Literair tijdschrift Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ [Jrg. 7, nr. 4]

coverE28voorDExtaze 28– Geloof in de kunst
zevende jaargang nr. 4, november 2018
redactie Cor Gout, Els Kort (vormgeving)
gebrocheerd, geïllustreerd, 112 blz.,
€ 15,00
presentatie 15 november 2018
ISBN 978-90-6265-623-3

Zoals in elk nummer wordt ook in dit nummer de inhoud bepaald door essays, gedichten, korte verhalen en beeld en nog uitgebreid met interviews en recensies op het digitale supplement van Extaze. ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. In zijn essay ‘De tegenverbeelding van het religieuze’ concludeert Kris Pint na lezing van Gerard Reve’s literaire werk, dat de schrijver in het katholicisme een tegenverbeelding vond die krachtig genoeg was om de strijd met zijn wanhoop, verslaving en angst voor depressies aan te gaan. De neurotheologie leert ons dat de religieuze verbeelding dient als interface om met de primitieve religieuze ervaringen om te gaan die in de specifieke structuur van de hersenen zijn opgeslagen.

De sterke religieuze vervoering die is uitgedrukt in het beeld ‘Extase van de heilige Theresia’ van Giam Lorenzo Bernini (1598-1680) zet Onno Schilstra in ‘Het nachtkastje van Franco’ op hetzelfde spoor als Pint. De sculptuur vormt een verwijzing naar iets onzegbaars, iets ‘onbegrippelijks’ dat hooguit door het soort symbolen waarover Reve schrijft in ‘Moeder en zoon’ (1980) in taal uitgedrukt kan worden.

’Een verrukkende heidense schoonheid’ is de titel van Ruurd Halbertsma’s essay over de waardering van de antieke beeldhouwkunst door de eeuwen heen en de aantrekkingskracht die de lichamelijkheid en sensualiteit van de beelden uitoefenden op mensen met sluimerende seksuele fantasieën. Louis Couperus beschouwde de antieke wereld als een ‘foreign country’, waarnaar hij terugreisde op elk moment dat hij in extase een klassieke sculptuur beschouwde.

Artien Utrecht is geboeid door de tegenstelling die de schrijver Junichiro Tanaziki waarnam tussen de Japanse sensitiviteit voor nuances van licht en duisternis en de westerse voorkeur voor het felle licht. Op het Japanse kunsteiland Naoshima ervaart ze dat het spel van schaduwlagen en hun verschillende diepten je dwingt om te kijken met je zintuigen. Het donker vraagt om een voorbijgaan aan het ‘gewone’ zintuiglijke zien. Voorbij het gewone zien ligt de verbeelding van wat niet is, maar zou kunnen zijn.

In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982), wiens thematiek: dood en verandering gekoppeld aan geweld, voor hem een middel was om zich bevrijd te voelen van beklemming en onderdrukking.

In dit nummer gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp.

De presentatie van Extaze 28 vindt plaats op donderdag 15 november 2018. Locatie: Houtrustkerk, Beeklaan 535, Den Haag (hoek Houtrustweg). Parkeren kan gratis op het erf van de internationale school aan de overzijde. Aanvang: 20.15 uur precies. Deur open van 19.45 uur tot 20.10 uur, dus graag op tijd aanwezig zijn. Entree: € 10,00 (alleen contant te betalen). Reserveren: redactie@extaze.nl. Presentatie: Cor Gout. Licht en geluid: Anton Simonis (Adesign).
Lees ook supplement van ‘Extaze’
Meer over ‘Extaze’

Klaas de Groot (samenstelling) * Grenzenloos

Opmaak 1Grenzenloos
40 jaar Knipscheer Poëzie

Bloemlezing koninkrijkspoëzie
samenstelling Klaas de Groot
redactie Peter de Rijk
gebrocheerd in omslag met flappen
264 blz., € 19,50
2018
ISBN 978-90-6265-953-1

