«Musical van de vergankelijkheid.» – Erik Hoogcarspel

Opmaak 1Over ‘De wind van morgen’ van Arjan Sevenster in Boeddhistisch Dagblad, 22 juli 2020:
(…) Wiskundige Arjen Sevenster kreeg tijdens zijn studententijd door zijn enthousiasme voor judo belangstelling voor de Japanse cultuur. Tijdens zijn studie wiskunde kwam de wens bij hem op om colleges te volgen in de Japanse taal, als bijvak. Zijn studie in deze taal verliep vlot en na verloop van tijd kreeg hij de kans om in Japan verder te studeren. (…) Daar raakte hij bekend met het zenboeddhisme en beoefende er zenmeditatie. Deze tijd in Japan is hem altijd bijgebleven, want veel van de herinneringen die hij in zijn boek ophaalt, stammen juist uit die periode. (…) Het laatste werk van Sevenster is getiteld ‘De wind van morgen’, een kroniek van het leven, neergeschreven in 233 pagina’s. Het is het verslag van zijn ziekteverloop, vanaf de eerste diagnose tot aan de laatste dagen. (…) Ze bevatten observaties, herinneringen en overpeinzingen en zijn gelardeerd met gedichten die naar aanleiding daarvan ontstaan. Het is daardoor een soort musical van de vergankelijkheid geworden, een aaneenschakeling van lichtpuntjes, gezellige pleisterplaatsen en de vele hobbelige wegen tijdens een reis door de nacht. (…). Zijn meeste gedachten gaan uit naar zijn familie en naasten, waarvan hij steeds duidelijker beseft afscheid te moeten nemen. Dit alles wordt gedragen door de doorgaande baslijn van de invloed van de ziekte op zijn lichaam en de vele behandelingen die hij moet ondergaan. (…) Het testament dat hij hierbij in de vorm van dit boek achterlaat is een bron van inspiratie, een laatste groet van een vriend aan de lezer: wat er ook gebeurt, alles is zoals het is.
Lees hier de recensie
Meer over ‘De wind van morgen’
Meer over Arjen Sevenster bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Dit is een aangrijpend boek.» – Arno Koek

Opmaak 1Over ‘De wind van morgen’ van Arjan Sevenster in HIK Mgazine, 24 juni 2020:
Dit is een aangrijpend boek van een lokale held uit Kennemerland. Dit is een zeer persoonlijke verhaal, maar nergens sentimenteel. Het is oprecht en eerlijk en ik kan me voorstellen dat het een steun is voor iedereen die een ziekte en een naderende dood van nabij heeft meegemaakt. Maar het kan ook helpen als een voorbereiding op een onzekere tijd die nog gaat komen. De kronieken worden afgewisseld met zeer toepasselijke gedichten en daardoor krijgt het boek nog een extra dimensie. Ik ben zeer onder de indruk en dit boek is voor een zeer grote doelgroep toegankelijk en geschikt. Chapeau!
Klik hier voor de recensie
Meer over ‘De wind van morgen’
Meer over Arjen Sevenster bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Het gedicht raakt mij vanwege de zachtheid van de woorden.» – Saya Yasmine Amores

SelmanVrijheidOver ‘Vrijheid is dood’ van Ibrahim Selman, 6 juni 2020:
(…) Er zullen weinig dichters op deze wereld zijn die zich níét beziggehouden hebben met de tijd. Ieder mens strijdt met de tijd. De één vanwege ouderdom, de ander vanwege een verlies, weer een ander vanwege een verlangen. (…) In de gedichten van Ibrahim Selman is tijd een pijnlijk verschijnsel, omdat het laat terugblikken op de oorlog in zijn geboorteland Koerdistan. [Het gedicht ‘13 over 13’] gaat over de tijd. Over de eerste maand van het jaar: januari. Het gedicht raakt mij vanwege de zachtheid van de woorden. Het verlangen naar liefde. (…). Ook al is de liefde niet beantwoord, dit gedicht blijft een mooi gedicht. Er zit veel verlangen in. De lezer wordt geraakt door de diepgaande emoties, die voelbaar zijn als men zich intens verdiept in de woorden.
Dichter en beeldend kunstenaar Saya Yasmine Amores publiceerde eerder gedichten en romans onder het pseudoniem Cándani.
Meer over ‘Vrijheid is dood’
Meer over Ibrahim Selman bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Saya Yasmine Amores op deze site
Meer over Cándani bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Voor poëzie heb ik een bepaalde stemming nodig en een prikkelarme omgeving.»

