Gedicht van Robby Harman

Robert Harman SordamIn zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Het is vandaag (8 maart 2022) de sterfdag van Albert Verwey, J.J. Geuns, Kees van Duinen, Chris J. van Geel, Jaak Brouwers en Joop Verhaaren. Het is ook de geboortedag van onder anderen A. Marja, Hafid Bouazza en Saya Yasmine Amores. Niét vermeld is Robby Harman (Robert Harman Sordam, 1955-2018) die ook op deze dag werd geboren en van wie poëzie is opgenomen in ‘Spiegel van de Surinaamse Poëzie’. Robby Harman dichtte en schreef liedteksten in het Nederlands, het Sranantongo en het Engels. Bij wijze van felicitatie laat Wim van Til zijn keuze vallen op een gedicht van Saya Yasmine Amores. Uitgeverij In de Knipscheer kiest in dit bericht voor het lied/gedicht ‘Recover’ uit de bundel (met cd) ‘Harmanized’ (Uitgeverij In de Knipscheer, 2016).

Recover

Like a rebel, I will cry out loud
Just to see how they’ve putrefied your soul
It’s not easier for you to recover from that
It’s not easier for you to get you,
something to recover from your past

Please don’t get me wrong
You know I hate to see
That you face problems easier then you used to do
But from now on, you can recover from your past

I would say that love is a miracle
I would say that love is real
It’s easier to recover from that
It’s much easier for you to accept
something to recover from your past

[They have to cover it – Just discover – And make it
gonna last]
Shout Out
I just want – recover, Can’t you see it’s time
We just need – recover, Give back what is mine…

Meer over Robert Harman Sordan bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Harmanized’

27 februari 2022: Pinto Literair presenteert Jit Narain

VoorplatNarainMensenkindIn 2021 verscheen bij Uitgeverij In de Knipscheer de bloemlezing van het werk van Jit Narain met de titel ‘Een mensenkind in niemandsland’. Het boek kon toen niet vanwege corona gepresenteerd worden. Dankzij de nieuwe Pinto Literair-reeks ‘De Caraïben’ komt het er nu alsnog van en wel op zondagmiddag 27 februari 2022. Het voormalig Nederlands-Caraïbisch gebied bracht een aantal grote dichters voort. Van die groten is de Surinaams-hindostaanse dichter Jit Narain zonder meer de belangrijkste nog levende auteur. Via een live-verbinding met Suriname wordt contact gemaakt met de dichter in Suriname. De middag wordt ingeleid door Rabin Baldewsingh, Sarnámi-activist en Nationaal Coördinator tegen Discriminatie en Racisme. Michiel van Kempen, mede-samensteller van de bloemlezing, interviewt Geert Koefoed, oud-uitgever van poëzie die veel met Jit Narain heeft samengewerkt. En er worden fragmenten getoond uit ‘De as van de herinnering’, het filmportret van Jit Narain dat John Albert Jansen in 2005 maakte voor de NPO. In meer dan tien bundels bezingt Jit Narain hoe zijn voorouders die van India naar Suriname kwamen in de modder van de rijstvelden een bestaan opbouwden. Hij schrijft over hun ploeteren, hun ontworteling en verdriet, over liefde en dood. Hij schrijft in het Nederlands maar richtte met zijn poëzie ook een monument op voor de taal van zijn voorouders, het Sarnámi. Voor zijn werk kreeg hij zes bekroningen en naar hem werd ook de Jit Narain Cultuurprijs genoemd. Jit Narain werkte als arts in Den Haag maar keerde in 1991 terug naar Suriname om zich te vestigen onder zijn mensen in het district Saramacca. Anno 2022 is hij nog altijd arts, maar werkt hij vooral als landbouwer, in dezelfde klei waarin zijn ouders en voorouders plantten en oogstten.