Poëziebloemlezingen kunnen er niet genoeg zijn. Gelukkig lokken er overal velden waar een bloemlezer verlekkerd kan rondwaren. Hij of zij kan kiezen uit wat er over een bepaald onderwerp is gedicht. Hoeveel is er niet verzameld over de dood of over de liefde? Keuzes uit bepaalde periodes of bepaalde dichters worden geregeld gemaakt. Het soort bloemlezing dat meestal voor veel beweging zorgt, is de verzameling uit het werk van een groep of generatie dichters.
Een keuzeveld met duidelijke grenzen is het fonds van een uitgeverij. Als de bloemlezing dan ook nog bedoeld is om een verjaardag te vieren, dan is het terrein duidelijk, de piketpalen staan er. Uitgeverij In de Knipscheer is veertig jaar geworden en daarom verschijnt de bloemlezing Grenzenloos. De tussen-n is verplicht, omdat het tijdschrift Mandala, de wieg van de uitgeverij, zich een grenzenloos tijdschrift noemde en de n mag als het woord een gebied bedoelt dat geen grenzen heeft. De wereld buiten de eigen wereld, dat is het terrein. Tijdens de jaren dat In de Knipscheer nu bestaat, zijn er natuurlijk verschuivingen geweest, maar het kijken over de grenzen is gebleven.

In 2015 ontstond het idee voor de bloemlezing. Uitgevers moeten en zullen verder denken dan bloemlezers, bang moeten ze ook niet zijn. Al helemaal een uitgever met veel poëzie in zijn fonds. Die geeft vaak uit op de grens, die springt geregeld in het diepe. En dat diepe kan dus ook heel breed zijn. Uitgeverij In de Knipscheer heeft nu veertig jaar dat uitgegeven wat de uitgever de moeite waard vond en vindt. Samensteller Klaas de Groot heeft meer dan twee meter poëzie (boeken, bundels en de tijdschriften Mandala, De Held en Extaze) ingedikt naar enkele centimeters, waarbij de bundels vertaalde poëzie van buiten de koninkrijksgrenzen buiten beschouwing bleven. Grenzenloos bundelt ruim 160 dichters met in totaal 190 gedichten.

Aletta Beaujon in Digitaal Vrouwenlexicon van Nederland.

(…) In 2008 vond Klaas de Groot in de Openbare Bibliotheek van Den Haag een kantooragenda van Aletta Beaujon over het jaar 1957. Deze was waarschijnlijk via Debrot in de boekencollectie van Sticusa ondergebracht en vervolgens meeverhuisd naar de Haagse bibliotheek. In de agenda stonden 78 handgeschreven gedichten. Onder de titel ‘Words washed away / Weggespoelde woorden’ zijn 64 tot dan toe onbekende, voornamelijk Engelstalige gedichten samen met 14 in 1959 al gepubliceerde gedichten, gebundeld. In 2009 verzorgden Aart G. Broek en Klaas de Groot een uitgave met alle gedichten van Beaujon: ‘De schoonheid van blauw’. (…)
Lees hier de pagina in het lexicon
Meer over ‘De schoonheid van blauw’

«Het mooiste blijft hoe dit gedicht met klanken en ritme de transitie (…) tastbaar maakt.» – Jeroen van den Heuvel

Over het gedicht ‘Ochtend’ uit ‘De schoonheid van blauw / The Beauty of Blue’ van Aletta Beaujon op Ooteoote.nl, 25 september 2017:
Er zijn gedichten waarbij je het gevoel krijgt: “het klopt”, nog voordat je hebt nagedacht over wat het zou kunnen betekenen. De klanken rijgen de woorden en versregels aan elkaar. De meeste van de klanken doen onnadrukkelijk hun werk. (…) Hoe je er ook tegenaan kijkt, voor mij blijft het mooiste hoe dit gedicht met klanken en ritme de transitie die zich aan het begin van een nieuwe dag voltrekt weet vorm te geven. Nee, sterker: tastbaar maakt.
Lees hier het gedicht en ‘het verslag van een close reading’
Meer over ‘De schoonheid van blauw’

