Hans Vaders – Terug tot Tovar. Novelle

Terug tot TovarHANS VADERS
Terug tot Tovar

Curaçao
Genaaid gebonden met stofomslag, 104 blz., € 16,50
september 2012
ISBN 978-90-6265-697-4

Presentatie 16 september in Podium Mozaïek Amsterdam

Een rum en absinth drinkende voormalige danseres op een koude hotelkamer. Een leraar en wetenschapper op zoek naar zijn roots in Colonia Tovar, Venezuela. Twee levens die elkaar net niet raken. Tussen haar speelgoedbeesten leeft Ilse Smiedt in een fantasiewereld bevolkt met herinneringen aan haar danscarrière en aan een gestrande liefdesrelatie. Bij het schrijven van zijn proefschrift blijkt Wim Liebknecht een geschiedvorser op zoek naar wie zijn vader was. Puzzelstukje voor summier puzzelstuk brengen de geschriften en flashbacks van Ramón Ro-mero, een bandleider en zakenman in ruste, een geschiedenis aan het licht die de levens heeft bepaald van de danseres en de wetenschapper. In een vroeger leven zat deze bandleider aan het stuur van een Studebaker. Met een snurkende Venezolaan van Duitse origine op de achterbank, koerste hij over de uitgestrekte llano’s met opdrachten van de Auslands-Organisation van de nazi’s.

Hans Vaders (Curaçao) speelt een subtiel spel met parallelle verhalen. Verleden en heden schuiven in elkaar en omhullen de lotgevallen van de hoofdpersonen met een fatale betovering. Zo is Terug tot Tovar een labyrint van terugblikken en gebeurtenissen. Personages scheren langs elkaar heen. In een flamboyante stijl roept Vaders een raadselachtige atmosfeer op die herinnert aan de wereld van Gabriel García Márquez en William Faulkner.

Over Otrobanda, Vaders’ tweede prozaboek, schreef Michiel van Kempen: ‘Bevat juweeltjes van beschrijvingskunst’.

‘Ik, Ramón Romero de las Rosas, heb de mannen voorzichtig in die greppel gelegd. Met eerbied ja, met eerbied, zoals je alleen voor een mens, een kameraad, al is het de vijand, kunt opbrengen. Aan alles komt evenwel een einde en het uitzicht over de glinsterende, snelstromende Tuy in het dal was overweldigend met Tovar in de verte.’

«Een surrealistische queeste naar de oerbron van muzikaal meesterschap.» – Jan van Bergen en Henegouwen

Als gitaren schreeuwenOver ‘Als gitaren schreeuwen’ van Glenn Pennock voor NBD Biblion, 24 januari 2012:
Deze roman is een surrealistische queeste naar de oerbron van muzikaal meesterschap en waarin bijna alle thema’s van de rock ‘n’ roll langs komen: verlichting, seks, geweld, (Indische) familieverbanden en onbereikbare liefde. Onderweg schieten overledenen (ondermeer zijn gitaarhelden Hendrix, Healy en Harrison) te hulp. Door met je smartphone een tag te scannen op het stofomslag is de muziek van deze helden te beluisteren. Een roman waarin wordt geschakeld tussen droom en werkelijkheid. De stijl is helder en bevat veel dialoog. Roman voor een publiek dat van boeken over popmuziek en levenskunst houdt.

Lees hier de recensie

Meer over deze novelle

Mooie woorden (2) over De tranen van de zeegans van Inge Nicole

inge bak

1. Jan van Damme in PZC (19 december 2011):
Ik heb de novelle gelezen. En ben daar nog steeds en voor altijd heel blij om. (…) Elk drama blijft in woorden op afstand en komt daardoor des te harder aan.
Lees meer

2. Het Nederlands Dagblad op 13 mei 2011 [De lotgevallen van een prostituee]:
Inge Nicole laat zien hoe het verschil in macht, wel moeten leiden tot de tragische en noodlottige daad van Aleida aan het eind van de novelle. Door de krachtige beelden en het poëtische taalgebruik is het effect van de schokkende gebeurtenissen des te groter
Lees: DE LOTGEVALLEN VAN EEN PROSTITUEE.