VoorplatMaanbrief-75Interview Jan Loogman met Inge Nicole over ‘Maanbrief aan het getij’ op MeanderMagazine, 21 mei 2020:
In mijn proza schrijf ik hoofdzakelijk over anderen, over levens die ver van mij afstaan. Ook al zit uiteraard in ieder hoofdpersonage wel een stukje Inge, toch ben ik in proza vooral bezig me te verplaatsen in een ander. Een overeenkomst met mijn poëzie is dat ik ook in romans veelal schrijf over wat ik aan het begin nog niet helemaal kan vatten en daar al schrijvende de vinger op wil leggen ‒ waarom doen mensen wat ze doen? (…) Dat je bij het woord denkt aan een brief van de maan aan het getij, is logisch. Dat roept het woord nu eenmaal op en het getij associeer je ook met de maan. Maar het is een ‘aanmaning’ aan het getij. Het water dat komt en gaat – eb en vloed – zou je als metafoor voor het leven en de daaraan gekoppelde dood kunnen zien. De ‘maanbrief’ is een herinnering aan het bestaan, dat het eindig is en dat je daar af en toe bij stil zou moeten staan om het naar waarde te kunnen schatten. De maanbrief wil aanmanen iets te doen, namelijk het leven te omarmen juist omdat het eindig is. (…)
Lees hier ‘De belofte van het komen en gaan’
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Versregels blijven je bij en kunnen een troost zijn.» – T.H.

VoorplatMaanbrief-75Over ‘Maanbrief aan het getij’ van Inge Nicole voor NBD/Biblion, 14 april 2020:
Een veertigtal gedichten in drie afdelingen: Hoogtij; Springtij en Doodtij als metaforen voor emotie. (…) In Doodtij staat het overlijden van de vader centraal. (…) Versregels als: ‘Jezus die wegkijkt’, ‘Vrijheid bestaat bij de gratie van de wind’, ‘Wat wanneer / het lichaam een foedraal omvat / waarin de ziel zich gevangen weet?’, en: ‘Bij doodtij verwaaien de resten van zijn leven / de zon slaat een luchtbrug door het wolkendek’ blijven je bij en kunnen een troost zijn in rouw. (…) Een gedicht dat in zijn geheel je ziel raakt, over stukgaan in inwendige kneuzingen, een wedergeboorte die dramatisch verloopt en over de vader die contact maakt via de schelpen op het strand. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Genieten van de stilistische acrobatieën.» – Richard Foqué

VoorplatHuisHuid30075Over ‘Huis Huid’ van Theo Monkhorst in De Auteur, 3 april 2020:
(…) In 26 gedichten van diverse lengte tracht de dichter het huis waarin hij woont zich aan te meten als een tweede huid. Hij benadert het als een soort levend wezen dat zijn denken, en herinneringen stuurt, dat hij kan aanspreken en mee dialogeren. (…) De wijze waarop Monkhorst zich een poëtische weg tracht te banen door zijn huis is complex en gelaagd. Al schrijvend ontwikkelt de dichter een soort multi-dimensioneel labyrint waar hij zichzelf tracht doorheen te worstelen. Aandacht voor de vloeren en de muren verweeft zich met de tuin rond het huis. Dan weer vertoeft Monkhorst even bij de schilderijen aan de muur, de boeken in de bibliotheek, om vervolgens al mijmerend over de vroegere bewoners te reflecteren, over de ambachtslui, die in het huis hebben gewerkt. (…) Monkhorst schrijft van uit een erg autarkisch positie, schuwt daarbij de klassieke vorm van het epitheton ornans niet. (…) [Het is] genieten van de stilistische acrobatieën.
‘De Auteur’ is een kwartaaltijdschrift van de Vereniging van Vlaamse letterkundigen.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Huis Huid’
Meer over Theo Monkhorst bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Er veel te genieten in deze bundel.» – Wim van Til

