Drie groten van de Surinaamse poëzie in ‘Plantage Hecht en Sterk’ van de Letterij

Op woensdag 28 november staat Letterij, het programma met schrijvers, in het teken van poëzie uit Suriname. Drie grote Surinaamse dichters komen ter sprake: Michaël Slory, Shrinivasi en Bernardo Ashetu. Van alle drie verschijnen of zijn net nieuwe gezaghebbende bundels verschenen. Uit het grotendeels ongepubliceerde werk van Bernardo Asheto (1929-1982) werd de bundel ‘Dat ik je liefheb’ samengesteld door Michiel van Kempen, die ook in samenspraak met Michaël Slory (1935) diens bundel ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ bezorgde. De titel van deze aflevering van Letterij is ontleend aan de nieuwe bundel van Shrinivási (1926, tegenwoordig woonachtig op Curaçao), ‘Hecht en sterk’, met een Nawoord van Geert Koefoed. De dichters zijn dan weliswaar niet lijfelijk tegenwoordig, maar prachtige, zelden uitgezonden filmbeelden uit documentaires van zowel Slory als van Shrinivasi tonen de uniciteit van deze dichters, de ‘grand old men’ van de Surinaamse poëzie.

Speciale gast is Michiel van Kempen, Bijzonder Hoogleraar West-Indische Letteren aan de Universiteit van Amsterdam. Hij gaat in gesprek met uitgeverijredacteur en radiopresentator Peter de Rijk. De presentatie van de avond is in handen van Franc Knipscheer.

‘Letterij’ is een maandelijkse programmareeks van Uitgeverij In de Knipscheer in de Pletterij.

Locatie: Pletterij, Lange Herenvest 122, 2011 BX Haarlem
Aanvang: 20.00 uur
Zaal open: 19.30 uur
De toegang: € 5,00
Reserveren: reserveren@pletterij.nl of 023 542 3540
www.pletterij.nl

Voor de foto’s zie:

«Een diepe zucht kerft hij met zijn woorden in het paradijs om hem heen.» – C.H. Gajadin

DubieuzenOver ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ van Michaël Slory voor NBD Biblion, 5 november 2012:
In zijn isolement torent de Surinaamse dichter (1935) boven anderen uit met zijn poëzie. In een enkele observatie weet hij Suriname te typeren als geen ander.

Lees hier de recensie

Meer over Michaël Slory

«Deze man schrijft niet alleen poëzie maar ís poëzie.» – Nicolaas Porter

DubieuzenOver ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ van Michaël Slory in De Ware Tijd Literair, zaterdag 13 oktober 2012:
Slory heeft voor ons gezongen. Onverzettelijk en onvermoeibaar. Wat gaan wij nu doen? Komt er nog een lied? Wie behoefte heeft om de mens Michaël Slory te leren kennen zou beslist het geschreven portret van Michiel van Kempen moeten lezen. Te vinden in het nawoord van de nieuwe bundel ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’.

Lees hier de recensie

Meer over Michaël Slory

«In alle overzichten van de Surinaamse letteren komt zijn naam voor. Zes literaire onderscheidingen kreeg hij, waaronder de Literatuurprijs van Suriname. » – Jerry Dewnarain

DubieuzenOver ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ van Michaël Slory in De Ware Tijd Literair, zaterdag 13 oktober 2012:
Met de dichtbundel ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ heeft Slory wederom zijn sterkte en talent bewezen als Surinaamse dichter die hoog torent.

