«Alle akelige dingen die in het boek gebeuren ervaar je niet direct, maar via een schitterende omweg.» – Basje Boer

Over de gekte van een vrouwOver ‘Over de gekte van een vrouw’ van Astrid H. Roemer in De nieuwe koloniale leeslijst van De Groene Amsterdammer/Das Mag Uitgevers, maart 2021:
(…) Ze schreef tal van boeken, waarvan ‘Over de gekte van een vrouw’ het bekendste werk is. (…) Ze bouwde haar roman op uit fragmenten, schakelt heen en weer tussen heden en herinnering – ook dat geeft niet meteen toegang tot Noenka’s verhaal. Maar dat fragmentarische maakt je ook, op een heel wezenlijke manier, deelgenoot van Noenka’s beleving. (…) In ‘Over de gekte van een vrouw’ houden tegengestelde krachten elkaar in balans: natuur staat tegenover religie, lichaam tegenover geest, wit tegenover zwart, verwekking tegenover sterven. Ouder zijn minnaars, een orchidee in bloei maskeert de stank van de dood. Een moeder sterft, een kind wordt geboren. Heden en verleden lopen door elkaar, en dat voelt even tegenstrijdig als logisch. Wat jaren geleden gebeurde, gebeurt opnieuw. Het leven is herhaling en beweegt zich in cycli.
In ‘De nieuwe koloniale leeslijst’ komen bijdragen aan bod van en over de volgende (soms voormalige) In de Knipscheer-auteurs: Frans Lopulalan, Alfred Birney, Albert Helman, Bea Vianen, Frank Martinus Arion, Edgar Cairo, Astrid H. Roemer, Marion Bloem, Boeli van Leeuwen, Michiel van Kempen, Tip Marugg.
Meer over Astrid H. Roemer bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over de koloniale leeslijst op deze site [ = ]

«Ze ontvluchtte de verstikking in Suriname door naar het land te gaan dat ze verantwoordelijk hield voor de wantoestanden.» – Warda El-Kaddouri

90-6265-289-1Over ‘Sarnami, hai’ van Bea Vianen in De nieuwe koloniale leeslijst van De Groene Amsterdammer/Das Mag Uitgevers, maart 2021:
Het verhaal van Suriname van binnenuit, zo wordt het werk van Bea Vianen het meest gekarakteriseerd. En dat is niet onterecht, maar nog specifieker is het het verhaal van Suriname beschreven vanuit een vrouwelijk perspectief. Hoewel Vianen ook poëzie en korte verhalen op haar naam heeft staan, staat zij vooral bekend om haar romans. ‘Sarnami, hai’ (…) werd een van de meest gelezen en meest geliefde romans in het Suriname van haar generatie. Als eerste vrouwelijke romanschrijver inspireerde Vianen met haar klassieker andere Surinaamse schrijvers, zoals Astrid Roemer, (…) die haar bedankt toen die de P.C. Hooftprijs in ontvangst nam. Een belangrijk thema in haar werk is de drang naar vrijheid. (…) Ze wordt gezien als een van de belangrijkste Nederlands-Caraïbische auteur van de vorige eeuw. (…)
In ‘De nieuwe koloniale leeslijst’ komen bijdragen aan bod van en over de volgende (soms voormalige) In de Knipscheer-auteurs: Frans Lopulalan, Alfred Birney, Albert Helman, Bea Vianen, Frank Martinus Arion, Edgar Cairo, Astrid H. Roemer, Marion Bloem, Boeli van Leeuwen, Michiel van Kempen, Tip Marugg.
Meer over Bea Vianen en ‘Sarnami, hai’ bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over de koloniale leeslijst op deze site