Locatie zondag 27 februari 2022, aanvang 15.00 uur in Huis De Pinto, Sint Antoniesbreestraat 69, 1011 HB Amsterdam. Zaal open om 14.30. Toegang € 5 (gratis voor Vrienden van Huis De Pinto). Reserveren met opgave van naam en telefoonnummer verplicht via contact@huisdepinto.nl of 020-3700210 tussen 13.00 en 17.00 uur. Reserveringen ophalen uiterlijk een kwartier voor aanvang. Afzeggen? Graag bijtijds in verband met het beperkt aantal beschikbare plaatsen. De volgende coronaregels zijn van kracht: een geldige QR-code op de CoronaCheckapp of geprint. Bij binnenkomst is een mondkapje verplicht.
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

«De poëzie van Jit Narain verhaalt het leven van de Hindostaan in de Nieuwe Wereld.» – Jerry Dewnarain

VoorplatNarainMensenkindOver ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain in De Ware Tijd-Literair, weekendeditie van 14 t/m 16 januari 2022:
Michiel van Kempen en Effendi Ketwaru hebben onlangs ‘Een mensenkind in niemandsland’ samengesteld: een bloemlezing uit de tien bundels die Jit Narain van 1977 tot en met 2019 heeft geschreven. (…) Voor zijn gedichten en voor zijn verdiensten voor de emancipatie van het Sarnami werden hem tal van literaire prijzen toegekend. Jit Narain is nog steeds landbouwer en huisarts (…) in Uitkijk, Saramacca. (…) Ooit zei Jit Narain in een interview, dat als je schrijft, worden gewone woorden en uitdrukkingen betekenisvol. Woorden als tijd, tijdloos, gedachte, gedachteloos, ruimte en dood zijn simpele woorden die heel vaak gebruikt worden, maar een andere dimensie krijgen bij schrijven. Narain stelt dat je met dichten als het ware terug moet naar het moment van benoemen van toen, toen dat woord ontstond. Misschien is poëzie hiervoor wel bedoeld: om de woorden te herbevestigen. (…) De gedichten die Jit Narain vanaf de jaren negentig schrijft, gaan veelal over de dood en dus over leven, over tijd en tijdloosheid. (…) Al met al, de poëzie van Jit Narain verhaalt het leven van de Hindostaan in de Nieuwe Wereld. Ze analyseert en filosofeert. Dat bewijst deze bloemlezing. De keuze van de gedichten uit de verschillende dichtbundels is gevarieerd in thematiek; goed voor een beginner om te proeven uit de keuken van Jit Narains poëzie. (…) Met een inleiding door Satya Jadoenandansing en Geert Koefoed.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

Astrid H. Roemer – Ik ga strijden moeder. Gekozen gedichten

VoorplatRoemerBloemlezing-75Astrid H. Roemer
Ik ga strijden moeder
gekozen gedichten
bezorgd door Koos van den Kerkhof

Suriname, Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
royaal formaat, 138 blz., € 19,50
ISBN 978-94-93214-57-6
eerste uitgave november 2021

Samenstelling, inleiding en verantwoording Koos van den Kerkhof

Het poëtische oeuvre van Astrid H. Roemer is niet groot, maar wel spannend, interessant, actueel en provocerend en gelukkig niet in een hokje te stoppen. Van Astrid H. Roemers poëzie zou je wel tien verschillende bloemlezingen kunnen samenstellen. Ik ga strijden moeder echter laat de ontwikkeling zien van de jonge activistische dichter tot de diva die in spannende vertelbeelden de lezer weet te betoveren. De voortdurende gedaanteverandering in de poëzie van Astrid H. Roemer vindt zijn voorlopige voltooiing in haar laatste bundel uit 2012. Zinnen zijn herkenbaar, maar de grens tussen de ene en de andere is vloeibaar. Deze bloemlezing bundelt gedichten van Astrid H. Roemer uit haar eerste bundel van 1970 tot en met haar jongste poëziepublicaties in literaire tijdschriften vanaf 2015 tot in 2020. Haar vroege poëzie heeft een wat bescheiden plaats en het latere dichtwerk krijgt meer ruimte. Zo wordt de groei zichtbaar van een dichter met een directe en persoonlijk geladen expressieve stem tot een intrigerende epische verteller die een eigen wereld creëert. Een dichter die haar gedachten en emoties vormgeeft, actievoert, haar solidariteit uit maar vooral het bestaan liefheeft.

