«Het is de ander die een pose aanneemt.» – Wim Platvoet

VoorplatPose-75Over ‘de pose en het model’ van W.A. Jonker op MeanderMagazine, 5 mei 2021:
In zijn nieuwe dichtbundel, ‘de pose en het model’, poëtiseert W.A. Jonker over de twee zelfstandige naamwoorden die in de titel worden genoemd. Als we plaatsnemen in een atelier denken we bij deze woorden aan iemand, die een model schildert, tekent of fotografeert, waarbij dat model poseert. Jonker beschouwt het breder en ziet bij elke betrekking of ontmoeting tussen twee mensen in een van de twee een model dat poseert, waarbij dit laatste in elk gedicht veelal een pejoratieve betekenis heeft. (…) Woorden als ‘pose’ en ‘model’ lijken in die zin de ander tot een object te maken, of, preciezer uitgedrukt, lijken aan te geven dat de ander zichzelf tot een object maakt. Je zou je ook af kunnen vragen of, zeker in de alledaagse omgang tussen mensen, de een in zijn kijken naar of beleven van de ander juist in die ander alleen maar de pose of het model ziet, juist die ander tot een object maakt. (…) Jonker gaat er vrijwel altijd vanuit dat het de ander is die een pose aanneemt. (…) Het is een manier om naar de werkelijkheid en naar de ander te kijken. Misschien is het menselijk, al te menselijk om dat af en toe te doen. Jonker radicaliseert dit en heeft alleen maar deze bril op. (…) Treffend schrijft Jonker op p. 10: ‘ik kan alleen naar mijn / eigen gedachten luisteren’. (…) Het is vooral de dichter die zichzelf genadeloos portretteert door anderen te kijk te zetten.
Meer over ‘De pose en het model’
Meer over W.A. Jonker bij Uitgeverij In de Knipscheer

«W.A. Jonker hanteert een losse maar scherpe pen.» – André Oyen

VoorplatPose-75Over ‘De pose en het model’ van W.A. Jonker op Ansiel, 13 maart 2021:
In deze bundel focust de auteur op de levenshouding die we allemaal aannemen. De vraag dringt zich op: zijn we verleider of juist verleid? Zijn we naakt of vluchten we juist weg onder lagen kleding of slogans. De dichter beschrijft vrij getrouw welke houding het model aanneemt tijdens de seks: ‘seks doe je/ met je ogen dicht licht uit/het moet verborgen blijven.’ W.A. Jonker hanteert een losse maar scherpe pen om lichaamshoudingen vast te leggen. Hij maakt ons deelgenoot van zijn, soms cynische, gedachten in gedichten die door vrij abstracte illustraties worden begeleid en leert ons dat we ons allemaal een levenshouding hebben aangemeten. De dichter laat aan de lezer trouwens ruimte genoeg voor een persoonlijke interpretatie, zowel van zijn taal als van zijn beeld, die zowel schoonheid sterkte kracht als zwakte uitstralen.
Lees hier de recensie
Meer over ‘De pose en het model’
Meer over W.A. Jonker bij Uitgeverij In de Knipscheer

W.A. Jonker – de pose en het model. Gedichten

VoorplatPose-75W.A. Jonker
De pose en het model

gedichten
Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
geïllustreerd, 78 blz., € 17,50
ISBN 978-94-93214-30-9
Eerste uitgave maart 2021

In een tijdperk waarin de pose haast vanzelfsprekend is geworden, roept het model vooral vragen op. Waarom geeft het zich bloot en wat gaat er door hem of haar heen? Observeert het model niet net zo goed de bekijker en wordt hij of zij dus bekeken? W.A. Jonker maakt ons deelgenoot van zijn, soms cynische, gedachten in gedichten die door vrij abstracte illustraties worden begeleid en leert ons dat we allemaal een levenshouding hebben aangemeten. Die presenteren we vol trots met teksten op T-shirts, tatoeages, een afgetraind lijf of juist door een lichaam in verval te durven tonen. In het dagelijks leven blijft de pose gehandhaafd. Een bezoek aan de kapper blijkt ineens stukken intiemer dan het tekenen van een naakt mens. De pose en het model portretteert zowel de samenleving als de dichter zelf. Genadeloos, maar op afstand van de geportretteerde, zoals het een goed kunstenaar betaamt.