«Zijn leven verliep in isolement. Hij schiep zijn eigen eilanden.» – Klaas de Groot

978-90-6265-676-9Over ‘De (zee)laarzen van Bernardo Ashetu’ in Nieuw Letterkundig Magazijn, (jrg. 35 nr. 1), mei 2017:
De Surinaamse dichter Bernardo Ashetu (1929-1982) publiceerde tijdens zijn leven één bundel: ‘Yanacuna’ (1963). Het grootste deel van zijn werk bleef in portefeuille. De mans achter het pseudoniem Ashetu, Hendrik George (Henk) van Ommeren, was marconist en werkte een deel van zijn leven op de koopvaardij. Als zeeman schreef hij heel wat zeegedichten. In veel daarvan is Ashetu’s neiging tot het surrealisme merkbaar. (…) In Nederland komt in 2007 ‘Dat ik zong’ op de markt en in 2011 de meest uitgebreide keuze ‘Dat ik je liefheb’, ook met gedichten uit de dertig ongepubliceerde bundels. Het is wonderbaarlijk om te zien dat degenen die iets zeggen over deze verzamelingen, allemaal heel enthousiast zijn, terwijl het werk verder een stil leven blijft leiden. Klaas de Groot schreef eerder over Bernardo Ashetu o.a. in Literair tijdschrift Extaze 17/18 ‘Water-Zee’ [Jrg. 5, nr. 1/2, april 2016]
Lees hier het artikel
Lees hier een uitgebreidere versie op Caraïbisch Uitzicht dd. 2 juni 2017
Meer over Bernardo Ashetu op deze site
Meer over Klaas de Groot op deze site

«Een nummer dat je literaire vleugels kan geven om je vakantie aan zee of in het water het nodige aroma te geven.» – André Oyen

VoorplatExtaze17-18-75Over ‘Extaze 17/18 – Water-Zee’ op Ansiel, 29 mei 2016:
De redactie van dit prachtig literair tijdschrift tracht verrukking en verwondering op te roepen door de kracht van het woord en de verbeelding. En deze pogingen van de Extaze-redactie levert telkens een boekwerk af dat je heel gulzig proeft en waardeert. Zwakke nummers ben ik persoonlijk nog niet tegengekomen, maar de absolute hoogvlieger was toch wel het Frans Kellendonknummer dat een huiveringwekkend mooi literair eerbetoon was. ‘Extaze 17/18’ is uitzonderlijk een dubbelnummer waarin Water-Zee duidelijk dominant aanwezig, zowel in essay, kortverhaal als gedicht. Er wordt gemijmerd en gefilosofeerd over diverse items gaande van het zeemanslied van de Deense Lale Andersen tot de poëzie van Slauerhoff met immer en altijd water/en of zee op de achtergrond. (…) Een nummer dat je literaire vleugels kan geven om je vakantie aan zee of in het water het nodige aroma te geven.
Lees hier de recensie
Meer over Extaze

Literair tijdschrift Extaze 17/18 ‘Water-Zee’ [Jrg. 5, nr. 1/2]

VoorplatExtaze17-18-75Extaze 17/18 – Water-Zee
vijfde jaargang nr. 1/2
Genaaid gebrocheerd, geïllustreerd, 168 blz.
€ 29,50
Presentatie 14 april 2016
ISBN 978-90-6265-912-8