Lees hier de recensie

Meer over Michaël Slory

«Het is verbazingwekkend: dit is geen poëzie die aansluit op welke traditie dan ook, het is poëzie die haar eigen traditie creëert.» – Peter de Rijk

Over ‘Wat geen teken is maar leeft’ van Michiel van Kempen op Radio AmsterdamFM, 1 oktober 2012:
Op maandag 1 oktober was in het radioprogramma ‘Literat-uur’ Michiel van Kempen te gast naar aanleiding van de zojuist verschenen door hem samengestelde en uitgeleide bloemlezing van de Surinaamse dichter Michaël Slory (‘Torent een man hoog met zijn poëzie’) alsmede vanwege zijn eigen poëziedebuut ‘Wat geen teken is maar leeft’. ‘Literat-uur’ wordt live uitgezonden vanuit de OBA op Radio AmsterdamFM.
Luister hier naar de uitzending.
Meer over Michaël Slory
Meer over Michiel van Kempen

«Dit is poëzie die wil communiceren, die uitgesproken moet worden en gehoord.» – Joop Leibbrand

DubieuzenOver ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ van Michaël Slory op MeanderMagazine, 25-09-2012:
Hoewel het werk dus duidelijk in een orale traditie staat, zijn de gedichten niet neergezet in brede, epische streken. Slory blijkt in de eerste plaats een taalkunstenaar te zijn die de bijzondere facetten van de werkelijkheid die hij waarneemt, bijslijpt tot juweeltjes. Ieder gedicht een geschenk, ik denk dat hij het zo bedoelt.
Lees hier de hele recensie.

Zondag 23 september literatuurdag met Orchida Bachnoe, Michaël Slory en Michiel van Kempen

DubieuzenOp zondag 23 september a.s. organiseren de Vereniging Ons Suriname, de Werkgroep Caraïbische Letteren en de Leerstoel West-Indische Letteren van de Universiteit van Amsterdam een Letterendag. Een hoogtepunt belooft een rechtstreekse verbinding met Paramaribo te zijn, waar Michael Slory zal ingaan op zijn zojuist bij In de Knipscheer verschenen nieuwe grote dichtbundel Torent een man hoog met zijn poëzie.

Klik hier voor meer informatie]

Michaël Slory – Torent een man hoog met zijn poëzie. Bloemlezing

Dubieuzen
MICHAËL SLORY
Torent een man hoog met zijn poëzie

Suriname/Nederland
Genaaid gebonden met stofomslag en leeslint, 80 blz., € 17,50
september 2012
ISBN 978-90-6265-806-0

Presentatie 23 september 2012 in Vereniging Ons Suriname in Amsterdam

Bezorgd door en met een Nawoord van
Michiel van Kempen

Michaël Slory is een meertalige dichter, die sinds hij in 1961 zijn debuut maakte met Sarka/Bittere strijd, een belangrijk deel van zijn oeuvre heeft geschreven in het Sranantongo. In de tweede helft van de jaren ’80 van de 20ste eeuw legde hij zich geheel toe op het schrijven in het Nederlands en het Spaans. Het werk van Slory tot 1991 werd gebloemleesd in de bloemlezing met vertalingen Ik zal zingen om de zon te laten opkomen. In Torent een man hoog met zijn poëzie is een ruime keuze opgenomen van het Nederlandstalige werk dat hij schreef in de jaren 1995-2005, en verder een keuze uit gedichten in het Sranantongo waarvan de eerste versie ontstond in de jaren 1973-1975. Zo goed als alle gedichten heeft Slory zelf grondig gereviseerd in 2011, en hij heeft die gedichten nog aangevuld met nieuw geschreven werk. John Leefmans tekende voor nieuwe vertalingen van Slory’s Sranantongo poëzie naar het Nederlands.

Slory is zich scherp bewust van de taak die hij als dichter heeft te vervullen, een ethische taak met esthetische middelen: de wachter te zijn van een paradijs dat misschien alleen bestaat in het hoofd van de dichter, maar dat juist dáárom maakt dat voor de dichter geen alledaagse taak is weggelegd. Zelfs al betekent dat ook vaak een positie in isolement. Want een man die hoog torent met zijn poëzie, reikt met zijn taal naar iets waar anderen niet komen. Michaël Slory heeft deze bundel zelf willen zien als zijn testament op de 75-jarige leeftijd die hij in 2010 bereikte. Dat is deze bundel maar tot op zeer relatieve hoogte geworden. En dat kán deze bundel immers ook niet zijn, zolang de levende dichter nog elke dag zijn levensenergie omzet in nieuwe poëzie.