«Helder taalgebruik in een verrassend beeldende literaire stijl.» – Wim Rutgers

Opmaak 1Over ‘Irma, een mikado van boze goden’ van Kees Broere in Antilliaans Dagblad, 14 mei 2022:
(…) Irma is op weg naar wraak wegens een feit uit het verleden, jaren en jaren terug. Het brengt haar van Curaçao naar Sint Maarten, waar ze – begin september 2017 – in de hevige orkaan Irma terechtkomt. Zoals het mikado uit de ondertitel van de roman een behendigheidsspel is om uit de chaos van willekeurig neergeworpen stokjes steeds één stokje te pakken zonder de andere aan te raken, zo weet ook Irma dat elke fout fataal kan zijn. Irma Weever is kind op Curaçao van uit Suriname afkomstige ouders. Ze ontmoet op haar middelbare school, het MIL, de van Bonaire afkomstige Paul Fadel. Het leidt tot een hechte vriendschap, met een donker randje. (…) De rode daad van wraak, gebaseerd op veronderstelde gevoelens van achterstelling, zelfs vernedering, bij zowel Irma als Paul, krijgt zijn context in tal van over tijd en ruimte verspreide bijzonderheden. (…) Aanwijzingen die aanvankelijk raadselachtig zijn, maar gaandeweg contouren krijgen, wijzen vooruit naar wat later in het verhaal zal gebeuren. De alwetende verteller houdt de verhaallijntjes strak in de hand en voorziet die met tal van details die de vlot lezende taalvorm van de ervaren journalist demonstreren met helder taalgebruik in een verrassend beeldende literaire stijl die uitnodigt tot citeren: “De tambú sloop op blote voeten langs de stilte.” (…)
Lees hier of hier de recensie
Meer over ‘Irma. Een mikado van boze goden’
Meer over Kees Broere bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Een groot deel van de thematiek raakt aan het onderscheid tussen huidskleur en afkomst. Indrukwekkend.» – Marjo van Turnhout

Opmaak 1Over ‘Irma, een mikado van boze goden’ van Kees Broere op Leestafel, 17 december 2021:
Irma Weever is een rationele, slimme vrouw. Ze is van Surinaams-Curaçaose afkomst. Toen ze drie jaar was verhuisden haar ouders naar Curaçao. Haar vader was werkzaam bij de Shell, haar moeder beheerde een eigen restaurantje, dat goed draaide. Zij wilden graag dat hun dochter het Lyceum zou doen op het eiland, om dan in Nederland te gaan studeren. (…) Als Paul, een Bonairiaan met Libanese wortels, haar maatje, vertelt ook naar Nederland te gaan, besluiten ze samen te gaan. (…) Als Paul haar zijn plannen uiteenzet (waarvan de lezers nog lang niet weten wat die inhouden) belooft ze hem haar hulp. Zij gaat rechten studeren in Amsterdam, hij doet biochemie in Nijmegen. (…) Zij wordt via verschillende omwegen een advocaat strijdend voor het onrecht dat mensen aangedaan wordt, hij een wetenschapper in de biochemie.
Zij weet dat het in de wereld niet zozeer gaat om de echte waarheid, maar om wie zijn argumenten het beste kan brengen. Hij beweert dat je de wereld niet aan anderen moet overlaten als je het ook zelf in de hand kan nemen. (…) Maar er is meer. Veel meer. (…) Een groot deel van de thematiek raakt aan het onderscheid tussen huidskleur en afkomst, maar er zijn ook ‘normalere’ zaken, die meer met de tijdsgeest te maken hebben: drugs, over de uitbuiting door Shell, over het leven op kamers in Amsterdam. En over de zelfstandigheid die Curaçao en Sint Maarten kregen binnen het Koninkrijk der Nederlanden. (…) Je zou dit boek vaker moeten lezen om alles te kunnen doorgronden, want ook al valt op het einde veel op zijn plaats, vragen blijven er. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Irma. Een mikado van boze goden’
Meer over Kees Broere bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Onthutsende climax op Sint-Maarten in soepele stijl met veel variëteiten.» – Kees de Kievid