‘Water-Zee’ is een dubbelnummer, gedrapeerd rond ‘Een (on)mogelijke reisgenoot’, een poème fleuve van Theo van der Wacht. Als altijd bevat ‘Extaze’ een aantal essays. René ten Bos volgt Peter Trawney en François Jullien in hun visie dat het water zich op bijzondere wijze tot intimiteit verhoudt en dat de ervaring van intimiteit bij twee mensen er een van indifferentie is, dat wil zeggen dat in hun relatie de verschillen doorlatend (vloeiend) zijn geworden. Gedwee volgt hij hun theorieën echter niet. Marcel Poorthuis onderzoekt de stelling van de voorsocratische denker Thales van Milete dat water aan alles ten grondslag ligt. De verbondenheid van de mens met de wereld vanuit een soort oerprincipe impliceert een deelname aan de geschiedenis vanuit verantwoordelijkheid. Ad Zuiderent toont aan hoe belangrijk de rol van de zee en het strand is in het werk van Gerrit Krol, hoe ze de motor van zijn gedachten vormen, concreet en abstract. Arie Pos maakt in zijn essay over J. Slauerhoff duidelijk dat een groot deel van diens werk onverbrekelijk verbonden is met zijn zwerflust en zijn fascinatie voor de zee. In de rubriek ‘archief’ gedichten van Bernardo Ashetu, ingeleid door Klaas de Groot en gedichten van J. Slauerhoff. Verder korte verhalen van Kolja Aertgeest, Mark Baltser, Tim Dankers, Bram Esser, Hein van der Hoeven, Wim Hofman, Christien Kok, Felix Monter, Wim Noordhoek, Christian Oerlemans en Rob Verschuren. Gedichten van Felix Monter, Herman Rohaert, Brigitte Spiegeler, Harry Vaandrager, Gerrit Vennema, Theo van der Wacht en Miek Zwamborn. Het beeld in dit nummer is van Ronnie Krepel.
Lees ook nieuwe verhalen, gedichten, interviews en recensies op het digitale supplement van Extaze
Meer over Extaze
Meer over de presentatie

«Het leven verlengen van deze schrijver moet mogelijk zijn.» – Klaas de Groot

geniale anarchieOver het gedicht van Gerrit Achterberg dat Lily van Leeuwen koos ter nagedachtenis aan haar vader op Caraïbisch Uitzicht, 4 april 2015:
In de maanden na het overlijden op 28 november 2007 verschijnen er in diverse Curaçaose kranten in memoriamgedichten (…) op Caraïbisch Uitzicht te lezen in de reeks ‘gedichten voor Boeli van Leeuwen’.
Op 28 januari 2008 verschijnt er in de Amigoe nog een gedicht in deze sfeer. Dochter Lily van Leeuwen koos van Gerrit Achterberg het volgende gedicht ter nagedachtenis aan haar vader: ‘Wie ik nu nog zal worden…’ De lezer van dit ‘ingezonden’ gedicht kan zich afvragen waarop deze keuze is gebaseerd. Voor een antwoord op die vraag is misschien dat wat Van Leeuwen schreef een mogelijke mijn om in te hakken.
Wat dan opvalt, is dat het gedicht eindigt zoals het begint, namelijk met een zeer beleefde dood: ‘gaat u mee, mijnheer’. Dit doet sterk denken aan de derde strofe van het gedicht ‘Moeder van mijn moeder’ uit de bundel Tempels in woestijnen. (…). Ook de opening van het gedicht wordt herhaald: ‘Wie ik nu nog worden zal is eender’. De ik bedoelt misschien dat de dood hem niet zal veranderen. Maar ook klinkt een adagium van Van Leeuwen door, namelijk ik ben die ik ben. Een echo van deze gedachte valt te lezen in de laatste regel van de derde strofe: ‘opdat ik des te meer / mijzelve wezen zoude’. Deze strofe begint met de ik als geheimhouder van het leven ‘in eigen beheer’. (…) In het prachtige verhaal ‘The rest is silence’, verschenen in Geniale anarchie, wordt de mens zelf een geheim genoemd en een universum.
Lees hier het hele artikel
Lees hier ‘Kleine chaos’ van Tommy Wieringa
Lees hier Klaas de Groot over gedicht Shrinivási voor Boeli van Leeuwen
Lees hier Klaas de Groot over gedicht Hans Vaders voor Boeli van Leeuwen
Lees hier Klaas de Groot over gedicht Walter Palm voor Boeli van Leeuwen
Lees hier Klaas de Groot over gedichten Helen Lashley en Coco Rais voor Boeli van Leeuwen

