10de Caraïbische Letterendag op 8 oktober 2022

CaribischeLetterenOp zaterdagmiddag 8 oktober vindt (van 13.00 tot 17.00 uur) de 10de Caraïbische Letterendag plaats. Deze lustrumviering vindt plaats in het HNI (voorheen NAi) in Rotterdam. Na ruim twee jaar uitstel vanwege corona viert de Werkgroep Caraïbische Letteren eindelijk een nieuwe editie, gewijd aan de grote voorlopers. Bij deze gelegenheid verschijnt de bundel ‘Dat wij zongen’ (Uitgeverij Das Mag) met essays van 21 auteurs (waaronder Ken Mangroelal, Astrid H. Roemer, Tommy Wieringa, Eric de Brabander, Ruth San A Jong) over 20 groten die hen voorgingen (onder wie Albert Helman, Pierre Lauffer, Boeli van Leeuwen, Michaël Slory, Shrinivási, Edgar Cairo, Astrid H. Roemer, Bernardo Ashetu, Bea Vianen). Het eerste exemplaar van ‘Dat wij zongen’ wordt aangeboden aan de grootste levende Nederlands-Caraïbische dichter: Jit Narain. In gespreksronden, geleid door Raoul de Jong en Julien Ignacio, komt een groot aantal schrijvers uit de bundel ‘Dat wij zongen’ aan het woord. Verder zijn er intermezzi: Charlotte Doornhein herdenkt de onlangs overleden Diana Lebacs; Raoul de Jong leest voor uit zijn succesroman ‘Jaguarman’; Michiel van Kempen vraagt aandacht voor de ten onrechte onbekende Antilliaanse antikoloniaal Medardo de Marchena van auteur Aart G. Broek en een mystery guest zet Ronald Snijders – winnaar van de Boy Edgarprijs – in de schijnwerpers. De presentatie is in handen van Sarita Bajnath, van het AT5-boekenprogramma ‘Leesoffensief’.
Meer over ‘10de Caraïbische Letterendag’
Meer over ‘Dat wij zongen’

«Bernardo Ashetu, achter de schuilnaam.» – Klaas de Groot

Bernardo AshetuKlaas de Groot vierde de verjaardag van de in 1982 overleden dichter Bernardo Ashetu (4 maart 1929) met een bijdrage op Caraïbisch Uitzicht:
«In het prachtige verhaal ‘Mister X’ uit de bundel Het Mausoleum van de innerlijke vrede speelt schrijver Hugo Pos een spel met literaire genres en daardoor met de lezer. Die lezer weet niet of hij in een essay is beland over de dichter Bernardo Ashetu of in een verhaal over een vriend van de verteller, die vriend heet Daan (Daniël) Goudzwaard. En met dat raadsel blijft de lezer zitten. Het is zoals Michiel van Kempen opmerkt in zijn bespreking van Pos’ bundel, verschenen in De geest van Waraku, een verzameling artikelen over Surinaamse literatuur. Hij schrijft daarin: ‘‘Wat in het ‘fictieve’ proza van Hugo Pos Dichtung is en wat Wahrheit, daar kom je niet achter.” In het verhaal over Mister X worden diverse werkelijkheden in elkaar geschoven. Eerst staat de dichter van het gedicht ‘Mister X’, Ashetu, centraal, daarna Goudzwaard. Door het gebruiken van elementen uit het gedicht in het verhaal over Goudzwaard en het vrouwelijk personage ‘Wimie’ wordt de poëzie van Ashetu als het ware in levende lijve getoond. (…) »
Lees hier verder
En bekijk hier ook de bijbehorende afbeeldingen
Meer over Bernardo Ashetu bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Hugo Pos bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Klaas de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

Gedicht van Bernardo Ashetu [3]

Bernardo AshetuIn zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Vandaag (3 augustus 2021) is het de geboortedag van onder anderen Leonhard Huizinga (1906-1980) en Jac Vroemen (1936-2014) en de sterfdag van Maarten Maartens (1858-1915) en Bernardo Ashetu (1929-1982). Wim van Til kiest voor een gedicht van Jac Vroemen. Uitgeverij In de Knipscheer opteert voor het gedicht ‘De valstrik’ van Bernardo Ashetu uit zijn bij deze uitgeverij verschenen bundel ‘Dat ik je liefheb’ uit 2011. Dit gedicht werd ook gebloemleesd door Klaas de Groot in de door hem samengestelde bloemlezing ‘Grenzenloos . 40 jaar Knipscheer poëzie’.