Opmaak 1Over ‘Irma, een mikado van boze goden’ van Kees Broere op Boekenbijlage, 15 december 2021:
(…) Elk hoofdstuk begint met een fragment uit september van het jaar 2017. Deze fragmenten beslaan een periode van ongeveer zesendertig uur. Het eerste fragment roept direct de spanning op als de auteur schrijft: “Ze heeft ongeveer anderhalve dag de tijd”. Waarvoor, dat wordt (nog) niet duidelijk, maar dat het veel impact zal hebben is onomstotelijk! Na elk fragment in het ‘heden’ volgt telkens een beschrijving van Irma’s ontwikkeling, alles naar voren gebracht door een alwetende verteller. (…) Irma sluit vriendschap met Paul Fadel, een jongen van Bonaire, die van gemengde Libanese afkomst is. (…) Na haar middelbare school op Curaçao gaat ze Rechten studeren in Amsterdam met aansluitend een vervolgstudie in New York, waar ook Paul ‘studeert’. Al vroeger hadden ze samen een plan (Operatie Worst) dat de bedoeling had hen ‘vrij’ te maken. Paul raakt aan de drugs en zij verliest het contact met hem. Wel had ze iemand ontmoet die zich in Paul interesseerde, Joe Marino, onthoudt hem! Irma keert terug naar haar geboorte-eiland. Ze treedt in dienst van de Veiligheidsdienst voor de Nederlandse Antillen (VNA). (…) Dan komen heden en verleden bij elkaar in een onthutsende climax op Sint-Maarten tijdens het razen van orkaan Irma. (…) Er druipt engagement uit deze roman. (…) Broere ontpopt zich als een ware filosoof op het gebied van identiteit. (…) De stijl van de auteur is geolied, zo soepel en met veel variëteiten. (…) Herkenbaar in deze zeer geslaagde roman die naar meer smaakt.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Irma. Een mikado van boze goden’
Meer over Kees Broere bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Een ijzersterke roman. En thriller.»

Opmaak 1Over ‘Irma, een mikado van boze goden’ van Kees Broere in De Volkskrant Boeken, 11 december 2021:
De jonge Surinaams-Curaçaose Irma weet iets over haar Bonairiaanse vriend Paul. De lezer weet niet wat, maar terwijl de orkaan Irma huishoudt op Sint-Maarten, komt hij in ieder hoofdstuk steeds dichter bij de waarheid. Een ijzersterke roman. En thriller.
Klik hier voor het signalement
Meer over ‘Irma. Een mikado van boze goden’
Meer over Kees Broere bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Spannende thriller gaat in wezen om de Antilliaanse geschiedenis.» – C.H. Gajadin

Opmaak 1Over ‘Irma. Een mikado van boze goden’ van Kees Broere voor NBD / Biblion, 22 november 2021:
De ouders van Irma Weever verlieten Suriname in de jaren zestig om bij de olieraffinaderij van Shell te gaan werken op Curaçao. Hun dochter moet en zal de beste opvoeding krijgen, studeren in Nederland en later in New York. Samen met haar jeugdvriend Paul koestert Irma idealen dat het allemaal anders zal zijn voor hun geliefde eiland. De roman begint met Irma’s aankomst op Sint Maarten, waar ze Paul zal ontmoeten. Een dag later zal orkaan Irma dit eiland volledig verwoesten. De vrouw die streefde naar gelijkwaardigheid en gerechtigheid wordt slachtoffer van een brute moord. Hoewel het boek geschreven is als een spannende thriller, gaat het in wezen om de Antilliaanse geschiedenis. Van slavernij tot moord op een linkse politicus. ‘Irma’ is de eerste Caribische roman van Kees Broere, correspondent van de Volkskrant op Curaçao.
Meer over ‘Irma. Een mikado van boze goden’
Meer over Kees Broere bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Schudt schijnbaar achteloos jamben rond in een kwatrijn met omarmend rijm.» – Jeroen Heuvel