3. NBD|Biblion:
Poëtisch geschreven novelle die je in een ruk uitleest. Zonder plastische beschrijvingen weet de schrijfster toch heel nauwkeurig de verschrikkingen die Aleida ondergaat te treffen, zodat je het verhaal als een film voor je ziet.
Lees meer

4. Ezra de Haan op Literatuurplein.nl:
Dit is schrijven. Vaak vergeet je dat je slechts een paar bladzijden hebt gelezen, zoveel indruk maakt dat wat je gelezen hebt. Je krijgt het gevoel een film te hebben gezien, een klassieker te hebben gelezen. De naïeve Aleida en haar pooier Pons, die niet te vertrouwen was tot hij gevoelens voor haar kreeg, vormen het ideale duo voor deze zeer goed geschreven novelle. Inge Nicole heeft ermee bewezen zeer getalenteerd te zijn op de korte baan.
Lees meer

5. Wilma van den Brink, historica:
Het boek geeft een interessant tijdsbeeld en weet door de poëtische schrijfstijl de lezer te boeien.
Lees meer

6. Karel de Vey Mestdagh, schrijver, recensent:
Ik heb net je boek gelezen. Een ontroerend verhaal dat je prachtig hebt geschreven! Met je subtiele taalgebruik uit een verder verleden voerde je mij terug in de tijd en hield je mij gevangen in je verdrietige vertelling. Ik heb er werkelijk bewondering voor hoe je dat in zo’n kort bestek zo geloofwaardig kon doen. Zoals al bij de presentatie naar voren kwam: geen woord te veel. Als schrijver weet ik maar al te goed hoe moeilijk dat is. En na het lezen ervan zeg ik eens te meer: wat een prachtige titel!

7. Guus Bauer, schrijver, recensent:
Een boek is een huis waar je in kunt wonen. Een schrijver schept een wereld, de lezer voegt daar zijn of haar eigen beleving aan toe. Zo ontstaat er een derde wereld met een eigen mythologie die noch aan de een noch aan de ander behoort. De Tranen van de Zeegans is een novelle die staat als een huis, een beschrijving van een hoerenkast in de 19de eeuw, met als hoofdthema de ongelijke verhoudingen. In het pand gebeuren zaken die intrigeren en afstoten tegelijk. Dat is wat literatuur moet doen.

Inge Nicole
De Tranen van de Zeegans. Novelle
Genaaid gebonden met stofomslag, 100 blz.
ISBN 978-90-6265-663-9
€ 16,50

Tania Kross in DWDD over eerste Papiamentstalige opera

De eerste Papiamentstalige opera Slaaf en Meester is aanstaande. Op 13 december deed Tania Kross in De Wereld Draait Door verslag van de stand van zaken omtrent Katibu di Shon, de eerste Papiamentstalige opera gebaseerd op de novelle van Carel de Haseth, die ook het libretto schreef, en gecomponeerd door Randell Corsen.

Kijk:

carel de haseth

«Slaaf en Meester is een noodzakelijk boek. Carel de Haseth beschrijft daarin een zwarte bladzijde uit onze geschiedenis die net als die van Anne Frank blijvend gelezen moet worden.» – Oud-minister Plasterk

«De twee hoofdpersonages zijn antagonisten. Wilmoe (Willem) vertegenwoordigt de blanke plantagehouders en Louis is een slaaf. Zij vertellen beurtelings het verhaal vanuit hun persoonlijk perspectief. Beiden zijn op dezelfde dag geboren en zijn samen als broers en speelkameraden opgegroeid. Maar nu staan ze diametraal tegenover elkaar, terwijl ze met het opgroeien ook al rivalen in de liefde waren met hun genegenheid voor Anita. Na de mislukking van de opstand geeft Willem zich rekenschap van zijn relatie met deze slaaf die hij als een tweelingbroer ziet. De kleine roman maakt vooral indruk door zijn consieze stijl en de thematiek waarin de verteller oproept tot verzoening.»
– Wim Rutgers

«Dit ogenschijnlijk kleine boek laat na lezing een verpletterende indruk achter. (…) Juist die combinatie van een broeierige driehoeksverhouding en de gruwelijke details van de slavenopstand en de terechtstellingen, die overigens alle op historische feiten berusten, maken Slaaf en meester tot een novelle die regelmatig aan het werk van Shakespeare doet denken. Alles wat iedereen overkomt is het logisch gevolg van het denken en doen van de personages. Op voorbeeldige wijze voorziet Carel de Haseth de lezer in de proloog en het nawoord van alle noodzakelijke feitelijke informatie. Juist de wetenschap dat hetgeen de slaven in de novelle overkomt op ware feiten berust, doet de haren te berge rijzen. Slaaf en meester is daarmee literair en historisch van grote betekenis.» – Literatuurplein.nl