Astrid H. Roemer is natuurlijk op de eerste plaats als prozaschrijver bekend en niet als dichter. In de luwte van het proza rijpt haar poëtische meesterschap. Haar poëzie is nauwelijks te vergelijken met die van welke Nederlandstalige dichter dan ook. Voor Roemer is een gedicht een manier om met de lezer te communiceren. In haar vroegste verzen kondigt zich alles al aan. Vrije verzen doortrokken van emotie, zelfs rebellie. Astrid H. Roemer blijkt dan al de taal in al zijn facetten en in al zijn poëtische nuances te beheersen. Alle registers van het gevoelsleven slaat ze aan: de woede, het heimwee, de moed, de nostalgie en het verdriet. Poëzie met een grote betrokkenheid bij het leven van mensen die in de ogen van de ‘doorsnee Nederlander’ ‘anders zijn’. Met elke bundel zet de verandering in Astrid H. Roemers poëzie door. Het verhaal wordt poëzie. De liederen worden vrije verzen, vrije verzen worden liederen. De voortdurende gedaanteverandering is vanaf het begin een kenmerk van haar poëzie en ze eindigt voorlopig in pure muzikaliteit, taligheid en vormkracht. Het is een bijna mythologische gedaanteverandering.

Astrid H. Roemer (1947) debuteert onder het pseudoniem Zamani in 1970 met de dichtbundel Sasa. Ze breekt door naar een groot publiek met de roman Over de gekte van een vrouw (Uitgeverij In de Knipscheer, 1982). Inmiddels heeft ze een veertigtal titels op haar naam staan, in alle denkbare literaire genres: van gedichten tot novellen, romans, columns, toneelwerken, liederen, libretto’s en autobiografieën. Voor haar romans is ze in 2016 bekroond met de P.C. Hooftprijs en voor haar gehele oeuvre in 2021 met de Prijs der Nederlandse Letteren. Ik ga strijden moeder (2021) markeert haar 50-jarig schrijverschap.

Meer over ‘Ik ga strijden moeder’
Meer over Astrid H. Roemer bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Astrid H. Roemer op deze site

«Een stem die het waard is gehoord te worden.» – Ko van Geemert

VoorplatNarainMensenkindOver ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain in Parbode (juli 2021), 12 oktober 2021:
‘Een mensenkind in niemandsland’ is een door Michiel van Kempen en Effendi Ketwaru samengestelde bloemlezing uit de tien bundels die Jit Narain vanaf 1977 tot en met 2019 publiceerde. De inleiding is van Satya Jadoenandansing en Geert Koefoed. Vrijwel alle gedichten worden in twee talen gepresenteerd: in het Sarnámi en in het Nederlands, de vertalingen zijn van de schrijver. (…) Het Sarnámi speelt een cruciale rol in zijn poëzie. De inleiders: ‘Hij wil iets voor die taal doen. Hij wil Sarnámi […] “voornaam, klassiek maken” en daarmee eer bewijzen aan de generaties die deze taal gevormd hebben.’ Narain: ‘Ik wil aan deze taal onvergankelijke waarde verlenen.’ (…) Lied moet in de poëzie van Narain ruim opgevat worden, als de taal, de cultuur, verhalen, liederen, feesten, rituelen, waarden, levenshouding, die worden doorgegeven. Een belangrijk motief in zijn gedichten is de eindigheid van geliefde zaken. (…) Door deze bloemlezing van gedichten, die vrijwel allemaal aanvankelijk in eigen beheer waren uitgegeven, blijft de poëzie van Jit Narain toegankelijk – een stem die het waard is gehoord te worden.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Stil van bewondering voor het werk van Narain.» – Roger Nupie