De valstrik

Liggend in bosschage
zoet van bloemengeur
en schaduw zag ik
citroenkleur voorbijgaan
in felle hitte van de zon.

Citroenkleurig
was ’t lang gewaad
dat je droeg terwijl
je over wijding en
wijwater zachtjes
tot jezelf sprak.

Zweet op mijn
onvermoeide armen
bracht het idee van
de valstrik hoe je dit
ook beschouwen zou.

’s Avonds overwon
ik je wrokkende vader
in een gevecht en
vond in ’t maanlicht
een vrucht die mij
een lichte duizeling
van bevrediging schonk.

Meer over Bernardo Ashetu bij Uitgeverij In de Knipscheer

Gedichten van Michiel van Kempen [1], Bernardo Ashetu [2] en Wim Brands [2]

Bernardo AshetuIn zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Vandaag (4 april 2021) is het de geboortedag van onder anderen Albert Bontridder, Bernardo Asheto, Toon Brouwers, Michiel van Kempen, Fred Penninga, Mariet Lems en Yentl van Stokkum. Bert Willems, F. ter Harmsen van Beek, Rudy Kousbroek, Redbad Fokkema en Wim Brands stierven op 4 april. Bij wijze van felicitatie/gedenken kiest Wim van Til voor een gedicht van Michiel van Kempen (1957) uit diens bij Uitgeverij In de Knipscheer verschenen bundel ‘Wat geen teken is maar leeft’ uit 2012. Uitgeverij In de Knipscheer brengt hierbij ook eer aan Bernardo Ashetu (1929-1982) en Wim Brands (1959-2016). Van Bernardo Ashetu het gedicht ‘As’ uit zijn door In de Knipscheer uitgebrachte bloemlezing ‘Dat ik je liefheb’ uit 2011. Dit gedicht is door Klaas de Groot ook opgenomen in de bloemlezing ‘Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer poëzie’. En van Wim Brands het titelloze gedicht ‘Ik zat in de trein met een verkeerd kaartje’ gepubliceerd in Extaze 5 (In de Knipscheer, 2013 nr. 1).

Runenteken

Vanuit mijn ronde huis kijk ik een vogel na
die aan een wolkendek zich optrekt van west naar
oost, ik volg oranje room daar bovenop
bereik de plaats waar wij zoëven liepen
steeds dichter gingen wij daar naast elkaar
tot op de heuvelkam waar jij een sigaret opstak
en onze wegen, zo zei je, zich zouden scheiden
en hoe wij daar opgelucht vrede mee hadden
en ik de hond riep die voor een auto overstak
en jij mijn arm greep om niet onderuit te glijden
Terwijl ik in het ronde huis op mijn gemak
mijn honingraat van hersens observeer
vraag ik mij af waarom er zoveel lucht gekomen
was op het moment dat je zuurstof nodig had
om tabak te laten branden, en niet meer
dreef op deze engte van de golf, je ontkomen
was aan de smalte van het middaguur
Nog altijd schuiven die oranje randen
voorbij maar nu als rook van vuur
dat spoelt en bruist en niet zal verzanden
Dit huis met zijn wenkbrauwen van hout
omvat zoveel wat daarbuiten het bestaan niet houdt
en wat wij koesteren als de baan van ons bestaan
die ons bijeenbracht, uiteen liet gaan
Deze vallei die traag omlaag glijdt naar de rivier
houdt het huis als eiland in een lagune
daarginds een dode boom, hier in mijn hoofd
een runenteken op de buiging van de wind
Nu is de hemel helder, geen vogel volgt
de laatste stip die regen nog zou kunnen dragen
maar die verder vallen zal, niet hier
niet in het ruim van lucht tussen deze flanken
en wij die binnen de klanken van dit waterland
wonen, laten geen traan, want wat niet zinkt
en wat niet drijft en wat niet zweeft
en wat geen teken is maar leeft
en is en is en is, begraaft de waan
het is van geen betekenis geweest

