«De tekeningen vormen geen illustraties bij een verhaal — zij zíjn het verhaal. Een liefdesverklaring aan het tekenen zelf, aan vakmanschap en aan de schoonheid van het kijken.» – Kees de Kievid

Over ‘Geen dag zonder lijn’ van Eric J. Coolen op Boekenbijlage, 22 mei 2026:

(…) Coolen wilde nooit kunstenaar worden, maar kon eenvoudigweg niet ophouden met tekenen. Juist daarin schuilt volgens Japin het ware kunstenaarschap: “Hij verrijkt ons leven met zijn blik.” Die woorden vormen de sleutel tot dit boek. Want Geen dag zonder lijn draait niet om theorie, manifesten of artistieke verklaringen. Het draait om kijken. Om lijnen. Om een onstuitbare drang de wereld zichtbaar te maken. (…) Wie het boek openslaat, ziet meteen hoe breed het terrein is waarop Coolen zich beweegt. De hoofdstukken vormen bijna afzonderlijke werelden. In Aquarel 1987-1997 verschijnt bijvoorbeeld een gevoelig geboortekaartje, terwijl in het onderdeel Lithografie meesterdrukker Frans Homan opduikt. De sectie Potloodillustraties bevat de indringende tekeningen bij Dorp aan de rivier van Anton Coolen, zonder twijfel behorend tot het sterkste werk in het boek. Daarnaast zijn er de uitgebreide hoofdstukken over Architectuur en stadsgezichten, met onder meer verwijzingen naar Frank Lloyd Wright, en de afdelingen Muziek en Literatuur, waarin respectievelijk figuren als Herman van Veen, Johnny Cash, Harry Mulisch en Maarten Toonder opduiken. Ook de meer monumentale kunst krijgt ruim aandacht. Het glas-in-loodraam rond Johan Cruyff (nr.14), de gevelsteen van Samuel Ampzing, de Meermin van Haarlem, posters voor culturele evenementen en de speelse Hopper-pastiche tonen hoe veelzijdig Coolens blik is. Zelfs een oude boom in het hoofdstuk Natuur krijgt dezelfde intense aandacht als een stadsgezicht of portret. (…) De tekeningen vormen geen illustraties bij een verhaal — zij zíjn het verhaal. (…) Coolen blijft zichzelf zien als verbeelder van de werkelijkheid. Die houding maakt het boek des te sympathieker: achter al het vakmanschap blijft steeds de nieuwsgierige tekenaar zichtbaar. (…) De vormgeving van Henk Tijbosch verdient eveneens lof. Ondanks de enorme hoeveelheid materiaal blijft het boek overzichtelijk en luchtig ogen. De reproducties zijn uitstekend verzorgd en geven het werk alle ruimte om te ademen. Geen dag zonder lijn is daardoor (…) een liefdesverklaring aan het tekenen zelf, aan vakmanschap en aan de schoonheid van het kijken. Een boek waarin tekst uiteindelijk bijzaak wordt. De tekeningen nemen het woord over — en vertellen samen het levensverhaal van een van de markantste beeldmakers van Haarlem. (…)

Lees hier de recensie
Meer over Eric J. Coolen op deze site

Lucas Hirsch op de radio bij Leon Verdonschot

VoorplatDeweinigen-75Over ‘De Weinigen Of de bankier in de buik van het beest’ van Lucas Hirsch op Kink, 7 april 2019:
Elke zondag tussen 10.00 en 12.00 ontvangt Leon Verdonschot interessante gasten in Oeverloos. Deze week te gast: Lucas Hirsch. Dichter Lucas Hirsch schreef voor het eerst een roman: ‘De Weinigen’. Lucas’ jarenlange eigen ervaring in de bankwereld zette hij in voor het verhaal van een Intelligence Officer bij de afdeling Corporate Security van een grote Nederlandse bank tijdens de bankencrisis, die tegelijk in een persoonlijke crisis terechtkomt. Lucas Hirsch vertelt in Oeverloos over zijn roman, zijn kijk op de bankenwereld, en hij praat over poëzie en muziek. Hij licht dierbare nummers toe. Die zijn zeer uiteenlopend: country van Johnny Cash & June Carter, hiphop van A Tribe Called Quest, klassiekers van The Byrds, Neil Young en Velvet Underground, nieuwe gitaarrock van de Amsterdamse band Love Supreme en uiteraard één van Hirsch’ favoriete bands: Radiohead.
Luister hier naar de podcast
Meer over ‘De weinigen’

«De blues op de staart getrapt.» – Coen de Jong

© Dirk W. de Jong American Blues omslag augustus 2015 22x22 hardOver ‘American Blues’ door Dirk W. de Jong in Jazzism, boekenrubriek in JazzBulletin 97, 4 december 2015:
De Jong heeft zijn werk in vier hoofdstukken ondergebracht: On The Road, Mississippi, Chicago-Memphis-Muscle Shoals en New Orleans & Lousiana. (…) In Mississippi duiken we met de fotograaf echt het land van de blues in. (…) Hier begint het echte werk, zouden veel bluesmensen zeggen. De Jong nam vele zogeheten juke joints op de korrel, waarbij hij het gevoel kreeg dat hij deelgenoot was van de laatste mogelijkheden om echte bluesmuzikanten in hun natuurlijke omgeving vast te leggen. (…) Het deel over Chicago telt maar enkele bladzijden (foto van Buddy Guy) maar Memphis krijgt wel flink aandacht. Er is een prachtig beeld van Mose Vinson, die zestig jaar in en rond Beale Street speelde. Eén foto mocht de fotograaf maken van zijn toegetakelde kop, het linkeroog dichtgenaaid. Daarna sleepte Vinson zich naar de piano om de blues te spelen.
Lees hier of hier de recensie
Meer over ‘American Blues’