Chawwa Wijnberg – Aan mij is niets te zien. Gedichten

VoorplatAanmij1-75Chawwa Wijnberg
Aan mij is niets te zien

gedichten
Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
82 blz., € 17,50
ISBN 978-90-6265-763-6
eerste uitgave 1989, imprint Uitgeverij Furie
tweede, gewijzigde druk 2019

Soberheid, helderheid en kracht kenmerken de gedichten van Chawwa Wijnberg. Het verstild schreeuwen van een overlevende, het vervreemdende zorgen van een huisvrouw, het aarzelend en uitbundig liefhebben van een minnares. Aan mij is niets te zien leest als een ontwikkelingsproces: de overlevingsstrijd maakt langzaam plaats voor het zoeken naar de kwaliteit van het bestaan. Aan mij is niets te zien (eerste uitgave 1989) is het debuut van Chawwa Wijnberg, die daarvoor publiceerde in de verzamelbundels van De Nieuwe Wilden in de Poëzie, een dichteressengroep waarvan zij deel uitmaakte. De heruitgave van Aan mij is niets te zien in 2019 markeert het 30-jarig dichterschap van Chawwa Wijnberg en maakt de cirkel rond met het verschijnen van haar achtste bundel Het ontbreken hoor je niet.

Schrijf een gedicht
zei zij
alsof dat gaat
gaan zitten – een gedicht te maken
een slager werkt niet zonder vlees
alsof de woorden werkbaar zaten
in de zakjes van de geest
mag ik een kilo dure woorden
ik moet mijn moeder weer vermoorden

Beeldend kunstenaar en dichter Chawwa Wijnberg (1942) was een onderduikkind. Haar vader zat in het verzet en werd in de oorlog gefusilleerd. Over haar debuutbundel Aan mij is niets te zien constateerde Standaard der Letteren: ‘Het niet-doordeweekse debuut van een authentiek dichteres.’ En over Krassen, haar zevende bundel, schreef Hans Franse op Meander Magazine: ‘Alles is geschreven met een grote helderheid van taal. Haar integere engagement lijkt haar credo.’ Van 2004 tot 2007 schreef zij wekelijks een column voor de PZC. Als dichter trad zij vijf keer op in de Nacht van de Poëzie.

Meer over ‘Het ontbreken hoor je niet’
Meer over Chawwa Wijnberg bij Uitgeverij In de Knipscheer

Chawwa Wijnberg – Het ontbreken hoor je niet. Gedichten

VoorplatOntbreken75Chawwa Wijnberg
Het ontbreken hoor je niet

gedichten
Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
64 blz., € 16,50
978-90-6265-762-9
2019

Het ontbreken hoor je niet is de bundel waarin alle thema’s samenkomen die Chawwa Wijnberg haar leven lang beschreef. Net als in haar debuut Aan mij is niets te zien komt de pijn van het (oorlogs)verleden en de echo ervan in het heden voor. Het niet kunnen horen of zien zorgt voor gedichten die verklanken wat normaal onderhuids blijft. Ze zijn intens, doorleefd en glashelder. Het is niet alleen het verleden dat in deze gedichten een rol speelt, ook het heden en de toekomst klinken door: in geluk en liefde, in humor zoals alleen Chawwa die gebruiken kan, maar ook in liefdeloosheid en haat. De natuur, met name het gras, is de metafoor van alles wat overleeft. Al haar gedichten lijken de wereld te willen bezweren. Bescheidenheid siert deze dichter die liefst de hoofdletters omzeilt en je laat glimlachen waar huilen op zijn plaats zou zijn.

Ik zeg je

Het is tijd voor een gedicht
een bal met ronde woorden
of een grasspriet door
duimendik beton

een zacht vers voor dove oren
een streel over de bebloede
kus voor een vermoorde
ik wou dat ik het kon

wij zitten na de maaltijd
volgegeten en spreken
over een bloedbad uit
de krant

we hebben oordelen en
woorden, we wassen af
vegen de tafel schoon, ja
ja mevrouw, alles is aan kant