As

Dat zich op de heilige berg
de holen van zigeuners bevinden –
Zo droomde ik een weg omzoomd door rozenstruiken
en een zee, een zee van as.
Toen sprongen er uit een oude
krant felle letters op die mijn
kracht ontzetten en mijn moeheid
doodden. Ik sprong als een gladde
vis een sprong onstuitbaar en
ik weet niet wat juichte, ik
weet niet wat. Maar zo vond ik
op een omzoomde weg zeer zacht
slapend een zigeunerin en ril
van wat ik rond haar lichaam zag,
ril van de smaak en de duivelse
zoetheid waar ik mij zo kinderlijk
aan waagde en van die zee, die zee
van as.

Ik zat in de trein met een verkeerd kaartje

ik zat in de trein met een verkeerd kaartje
hoewel ik het bedrag dat ik had betaald
ook voldeed voor deze route

dus maakte ik mij geen zorgen
de conducteur zou instemmend
knikken

maar ik werd wakker getikt door
mijn vader die – voor het eerst
in zijn leven het zo begeerde

uniform aan had – het stond
hem goed, het was oud
maar als nieuw

naam? vroeg hij, adres?
en schreef een boete.

Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Wat geen teken is maar leeft’
Meer over Bernardo Ashetu bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Dat ik je liefheb’
Meer over Wim Brands op deze site
Meer over ‘Grenzenloos – 40 jaar Knipscheer poëzie’

«Zeven ‘Indische’ gedichten van Bernardo Ashetu.» – Klaas de Groot

AshetuKlaas de Groot kwam in de nog ongepubliceerde poëzie van de Surinaamse dichter Bernardo Ashetu (1929-1982) zeven gedichten tegen die een ‘Indisch’ etiket opgeplakt zouden kunnen krijgen. Hij schreef er eerder bijdragen over op Caraïbisch Uitzicht en in literair tijdschrift Extaze (nr. 28) en werkte deze publicaties om tot het artikel ‘Een durian als handgranaat’, op 11 februari 2019 verschenen op Caraïbisch Uitzicht: ‘De poëzie van Bernardo Ashetu heeft veel weg van een oceaan. Achter iedere horizon ligt een andere einder. Iedere herlezing zorgt ervoor dat nieuwe ruimtes zich openen, nieuwe perspectieven zich presenteren. Dit hoeft niet te verwonderen, want achter het pseudoniem school immers de zeeman Hendrik George (Henk) van Ommeren. Een man die vele zeeën en oceanen heeft gezien. Van Ommeren werd op 4 maart 1929 geboren te Paramaribo, hij overleed in Den Haag op 3 augustus 1982. Zijn graf bevindt zich daar op Oud Eik en Duinen. Tijdens zijn werkend leven als telegrafist heeft hij veel poëzie geschreven, maar algemeen bekend is hij nooit geworden. Ook hier is er een parallel met de zee: het allergrootste deel van de gedichten kwam niet aan de oppervlakte. Na de publicatie van Yanacuna in 1962, een aflevering van de Antilliaanse Cahiers, kwamen er geen bundels meer naar buiten. Hij stelde nog dertig selecties samen die hij niet wilde publiceren. Weerzin tegen de naam van zijn vader, Van Ommeren, moet hem daartoe gebracht hebben. Het is logisch dat tussen alle gedichten van Ashetu heel wat poëzie staat die met de zee te maken heeft. Er zijn meer dan negentig zeegedichten. Daarnaast is er een veel kleinere groep gedichten te ontdekken. Dat is een opvallende reeks van zeven gedichten, die een ‘Indisch’ etiket opgeplakt zouden kunnen krijgen. (…)
Lees hier het artikel
Meer over Bernardo Ashetu bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Klaas de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Groot Caraïbisch dichter eindelijk gebloemleesd.»