«Indrukwekkende novelle.» – Trouw

Carel de Haseth
Slaaf en meeser
Novelle. Antillen, Curaçao
Genaaid gebonden, 80 blz.
ISBN 978-906265-598-4 € 15,00
Carel de Haseth: Slaaf en meester

Carel de Haseth
Sklave und Herr/Katibu di Shon.
Novelle
Tweetalig. Papiaments en Duits
Imprint: Edition VAbENE
Ingenaaid, geïllustreerd 128 blz.
ISBN 978-3-85167-197-1 € 17,90
Carel de Haseth: Sklave und Herr

Brief van De Contrabas aan Alfred Birney

Geachte heer Birney,
Beste Alfred,
Laat ik je maar tutoyeren, ook al hebben we elkaar maar één keer ontmoet, vroeger, in Nijmegen. Jij was te gast bij het Literair Café in het inmiddels verdwenen O42 en ik was mederedacteur van een, tsja, literair tijdschrift(je) dat Tristan heette.
Niet lang na je optreden zou je in het laatste nummer van dat blad publiceren, een kort verhaal denk ik, en een medewerker schreef een ‘essay’ over je werk, dat toen uit twee romans bestond. Tristan verdween (gelukkig) en ik verloor je, ergens eind jaren negentig, in literaire zin uit het oog.
contrabas
Daar is onlangs verandering in gekomen. Ik las je drie meest recente novelles (Rivier de Lossie, Rivier de IJssel en Rivier de Brantas), allemaal verschenen bij In De Knipscheer en het boek Yournael van Cyberney… lees verder op De Contrabas

Alfred Birney voltooit met Rivier de Brantas zijn rivierentrilogie. Door Kester Freriks.

Rivieren75RGBEr stromen veel rivieren door de Nederlandse literatuur. Brede, trage rivieren, omzoomd door populieren, rivieren die overstromen, rivieren die dreigend klinken met „de stem van het wassende water”. Maar niet eerder verbond een auteur een Nederlandse rivier, de IJssel, met de Schotse rivier de Lossie en vervolgens met de rivier Brantas, de langste rivier van het eiland Java.

Schrijver Alfred Birney (Den Haag, 1951) komt de eer toe een reeks van drie samenhangende novellen te hebben geschreven waarin zijn proza vloeit als de beschreven rivieren zelf: een kalme Hollandse rivier, de wildere Schotse en de intrigerende Indonesische rivier. In het Indonesische leven spelen rivieren een cruciale rol, zoals hij schrijft in het laatste deel van zijn drieluik, Rivier de Brantas. ‘Kali’ is de Indische benaming voor een rivier, het is de levensader van miljoenen mensen. In Indonesië wonen armen mensen aan een rivier; in Nederland de rijken.

Birney’s moeder is een Nederlandse. Zijn vader komt van Surabaya, is een Indische-Nederlander met Nederlandse, Oost-Javaanse, Chinese en Schotse wortels. Die complexiteit van Birney’s roots is het bindende thema van de drie novellen die je evengoed kan lezen als een grote roman met drie hoofdstukken. In alle drie de novellen is de hoofdpersoon een muzikant, een gitarist en zanger van verstilde liederen. Hij treedt zelden op de voorgrond, blijft een begeleider. In Rivier de Lossie (2009) is de folkgitarist op zoek naar zijn Schots-Aziatische voorgeschiedenis. Hij begeeft zich in het woeste berglandschap en aan de oever van de onstuimige Lossie, omsloten door het grijze leisteen van de flanken, komt hij in aanraking met een betoverend mooie vrouw. Hij meent haar te herkennen. Is zij de vrouw uit een van de balladen die hij ooit heeft gezongen? Komt een verzinsel tot leven?

Dit is een kenmerkend gegeven voor Birney’s proza. Fictie en werkelijkheid, een bezongen vrouw in de liedkunst en een echte vrouw komen samen, wisselen elkaar op prachtige wijze af. In Rivier de IJssel treedt opnieuw een muzikant op de voorgrond: hij droomt van een wilde nacht met een zangeres. Maar opnieuw slaat de verbeelding toe: er is een dubbelganger in het spel die op onthullende en verontrustende wijze aan de muzikant zijn koloniale verleden onthult.