VoorplatEiland-75Over ‘Het eiland en andere gedichten’ van Michiel van Kempen in Antilliaans Dagblad, 9 januari 2021:
(…) ‘Het eiland en andere gedichten’, 75 bladzijden, 6 afdelingen. (…) Versregels die opvallen bij deze letterkunstenaar zijn ‘die natie kent noch taal’ en ‘verraderlijk glad / voor wie de tekens niet verstaat’, wat verdomd lijkt op de titel van Van Kempens eerste dichtbundel ‘Wat geen teken is maar leeft’ van acht jaar geleden. Daarin ook al prachtige regels, ‘Hoe toch kan een taal die wij beiden / vanaf de eerste aai blindelings spraken / met open ogen zo ontregeld raken.’ over de tragedie van de onbegrepen communicatie tussen een letterkundige en zijn geaaide. Wat heb je er aan om literatuur zo grondig te begrijpen, of dat te vermoeden in ieder geval, maar de huistaal mis te verstaan? (…) Van Kempen heeft een eigen stijl, is zeer belezen en kent alle kneepjes van het ambt, schudt schijnbaar achteloos jamben rond in een kwatrijn met omarmend rijm voor Shrinivási, maar is ook vrij om te experimenteren – met vorm en inhoud – wanneer hij in de donkere kamer filmpjes en foto’s ontwikkelt en fixeert. Van Kempen hoort als artiest thuis in de categorie Hieronymus Bosch, en als poëet tussen de twee dichters (…) Lucebert en Jan Campert. In de zesde en laatste afdeling, ‘Verzoeke geen rouwbeklag’ 8 afscheidsgedichten voor vrienden, al dan niet artiesten, van Michiel die in 2018 of 2019 zijn overleden, bijvoorbeeld het eerder genoemde kwatrijn voor de van oorsprong Surinaamse maar lang in Curaçao geleefd hebbende Shrinivási. Bijzondere gedichten, die beklijven. (…).
Lees hier of hier de recensie ‘Een ACB van Michiel van Kempen’
Meer over ‘Het eiland en andere gedichten’
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Hij zingt hen toe in hun eigen stemkleur. Dat ontroert.» – Hilde Neus

VoorplatEiland-75Over ‘Het eiland en andere gedichten’ van Michiel van Kempen in De Ware Tijd Literair, 12 december 2020:
De nieuwe bundel van Michiel van Kempen ‘Het eiland en andere gedichten’ is een zeer persoonlijke neerslag van afscheidsmomenten. (…) Het eiland is het eerst gedicht in de bundel, een ode aan Aruba. (…) In het tweede deel, getiteld Eilanden, richt hij zich tot de voormalig Nederlandse Antillen en tot Suriname, maar ook het eiland waarop de Bijlmer drijft, en nog kleiner, de klas waar Van Kempen later lesgaf. In het deel Stupor Mundi zijn gedichten over religie opgenomen. Een thematiek die van Kempen nogal heeft geraakt schijnt te hebben, in die zin dat de verzen doorspekt zijn met hypocrisie. Efemeer is de kwaliteitsbepaling tussen twee mensen in een liefdesrelatie. (…) Hoe relaties teloor kunnen gaan weet de auteur. De metafoor van zijn eigen woning, in ‘Twee huizen’, herinnert aan hoe de mens in een deel zijn hoofd laat spreken, door middel van de bibliotheek, en kennis. (…) De afdeling Genen spreekt van de vader en de moeder, die beiden hun sporen hebben nagelaten in de zoon, maar hem ook hebben gemaakt tot wat hij in het heden is. (…) In Verzoeke geen rouwbeklag keert Michiel van Kempen weer deels terug naar de tropen, in zijn eulogieën voor enkele Surinaamse schrijvers die vorig jaar zijn overleden. Opvallend hier is dat hij poëzie voor hen schrijft en hen toezingt in hun eigen stemkleur. Dat ontroert, want het laat zien dat hij kan invoelen, hun werk goed kent en de ruimte en moeite neemt om deze grote Surinamers een afscheid te bezorgen, zo waardig aan hen.
Lees hier of hier de recensie
Meer over ‘Het eiland en andere gedichten’
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer

Twee gedichten uit ‘Het eiland en andere gedichten’ van Michiel van Kempen op Laurens Jz. Coster

VoorplatEiland-75Uit ‘Het eiland en andere gedichten’ van Michiel van Kempen op Laurens Jz. Coster, 3 december 2020:
Redacteur Raymond Noë maakt voor het blog Laurens Jz. Coster elke werkdag een keuze uit een poëziebundel van een Nederlandstalig dichter. ‘Dichter van de dag’ is op deze 3de december Michiel van Kempen (1957) van wie vorige maand ‘Het eiland en andere gedichten’ verscheen, zijn 2de dichtbundel (met een aantal in memoriam-gedichten voor Surinaamse dichters) bij Uitgeverij In de Knipscheer.De gekozen gedichten ‘Tenzij’ (voor Bhai, James Ramlall, 1935-2018) en ‘Ja dan’ zijn ook geplaatst op Neerlandistiek.nl.

Tenzij

Als er een god is die ons heeft geschapen
dan zal er een god zijn die ons weer terugneemt
daartussen beweegt zich het broze lichaam van de mens
dat wij bevragen, niets te vragen hebben
het verdraagt pijn en vreugde, maar de wens
is er vreemd aan; deze collectie cellen
is al waarmee wij het moeten doen
Als dan bruusk en tegen alle begrijpen in
een deel wordt geamputeerd, misbaar-onmisbaar
rest ons niet veel meer dan troost
dat het beste dat wij tussen dood en dood
kunnen geven, liefde is en dat die groot
en groter, buiten alle cellen om, bestaat en waar is
tenzij – wat god verhoede – ook dit gelogen is.

