. In 1993 volgde bij In de Knipscheer zijn eerste prozaboek ‘Mijn leven als museum’ en in 2002 en 2004 de bundels (beide met muziekcd) ‘Simpele ziel’ en ‘De Grote Vakantie’. In 1996 was hij een van de initiatiefnemers en redacteuren van ‘Van gelijke duisternis’, het postume officiële dichtersdebuut van zijn in 1991 overleden dichtersvriend Paul van der Steen – ook bij deze uitgeverij. Frank, dank voor al het moois dat je deed en ons gaf: een kring van menselijke warmte. – Franc Knipscheer
Meer over F. Starik op deze site

Menno Wigman

MennoWigman [foto Uitgeverij Prometheus]

Op 1 februari 2018 is dichter Menno Wigman op 51-jarige leeftijd overleden. Midden jaren negentig, toen Uitgeverij In de Knipscheer huisde aan het Singel in Amsterdam, was hij een paar jaar de redactionele rechterhand van uitgeverijredacteur Rob van Erkelens, die weer de rechterhand was geweest van Jos Knipscheer, die zich vanwege zijn broze gezondheid in de loop van 1993 met name fysiek moest terugtrekken uit de uitgeverij. In de Knipscheer was toen de uitgever van nog jonge dichters als Pieter Boskma, René Huigen en F. Starik en Menno Wigman voelde zich wel thuis binnen deze context. Met hem, met Rob van Erkelens en met Mirjam Vosmeer was het jeugdige elan weer even terug in de uitgeverij. Menno hield zich vooral bezig met ingezonden poëziemanuscripten, maar ook met het redigeren van vertalingen uit het Frans. Toen Jos Knipscheer in februari 1997 overleed en de uitgeverij noodgedwongen terugkeerde naar Haarlem kwam ook een eind aan deze ‘Amsterdamse’ redactie. Menno was een uiterst aimabel mens en een groot dichter. Als hij zijn gedichten voordroeg was dat voor mij telkens een indrukwekkende en ontroerende belevenis. Hij oogde altijd jongensachtig, leek de eeuwige jeugd te hebben.

Franc Knipscheer

Lees hier Inge Nicole Bak over Menno Wigman op Facebook

Peter (H.) van Lieshout (71) overleden.

Peter van Lieshout 1976[foto Frans de la Cousine]

Op vrijdag 27 oktober 2017 is Peter H. van Lieshout (Den Bosch, 1946) in Amsterdam overleden. In 1966 debuteerde hij als 19-jarige bij Uitgeverij Querido met de roman ‘De Generalenrepetitie’. Zijn tweede roman ‘Slow Motion’ verscheen in 1974 bij Uitgeverij Agathon. Hij publiceerde vanaf de jaren zestig vooral poëzie in vele literaire tijdschriften. Hij was mede-oprichter van de poëziestroming De Brabantse School. Daarnaast manifesteerde hij zich als vertaler van moderne Amerikaanse literatuur (o.a. Jack Kerouac, William S. Burroughs voor o.m. Poetry International) en als recensent van Amerikaanse en Nederlandse literatuur, o.a. voor De Volkskrant. Samen met Harry Hoogstraten en Jos Knipscheer begon hij in 1975 het tijdschrift voor etno- en avantgarde literatuur ‘Mandala’, waaruit in 1976 Uitgeverij In de Knipscheer voortkwam. Met Leon de Winter en Craig Strete debuteerde hij bij deze uitgeverij in november 1976 met de bundel ‘Zo goed als nieuw. Bewaarde gedichten 1966 – 1976’. Met Mandala en Uitgeverij In de Knipscheer was hij betrokken bij de befaamde One World Poetry-festivals eind jaren zeventig en begin jaren tachtig in Amsterdam. Zijn intensieve en inspirerende werk als vertaler, recensent en redacteur zou een groter eigen oeuvre in de weg staan. Zijn aangekondigde roman ‘Bossche Getijden’ zou nooit verschijnen. Peter van Lieshout is een van de geportretteerden in het boek ‘Dit gaat nooit meer voorbij; Bossche popmuziek en literatuur in de sixties’.
Meer over Peter van Lieshout

Koninklijke Onderscheiding voor Franc Knipscheer

lintjeOver Uitgeverij In de Knipscheer in Persbericht Gemeente Haarlem, 1 oktober 2017:
De Haarlemse uitgever Franc Knipscheer (70) is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Via zijn Haarlemse uitgeverij In de Knipscheer heeft Franc Knipscheer zich in sterke mate ingezet voor de verspreiding van de Nederlands-Caraïbische literatuur. Burgemeester Jos Wienen reikt hem op zondag 1 oktober de bijbehorende versierselen uit. De literatuur van Suriname, Curaçao, Aruba en Bonaire zou er compleet anders hebben uitgezien zonder de inzet van Franc Knipscheer. Reeds in de jaren ’70 gaf hij werken uit van Astrid Roemer, die vorig jaar nog werd onderscheiden met de P.C. Hooftprijs en van Edgar Cairo. Sindsdien lanceerde hij titels van tal van andere inmiddels niet meer weg te denken vertegenwoordigers van de Nederlands-Caraïbische literatuur. Voorbeelden zijn Boeli van Leeuwen, Albert Helman, Shrinivási, Michaël Slory, Elis Juliana en Nydia Ecury. Uitgeverij In de Knipscheer onderscheidt zich ook met werken van schrijvers die graag het literaire experiment zoeken en niet onderhevig zijn aan de mode van de dag. Met een passie voor het onaangepaste, het opstandige en het niet-voorspelbare. Ook op deze wijze heeft Franc Knipscheer in belangrijke mate bijgedragen aan de verrijking van de Nederlandstalige literatuur. Uitgeverij In de Knipscheer viert dit jaar haar veertigjarig bestaan.
Zie persbericht Gemeente Haarlem
Klik hier voor bericht Haarlems Dagblad
Klik hier voor Facebookreacties
Lees hier, hier en hier meer over 40 jaar Uitgeverij In de Knipscheer

«Uitgeverij met vizier op de wereld.» – Paul Lips

Hans PlompDeBesteOver ‘40 jaar In de Knipscheer’ met Pim Wiersinga, Peter Bruyn en Hans Plomp op ‘Vurige Tongen’ in Ruigoord in Haarlems Dagblad, 2 juni 2017:
Het ‘echte’ jubileumfeest gaat hoogstwaarschijnlijk dit najaar gevierd worden. ‘Maar eerst verschijnt in september een verzamelbundel waarin alle dichters vertegenwoordigd zijn die ooit bij ons hebben gepubliceerd’, verzekert Knipscheer. Ondertussen legt hij de poëziebundel ‘In de kring van menselijke warmte’ op tafel, waarin tal van dichters een poëtische hommage brengen aan de getormenteerde auteur Rogi Wieg (1962-2015). De bundel is donderdag 1 juni gepresenteerd tijdens Poetry International in Rotterdam. Verschillende auteurs van In de Knipscheer presenteren zich tijdens ‘Vurige Tongen’ in Ruigoord. Zaterdag 4 juni Pim Wiersinga en Peter Bruyn. Tweede Pinksterdag zal Ruigoord-coryfee Hans Plomp een bloemlezing uit vijftig jaar dichtwerk onder de titel ‘Dit is de beste aller tijden’ presenteren.
Lees hier of hier het artikel
Meer over ‘In de kring van menselijke warmte’
Meer over ‘Dit is de beste aller tijden’