Dan nu, de derde novelle: Rivier de Brantas. Opnieuw werd ik gegrepen door de knappe wijze waarop de auteur speelt met liedkunst en werkelijkheid. Hoofdpersoon, opnieuw een naamloze gitarist, neemt als muzikant de plaats in van zijn vriend op een ambassadefeest in Jakarta. Hij komt terecht in een sfeer van ex-pats, van mensen met herinneringen aan de koloniale periode, van bedienden met hún eigen herinneringen. Hij ontmoet een vrouw, opnieuw; Myra heet ze en ze is ook muzikante. In de studio van een bevriende muzikant laat hij een loflied op zijn grootmoeder opnemen. Zij is van Chinese afkomst, hij geeft haar een lievelingsnaam, Mother Swan. In werkelijkheid heet ze Sie Swan Nio; ‘Nio’ betekent ‘meisje’, de achternaam staat vooraan volgens de Chinese gewoonte, dus moet ze Swan heten.

Zij is voor de ik-figuur een onbekende, de mysterieuze vrouw van Java. Haar portret siert de schoorsteenmantel van het ouderlijk huis. Tussen grootmoeder en kleinkind bestaat er een indringende band. In tijden van liefdespijn en eenzaamheid waakt zij over de jongen. Als hij op een nacht afscheid neemt van zijn geliefde, dan staat zij op de straathoek en slaat hem gade. Soms meent hij zelfs haar lichte, gewichtloze voetstap op zijn bed te voelen. Ze zou geboren zijn in 1893, in Kediri op Oost-Java, maar uit de acte der erkenning uit 1925 is te reconstrueren dat ze in 1890 moet zijn geboren. Dat maakt meer verschil dan de argeloze lezer denkt: 1890 is in China het jaar van de Tijger, 1893 het jaar van de Slang. Is een vrouw een Tijger, dan is ze een geboren feminist. Is ze daarentegen Slang, dan is ze geheimzinnig en sensueel. Niet voor niets gaat de voorkeur van de verteller uit naar 1893, het jaar van de Slang.

Eenmaal op haar spoor gekomen reist de ik-persoon door naar Kediri, een stad aan de voet van de vulkaan de Wilis. In de koloniale tijd werd hier vooral suiker verbouwd. Kediri ligt aan de rivier de Brantas, waarin een witte krokodil leeft die nooit door iemand is gezien. Dit dier is de opmaat tot het slothoofdstuk, waarin aan de ik-persoon wordt verteld te blijven geloven in de raadsels en geheimen van het land.

Birney’s boek is opgebouwd uit 50 korte hoofdstukjes, waarin heden en verleden worden afgewisseld. Het is ongelooflijk hoeveel verschillende aspecten van het koloniale verleden Birney oproept. Zijn novelle van nog geen honderd bladzijden zou evengoed een roman fleuve kunnen zijn van vele delen.

De vaderfiguur is een slachtoffer van de politionele acties en heeft aan die periode trauma’s herinneringen overgehouden. De Japanse interneringskampen komen voorbij, evenals de complexe Bersiap-tijd waarin Indonesische onafhankelijkheidsstrijders, de Japanse bezetter én de Nederlanders een tamelijk onontwarbare kluwen vormen. Op elke bladzijde komt het koloniale verleden aan de orde in treffende details. Sinds de dood van de grootmoeder rust er een vloek op de familie, een vloek die de kleinzoon voorgoed weg wil wissen. Maar dat blijkt onmogelijk. Als hij eenmaal aan het graf van zijn grootmoeder staat, begraaft hij zijn sandalen aan haar voeten. Volgens de moslimtraditie getuigt dat van weinig eerbied, maar de hoofdpersoon ziet er een fraaie geste in. Anderzijds: hij beseft ook dat het bloemen hadden moeten zijn.

Dat het koloniale verleden nog steeds doorwerkt in het heden, lijkt het werkelijke thema van dit boek te vormen. Niemand kan zich losmaken van vroeger, dat bewijst Birney op elke bladzijde. En Rivier de Brantas bewijst zijn kracht op paradoxale wijze: de hoofdpersoon is obsessioneel op zoek naar bevrijding en tegelijk raakt desondanks steeds dieper verstrikt in het verleden. Aan het slot komt hij, de zingende gitarist, dat hij niet meer moet willen weten. Hij moet zingen. Hij moet zingen over de zaken die je niet kunt begrijpen. Aan het toch al schitterende juwelensnoer van de Nederlands-Indische literatuur heeft Birney drie parels toegevoegd.