Beeldend kunstenaar en dichter Chawwa Wijnberg (1942) was een onderduikkind. Haar vader zat in het verzet en werd in de oorlog gefusilleerd. Ze debuteerde in 1989 met Aan mij is niets te zien (opnieuw uitgegeven in 2019). Standaard der Letteren: ‘Het niet-doordeweekse debuut van een authentiek dichteres.’ In 1993 verscheen Handboek voor de joodse kat, waarover de Poëziekrant schreef: ‘Een van de opmerkelijke dichteressen uit de Nieuwe Wilden. Deze bundel bevestigt haar talent. Kenmerkend voor haar poëzie zijn de weerbaarheid en de humor.’ In haar derde bundel Matses en Monsters (2000, herdrukt in 2015) vindt Wijnberg de woorden om te beschrijven wat overlevenden van de holocaust dagelijks ervaren. Paul Gellings: ‘Zang en dans dus, tot op de laatste bladzijde. De poëzie van Chawwa Wijnberg is onontkoombaar uitnodigend. Wie haar leest gaat met haar mee op reis.’ In Echo van de roos (2003) wisselen liefdesliedjes en stadsoden elkaar af maar is er ook ruimte voor de elfde september, de wandelende jood of het eigen ego. Mario Molegraaf: ‘Dit is Chawwa Wijnberg op haar best, in meer dan één opzicht herinnert ze aan Judith Herzberg. Woorden ter bezwering. Woorden om met het verleden in het reine te komen.’ Met haar vijfde bundel Nerf en flanken (2008) bewijst ze wederom met mooie metaforen de grenzen van taal te kunnen doorbreken. Mark Meekers: ‘Ik ben een dag met Chawwa in haar bundel op stap geweest. Ik heb het mij niet beklaagd.’ Nachtvlinders door het kattenluik (2012) is haar zesde bundel. Biblion: ‘Zeer intense en aansprekende en ontroerende poëzie.’ Over Krassen (2015) schreef Hans Franse op Meander Magazine: ‘Alles is geschreven met een grote helderheid van taal. Haar integere engagement lijkt haar credo.’

Haar achtste bundel Het ontbreken hoor je niet (2019) maakt de cirkel rond met haar debuutbundel Aan mij is niets te zien en markeert het 30-jarig dichterschap van Chawwa Wijnberg. In 2003 en 2004 was Chawwa Wijnberg stadsdichter van Middelburg. Van 2004 tot 2007 schreef zij wekelijks een column voor de PZC. Als dichter trad zij vijf keer op in de Nacht van de Poëzie.

Meer over Chawwa Wijnberg bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Fijne woordspelingen en sublieme taalvondsten kruiden haar vrij emotionele gedichten.» – André Oyen

Opmaak 1Over ‘Krassen. Gedichten + cd Minimazzel en andere verhalen’ van Chawwa Wijnberg op Ansiel, 21 april 2016:
Chawwa Wijnberg (…) was als joods kind een onderduikkind. Haar vader zat in het verzet en werd in de oorlog door de Duitsers gefusilleerd. Zij debuteerde in 1989 met ‘Aan mij is niets te zien’. Dat joods-zijn blijft in haar gedichten klinken en dat is het best te merken aan het gedicht ‘Aanslag in Brussel’ waarin ze rouwt om de slachtoffers van de aanslag op het Joodse museum in Brussel, enkele jaren geleden, waarbij ook enkele doden vielen. Ze noemt de bommengooiers haatmannen en maakt daar drie woordportretten over waarin de bitterheid weliswaar poëtisch maar ook nogal eenzijdig wordt weergegeven. Het gedicht ‘Geroosterd brood’ is dan wel weer een klein pleidooi voor een wereld zonder oorlog waarin Vivaldi, Telemann en Bach de plaats innemen van de pijnlijke berichten over stromen vluchtelingen en waar brood zonder oorlogen en hartzeer op het ontbijtmenu staan. Hoe kritisch Chawwa Wijnberg ook klinkt toch blijft ze ook met haar immens gevoel voor humor met fijne woordspelingen en sublieme taalvondsten haar vrij emotionele gedichten kruiden. Op de bijbehorende cd ‘Minimazzel en andere verhalen’ kunnen we luisteren naar 5 pareltjes van verhalen (…) die ze met een theaterstem voorleest.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Krassen’
Meer over Chawwa Wijnberg bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Pijnlijk verleden schemert door haar humor heen.» – Els van Geene

