«’Statia Song’ is een vervoerende, overrompelende reis.»

JEANETTE_STASIA_COVER-75LICHTOver ‘Statia Song’ van Jeanette Bos op Caraïbisch Uitzicht, 13 december 2017:
(…) Het boek opent met adembenemende beelden van de woeste natuur van het eiland [Sint-Eustatius]: de hoge vulkaan begroeid met oerbos, de rotsige prairies vol immense keien en uitgebleekt hout, het mysterieuze noordelijke heuvelland. In deze natuur doemen geleidelijk sporen op van menselijk leven – een eeuwenoude waterput, traditionele visfuiken, een eigentijdse bezem, die leiden naar de bewoonde wereld en de tegenwoordige tijd, en vooral naar het eigenlijke onderwerp van dit boek: de Statianen. Een hechte gemeenschap van vaak onderling verwante Afro-Caribische families die al eeuwenlang op dit minuscule eiland wonen en die vrijwel allemaal vlak bij elkaar, tezamen, zijn opgegroeid. (…) ‘Statia Song’ schetst het dagelijks leven van de Statiaanse familie in intieme en indringende portretten, zowel in krachtig zwartwit als in zwierige kleur. Aan het eind van het boek verdwijnen de mensen geleidelijk aan weer in het indrukwekkende, magische landschap. (…)
Lees hier verder
Meer over ‘Statia Song’
Meer over Jeanette Bos op deze site

«Giselle Ecury is in dit opzicht illustratief.» – Eric Mijts en Wim Rutgers

VoorplatRodeAppel75dpiKleinOver o.a. ‘De rode appel’ van Giselle Ecury in ‘De diaspora van de identiteit’ in Ons Erfdeel, augustus 2014:
Er is in deze eeuw weer een groep auteurs ontstaan die op de ABC-eilanden en in Nederland werk van kwaliteit afleveren in het Nederlands: een nieuwe generatie Nederlands-Caribische auteurs. (…) In het werk van Giselle Ecury lezen we de dominante want steeds terugkerende thema’s als gemengde afkomst, interculturele relaties, het raadsel van de oorsprong en de zoektocht naar identiteit. We zien de steeds terugkerende dubbele setting in Nederland en het Caribisch gebied. Het perspectief ligt bij de uit dat gebied afkomstige personages. Ze vertellen hun levensverhaal in een taal die tegen het Papiaments aanleunt door het gebruik van met de eilanden gebonden specifieke woorden. Uit de thematiek vloeit een dubbelstructuur voort, waarbij verleden en heden elkaar raken en verzoend moeten worden. (…) ‘De rode appel’ (2013), is inhoudelijk opgebouwd als een tweeluik met de dubbelgeschiedenis van de twee hoofdpersonen Elisabeth en Nicki, die beiden het product zijn van een interculturele relatie, waarmee ze in het reine moeten zien te komen. Verleden en heden blijken onlosmakelijk met elkaar verbonden door een dubbele terugblik: die van Elisabeth op haar au-pairtijd als jong meisje in Zuid-Frankrijk, waarnaartoe ze na dertig jaar terugreist om opheldering te krijgen over wat er toentertijd precies gebeurd is, en vervolgens van haar vriend Nicki, die haar zijn levensverhaal over zijn Curaçaose jeugd toevertrouwt, waarna ze dat opschrijft. (…) Voorlopig [zal deze groep] hun kracht nog zoeken in eigen kring om via die positie een brug te slaan, ook al worden deze auteurs nog (te) weinig opgemerkt of hooguit weggezet in het minderhedencircuit.
Lees hier het artikel
Meer over Giselle Ecury bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Van Leeuwen is één van de beste schrijvers die het koninkrijk heeft voortgebracht.» – Sheila Sitalsing

BoeliPortretHermanvanBergen75dpiOver o.a. Boeli van Leeuwen in column ‘Rijksgenoten’, de Volkskrant 20 november 2013:
‘Het koninkrijk bestaat niet’, kopte de Volkskrant dit weekend boven een artikel over wederzijdse wrevel en desinteresse. (…) Stuitend gebrek aan belangstelling in elkaar. Zo veroorzaakte de moord op Helmin Wiels – vergelijkbaar met die op Pim Fortuyn – aan de Noordzeezijde van Willem-Alexanders rijk amper een rimpeling. Mediacategorie aardbeving in Italië zonder Nederlandse slachtoffers. (…) Binnenkort belegt de Volkskrant een debat onder de zorgelijke titel ‘Kan het koninkrijk nog 200 jaar zo doorgaan?’
O jawel hoor, zou Boeli van Leeuwen opgewekt zeggen als hij nog zou leven. Van Leeuwen is één van de beste schrijvers die het koninkrijk heeft voortgebracht, en aan de Noordzeezijde schandalig onbekend. (…) Eigenlijk, schreef Van Leeuwen, zijn de ex-Antillen sinds 1634, ‘toen Johan van Walbeeck met merkbare tegenzin op Curaçao aan wal stapte, onafgebroken bezig ten onder te gaan’. Dat zullen ze vrolijk blijven doen, in rijksverband. Een kwarteeuw geleden voorspelde Van Leeuwen het al: ‘Je kunt die roteilanden eenvoudigweg niet meer kwijt. Wij hebben de onafhankelijkheid gezien op Haïti, wij krijgen dagelijks onafhankelijke hoeren uit Santo Domingo, die daar van de honger creperen, dank u zeer.’

Lees hier de hele column

Meer over Boeli van Leeuwen

Klaas de Groot – Vaar naar de vuurtoren

Klaas de Groot (samenstelling)
Vaar naar de vuurtoren
[ Eiland, Isla, Island, Eilân ]
Gedichten over 12 eilanden van het Koninkrijk der Nederlanden
Pagina’s: 256
ISBN 978-90-6265-658-5
Prijs: €18,50
Verschenen november 2010

Het Koninkrijk der Nederlanden is vanaf 10-10-10 ‘vernieuwd’. Sint Maarten en Curaçao zijn net als Aruba ‘landen’ geworden binnen het koninkrijk. En Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn ’openbare lichamen’ van Nederland geworden. De Antillen mogen dan als staatsvorm ontmanteld zijn, eilanden zijn ze alle zes gebleven, Nederlandse eilanden ook, samen met de zes Waddeneilanden. Dit wordt gevierd met de presentatie van de bloemlezing Vaar naar de vuurtoren, waarin dichters hun liefde voor de twaalf eilanden met ruim honderd gedichten in het zoeklicht zetten.

Klaas de Groot ging in de literatuur op zoek naar eilandgedichten en bezocht op zijn speurtocht alle eilanden, behalve Rottum, en ontdekte dat over Ameland en Aruba, over Curaçao en Saba t/m Vlieland, ja zelfs over Rottum, in de loop der tijd heel wat dichters hebben geschreven.

Bijzonder is ook de meertaligheid van deze bloemlezing (binnen het Koninkrijk zijn tenslotte al minstens vier talen officieel: Engels, Fries, Nederlands en Papiaments) die zich weerspiegelt in de ondertitel Eiland, Isla, Island, Eilân.

Bij de samenstelling van Vaar naar de vuurtoren keek Klaas de Groot vooral naar werk dat het eiland als plaats laat zien, ook als plek in het hart. Het hart spreekt duidelijk hoorbaar in het volkslied en daarom zijn, voor zover mogelijk, de volksliederen van de afzonderlijke (ei)landen opgenomen.