Betty Roos – Galila van Galilea

978-90-6265-488-8BETTY ROOS
Galila van Galilea

Roman
€ 14,50
Eerste druk 2001
ISBN 978-90-6265-488-8

In het niemandsland tussen Israël en Libanon schrikken Israëlische soldaten van een Arabische kreet om hulp. Een van de soldaten verliest zijn zelfbeheersing en gooit een handgranaat. Een zwangere vrouw komt om het leven. Haar dochtertje raakt een hand en een oog kwijt. Arjeh de commandant, doet alles om het meisje te redden en zorgt voor het vervoer per helikopter. En van hem krijgt ze ook een naam: Galila van Galilea.

In het hospitaal ontmoet Arjeh Margareta, een vrijwilligster. Het is het begin van een bijzondere relatie met de Arabische, die hem meer dan eens confronteert met de onmogelijke situatie waarin zijn land verkeert. We volgen Arjeh in de Gaza, leven mee met Margareta en haar vriendin Fatima en maken ook de zinloze zoektocht van de moslimherder naar zijn omgekomen christen-echtgenote meer.

Galila van Galilea is een indrukwekkende korte roman over hoe mensen (samen-)leven in een anno 2000 verscheurde regio.

Over Bonsai-kinderen, haar debuutroman uit 1995, schreef NRC Handelsblad: «In intensiteit, gevoeligheid en beeldende kracht een opmerkelijk boek over aangrijpende ervaringen.»

Betty Roos werd geboren in voormalig Nederlands-Indië, belandde als vijfjarig joods meisje in 1941 in het jappenkamp, kwam direct na de oorlog als ‘Indisch’ kind naar joods-Amsterdam en vond in de jaren zestig haar thuis in Israël. Ze schrijft direct in het Nederlands, nu haar tweede taal, in een stijl en met een woordkeus waarmee ze heel effectief een beklijvende sfeer oproept.

Betty Roos – Bonsai-kinderen. roman

978-90-6265-412-3BETTY ROOS
Bonsai-kinderen. Roman

Genaaid gebonden, 252 blz., € 18,50
Eerste druk maart 1995
ISBN 90-6265-412-3

Bonsai-kinderen is de naam die Betty Roos gegeven heeft aan de kinderen, die zoals zijzelf, hun kinderjaren in een jappenkamp doorbrachten en na de oorlog naar Nederland kwamen. Net als bij bonsaiboompjes waren er zoveel wortels gesnoeid, dat ze wel konden blijven leven, maar niet konden groeien.

Betty Roos was vijf – toen ze samen met haar moeder, zusjes en broertje – geïnterneerd werd in het kamp Tjihapit in voormalig Nederlands-Indië. In simpele, directe bewoordingen beschrijft ze de bombardementen, de transporten, en het leven in het jappenkamp in Indië.

Na de bevrijding keert de moeder met de kinderen (de vader heeft het kamp niet overleefd) terug naar het ontredderde Nederland om een nieuw bestaan op te bouwen. Pas hier hoort Betty voor het eerst over Hitler, joodse onderduikers en gaskamers, en wordt ze haar eigen joods-zijn bewust. Tegelijkertijd ervaart ze de onwetendheid en het onbegrip over wat zij heeft meegemaakt aan de andere kant van de wereld.

Betty Roos emigreerde naar Israël en woont en werkt in Jeruzalem. 45 jaar lang zweeg ze over haar kampervaringen, maar de Intifada was voor haar de directe aanleiding om eindelijk te gaan vertellen.

‘Een gloednieuwe schrijfster met een verslag van hoe het was, geschreven door het kind dat ze was (…) met het gestolde verdriet dat lotgenoten kennen, maar waarvoor zij opnieuw woorden heeft gevonden.’ Joop van Tijn in het Voorwoord.

‘De waanzin van de oorlog, gezien door de ogen van een kind, maken het tot een ontroerend document.’ – Haagsche Courant

‘De benadering van Betty Roos maakt indruk door de onderkoelde, feitelijke weergave van de gebeurtenissen. Betty Roos heeft een bijzonder boek toegevoegd aan de reeks kamplitaratuur.’ – Intermediair

Ewald Vanvugt – Wettig opium. 350 jaar Nederlandse opiumhandel

Ewald VanvugtEwald Vanvugt
Wettig opium. 350 jaar Nederlandse opiumhandel

Nederland, Nederlands-Indië, geschiedenis
Globe Pocket, 414 blz., € 8,50
ISBN 90-6265-735-4
Eerste druk als Globe Pocket 1995

«Hollandse maagd als opiumpusher.» – Het Parool

Wettig opium vertelt een vergeten deel van de Nederlandse koloniale geschiedenis en geeft inzicht in de betekenis van de wettige opiumhandel voor economische welvaart van het Koninkrijk der Nederlanden.