VoorplatNarainMensenkindOver ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain op Caraïbisch Uitzicht, 26 maart 2021:
Het moest er van komen: nadat bij uitgeverij In de Knipscheer al ruime bloemlezingen waren verschenen van het werk van Caraïbische dichters als Shrinivási, Michael Slory, Bernardo Ashetu, Pierre Lauffer, Elis Juliana en Nydia Ecury is nu ook het werk van de Surinaamse dichter Jit Narain met een bloemlezing bereikbaar geworden. ‘Een mensenkind in niemandsland’ is een door Michiel van Kempen en Effendi Ketwaru samengestelde bloemlezing uit de tien bundels die van Jit Narain vanaf 1977 tot en met 2019 zijn verschenen. (…)
Lees hier het signalement
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

‘Laatste woord’ van Bernardo Ashetu [1]

Bernardo AshetuWim van Til is oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland. Hij plaatste op zijn blog onderstaand gedicht van Bernardo Ashetu (Paramaribo 1929-Den Haag 1982) ter gelegenheid van zijn diens sterfdag. Het gedicht ‘Laatste woord’ (uit ‘Yanacuna’) is opgenomen in de bloemlezing ‘Dat ik je liefheb’ (2011) verschenen bij Uitgeverij In de Knipscheer. Ashetu publiceerde bij leven één poëziebundel ‘Yanacuna’. In zijn nalatenschap werden 31 ongepubliceerde bundels aangetroffen, samen meer dan duizend gedichten.

Laatste woord

Dat ik je liefheb
staat buiten twijfel,
dat ik je liefheb
is m’n laatste woord.
Ach, de witte vlammen
en de naakte Brahma,
de woeste tempel en ’t
slap akkoord,
geen naakte Boeddha speelde
ooit piano maar zie de
meeuwen buiten en hoor mijn
laatste woord.

Zie
Meer over ‘Dat ik je liefheb’
Meer over Bernardo Ashetu op deze site

«Een monumentje.»

Opmaak 1Over ‘Grenzenloos. 40 Jaar Knipscheer Poëzie’ van Klaas de Groot op Paperback Radio, 25 juni 2019:
Klaas de Groot las maandenlang gedichtenbundels om tot de juiste selectie te komen voor zijn bloemlezing ‘Grenzenloos’. Reden ertoe was het veertigjarig bestaan van uitgeverij In de Knipscheer in 2016. Niet alleen uit alle gepubliceerde dichtbundels maar ook uit alle in literaire tijdschriften van de uitgeverij gepubliceerde poëzie werd gekozen. Mandala, De Held en Extaze bleken fuiken voor talent. ‘Grenzenloos’ bevat 160 dichters en 190 gedichten. Peter de Rijk praat met de samensteller van de bloemlezing over de keuze van de gedichten en het portret van de Nederlandse poëzie dat het boek geeft. Het interview werd live uitgezonden op woensdag 9 januari 2019 van 14.00 tot 15.00 vanaf de vierde etage van Boekhandel Scheltema Amsterdam.
Luister hier naar de uitzending
Meer over ‘Grenzenloos’
Meer over Klaas de Groot bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Weer een zalige editie van Extaze!» – André Oyen

coverE28voorDOver Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ op Lezers tippen lezers, 22 februari 2019:
Literair tijdschrift Extaze is een kwartaalschrift gewijd aan literair en beeldend werk van Nederlandse en Belgische schrijvers en kunstenaars. (…) ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. (…) In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982). (…) Hoewel hij debuteerde in een tijd toen vele dichters zich voor het eerst presenteerden, onttrekt zijn in het Nederlands geschreven poëzie zich aan de toon en de dichterlijke objecten van die dagen (in het bijzonder aan de maatschappelijk bewogen strijdpoëzie). Hij schrijft gevoelige verzen, fijnzinnig observerend hoe droom en werkelijkheid uit elkaar groeien (hij had een enorm problematische relatie met zijn vader) en uiteindelijk slechts droefenis overblijft voor ontheemden overal ter wereld. Lang na zijn overlijden begonnen zijn gedichten te verschijnen in de ‘Spiegel van de Surinaamse poëzie’ (1995) en in tijdschriften als Dietsche Warande & Belfort, Bzzlletin, Poëziekrant en De Tweede Ronde. In 2002 kwam er een nieuw bundeltje van hem uit in Paramaribo: ‘Marcel en andere gedichten’. In 2007 verscheen in Nederland een keuze uit zijn werk gemaakt door Gerrit Komrij onder de titel ‘Dat ik zong’. Later dat jaar verscheen een bibliofiele editie van zijn gedicht ‘Indiaans’. In dit Extazenummer treft de lezer ook gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp. Weer een zalige editie van Extaze!
Lees hier de aankondiging
Meer over ‘Extaze 28’

