Bea Vianen – Ik eet, ik eet, tot ik niet meer kan

Bea Vianen
Ik eet, ik eet, tot ik niet meer kan

Roman
Suriname
Tweede druk oktober 1984
ISBN 978 90 6265 172 6
€ 15,00

Ik eet, ik eet, tot ik niet meer kan is de eerste van een reeks heruitgaven van de vroege romans van de Surinaamse schrijfster Bea Vianan (Paramaribo, 1935). Deze, haar derde na Sarnami hai en Strafhok dateert uit 1972 en vertelt de geschiedenis van enkele schooljongens in een stadsinternaat. In heel treffende bewoordingen laat Bea Vianen zien hoe de dubbele moraal en de armoede hun invloed hebben op het doen en laten van de schooljongens – die uit verschillende bevolkingsgroepen afkomstig zijn – en hoe de vooroordelen verdwijnen in gezamenlijk verzet tegen de ouderen.

Dit schrijnende, sombere, maar aan het slot toch enigszins hoopvolle verhaal krijgt er een dimensie bij doordat men al spoedig beseft dat Bea Vianen met het internaat, waarin men de jeugd tracht klein te houden, een situatie heeft beschreven die op heel Suriname van toepassing is.

Aldert Walrecht schreef over deze roman: ‘In dit “eetboek” zit voor de fijnproever een maaltijd verborgen, waarin hij steeds meer ingredienten ontdekt.’ En Rabin Gangadin over haar oevre: ‘Vianen geeft in haar werken, die de indruk wekken van aan het werkelijke leven ontleende verhalen, de kleur, het aanschijn en de bewogenheid van het ware Suriname.’

Edgar Cairo – Dat vuur der grote drama’s

90-6265-117-8EDGAR CAIRO
Dat vuur der grote drama’s

Suriname/Nederland Roman
Paperback, 474 blz.,
ISBN 90-6265-117-8
Eerste druk 1982

In een heerlijke taal die even gemakkelijk leest als het Nederlands en toch net zo virtuoos klinkt als Cairo’s eigenljke taal (het Surinaams-Nederlands), neemt Dat vuur der grote Drama’s de lezer mee naar twee wonderlijke werelden: Nederland anno 1982 en een voormalige Nederlandse kolonie – ver weg in de ‘gouden’ zeventiende eeuw.

In een Nederlandse stadswijk vol minderheden zorgen een zwarte jongen en een blank meisje in sprankelende scènes voor tal van conflictsituaties. Met hun humor en tederheid belichamen zij de liefde op menselijke wijze en brengen daardoor onweerstaanbaar een veelomvattender emancipatieproces op gang waaraan niet één van de vele bevolkingsgroepen in die fascinerenee wijk zich kan onttrekken en dat tevens haarscherp de onmenselijke kanten van een moderne maatschappij blootlegt. En één van die minderheden is die Nederlandse oorspronkelijke bewonder, de ‘inboorling’.
Drie eeuwen vroeger in de Berbice, zou een van zijn voorvaderen een ‘aanboorling’ geweest kunnen zijn, toen de Vereenigde Provinciën de scepter zwaaide over het huidige land Guyana.

Zo worden twee spannende verhalen over leven en liefde tussen zwart en blank – daar en hier, toen en nu – versmolten tot een meeslepend leesavontuur dat grote historische verbanden tussen naties en culturen zichbaar maakt, in een stijl die westerse literair tradities met Caribische vertelkunst verenigt.

Edgar Cairo – Als je hoofd is geboord. Krantencolumns 2

90-alsjehoofdisgeboordEdgar Cairo
Als je hoofd is geboord. Krantencolumns 2

Suriname/Nederland. Columns
Paperback, 160 blz.
ISBN 90-6265-089 9
Eerste druk 1981
Uitverkocht; nog beperkt leverbaar rechtstreeks bij de uitgever

Van iemand die slecht z’n dinges onthoudt, iemand die niet in de gaten heeft, waar mensen ’t in een bepaalde kwestie over hebben, zegt men Zijn hoofd is geboord – hij heeft als het ware een gat in z’n verstand.

Zo begint Edgar Cairo zijn inleiding tot deze tweede bundeling Volkskrant-columns, waarin hij andermaal ingaat op de Surinaams-Nederlandse taalsituatie, o.a. middels het uitgebreide essay ‘Een bufferkultuur voor minderheden’ dat in 1981 werd gepubliceerd in het weekblad De Groene Amsterdammer.

Enkel al ‘die vrijpostige, heerlijksappige, hoofdbrekerige, schandaalbarige, ogenopende, krasdadige, allemachtig wreedadig mooie stukjes uit de Volkstrant’ waarin de Surinaamse en Nederlandse actualiteit op de voet gevolgd wordt, zijn een bundeling waard. Maar juist de combinatie met de inleiding, waardoor theorie en praktijk samengaan, maakt Als je hoofd is geboord tot een volwaardig boek en een ideale introductie voor hen die zich niet eerder aan een roman van Edgar Cairo hebben ‘gewaagd’!