Over een halve eeuw uitgeverij In de Knipscheer in Antilliaans Dagblad, 24 maart 2026:
(…) In Huis de Pinto in Amsterdam vond afgelopen zondag, 22 maart, de viering plaats van het afscheid van Uitgeverij In de Knipscheer. Ter gelegenheid van het afscheid besteedde Fred de Haas speciale aandacht aan de man die al die jaren de drijvende kracht is geweest achter de uitgeverij: Franc Knipscheer. (…) Tot hém gaan enkelen van ons vandaag het woord richten omdat hij deze maand voorgoed zijn pet aan de kapstok hangt, daarbij geholpen door zijn vrouw Anja, die niet wilde dat hij nog één seconde langer doorging. (…) De Antillen hebben veel te danken aan de publicaties van Franc. (…) Een paar jaar geleden werd ik uitgenodigd door Franc om in de Pletterij een voordracht te geven over slavernij. Dit naar aanleiding van het door Franc gepubliceerde boekje ‘Servus’. (…) Hoewel ik mijn voordracht op suggestie van de Pet voor de helft moest inkorten, reageerde hij na afloop enthousiast: “Ik heb met open mond zitten luisteren”, zei hij, “ik wist niet dat de paus in 1537 had verklaard dat indianen ook een ziel hadden en daarom niet tot slavernij gebracht mochten worden en ik wist ook niet dat de Latijnse dichter Vergilius antiracistisch en homoseksueel was. Dat is ons nooit verteld op de middelbare school.” (…) “Ik houd er in maart 2026 mee op”, zei hij. Hij keek me onderzoekend aan. “Hoe oud ben jij nou eigenlijk?” vroeg ie. Ik noemde een getal. Iets van 85. “Oh, dan heb ik nog wel een jaar of tien, vijftien te gaan”, zei hij. Mij ontging de logica van die gevolgtrekking, maar ik hield mijn mond, want ik merkte dat de Pet helemaal was opgefleurd na het trekken van die conclusie. Hij voegde er nog aan toe: “Ik wil bij gelegenheid de mensen die mij dierbaar zijn nog een klein aandenken geven, iets persoonlijks.” Ik voelde me warm worden van binnen en mijn blik gleed over zijn gelaat: neus, ogen, voorhoofd, schedel en bleef hangen bij het hoofddeksel. Toen schudde hij zijn hoofd, glimlachte en zei: “Ik begrijp je. Maar DIE houd ik zelf.”
Over halve eeuw Uitgeverij In de Knipscheer in Caraïbische Salon in Huis de Pinto op 22 maart 2026:
Van Carel de Haseth (een van de hoeders van de Curaçaose letteren) ontving ik op 14 januari dit bericht: ‘Maandag 12 januari 2026 overleed in Rotterdam Andries van der Wal (1945) oprichter van de uitgeverij Flamboyant/P, die later werd overgenomen door In de Knipscheer.’
‘Aan mijn lieve Mayra’ door Fred de Haas, 3 april 2025:
Over Pierre Lauffer door Fred de Haas op Literatuurgeschiedenis.org, 13 november 2024:
Door de jaren heen is Uitgeverij In de Knipscheer actief geweest met boekenstands op Keti Koti-herdenkingen, of het nu bij de viering was in Het Amsterdamse Oosterpark bij (de onthulling van) het slavernijmonument of op het Surinameplein, ook in Amsterdam. Dit jaar heeft In de Knipscheer een boekentafel in het Frans Hals Museum in Haarlem gedurende het Keti Koti Event van 15.00 uur ’s middags tot 20.00 uur ’s avonds. Het kan eigenlijk niet anders omdat recentelijk het spraakmakende boek ‘Haarlemmers en de slavernij’ verscheen met op de voorkant van het omslag een Afrikaans jongetje geschilderd door Frans Hals. Voor deze gelegenheid is uit het fonds aanvullend een negental, nog recente boektitels geselecteerd die alle slavernij tot thema hebben.
Sinds de vorige Caraïbische boekpresentatie in Podium Mozaïek in 2019 zijn bij Uitgeverij In de Knipscheer de volgende titels uit en over Suriname en de voormalige Nederlandse Antillen verschenen. Uit deze oogst wordt het programma OOGST op 20 november 2022 in Podium Mozaïek samengesteld. U kunt de samenstelling van het programma en de optredende schrijvers volgen op deze website.