Literair tijdschrift Extaze 28 ‘Geloof in de kunst’ [Jrg. 7, nr. 4]

coverE28voorDExtaze 28– Geloof in de kunst
zevende jaargang nr. 4, november 2018
redactie Cor Gout, Els Kort (vormgeving)
gebrocheerd, geïllustreerd, 112 blz.,
€ 15,00
presentatie 15 november 2018
ISBN 978-90-6265-623-3

Zoals in elk nummer wordt ook in dit nummer de inhoud bepaald door essays, gedichten, korte verhalen en beeld en nog uitgebreid met interviews en recensies op het digitale supplement van Extaze. ‘Extaze 28’ bevat 5 essays. In zijn essay ‘De tegenverbeelding van het religieuze’ concludeert Kris Pint na lezing van Gerard Reve’s literaire werk, dat de schrijver in het katholicisme een tegenverbeelding vond die krachtig genoeg was om de strijd met zijn wanhoop, verslaving en angst voor depressies aan te gaan. De neurotheologie leert ons dat de religieuze verbeelding dient als interface om met de primitieve religieuze ervaringen om te gaan die in de specifieke structuur van de hersenen zijn opgeslagen.

De sterke religieuze vervoering die is uitgedrukt in het beeld ‘Extase van de heilige Theresia’ van Giam Lorenzo Bernini (1598-1680) zet Onno Schilstra in ‘Het nachtkastje van Franco’ op hetzelfde spoor als Pint. De sculptuur vormt een verwijzing naar iets onzegbaars, iets ‘onbegrippelijks’ dat hooguit door het soort symbolen waarover Reve schrijft in ‘Moeder en zoon’ (1980) in taal uitgedrukt kan worden.

’Een verrukkende heidense schoonheid’ is de titel van Ruurd Halbertsma’s essay over de waardering van de antieke beeldhouwkunst door de eeuwen heen en de aantrekkingskracht die de lichamelijkheid en sensualiteit van de beelden uitoefenden op mensen met sluimerende seksuele fantasieën. Louis Couperus beschouwde de antieke wereld als een ‘foreign country’, waarnaar hij terugreisde op elk moment dat hij in extase een klassieke sculptuur beschouwde.

Artien Utrecht is geboeid door de tegenstelling die de schrijver Junichiro Tanaziki waarnam tussen de Japanse sensitiviteit voor nuances van licht en duisternis en de westerse voorkeur voor het felle licht. Op het Japanse kunsteiland Naoshima ervaart ze dat het spel van schaduwlagen en hun verschillende diepten je dwingt om te kijken met je zintuigen. Het donker vraagt om een voorbijgaan aan het ‘gewone’ zintuiglijke zien. Voorbij het gewone zien ligt de verbeelding van wat niet is, maar zou kunnen zijn.

In ‘Van West naar Oost’ analyseert Klaas de Groot zes Indische gedichten van de Surinaamse auteur Bernardo Ashetu (1929-1982), wiens thematiek: dood en verandering gekoppeld aan geweld, voor hem een middel was om zich bevrijd te voelen van beklemming en onderdrukking.

In dit nummer gedichten van Guy Commerman, Anne Karelse, Lisa Rooijackers en Merel van Slobbe en korte verhalen van Michiel van den Berg, Jens Bezemer, Guido Eekhaut, Else de Jonge, Christien Kok, Dewi de Nijs Bik, Phaedra Onclin, Yoko Theeuws en Liedewij Vogelzang. Het beeld is van Mariëtte van Erp.

De presentatie van Extaze 28 vindt plaats op donderdag 15 november 2018. Locatie: Houtrustkerk, Beeklaan 535, Den Haag (hoek Houtrustweg). Parkeren kan gratis op het erf van de internationale school aan de overzijde. Aanvang: 20.15 uur precies. Deur open van 19.45 uur tot 20.10 uur, dus graag op tijd aanwezig zijn. Entree: € 10,00 (alleen contant te betalen). Reserveren: redactie@extaze.nl. Presentatie: Cor Gout. Licht en geluid: Anton Simonis (Adesign).
Lees ook supplement van ‘Extaze’
Meer over ‘Extaze’