VoorplatMaanbrief-75Over ‘Maanbrief aan het getij’ van Inge Nicole op Poëziecentrum Nederland, 31 maart 2020
Niets is zo belemmerend om een gedicht te genieten als de wetenschap, dat persoonlijke omstandigheden van de dichter ten grondslag liggen aan de tekst. Alsof het tuintje netjes afgebakend is met een hekwerk. Ik houd inderdaad meer van de rauwe natuur, de mogelijkheid om zelf te zien zonder de gestuurde waarneming. Tegelijkertijd wordt mijn aandacht gezogen naar een nawoord, een verantwoording of een bronverwijzing. Zo ook bij deze bundel. Had ik dat maar niet gedaan. De nadruk die Inge Nicole legt bij de inbreuken op haar persoonlijke leven, zweven daarna onvermijdelijk boven elk gedicht ‘zou ze dit bedoelen, speelt dat hierin een rol, heeft zij daarom deze woorden gekozen’. Eigen schuld, dikke bult, moet je dan zeggen. En dat is zo. Want eigenlijk valt er veel te genieten in deze bundel. De dichter weet waar zij het over heeft en beschikt over een goed arsenaal woorden en beelden. 10 illustraties heeft zij in de bundel opgenomen van de 22 die haar als uitdaging werden toegestuurd door beeldend kunstenaar Pieter Bijwaard. De gedichten die daarbij geschreven zijn, ontstijgen alle de anekdotiek van het beeld. En dat is prettig, want er is geen sprake van illustratie. In die zin helpen ze mij om ook de ‘persoonlijker’ gedichten los te lezen van het nawoord. En dan valt er nog meer te genieten in deze bundel.
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

‘Overlappen’ van Inge Nicole op Laurens Jz. Coster

VoorplatMaanbrief-75Laurens Jz. Coster plaatst sinds jaar en dag onder redactie van Raymond Noë iedere werkdag een gedicht op het gelijknamige blog. Het gedicht wordt ook geplaatst op Neerlandistiek.nl. Op 17 februari 2020 is het gekozen gedicht ‘Overlappen’ van Inge Nicole (1968) uit haar dit jaar verschenen debuutbundel ‘Maanbrief aan het getij’. Een aantal gedichten uit de bundel is geïnspireerd op kunstwerken. ‘Overlappen’ is geschreven bij Black gradients (17 x India) van Carina Ellemers.

Overlappen

‘Het zijn geen grijzen,’ zegt ze, in de golven
van het laken langs de lijn zweemt bleek oker
zigzagt stipsgewijs het denken door, ‘voel aan

dit tere weefsel rondom een houten geraamte
zie mensen plooien en blijven steken of stikken
in wat uiteen dreigt te vallen.’ Doorschijnend zijn

de sleetse rafelranden over nerven gevouwen
‘raak mij gerust aan – graag zelfs – misschien
dat wij elkaar in onregelmatigheden treffen’

het gaat om details; weeffoutjes en onderhuidse
schaduwplekken, laat de leegloop maar los
na verloop van tijd vallen er vanzelf gaten.

Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Mystiek-realisme in imposante constructies.» – Brede Kristensen