«Gedicht ‘Castilië’ van Walter Palm opgedragen aan Boeli van Leeuwen.» – Klaas de Groot

Walter PalmUit ‘Boeli van Leeuwen, gezien door Walter Palm’ op Caraïbisch Uitzicht, 21 maart 2015:
Het tweede deel van Een vreemdeling op aarde ‘Dialoog met Maria’ opent met een indringend beeld van Spanje. Die tien bladzijden zouden zo een eigen leven kunnen leiden in Geniale anarchie, de verzameling verhalen waarmee Van Leeuwen in 1992 voorgoed zijn schrijverschap bewees. Het stuk begint als een lofzang met de opsommende stijl die kenmerkend is voor van Leeuwen. Spanje is het ‘país de santos y de cantos’, het land van ‘stier en maagd, muilezel en gitaar. En het land van Basken en Catalanen, Galiciërs en Valencianen, Andalusiërs en Castilianen. (…) Spanje en de Spaanse poëzie zullen beslist onderwerpen geweest zijn tijdens het gesprek dat Walter Palm in 1977 had met Boeli van Leeuwen. (…) Het wat en het hoe van het gesprek bracht Palm ertoe het gedicht ‘Castilië’ aan Boeli van Leeuwen op te dragen. Het gedicht staat in de verzamelbundel Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker (2002). Het is een gedicht over droog en golvend land dat door de opeenvolging van beelden en de herhaling in de zinsopbouw de dichtershand van Walter Palm verraadt.
Lees hier het artikel mét het gedicht ‘Castilië’
Meer over ‘Met lege handen ging ik slapen, met een gedicht werd ik wakker’
Meer over ‘Een vreemdeling op aarde’

«Schitterende sfeerbeelden van iets dat nooit en nimmer meer terugkomt.» – Hans Vaders

VoorplatTemepelsWoestijnen75Over ‘Tempels in woestijnen’ van Boeli van Leeuwen in Ñapa (Amigoe), 1 november 2014:
Bij de negen gedichten zitten poëtische juweeltjes. Ik heb het dan niet zo zeer over het drietal gedichten met de oorlog als thema, namelijk ‘Soldaten’, ‘Luchtgevechten boven een krankzinnigengesticht’ en ‘Oorlog’. Maar goed, Boeli van Leeuwen was amper terug uit een zwaar geteisterd en verwoest Europa, uit een kreupel Nederland waar hij noodgedwongen de Tweede Wereldoorlog had moeten uitzitten in de schoolbanken. En waar zijn alma mater, het imposante gymnasium aan het Stokroosplein in Den Haag, op last van de Duitse bezetter in 1942 was gevorderd en kort daarna gesloopt in het kader van de aanleg van de Atlantikwall. En in juni 1947 was juist de eerste politionele actie in Indië begonnen, een complete oorlog die slechts verliezers zou opleveren. Van Leeuwen besefte toen al dat het leven de facto een slangenkuil behelsde met vele wonderlijke wezens met dito rituelen, zelfverkozen, aangeleerd of niet. Nee, het zijn eerder de prachtige strofen waarin hij zijn dorre dorstige eiland van toen bezingt. Schitterende sfeerbeelden van iets dat nooit en nimmer meer terugkomt – althans niet in een vorm die wij nu kennen. Er is geen plaats meer voor oude rituelen die in taal worden gebeiteld. (…) Een mooi uitgegeven bundel met treffend werk van Van Leeuwen waarin de contouren zich reeds aftekenen voor zijn latere in zijn romans uitgewerkte thematiek.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Tempels in woestijnen’
Meer over Boeli van Leeuwen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Hans Vaders bij Uitgeverij In de Knipscheer