Léon de Winter – De (ver)wording van de jongere Dürer. Tweede druk

Léon de Winter
De (ver)wording van de jongere Dürer
Nederlands, Roman
Paperback, 188 blz.
Eerste druk mei 1978
Tweede druk juni 1979
ISBN 978 90 6265 014 7
UITVERKOCHT

«In De (ver)wording van de jongere Dürer leest de hoofdfiguur twee boeken: Het ene is Aus dem Leben eines Taugenichts van de romantische schrijver Von Eichendorff; het ander De angst van de doelman voor de strafschop van Peter Handke. De ‘Werdegang’ van Dürer verloopt tussen deze twee romans.
Pas als Dürer het hemelsbreed verschil dat tussen deze twee werelden ligt heeft afgelegd is hij geworden tot wat hij moest worden: een zwijgende zonderling in een krankzinnigengesticht, die de wereld de rug heeft toegekeerd.
Het verhaal is eenvoudig genoeg. De werkloze jongere Dürer (zonder voornaam) keert in het begin van het verhaal terug uit een jeugdgevangenis waar hij twee maanden heeft gezeten wegens joy-riding met een taxi. In de gevangenis heeft hij het boek van Von Eichendorff glezen dat grote indruk op hem maakt omdat het vertelt van een mooiere wereld dan die waarin Dürer na twee maanden terugkeert. Die laatste bestaat uit de ouderlijke woning van Dürer in de buitenwijken van A., waar rijen flats, parkeerplaatsen, winkelcentra en zinloosheid het voor het zeggen hebben. Er gebeurt niets in die wereld, alles, de televisieprogramma’s, de nieuwsberichten bestaan uit een ‘kwaadaardige onbeweeglijkheid’. Zodra Dürer beseft dat hij evenals de held Taugenicht uit de roman die wereld moet ontvluchten. In de voetsporen van Taugenicht vertrekt hij liftend op weg naar Italië. In München echter strandt hij en maakt hij mee wat alle lifters uit ervaring kennen: het dagenlang rondhangen langs uitvalswegen, zonder dat er een automobilist stopt. Bovendien komt hij er in München, door enkele opmerkingen van Italiaanse gastarbeiders, achter dat het Italië dat hij uit het boek van Taugenicht gedroomd had, helemaal niet bestaat. Hij keert terug naar Nederland, heeft een vijfendertig uur durende liefde voor een meisje dat hij in de trein ontmoet heeft, gaat in hongerstaking en steekt een taxichauffeur dood. Het boek eindigt als Dürer zwijgend in een inrichting zit.
Met moet van goede huize komen wil men zo’n – toch saillant gegeven hanteren. Léon de Winter komt van goeden huize.»
– Doeschka Meysing (Vrij Nederland)

Léon de Winter – De (ver)wording van de jongere Dürer. Roman

Léon de Winter
De (ver)wording van de jongere Dürer
Nederlands, Roman
Paperback, 188 blz.
Eerste druk mei 1978
ISBN 978 90 6265 014 7
UITVERKOCHT

Na zijn opvallende intrede in de Nederlandse literatuur met de bundel prozateksten Over de leegte in de wereld presenteert Léon de Winter nu zijn eerste roman, die garant staat voor zijn definitieve doorbraak naar het Nederlandse lezerspubliek.

De hoofdpersoon van De (ver)wording van de jongere Dürer is een intelligente, net volwassen geworden jongeman, die door opvoeding en milieu niet tot ontplooiing is kunnen komen. Het boek begint als hij vrijkomt uit de jeugdgevangenis, waar hij twee maanden heeft gezeten voor het stelen van een taxi. In de gevangenisbibliotheek is hij zich voor het eerst bewust geworden van zijn gevoelens, waarbij de werken van de Romantici een krachtige invloed uitoefenden. Zijn, met name aan Jozef von Eichendorff’s Aus dem Leben eines Taugenichts ontleende, termen blijken echter niet geschikt om zijn ervaringen en relaties in de ‘vrije wereld’ voor zichzelf te verwoorden. Er ontstaat een conflict tussen wat Handke de Buitenwereld en de Binnenwereld noemt, een noodlottig conflict dat hem uiteindelijk terugbrengt tot wat hij in ht begin was: een wezen zonder macht over het woord, een dier. De vraag die overblijft is of dit laatste wording of verwording genoemd moet worden.

De (ver)wording van de jongere Dürer is vooral een zeer eigentijdse roman die, zonder ook maar even modieus of aan actualiteit gebonden te zijn, een indringend beeld geeft van het leven op de grens van de volwassenheid, op de drempel van de jaren tachtig, in de buitenwijken van de grote stad, waarin eenzaamheid, onleefbaarheid, werkeloosheid en jeugdcriminaliteit al bijna vertrouwde problemen zijn.