Eerder verschenen in EAST! zomer 2011 www.eastmagazine.nl
Kester Freriks schrijft behalve voor EAST! ook voor NRC-Handelsblad www.kesterfreriks.nl
Dit artikel is met toestemming van de betrokkenen op deze site geplaatst.

Boekpresentatie Rivier de Brantas van Alfred Birney

rivier de brantas alfred birney podium glenn pennock

Op zondag 6 maart wordt in MCH Haarlem
Rivier de Brantas
de nieuwe novelle van
Alfred Birney
feestelijk ten doop gehouden.

Presentatie & Receptie

van 15.00 – 17.00 uur
(zaal open 14.30 uur)

Programma

Glenn Pennock speelt gitaar
Alfred Birney leest fragment uit Rivier de Brantas
Filmvertoning documentaire De Birnies

Pauze

Gesprek over parallellen documentaire met Rivier de IJssel
Peter de Rijk interviewt Alfred Birney over Rivier de Brantas
Glenn Pennock speelt gitaar

Signeren

Locatie
MCH [Mondiaal Centrum Haarlem]

Lange Herenvest 122
2011 BX Haarlem
023 – 542 3540
Bereikbaarheid: www.mondiaalcentrumhaarlem.nl (onder Contact)
Parkeren: op zondag vrij

U bent allen van harte uitgenodigd hierbij aanwezig te zijn.
Reserveren vooraf is wenselijk: indeknipscheer@planet.nl


Grotere kaart weergeven

Alfred Birney – Rivier de Brantas. Novelle

Alfred BirneyAlfred Birney
Rivier de Brantas

Genaaid gebonden, met stofomslag, 106 blz.
ISBN 978-90-6265-669-1 € 16,50
Eerste druk 2011
Te verschijnen: 7 maart

Rivier de Brantas is het verhaal rond een gitarist, die bij het graf van zijn grootmoeder op Java een vloek wil bezweren die op zijn familie zou rusten. In het boek, vol tempowisselingen en vertellingen, passeert de Nederlandse koloniale geschiedenis spelenderwijs de revue. Iedereen die de reizende gitarist ontmoet lijkt van die ingrijpende geschiedenis doordrongen, in tegenstelling tot veel mensen in Nederland. Herinneringen lijken plaatsbepaald, en de gitarist, met zijn familiewortels op Java en in Nederland, moet lang met zijn vragen wachten voordat hij uiteindelijk een antwoord krijgt van toevallige passanten.

Ik heb een zwak voor preludes, voor dat wat begint, wat worstelt met de aanvang of eenvoudig zonder enige worsteling begint, de prelude als lente die iets groots aankondigt of waarop direct, zonder tussenliggende zomer, het verval van de herfst volgt, de prelude als instrumentaal voorspel zonder vastliggende vorm of als een improvisatie die voor het hoofdwerk wordt gespeeld, dan wel als opwarmer voor de muzikant of als mogelijkheid je virtuositeit te tonen, de prelude desnoods als aanloop waarmee je je instrument stemt, als inleiding van een suite of als een stuk dat aan een fuga voorafgaat en hiermee een contrast vormt, en anders gewoon als officieel muziekstuk, als zelfstandige compositie, in het extreemste geval als opperste vorm van verveling – het maakt me allemaal niet uit: de prelude is mijn favoriete muziekvorm. De prelude laat iets open. Altijd. Maar daar, in dat hotel, met die onaflatende karavaan van herriemakers langs mijn balkon, in het smorende Jakarta onder een deken van smog waar geen satellietcamera doorheen kon gluren, hoorde die gitaarmuziek niet thuis.

De pers over Rivier de Lossie (2010):
‘Zijn oeuvre is uniek, niet alleen door zijn stijl maar ook door de thema’s die hem bezighouden. Heel kort door de bocht zijn dat zijn Indische achtergrond, het internaatsleven, geweld, erotiek en muziek. Vaak heeft het proza van Birney een poëtische toon, al beheerst hij meerdere registers.’ – Het Literatuurplein.