VoorplatNarainMensenkindOver ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain in De Auteur, 29 september 2021:
[Samenstelling Michiel van Kempen & Effendi Ketwaru, inleiding Satya Jadoenandansing & Geert Koefoed.]
De Surinaamse dichter Jit Narain schrijft in het Sarnámi en het Nederlands. Veel van zijn gedichten zijn door hemzelf in het Nederlands vertaald en andersom. Sarnámi is de taal van de Surinaams-hindostaanse gemeenschap, de nakomelingen van de contractarbeiders die uit het toenmalig Brits-Indië naar Suriname zijn gemigreerd. Ontstaan uit een aantal regionale talen van India werd het lang als een volkstaal zonder prestige beschouwd. (…) Dat Jit Narain in het Sarnámi schrijft is geen toeval, maar een bewuste keuze: het is de taal van de contractanten en hun nakomelingen en hij wil die taal ‘voornaam, klassiek maken. Ik wil aan deze taal onvergankelijke waarde verlenen’. (…) Narains’ poëzie is veelzijdig: van verhalend en analyserend tot denkend en filosofisch. Terugkerende thema’s zijn de aarde – Narain is naast huisarts ook landbouwer – die al dan niet voor de geboortegrond staat, en het lied. Zijn lyrische en muzikale gedichten lenen zich ertoe om gezongen te worden, wat de dichter ook doet bij optredens. ‘Tussen de woorden is het stil’ is de titel van een van zijn bundels. Wij worden als lezer stil van bewondering bij deze kennismaking met het werk van Narain.
‘De Auteur’ is een driemaandelijks tijdschrift van de Vereniging van Vlaamse letterkundigen.
Lees hier de recensie op het blog van de Vereniging: ‘De Boekhouding’
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

Jeugdgedicht van Saya Yasmine Amores

Saya1 foto Serge Ligtenberg met dank aan Writers Unlimited

Saya Yasmine Amores (Suriname 1965) begint al op heel jonge leeftijd met gedichten en verhalen schrijven. Onlangs gaf ze een gedicht vrij dat ze als vroege puber heeft geschreven. In dat gedicht ‘Onder de manjaboom’ schrijft ze de pijn uit haar kindertijd al van zich af. Maar ze doet ook de belofte (of profetie) haar verhaal later op te schrijven. Die pijn en dat verdriet, alsook het onvermogen met leugen te leven, klinken in al haar latere werk (onder eigen naam of onder haar eerdere pseudoniem Cándani) door.

Onder de manjaboom

Onder de manjaboom
achter het oude kippenhok
zit ik een klein meisje
zure lekkere manja te snijden
met een mooi klein mesje
mijn hartendiefje
en te eten met zout
met de weide voor me heen

hier ben ik altijd veilig
hier komt niemand
mij zoeken
hier vindt niemand mij
en de kleine kokospalm
draagt al grote halfrijpe
kokos die ik straks ga snijden
en lekker opdrinken
en het vlees opeten

ik heb ook een
houwer bij mij
ik snij en snij
en denk over alles
na
keer op keer
keer op keer.

Eens zal ik weggaan
uit dit huis
moeder zal kijken
uit het raam
of ik terugkom
liegen zal ze niet
verleerd hebben
waarom
waarom
waarom
kon zij maar dit
een keer aan mij
vertellen
wat
waarom
wat gaat zo
in haar om
over mij
wat
wat
wat

beweren zal zij
dat ze mij geliefkoosd heeft
nooit zal zij toegeven
hoe ze mij liet slaan
en betasten
uit haar ooghoeken
keek zij en ze glimlachte
voldaan en verzadigd

zij allen kennen het geheim
dat ik nu weet: dat ik
een hoge wijsheid heb
en een bijzonder
boek ga schrijven
ook dat ik een
andere vader heb
een vies geheim dat ik
tot diep in mijn botten voel

vader kom mij halen
ze slaan mij elke dag
om wat jij deed
om wat zij deed
en ik werd geboren
het kind
dat zoekend is
nu je niet meer komt
vertrek ik zelf
maar ik kom weer terug
om wijsheid
en inzicht
te delen.

