Albert Helman – Het eind van de kaart. Reisverslag

VoorplatHelmanEindvandekaart75Albert Helman
Het eind van de kaart

reisverslag
nawoord Michiel van Kempen
gebrocheerd in omslag met flappen,
192 blz., € 19,50
ISBN 978-90-6265-760-5
oorspronkelijke uitgave 1980
heruitgave 2019

Het eind van de kaart is in alle opzichten een unicum in het toch al zo veelzijdige, grote oeuvre van Albert Helman.

Albert Helman (Lou Lichtveld) schreef het reisjournaal Het eind van de kaart in 1955, maar het boek zou pas 25 jaar later in 1980 verschijnen in de prestigieuze reeks egodocumenten Privé-Domein van Uitgeverij De Arbeiderspers. In 1955 waren hele stukken van de kaart van Suriname nog wit, oningevuld, onbekend, behalve in het hoofd van de bewoners van het diepe binnenland: inheemsen (Indianen) en marrons (nakomelingen van slaven die eeuwen geleden de plantages ontvlucht waren). Mensen die het binnenland in kaart probeerden te brengen, waren dus werkelijk pioniers, en Helman trok er ook zelf op uit hen aan het werk te zien, verkenningen die hij neerlegde in een tiental verhalen die later in Verdwenen wereld (1990) werden gebundeld. Maar bovenal is Het eind van de kaart een verkenning van zijn eigen psyche en zijn eigen fysieke onvolkomenheid in een omgeving waar hij is overgeleverd aan an¬deren. Helman laat zijn cynisme varen en geeft zich over aan ‘de magie van het oerland’.

Helmans reisverslag wordt tegenwoordig beschouwd als een van de allerbeste en leesbaar gebleven boeken van Albert Helman. Aan deze editie is een Nawoord toegevoegd van prof. dr. Michiel van Kempen.

Albert Helman (1903 -1996) heeft een uitgebreid oeuvre aan romans, verhalen, essays en toneelstukken op zijn naam staan. Begonnen als onderwijzer, componist, organist en muziekcriticus bewoog hij zich in de jaren dertig van de vorige eeuw steeds meer in de richting van polemische en sociaal en politiek uiterst strijdbare journalistiek. In Spanje vocht hij aan republikeinse zijde. Al in diverse romans en verhalen voor de oorlog gaf Helman blijk van interesse voor West-Indië, de Caraïbische regio. Na de tweede wereldoorlog was hij enige tijd minister in Suriname.

Van Albert Helman verschenen eerder bij Uitgeverij In de Knipscheer de verhalenbundels Verdwenen wereld en Peis noch vree, de romans Mijn aap lacht, Chieftains of the Oayapok!, De G.G. van Tellus, Zomaar wat kinderen, de poëziebloemlezing Mexico zingt en de ‘ecologische geschiedschrijving’ Kroniek van Eldorado (2 delen).
Over Albert Helman/Lou Lichtveld verscheen in 2016 van de hand van Michiel van Kempen de geprezen biografie Rusteloos en overal.

Meer over Albert Helman bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Heldere uitleg van de koloniale geschiedenis in ‘ons Indië’.» – Frits Tromp

Over ‘De overkant’ van Ernst Jansz in Friesch Dagblad, 28 juli 2016:
Het Friesch Dagblad bevraagt deze zomer lezers van de krant over hun favoriete boek. Vandaag: Frits Tromp uit Leeuwarden over het boek ‘De overkant’ van Ernst Jansz. (…) “Een werkstuk voor geschiedenis heb ik zelfs aan de onafhankelijkheidsstrijd gewijd, met ‘De overkant’ als belangrijke (literatuur-)bron. (…) De passage waarin Rudi en Joch op Texel kamperen ontroert me elke keer weer. Er gaat zoveel liefde van uit, van de zoon richting de vader!” (…)
Lees hier het artikel
Meer over ‘De overkant’

Michiel van Kempen – Pakistaanse nacht

Michiel van KempenMICHIEL VAN KEMPEN
Pakistaanse nacht

Nederlands Verhalen
Paperback, 184 blz., 14,50
ISBN 90-6265-547-5
Eerste druk 2002

Michiel van Kempen is behalve literatuurwetenschapper en essayist over de Surinaamse letteren ook romancier en verhalenschrijver. Zijn Plantage Lankmoedigheid werd door de Standaard der Letteren tot de mooiste boeken van 1998 gekozen: een knap, humoristisch, mooi-geconstrueerd en intelligent romandebuut. Zijn bundel met humorvolle en soms hilarische reisverhalen over India in Het Nirwana is een lege trein (2001) is inmiddels een steady-seller aan Indiagangers.

Ook Pakistaanse nacht begint als een reisverslag maar gaandeweg krijgt deze novelle onder de verhalen trekken van een Oosterse vertelling. En vanzelfsprekend speelt Suriname (in drie van de zes overige verhalen) een rol. Zo verbeeldt (in De eer van het lintje) een Surinamer in Nederland zich de loop van de geschiedenis van zijn geboorteland een radicale wending te hebben gegeven. Tupperware gaat over een gemengde relatie tussen een Surinaamse vrouw en een Nederlandse man en in De laatste dagen van de rijstpelmolen storten de decembermoorden tante Rina en haar rumdrinkende Lucas op een absurde manier in het verderf.

De pers over Pakistaanse nacht
Een verrassend goed, maar ook behoorlijk onsmakelijk verhaal. – Jessica Durlacher over Tupperware in Vrij Nederland
Dit heeft ruimte, sfeer en lading. – Gerrit Jan Zwier over Pakistaanse nacht in Leeuwarder Courant

Bundel met één lang en zes korte verhalen. Het lange verhaal dat bijna de helft beslaat is naamgevend voor de bundel en tevens het enige dat in Azië speelt. Dit verhaal Pakistaanse nacht belicht aspecten van Pakistan en een elitaire bovenlaag die ook bij insiders weinig bekend zijn. De schrijver bezit een bepaalde obsessie met erotiek die zich in dit verhaal soms met een soort Rushdie surrealisme openbaart. Dichtung und Wahrheit raken gaandeweg zozeer verstrengeld dat zich een mysterieus sprookjesachtig visioen ontspint. De andere verhalen leiden naar een nu eens voorspelbare dan weer onverwachte plot. In alle verhalen klinken verre of overduidelijke verwijzingen door naar Suriname, een vast thema van Michiel van Kempen. Gemakkelijk leesbaar, vloeiend, onderkoeld ironisch en humoristisch en doordacht geschreven. – uit: Biblion