Opmaak 1Over ‘Krassen’ van Chawwa Wijnberg voor Biblion, 9 februari 2016:
Het Joodse onderduikkind, de beeldend kunstenaar en dichter Chawwa Wijnberg presenteert hier haar zevende bundel. Zelf ziet ze haar gedichten als ‘aanzetten’ die vanzelf uitgroeien tot eigenzinnige, schijnbaar luchthartige gedichten. Rijm verschijnt als het haar uitkomt, een stortvloed van neologismen wordt aangewend om kritische vragen over onze moderne tijd te stellen: het ‘volgevretene’, de ‘zesbaanshaast’, ‘nulzessen’ etc. Leuk is het niet, maar het is haar aard ‘tegen de wind in te fietsen’, ‘haatmannen’ te bestrijden en de ‘maandagochtendhekel’ met een lach te verdrijven. Soms schemert het pijnlijke verleden door haar humor heen en soms wordt haar inspiratie afgebroken door aanbellende collectanten. Een tekeningetje van haar siert het omslag en op de bijgevoegde cd* vertelt zij eigen verhaaltjes.
Meer over ‘Krassen’
Meer over Chawwa Wijnberg bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Alles is geschreven met een grote helderheid van taal.» – Hans Franse

Opmaak 1Over ‘Krassen’ van Chawwa Wijnberg op MeanderMagazine, 10 januari 2016:
De gedichten zijn kleinschalig, hebben de lichtheid en sierlijkheid van de Middelburgse gevels, terwijl de oorlogsherinneringen in de poëzie terug te vinden zijn, gekoppeld aan een sterk engagement met gebeurtenissen van nu, die bedreigend zijn voor kwetsbare groepen. De gedichten bevatten vaak beelden die helder en weinig geabstraheerd zijn: alles verwijst naar de realiteit van vandaag, die niet altijd leuk is: er is haat en dreiging, er zijn ‘wapenboeren’. Wie echter denkt dat het een zware bundel is, heeft een verkeerde indruk. Alles is geschreven met een grote helderheid van taal. (…) Haar integere engagement lijkt haar credo. Het laatste gedicht van de bundel, ‘Krassen’, is een manifest als mens en dichter, waarbij ze enerzijds de poëzie wat relativeert: ‘er zitten/ geen woorden meer/ in mijn pen/ alleen maar kleine/ krassen’ (een zin die menig prozaschrijver zou willen schrijven), maar zich toch een maatschappelijke opgave stelt. Ze eindigt haar laatste gedicht van de bundel met een zin die ook zonder afbrekingen en de layout ijzersterk is ‘ik moet nog wat/ stormen/ en alle vijandbeelden/ aan gruzelementen slaan’.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Krassen’
Meer over Chawwa Wijnberg bij Uitgeverij In de Knipscheer

Chawwa Wijnberg – Matses & monsters. gedichten (2de druk)

Chawwa WijnbergCHAWWA WIJNBERG
Matses & monsters

Nederland / Poëzie
Gebrocheerd, 76 blz., 13,50
ISBN 978-90-6265-491-8
Eerste uitgave 2001
Tweede druk 2015
Rechtstreeks te bestellen bij Uitgeverij In de Knipscheer

‘Ik probeer een ademhaling te schrijven, lucht tegen het stikken.’ – Chawwa Wijnberg in een interview in de PZC 2001.
Welke woorden kunnen beschrijven wat overlevenden van de holocaust nog dagelijks ervaren. Chawwa Wijnberg vond ze en schreef een bundel aangrijpende poëzie. In deze gedichten draait alles om dit ene thema. het is het onaanvaardbare, het onbespreekbare dat iedere keer weer om woorden vraagt. Telkens wanneer een lege plek of een brief datgene oprakelt wat nooit had mogen gebeuren, maar ook nooit vergeten mag worden.
Chawwa Wijnberg (1942) is beeldend kunstenaar en dichter. Ze was een onderduikkind. Haar vader zat in het verzet en werd in de oorlog gefusilleerd. Zij debuteerde in 1989 met Aan mij is niets te zien.

De pers over Matses en monsters
‘Zang en dans dus, tot op de laatste bladzijde. De poëzie van Chawwa Wijnberg is onontkoombaar uitnodigend. Wie haar leest gaat met haar mee op reis.’ – Paul Gellings
‘Deze bundel is meer; meer doorleefd, met meer verfijning en tederheid, maar ook harder.’ – Margriet Hogewind
‘In korte, heldere verzen tracht de auteur de pijn van dit verleden van zich af te schrijven. De gedichten willen een antwoord bieden op de vraag naar het waarom van dit lijden. Deze bundel beschrijft bij momenten heel mooi de vreselijke oorlogsjaren.’ – Yves Joris in Meander 196