«Tip: lees ‘Het eind van de kaart’.» – Xandra Schutte

VoorplatHelmanEindvandekaart75Over ‘De stille plantage’ van Albert Helman in De nieuwe koloniale leeslijst van De Groene Amsterdammer/Das Mag Uitgevers, maart 2021:
In zekere zin doet ‘De stille plantage’ denken aan ‘Heart of Darkness’ van Joseph Conrad: in het hart van de wildernis wordt de beschaving ontmaskerd. De roman gaat niet zozeer over de slaven, maar over het demasqué van de witte mens, die in de tropische oorden niets te zoeken heeft. Niet alleen Willem Das is onmenselijk, Raoul is het evengoed, in zijn halfzachte aanpassing aan het plantersregime. En het oerwoud, dat blijft zijn ongenaakbare gang gaan, ook als Raoul en de zussen naar Engeland zijn verhuisd. De stille plantage raakt meedogenloos overwoekerd. Tip: lees ‘Het eind van de kaart’.
In ‘De nieuwe koloniale leeslijst’ komen bijdragen aan bod van en over de volgende (soms voormalige) In de Knipscheer-auteurs: Frans Lopulalan, Alfred Birney, Albert Helman, Bea Vianen, Frank Martinus Arion, Edgar Cairo, Astrid H. Roemer, Marion Bloem, Boeli van Leeuwen, Michiel van Kempen, Tip Marugg.
Meer over Albert Helman’s ‘Het eind van de kaart’ bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over de koloniale leeslijst op deze site

«Wie de Molukse gemeenschap in Nederland wil begrijpen moet het boek van Frans Lopulalan lezen.» – Lotfi El Hamadi

VoorplatSneeuw-75Over ‘Onder de sneeuw een Indisch graf’ van Frans Lopulalan in De nieuwe koloniale leeslijst van De Groene Amsterdammer/Das Mag Uitgevers, maart 2021:
Wie wil begrijpen waarom het RMS-vaandel nog altijd fier wappert bij de derde en vierde generatie Molukse Nederlanders, moet het boek van Frans Lopulalan lezen. De rest van Nederland lijdt dan misschien aan soort koloniale amnesie, de Molukkers zullen de herinnering aan de bloedige dekolonisatiestrijd en de gevolgen ervan niet gauw vergeten. Het is een van de weinige literaire werken over de Molukse gemeenschap in Nederland.
In ‘De nieuwe koloniale leeslijst’ komen bijdragen aan bod van en over de volgende (soms voormalige) In de Knipscheer-auteurs: Frans Lopulalan, Alfred Birney, Albert Helman, Bea Vianen, Frank Martinus Arion, Edgar Cairo, Astrid H. Roemer, Marion Bloem, Boeli van Leeuwen, Michiel van Kempen, Tip Marugg.
Meer over Frans Lopulalan bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over de koloniale leeslijst op deze site

«Schudt schijnbaar achteloos jamben rond in een kwatrijn met omarmend rijm.» – Jeroen Heuvel

VoorplatEiland-75Over ‘Het eiland en andere gedichten’ van Michiel van Kempen in Antilliaans Dagblad, 9 januari 2021:
(…) ‘Het eiland en andere gedichten’, 75 bladzijden, 6 afdelingen. (…) Versregels die opvallen bij deze letterkunstenaar zijn ‘die natie kent noch taal’ en ‘verraderlijk glad / voor wie de tekens niet verstaat’, wat verdomd lijkt op de titel van Van Kempens eerste dichtbundel ‘Wat geen teken is maar leeft’ van acht jaar geleden. Daarin ook al prachtige regels, ‘Hoe toch kan een taal die wij beiden / vanaf de eerste aai blindelings spraken / met open ogen zo ontregeld raken.’ over de tragedie van de onbegrepen communicatie tussen een letterkundige en zijn geaaide. Wat heb je er aan om literatuur zo grondig te begrijpen, of dat te vermoeden in ieder geval, maar de huistaal mis te verstaan? (…) Van Kempen heeft een eigen stijl, is zeer belezen en kent alle kneepjes van het ambt, schudt schijnbaar achteloos jamben rond in een kwatrijn met omarmend rijm voor Shrinivási, maar is ook vrij om te experimenteren – met vorm en inhoud – wanneer hij in de donkere kamer filmpjes en foto’s ontwikkelt en fixeert. Van Kempen hoort als artiest thuis in de categorie Hieronymus Bosch, en als poëet tussen de twee dichters (…) Lucebert en Jan Campert. In de zesde en laatste afdeling, ‘Verzoeke geen rouwbeklag’ 8 afscheidsgedichten voor vrienden, al dan niet artiesten, van Michiel die in 2018 of 2019 zijn overleden, bijvoorbeeld het eerder genoemde kwatrijn voor de van oorsprong Surinaamse maar lang in Curaçao geleefd hebbende Shrinivási. Bijzondere gedichten, die beklijven. (…).
Lees hier of hier de recensie ‘Een ACB van Michiel van Kempen’
Meer over ‘Het eiland en andere gedichten’
Meer over Michiel van Kempen bij Uitgeverij In de Knipscheer