VoorplatGrenstekens-75Over ‘Grenstekens’ van Scott Rollins in Ñapa (Amigoe Curaçao), 1 februari 2020:
(…) Rollins, afkomstig uit New York, studeerde Nederlands en kwam zodoende als student naar Nederland. Met zijn Curaçaose vrouw komt hij ook regelmatig naar Curaçao. Zijn poëzie getuigt daarvan. En getuigt van nog veel meer. (…) Poëzie waarover we als lezer moeten nadenken, waarvan de strekking pas langzamerhand tot ons doordringt. Ik heb de bundel twee keer doorgelezen en sommige gedichten vaker. Het laatste gedicht ‘Landschap van verlangen’ sprong er bij me uit: schitterend. (…) Welk gedicht fascineert mij het meest? (…) ‘Ici repose Celestine August’ (hier rust Celestine August). (…) Het gedicht ontroerde me zeer, het contrast tussen het aardse verval dat zo verschrikkelijk helder ons bestaan verbeeldt en aan de andere zijde de hemelse bestemming van deze onbekende vrouw Celestina August. (…) Wat een onvergetelijk gedicht. Wat een voorbeeld van mystiek-realisme. Voor mij kon de bundel niet meer kapot. (…) Scott Rollins kijkt en prikt graag door onze dagelijkse maniertjes en pleziertjes heen. Ontnuchterend geeft hij ons als lezers heel wat te denken. (…) Scott Rollins is geen dichter van gevoelens. Eerder een dichter van gezichten en gedachten die gevoelens oproepen. Tenminste, als de lezer zich de moeite getroost om ‘door te denken’ wanneer de dichter zich lijkt in te houden. (…). Maar dat betekent geenszins dat de gedichten niet ‘af’ zouden zijn. Dat zijn ze juist in hoge mate. Het zijn vaak zelfs imposante constructies, waarbinnen de lezer kan ronddwalen. (…)
De ‘Amigoe’ heeft liever niet dat we de gehele recensie via internet openbaar maken. Belangstellenden buiten Curaçao kunnen evenwel de recensie opvragen bij de uitgever indeknipscheer@planet.nl
Meer over ‘Grenstekens’
Meer over Scott Rollins bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Inge Nicole ziet schoonheid ook in lelijke dingen.» – Hettie Marzak

VoorplatMaanbrief-75Over ‘Maanbrief aan het getij’ van Inge Nicole op MeanderMagazine, 3 februari 2020:
(…) De bundel is onderverdeeld in drie afdelingen van elk veertien gedichten. De afdelingen refereren aan de stand van de getijden van de zee: Hoogwater, Springtij en Doodtij. Ze lopen daarmee parallel aan de levensloop van elk mens. (…) Inge Nicole heeft de dood dan ook geenszins geschuwd in haar gedichten: de dood van haar vader is een terugkomend onderwerp, maar ook het rottingsproces van een dode vis wordt in ‘Neerslag in een spoelbak’ akelig nauwkeurig beschreven, net als een veld met gesneuvelde soldaten in de Eerste Wereldoorlog in ‘Rekwisiet in landschap’. De dichter kijkt met de blik van de beeldende kunstenaar en ziet daarom de schoonheid ook in lelijke dingen. Ze heeft de gave om zich heel goed in een ander te kunnen verplaatsen, of dat nu een ding, een dier of een mens is en ze schroomt niet om daarbij duidelijk in detail te treden, zoals in het beklemmende gedicht ‘Geknakt’ bij een foto van een Japans meisje. (…) Kwalitatief gezien maakt het niet uit of de gedichten gemakkelijk te doorgronden zijn of niet: de moeilijkheidsgraad bepaalt niet de intensiteit. Een relatief duidelijk en eenvoudig gedicht als ‘Geknevelde knuffels’ bij een afbeelding van een speelgoedbeest met een zak over zijn kop en een riem strak aangetrokken om zijn ledematen blijkt heel goed in staat om een wrange en onbehaaglijke indruk achter te laten. (…) De titel van de bundel brengt de aantrekkingskracht van de maan op het water in gedachten en de wisselwerking tussen maan en aarde. Zo beïnvloeden zij elkaar wederzijds, zoals ook de gedichten in deze bundel zich beurtelings met het ‘hogere’ en het ‘lagere’ bezighouden. Op het eerste gezicht lijkt de poëzie van Inge Nicole onschuldig; pas bij nadere beschouwing wordt een onderhuidse dreiging waarneembaar. Zoals ook de schoonheid van het getij verraderlijk kan zijn.
Lees hier de recensie ‘Twee keer kijken’
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer