Inge Nicole – De tranen van de zeegans

inge bakINGE NICOLE
De tranen van de zeegans
Novelle. Nederland
Genaaid gebonden, 88 blz.
ISBN 978-90-6265-663-9 ca. € 16,50
Te verschijnen in 2011

Met De tranen van de zeegans beproeft Inge Nicole haar talent op het genre van de novelle. Juist in deze vorm, die wat omvang betreft precies tussen de roman en het kortverhaal inzit, komt haar poëtische taalgebruik tot zijn recht. De secuur gekozen woorden roepen krachtige beelden op. Hierdoor ontrolt het levensverhaal van Aleida zich voor de lezer tot in ieder detail.

Driewegen 1863. Als haar moeder in haar zevende kraambed sterft, trekt de veertienjarige Aleida Vleijshouwer noodgedwongen naar de stad en gaat ze op zoek naar een betrekking. Ze vindt werk bij de visafslag en wordt als de dagen korten, opgepikt door Pons die haar werk binnenshuis aanbiedt. ‘Pons was klein van stuk maar had iets in zich waardoor weigeren niet in haar opkwam. Hij was een zeeduivel in hermelijnbont. Zijn stekels moest je mijden.’
Aleida denkt als huisbediende aan het werk te gaan maar wordt de prostitutie ingeleid. Verwarring ontstaat als Pons gevoelens voor haar krijgt. Aleida weet haar plaats niet meer.

‘Mijn vader is Cornelis Vleijshouwer, hij leeft van varkens en soms een oud paard. En mijn moeder is dood. Ze had een lichaam als van een garnaal en toch kwam steeds dat varken en bij het zevende kind brak ze in tweeën. Ik wil geen kinderen. Nooit.’
‘Nou, dat komt goed uit. Hier is geen plaats voor kinderen.’

Alfred Birney – Rivier de IJssel

Alfred Birney
Rivier de IJssel

Novelle. Nederland
Gebonden, 112 blz.,
ISBN 978-90-6265-650-9 € 16,50
Eerste druk 2010

Een muzikant hoopt op een wilde nacht met een zangeres die hij moet begeleiden. Maar er is een derde in het spel: een dubbelganger die hem een vervreemdend gevoel geeft over zijn afkomst en een grote kennis van het Nederlands koloniaal verleden aan de dag legt. De muzikant krijgt het idee te moeten kiezen tussen de liefde en zijn zucht naar historische kennis. Wellicht zal hij zijn vaders motieven leren doorgronden: een politiek vluchteling onder de vlag van Nederland anno 1950. Met dit boek toont de schrijver dat migratie geen eenrichtingsverkeer is en dat racisme overal op de loer ligt. Rivier de IJssel is geschreven door iemand die weet hoe het voelt te leven in een land waar de mensen jou vertrouwd zijn maar jij hun niet.

‘Weet je wat het is met rivieren? Ze migreren niet. Ze raken vervuild, vergiftigd, drogen uit, lopen weer vol, stromen over, wat dan ook, maar ze blijven op hun plaats. Hun mysterie is dat ze stromen. Dát is dus waar het om gaat: op je plaats blijven en tegelijk blijven stromen.’

Rivier de IJssel is de follow-up van Rivier de Lossie, maar kan ook gemakkelijk zelfstandig, of in omgekeerde volgorde gelezen worden.

Schitterend geschreven novelle… Arnhem aan Zee.

Chapeau voor de auteur die zijn familiegeschiedenis weet te overstijgen en een universeel verhaal neerzet. Den Haag Centraal.

Birney heeft een heldere stijl van schrijven die erg plezierig aandoet. – NBD/Biblion.

Alfred Birney – Rivier de Lossie

alfred birney rivier de lossie Alfred Birney
Rivier de Lossie
Novelle – Nederland
Gebonden met stofomslag, 104 blz.,
ISBN 978-90-6265-590-8 € 16,50
Eerste druk 2009

Hoe komen drie benen op een wapenschild terecht en meer dan duizend jaar later op het etiket van een ketjapfles? Waardoor worden mensen soms dagenlang achtervolgd door hetzelfde lied? Waarom zijn het zo vaak onbekenden die ons heel anders naar de dingen laten kijken? Vragen uit de sfeervolle novelle Rivier de Lossie, die zich afspeelt in Schotland in de beginjaren negentig van de vorige eeuw. Een Nederlandse folkgitarist is er op zoek naar zijn Schots-Aziatische voorgeschiedenis. Tegen het decor van leisteen en voortspoedend water ontmoet hij een betoverende vrouw die hij uit een ballade uit zijn vroegere repertoire meent te herkennen. Maar wie is zij in werkelijkheid? Rond hun kortstondige samenzijn spelen thema’s die altijd actueel zijn: oorlog, migratie, afkomst, de fascinatie voor het onbekende en het noodlot.