Ja dan

als de zon niet huivert voor het gras
als het gras niet schrikt van paardentanden
en de tandarts verder schrijft in verre landen
als de landen zeeën worden
en de zee geen land heeft om zichzelf te zijn
en het zelf verdwijnt in elektronisch klikken
en het klikken vanzelfsprekend lijkt
en jij sprekend op een ander lijkt
ja dan, ja dan

Meer over ‘Het eiland en andere gedichten’
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer

Quito Nicolaas – Argus. Gedichten

VoorplatArgus-75Quito Nicolaas
Argus
gedichten / poems

tweetalig Nederlands / Engels
Aruba /Nederland
Engelse vertaling Mildred Antonius
Inleiding / Introduction Sara Florian, Ph. D.
gebrocheerd in omslag met flappen,
108 blz., € 18,50
ISBN 978-90-6265-757-5
eerste druk 2019

In Argus lijkt Nicolaas de verschillende levensfasen af te wisselen van zijn kindertijd naar volwassenheid, waarin zich de botsing weerspiegelt tussen emotie en logica. Het taalkundige swingen en zingen van Nederlandse, Engelse, Spaanse en Papiamento woorden – die de sociale transformatie van het individu en de maatschappij weerspiegelen – klinken eveneens door in deze bundel. Zijn wortels vindt de dichter in zijn sterke band met de natuur, doch zijn urbane stem is ingebed in de regenachtige straten van sommige Noord-Europese steden, rokerige coffeeshops en bordelen in Amsterdam. In deze bundel volgen we de dichter, de flâneur, wandelend door de straten van een metropool en zijn voorsteden, het centrum en de periferie, wisselend tussen zijn twee huiden, gekleed in de kleren van de verschoppeling of die van flâneurs zoals Rubén Darío en Fernando Pessoa.

Quito Nicolaas heeft tot nu toe dertien boeken gepubliceerd: zeven dichtbundels, drie romans, een verhalenbundel en een verzameling columns. Zijn korte verhalen en gedichten zijn in tien verschillende bloemlezingen in het Caribisch gebied en Nederland opgenomen. Ook zijn essays over Caribische literatuur zijn in tal van internationale publicaties verschenen. In 2006 werd in het handboek literatuurgeschiedenis van Aruba en de voormalige Nederlandse Antillen, aandacht besteed aan zijn werk. Zijn gedichten zijn verschenen in verschillende anthologieën in Albanië, Argentinië, Chili, Colombia, China, Verenigde Staten en Roemenië. In juni 2016 werd zijn oeuvre opgenomen in de prestigieuze The Dictionary of Caribbean and Afro-Latin American biography van de Oxford University. Eerder verscheen van Quito Nicolaas de dichtbundel Als de aloë sluimert / Cucuisa cabisha. Het gedicht Windmolen uit deze bundel werd opgenomen in de bloemlezing Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer Poëzie.

Click here for the English presentation
Meer over Quito Nicolaas bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Grenzenloos’

«Mooi zijn de stukken over de geschiedenis en literatuur van de Antillen.» – André Oyen

VoorplatSchaamrood75Over ‘Schaamrood’ van Aart G. Broek op Ansiel, 13 februari 2018:
(…) In ‘De terreur van de schaamte’, gaf Broek al aan dat allerlei uitingen van agressie terug te voeren vallen op gevoelens van vernedering, krenking en schaamte. (…) In ‘Schaamrood’ werkt hij dezelfde these nog eens uit in een waaier aan thema’s. De brede interesse van de auteur komt de variëteit daarbij ten goede: nu eens gaat het over de beweegredenen van jihadgangers, dan weer over falende megaprojecten, om het vervolgens over Antilliaans verzet tegen Nederlandse koloniale arrogantie te hebben. (…) Mooi zijn de stukken waarin Broek verhaalt over zijn eerste liefde, de geschiedenis en literatuur van de Antillen. Het is een hoofdstuk in de Nederlandse geschiedenis dat bij vele Nederlanders nauwelijks bekend is. Ja, dat Frank Martinus Arion de auteur is van ‘Dubbelspel’, dat hebben sommigen van ons op de middelbare school nog wel geleerd. Maar over literatuur in het Papiamento is weinig geweten. (…)
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Schaamrood’
Meer over Aart G. Broek bij Uitgeverij In de Knipscheer