Handel en bestuur, begroting en leger – alles draaide in de Nederlandse Oost om de opium. Hoe dit uit het bewustzijn en de geschiedenisboekjes is verdwenen, mag een raadsel zijn. De opiumbaten wedijverden om de eerste plaats van de (gigantische) koloniale inkomsten! Toen met de moderne tijd nieuwe technieken hun intrede deden, werd alles nóg grootser aangepakt: de zelf kokende Chinese pachters werden afgedankt en staatswinkels, waar het wettig opium als postzegels over de toonbank ging, verrezen in de gehele archipel.

«Door zijn boek stelt Vanvugt vragen aan de orde waarmee historici van deze tijd, zo gespitst op onthulling van valse leuzen, zich ernstig zullen moeten bezighouden.» – Prof. dr. W.F. Wertheim.

«Een belangrijke bijdrage tot beter inzicht in de geschiedenis van de handel in verdovende middelen.» – Jan Pronk

«Onthullend boek over handel in slaapgom in Nederlands Indië.» – De Telegraaf

«Wettig opium vult een witte plek in het geschiedenisboek op met een zwarte bladzijde.» – NRC Handelblad

Ewald Vanvugt – Het dubbele gezicht van de koloniaal. Geschiedenis

90-6265-275-1Ewald Vanvugt
Het dubbele gezicht van de koloniaal

Nederland, Nederlands-Indië, geschiedenis
Paperback, 186 blz.,
ISBN 90-6265-275-1
Eerste druk 1988
uitverkocht

Hoe vormt men zich tegenwoordig een beeld van het koloniale verleden?
Over wat in de koloniën gebeurde kenden onze voorvaderen haast uitsluitend sprookjes; men werd geleidelijk ‘Oostindisch blind’. En de blinde vlekken in de waarneming werden vanzelf de witte plekken in de geschiedschrijving.

Nadat Ewald Vanvugt eerder overtuigend heeft aangetoond dat de opiumbaten in de hele koloniale periode een pilaar van de Nederlandse schatkist zijn geweest, publiceerde hij een reeks artikelen over andere, vaak veronachtzaamde aspecten van het gemeenschappelijke verleden van Indonesië en Nederland.
Zijn publicaties – vooral in Het Vervolg van de Volkskrant hebben door de originele onderwerpen en de verrassende invalshoek veel reacties losgemaakt.
Met Het dubbele gezicht van de koloniaal, een bundeling van deze artikelen, wil de auteur de aanzet geven tot een frisse kijk en een niet-beladen discussie over de koloniale tijd.

«Vanvugt stelt, bij wijze van uitdaging, vragen aan de orde waarmee historici van deze tijd, zo gespitst op de ontmaskering van valse leuzen, zich ernstig moeten bezighouden.» – Prof. dr. W.F. Wertheim over Vanvugts documentatie Wettig opium

Ewald Vanvugt – De val van Bali

90-6265-228-xEwald Vanvugt
De val van Bali

Nederland – Nederlands Indië, roman
Paperback, 320 blz., uitverkocht
ISBN 90-6265-228-X
Eerste druk 1987

De val van Bali is het verhaal van de vrouw die stierf van schaamte, omdat ze een Nederlandse was, en van de honderden mensen die stierven van trots, omdat ze Baliërs waren. Deze documentaire reisroman, eerder verschenen onder de titel De val van Bali, vertelt tevens over de vriendschap tussen een ‘vrij man’ en een ‘huurling’ – op de spits gedreven tijdens een exotisch avontuur dat uitliep op een koloniaal oorlogje…

«Deze knap geschreven roman heeft als historische harde kern de massale zelfmoord van een Balische vorst en zijn paleistroepen… (die zo) tot onze verbeelding spreekt, omdat hij is ingebed in een exotische cultuur met haar eigenaardige rituelen.» – Prisma Lektuurvoorlichting

«Ik lees met groot plezier De val van Bali. Dingen die iedereen behoorde te weten, maar kom er maar eens om. Zeer levendig en dramatisch.» – Theun de Vries

«Een aangrijpend boek in zijn pijnlijke onthulling en diepe vertedering.» – Gooi- en Eemlander

«De auteur heeft zich heel wat moeite gegeven om de toestanden uit te vorsen… Hij schetst een knap en boeiend beeld.» – Stabelan