«Maryse Condé vervreemdt haar lezers van het vertrouwde en maakt ze vertrouwd met het vreemde.» – Aart G. Broek

MaryseCondeOver Maryse Condé op Literair Nederland, 30 oktober 2018:
Dit jaar werd de Nobelprijs voor Literatuur niet uitgereikt. Als alternatief werd een respectabele prijs in het leven geroepen: ‘the New Academy Prize for Literature’ (Alternatieve Nobelprijs voor Literatuur). Deze prijs werd toegekend aan de Afro-Caribische Maryse Condé, geboren op Guadeloupe in 1937. Condé is een weldaad voor de Cariben én de rest van de wereld. Zij beantwoordt als geen ander uit de archipel aan de eisen die aan hedendaagse auteurs gesteld kunnen worden: ze schept personages met wie lezers zich wereldwijd kunnen identificeren om hun menselijk handelen, denken en voelen. Die personages zijn grillig, ontembaar en overschrijden steevast etnische grenzen. Condé rukt zich in haar literatuur los van voorgebakken groepsidentiteit. Zij weet overtuigend de veelzijdigheid van ervaringen en van nieuwe identificatiemogelijkheden onder woorden te brengen. Het gelauwerde werk van Maryse Condé vormt zodoende een scherpe kritiek op voormalige en hedendaagse zwarte-identiteitsbewegingen. (…) In ‘Tituba, de zwarte heks van Salem’ worden aspecten van de westerse, in het bijzonder joodse beschaving, in een alleszins gunstig licht geplaatst en tegenover gerechtvaardigde kritiek op weer andere aspecten. Enerzijds worden mensenrechten door dik en dun verdedigd, anderzijds is er intolerantie en discriminatie. Condé’s bestseller, de dubbeldikke roman ‘Ségou’, onderspoelt het door literaire en wetenschappelijke stereotyperingen dichtgegroeide beeld van de slavernij. Zij realiseert dit door in detail de invloed van het Arabische expansionisme en van de Afrikaanse collaboratie bij de slavenhandel – plundering, verkrachting, verkoop, terreur, opstanden en wat dies meer zij – te beschrijven. Zodoende vervreemdt Condé haar lezers van het vertrouwde en maakt ze vertrouwd met het vreemde. (…)
Lees hier het essay
Meer over Maryse Condé op deze site

«Liefde voor het woord in verstild dichterschap.» – Wim Rutgers

DubieuzenOver ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’ van Michaël Slory in Ons Erfdeel, 18 oktober 2013: Persoonlijke ontdekkingen in de pracht van de Surinaamse natuur met zijn flora en fauna, een natuur die een nagenoeg religieuze connotatie krijgt en die op haar beurt uitmondt in een belijdenis van de liefde voor een vrouw, maar in essentie de liefde voor het leven zelf. Alles bevindt zich in één groots en samenhangend verband, waarin de dichter verblijd en verwonderd rondwaart. Zijn verbazing uit zich in talrijke vraagtekens en zijn blijdschap met haast even zovele uitroeptekens. … ). Zijn vroege poëzie was links strijdvaardig, nationalistisch met een mondiale insteek, en aanklacht tegen politiek en maatschappelijk onrecht. Maar die droom van een rechtvaardige(r) maatschappij wordt aan stukken geslagen met de militaire coup in Suriname die uitmondde in de gruwelijke decembermoorden op vooraanstaande burgers. Slory ruilde daarna de nationalistische revo-droom en de idee spreekbuis van de verdrukte gemeenschap te moeten zijn in voor een persoonlijke poëtica.

Lees hier verder

Meer over ‘Torent een man hoog met zijn poëzie’