Meer over Saya Yasmine Amores op deze site

Gedicht van Saya Yasmine Amores

22Niet eerder gepubliceerd gedicht ‘Mijn gedachten zijn als kwetterende vogels’ uit 2001 dat Saya Yasmine Amores toen schreef onder haar pseudoniem Cándani, 27 juli 2021:

 

 

 

Mijn gedachten zijn als kwetterende vogels

Mijn gedachten zijn als kwetterende vogels
die uitzwerven over de hemeloceaan.
Hun klanken zijn als echo’s
die de verste sterren raken en keren
naar mij om te vertellen over dingen
die ik niet rijmen kan.

Meer over Saya Yasmine Amores op deze site

«De gedichten bouwen samen een sfeer op van het even herleefde verleden.» – Wim Rutgers

20Het spel van huisje huisje / Ghar ghar ke khel’ is een tweetalige bundel Nederlands/Sarnámi die in 2002 uitkwam onder het schrijverspseudoniem Cándani en in 2015 en 2019 werd heruitgegeven onder de eigennaam Saya Yasmine Amores: 27 juli 2021:
«(…) De Surinaamse jeugd blijkt niet terug te roepen, hooguit op te roepen in de vorm van een gedicht. Daarom vertelt de dichteres via de herinnering in strikte zin over zichzelf, wie ze eenmaal was en wie ze nu geworden is. Over een jeugdvriend heet het: ‘ik stal mandarijnen en Bijāi werd gestraft/aji en aja en Bijāi zijn allemaal weggedragen/en de vruchtenbomen is uitgedroogd.’ Wat een wereld van ervaring gaat er achter zo een korte terzine schuilt! Een ander gedicht over een speelgenoot sluit af met de constatering ‘vandaag besef ik / Jin hield van mij.’ (…) Amores vertelt over de spelletjes van haar jeugd, over het huislijk leven in het gezin, over vrienden, het wonen, het eten, het vangen van zoetwatervis en over traditioneel gebruiken. Maar het is voorbij, voorgoed voorbij en valt alleen in de herinnering voor de duur van het gedicht te herleven. Samen bouwen de gedichten een sfeer op van het even herleefde verleden, niet om gevoelens te wekken van heimwee of nostalgie die naar dat verleden terug zouden willen gaan. Het verleden is afgesloten. (…) Het woordgebruik is verbluffend eenvoudig en de zinnen met hun prozakarakter waaieren helder en doeltreffend door middel van enjambementen over de verzen uit. (…)»
Lees hier de recensie in ‘Oso’ uit 2004
Meer over Saya Yasmine Amores op deze site

«Spijt in de badkamer.» – Maurice Broere

VoorplatExit-75Over ‘Exit’ van Annel de Noré voor Meander Magazine, 12 juli 2021:
Je zou eerder verwachten dat Exit de titel is van het laatste werk van een kunstenaar. Annel de Noré debuteert echter met deze bundel als dichter. (…) Opvallende thema’s zijn: godsdienst, verwijzingen naar de Bijbel, verbroken relaties, natuur en dood. (…) Tussen de regels door in de bundel vind je steeds verwijzingen naar een problematische verhouding met iemand die dicht bij haar stond. (…) Het mooist in deze bundel vind ik de verzen die los van conventies zijn. Ze zijn sprekender en hebben meer een eigen stem. Ik ben benieuwd wat ze nog gaat publiceren en zal zeker haar gaan volgen. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Exit’
Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij In de Knipscheer