Een clandestiene folkclub lag ergens boven in een hoekhuis in het Renbaankwartier, waar je de zee kon ruiken. Er was geen alcohol of marihuana, wel hete soep. Schaakborden, gedempte conversaties. Op een barkruk zat een jongen met een bebrild vollemaansgezicht, varkenslijf en worstvingers geweldig gitaar te spelen. De jongen zong in het Gaelic. Ik verstond hem niet maar begon een land te missen waar ik nog nooit geweest was.

‘Ook de Nederlandse literatuur heeft haar geheimen. Een van de best bewaarde heet Alfred Birney. Dit is uiterst verfijnd proza – tastbaar en tegelijk ongrijpbaar als water, een stille kracht in de Nederlandse literatuur.’

Dat schreef de Standaard der Letteren eens over Alfred Birney, zoon van een Nederlandse moeder en een Indo-Chinese vader met Schotse wortels. Veelvuldig terugkerende motieven in zijn literaire werk zijn vervreemding van familie, voortdurend raadselen in verband hiermee oplossen en het onvermogen tot identificatie met moederland of vaderland. Rivier de Lossie is Alfred Birney’s literaire comeback na een periode van columns schrijven.

——————————————————————————–

De pers over Rivier de Lossie (2009):

‘Nog even en Alfred en ik hebben vijftig jaar kennis aan elkaar. Ik kende hem als jongen. Er verstreken enkele decennia voordat ik hem leerde kennen als schrijver. Om hem in die hoedanigheid te waarderen, was aanzienlijk minder tijd nodig. Ik zou nu zeggen: je hebt de Nederlandse literatuur en je hebt Alfred Birney. Een zelfstandig genre binnen de letteren, wat mij betreft: de meest onderschatte schrijver van Nederland.’ – Rudie Kagie, Vrij Nederland

‘Werkelijk prachtig verteld.’ – Michiel van Kempen in Caraïbisch Uitzicht

‘Niet meer een van de best bewaarde geheimen, maar een aangename ontdekking.’ – De Recensent

‘Rivier de Lossie is een novelle zoals alleen Alfred Birney die kan schrijven. Economisch geschreven als het is, staat er geen woord te veel. Maar wat er staat klinkt nog lang na herlezing door.’ – Literatuurplein.nl

‘Subtiele vertelling.’ – Jan-Hendrik Bakker in het Algemeen Dagblad

‘Meer dan geslaagde rentree… meesterlijk… een prachtige novelle.’ – Biblion

Erich Zieliski – De prijs van de zee

978-90-6265-595-3Erich Zielinski
De prijs van de zee
Roman. Antillen
Ingenaaid, 192 blz.
ISBN 978-906265-595-3 € 15,00
Eerste druk 2008

Voor De Engelenbron nam Zielinski de drukke Curaçaose volkswijk Otrobanda als decor, De prijs van de zee situeert hij daarentegen in een afgelegen streek op Bonaire, in een gehucht van vissers die op een verlaten strand, zo goed als afgesloten van de buitenwereld, lief en leed met elkaar proberen te delen. Onderlinge rivaliteit leidt tot een drama wanneer een van de vissers een vrouw en haar zoontje uit een spelonk redt, nadat haar auto op onbegrijpelijke wijze vanaf de rotsen in zee is terechtgekomen. De opbrengst van de zee behoort verdeeld te worden. De inhoud van de auto op de zeebodem zorgt voor een verrassing en nóg meer complicaties, wanneer Djin Chirino en zijn broer Roy hun buit opduiken. De verleidingen waaraan de broers worden blootgesteld dreigen een wig te drijven in de hechte gemeenschap, waarin ieder van de ander afhankelijk is. De vissers hebben zo hun eigen gebruiken en het is maar de vraag of zij een inbreuk daarop toestaan.

De heldere schrijfstijl en de manier waarop de auteur zijn verhaal in scène zet, en waarmee Zielinski voor zijn debuutroman lovende recensies verwierf, munten ook hier weer uit. De beeldspraak verrast telkens: Ze stond op het punt in huilen uit te barsten en trilde over haar hele lichaam als een libelle bij het paren.

Schuld en boete krijgen in deze kleine wereld die de schrijver met gevoel voor humor schept – ‘achter de rug van God’ – een eigen dimensie, die spanning oproept en onbe-dwingbaar tot verder lezen aanzet.

Erich Zielinski, zoon van een Duitse vader en een Curaçaose moeder, werd in 1942 geboren op Bonaire, maar groeide op in het oude stadsdeel Otrobanda op Curaçao. Na zijn opleiding in Nederland was Zielinski op de Nederlandse Antillen werkzaam als onderwijzer. Hij werd in die tijd oprichter en redacteur van het tijdschrift Vitó, dat in de woelige jaren zestig als ‘kritisch tijdschrift’ tegen het establishment ageerde. Op Curaçao voltooide hij zijn rechtenstudie en vestigde hij zich als advocaat. Begin jaren zeventig was hij korte tijd hoofdredacteur van het voormalige dagblad Beurs- en Nieuwsberichten.