XXVIII. Gedicht van Frank Martinus Arion

arion-stemmen-uit-afrikaIn zijn bijna dagelijkse Facebookbericht memoreert Wim van Til, oprichter van en coördinator bij Poëziecentrum Nederland, de geboorte- en sterfdagen van Nederlandstalige dichters. Vandaag (17 december 2020) is het onder andere de geboortedag van Gerard van Klinkenberg, Toon Hermans, Paul Snoek, Hendrik Carette en Frank Martinus Arion (1936-2015). Het is ook de sterfdag van Henri Bruning. Bij wijze van felicitatie/gedenken kiest Wim van Til voor een gedicht van Hendrik Carette; uitgeverij In de Knipscheer kiest voor het gedicht ‘XXVIII’ van Frank Martinus Arion uit zijn bij Flamboyant/P (imprint bij Uitgeverij In de Knipscheer) verschenen bundel ‘Stemmen uit Afrika’ uit 1978. Dit gedicht werd ook geselecteerd door Klaas de Groot in zijn bloemlezing ‘Grenzenloos; 40 jaar Knipscheer Poëzie’ (2018).

XXVIII

Verhalen doen de ronde
dat weldra geen katoen
meer groeien zal, geen
prauw meer varen zal.

verhalen doen de ronde
dat de blanke man zijn
draai verloor en nu
de draai van een negervolk wil zoeken.

verhalen doen de ronde
dat de blanke man zich tatoeëert
dat hij als holbewoner kruipt
in diepe holen.

dat hij ook maskers maakt
en draagt en zich het veiligst
voelt in grotten.

toch heeft noch blank,
noch zwart ver meer te gaan:

de tovenaar ziet de aarde
zich spannen als een boog.
en blank en zwart, ze wachten
op het suizen van de pijl
of op het springen van de boog.

Meer over Frank Martinus Arion bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over ‘Grenzenloos’

Michiel van Kempen op Radio 1 in De Nieuws BV

MichielKlein300Bijzonder hoogleraar Caraïbische letteren prof. dr. Michiel van Kempen was op dinsdagmiddag 27 oktober 2020 te gast bij presentator Natasja Gibbs in De Nieuws BV. Aanleiding was de commotie over het al dan niet voortbestaan van zijn leerstoel aan de Universiteit van Amsterdam, maar vrijwel onmiddellijk ging het gesprek over ‘de ontzettend mooie literatuur uit die hoek’ en wordt het interview tot een mini-college Caraïbische literatuur. In de ruim 11 minuten van het item worden geluidsfragmenten ten gehore gebracht van de Antilliaanse dichters Elis Juliana (Hé Patu) en Nydia Ecury en een door Denise Jannah gezongen gedichtfragment van de Surinaamse dichter Michaël Slory. Zoals Nederland zijn Grote Drie kent, zo heeft ook Curaçao die: Tip Marugg, Frank Martinus Arion en Boeli van Leeuwen en ook Suriname met o.a. Astrid H. Roemer en Edgar Cairo, over wiens talenten als schrijver (‘Kollektieve schuld’), als ‘eerste zwarte columnist’ (bij de Volkskrant) en als performer hij opmerkt: ‘die man zou nu een star zijn, hij was zijn tijd ver vooruit’.
Kijk en luister hier naar de uitzending ‘Ritmische poëzie en de pijn van slavernij: een lesje Caribische literatuur’
Lees ook het interview met Van Kempen door John Jansen van Galen en Rudie Kagie in Argus van 27 oktober 2020
Meer over de leerstoel Caraïbische letteren op deze site
Meer over Elis Juliana op deze site
Meer over Nydia Ecury op deze site
Meer over Michaël Slory op deze site
Meer over Astrid H. Roemer op deze site
Meer over Michiel van Kempen op deze site