De pers over Rivier de IJssel (2010):
‘Van de auteur met het grote gebaar met dikke romans werd hij fijnslijper, een getalenteerd schrapper, de man die weet hoe hij zijn woorden moet wegen. Birney weet in 112 bladzijden de vinger te leggen op feiten en gevoelens die het binnenste van de kolonie Nederlands-Indië tonen. Verzwegen kanten, de dingen van toen, bijna niet meer de kennis van nu. Chapeau voor de auteur die zijn familiegeschiedenis weet te overstijgen en een universeel verhaal neerzet.’ – Den Haag Centraal.

Rivier de Brantas is de follow-up van Rivier de Lossie en Rivier de IJssel, maar de boeken kunnen ook gemakkelijk zelfstandig, of in willekeurige volgorde gelezen worden.

Inge Nicole – De tranen van de zeegans

inge bakINGE NICOLE
De tranen van de zeegans
Novelle. Nederland
Genaaid gebonden, 88 blz.
ISBN 978-90-6265-663-9 ca. € 16,50
Te verschijnen in 2011

Met De tranen van de zeegans beproeft Inge Nicole haar talent op het genre van de novelle. Juist in deze vorm, die wat omvang betreft precies tussen de roman en het kortverhaal inzit, komt haar poëtische taalgebruik tot zijn recht. De secuur gekozen woorden roepen krachtige beelden op. Hierdoor ontrolt het levensverhaal van Aleida zich voor de lezer tot in ieder detail.

Driewegen 1863. Als haar moeder in haar zevende kraambed sterft, trekt de veertienjarige Aleida Vleijshouwer noodgedwongen naar de stad en gaat ze op zoek naar een betrekking. Ze vindt werk bij de visafslag en wordt als de dagen korten, opgepikt door Pons die haar werk binnenshuis aanbiedt. ‘Pons was klein van stuk maar had iets in zich waardoor weigeren niet in haar opkwam. Hij was een zeeduivel in hermelijnbont. Zijn stekels moest je mijden.’
Aleida denkt als huisbediende aan het werk te gaan maar wordt de prostitutie ingeleid. Verwarring ontstaat als Pons gevoelens voor haar krijgt. Aleida weet haar plaats niet meer.

‘Mijn vader is Cornelis Vleijshouwer, hij leeft van varkens en soms een oud paard. En mijn moeder is dood. Ze had een lichaam als van een garnaal en toch kwam steeds dat varken en bij het zevende kind brak ze in tweeën. Ik wil geen kinderen. Nooit.’
‘Nou, dat komt goed uit. Hier is geen plaats voor kinderen.’

Alfred Birney – Rivier de IJssel

Alfred Birney
Rivier de IJssel

Novelle. Nederland
Gebonden, 112 blz.,
ISBN 978-90-6265-650-9 € 16,50
Eerste druk 2010

Een muzikant hoopt op een wilde nacht met een zangeres die hij moet begeleiden. Maar er is een derde in het spel: een dubbelganger die hem een vervreemdend gevoel geeft over zijn afkomst en een grote kennis van het Nederlands koloniaal verleden aan de dag legt. De muzikant krijgt het idee te moeten kiezen tussen de liefde en zijn zucht naar historische kennis. Wellicht zal hij zijn vaders motieven leren doorgronden: een politiek vluchteling onder de vlag van Nederland anno 1950. Met dit boek toont de schrijver dat migratie geen eenrichtingsverkeer is en dat racisme overal op de loer ligt. Rivier de IJssel is geschreven door iemand die weet hoe het voelt te leven in een land waar de mensen jou vertrouwd zijn maar jij hun niet.

‘Weet je wat het is met rivieren? Ze migreren niet. Ze raken vervuild, vergiftigd, drogen uit, lopen weer vol, stromen over, wat dan ook, maar ze blijven op hun plaats. Hun mysterie is dat ze stromen. Dát is dus waar het om gaat: op je plaats blijven en tegelijk blijven stromen.’

Rivier de IJssel is de follow-up van Rivier de Lossie, maar kan ook gemakkelijk zelfstandig, of in omgekeerde volgorde gelezen worden.

Schitterend geschreven novelle… Arnhem aan Zee.

Chapeau voor de auteur die zijn familiegeschiedenis weet te overstijgen en een universeel verhaal neerzet. Den Haag Centraal.

Birney heeft een heldere stijl van schrijven die erg plezierig aandoet. – NBD/Biblion.