«Een dagelijkse inspiratie zijn voor elke taalliefhebber.» – Jenneke van der Wal

Opmaak 1Over ‘Geef me je taal. Dat ik je beter versta’ van Hilda de Windt Ayoubi op Stemmen van Afrika in Cariben, 3 februari 2020:
Taaldocente Hilda de Windt Ayoubi heeft een bijzondere interesse voor ‘minderheidstalen’. Ze zet zich onder andere in voor het Papiamentu en bepleitte het gebruik van die taal als instructietaal voor het basisonderwijs op de benedenwindse eilanden. In haar moedertaal Papiamentu schreef ze talrijke gedichten met de taal als onderwerp. Die gedichten zijn nu uitgebracht in een bundel. (…) In het deel ‘Taal staat nooit stil’ staan (…) gedichten over taal die iedere linguïst zullen aanspreken. (…) Het deel ‘Wond en balsem’ bevat gedichten die te maken hebben met het leven van nog een voorvechter van het Papiamentu: Frank Martinus Arion. Andere verzen in dit deel gaan over Pieter Muysken die veel werk verrichte om in Zuid-Amerika minderheidstalen vast te leggen. (…) In het laatste deel van de bundel, ‘Papiamentu voor altijd’, zijn de oorspronkelijke gedichten gezet naast een Nederlandse versie. (…) In veel van de gedichten spreekt een diepgewortelde liefde voor de moedertaal. (…) ‘Geef me je taal’ kan een dagelijkse inspiratie zijn voor elke taalliefhebber. (…) Ik las het boek met regelmatig een grote glimlach om de lippen.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Geef me je taal’

Presentatie ‘Geef me je taal. Dat ik je beter versta’.

Opmaak 1Over presentatie ‘Geef me je taal. Dat ik je beter versta’ van Hilda de Windt Ayoubi in Amigoe, 25 januari 2020:
(…) Bij de presentatie (in Nationale bibliotheek Curaçao) waren er lezingen van verschillende experts op het gebied van taal. Daarnaast werd de avond opgeluisterd door verschillende optredens en een interview [door Diana Lebacs en Laura Quast] met de schrijfster. Tijdens dit interview legde De Windt Ayoubi uit dat zij met dit boek de waarde van elke moedertaal voor de linguïstische erfenis van de hele wereld wilde belichten. Ook wilde ze aantonen dat een moedertaal in de eerste jaren van het onderwijs geen gevaar oplevert voor de ontwikkeling van het kind, maar juist een goede basis vormt voor de taalontwikkeling. (…)
Lees hier verder
Meer over ‘Geef me je taal’

«Een loflied op de taal van de Antillen.» – Hans Franse

Opmaak 1Over ‘Geef me je taal. Dat ik je beter versta’ van Hilda de Windt Ayoubi op MeanderMagazine, 29 januari 2020:
De lijvige bundel van Hilda de Windt Ayoubi (1951), die als kind van Libanese ouders opgroeide op Curaçao, is veel meer dan een gedichtenbundel: het is een essay, maar ook een pamflet. Het is een eerbetoon aan Curaçaos schrijver Frank Martinus Arion. (…) en een waardige bijna indrukwekkende ode aan Pieter Muysken die zoveel deed voor de conservering en de beschrijving van Indiaanse minderheidstalen. (…) Zij ontdekte de kracht, de emotionele en pedagogische waarde van de moedertaal/minderheidstaal als lerares én in haar gezin. (…) De Windt Ayoubi raakte via haar liefde voor taal in het algemeen steeds meer in de ban van de minderheidstalen, ze zag hoe belangrijk de waarde ervan was voor de persoonlijke ontwikkeling van de sprekers. In feite zingt ze in een deel van de poëzie een loflied op de taal van de Antillen, die haar in haar jeugd werd afgeraden als middel voor intellectuele en economische ontwikkeling. (…) Hier schrijft iemand die iets ontdekt wat voor haar fundamenteel wordt: ze ontdekt het voertuig van de emoties, de taal van de bevolking op haar eiland en vindt dat belangrijker dan dat je er economisch wat aan zou hebben. Ze schrijft dat voor het grootste deel neer in een taal die niet de hare is. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Geef me je taal’