Ik kan alleen naar mijn
eigen gedachten luisteren
zo stil klinkt het
af en toe een kuch
of iemand verschuift een stoel
het lijkt wel een museum

W.A. (Pim) Jonker (1955) debuteerde met de geïllustreerde gedichtenbundel Schuld (1986). Tevens publiceerde hij gedichten in Maatstaf en in de Volkskrant. Na afgestudeerd te zijn aan de Academie voor beeldende kunsten te Arnhem koos hij voor een organisatorische loopbaan naast zijn kunstenaarschap. Zo was hij, onder andere, parttime programmeur bij de Balie, artistiek leider van de Brakke Grond en directeur van het poppodium Het Paard van Troje in Den Haag. Driemaal stelde W.A. Jonker, halverwege de jaren negentig, de geruchtmakende, underground tentoonstellingen samen van het festival Triple X. Jarenlang was hij lid van de Amsterdamse Kunstraad en de adviescommissie Cultuur en Cultuurhistorie Noord Holland. In 2016 verscheen van hem bij Uitgeverij In de Knipscheer de bundel Kijkgaten naar binnen.

«De kracht van de versmelting van woord met beeld.», volgens André Oyen (Antwerpen Leest), «Op het eerste gezicht lijken de gedichten uit Kijkgaten naar binnen heel conventioneel, maar niets is minder waar.»

W.A. Jonker over enige voorbeelden van de verspreiding:
«Toen mijn vorige gedichtenbundel Kijkgaten naar binnen in 2016 een week in de boekwinkel lag, trof ik een exemplaar aan op de toog van café De Zuid. Iemand had het gekocht, gelezen en teleurgesteld achtergelaten. Waarschijnlijk omdat de koper verwacht had als persoon zich in een van de gedichten tegen te komen. Een maand later stond mijn bundel op een display bij de Amsterdamse boekhandel Scheltema onder het kopje aanrader poëzie. Die zomer nam ik deel aan een verkoopexpositie in het verpleeghuis Sarphatihuis waar ook mijn boekjes te koop waren. Twee werden er gejat. In september heb ik in de boekhandel De Slegte te Antwerpen eigenhandig een Kijkgaten naar binnen in de afdeling poëzie gezet naast bundels van de Zuid-Afrikaanse dichter Ingrid Jonker. Als aanvulling op het aanbod.»
Meer over W.A. Jonker bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Ondanks de niets ontziende taal, een vorm van schoonheid.» – Ezra de Haan

VoorplatPimJonker75Over ‘Kijkgaten naar binnen’ van W.A. (Pim) Jonker op Literatuurplein, 2 mei 2016:
Pim Jonker (…) heft de grens op tussen taal en tekst door een naaktmodel niet alleen met potlood vast te leggen maar het ook te beschrijven. Inclusief alle gedachten die bij hem opkomen. (…) Hij maakt zich niet druk om gaatjes die punaises in het papier veroorzaken, de zichtbare vetvlekken van lijnolie of met Typex weggewerkte delen van tekeningen. Zelf zegt hij: ‘Tekenen en schrijven zijn hetzelfde alleen anders.’ De dichtbundel ‘Kijkgaten naar binnen’ is wederom een samengaan van zijn talenten. Tekeningen, collages, readymades en gedichten bevolken de pagina’s en vragen de lezer en kijker om stil te staan bij een andere benadering. (…) Het gedicht ‘hij gaat voorbij’ vormt een soort proloog. We maken kennis met de kunstenaar, worstelend met zijn schilderij dat gehoorzamen moet, desnoods op haar donder moet krijgen. Rauw en provocerend is de gekozen taal. De lezer weet meteen waar hij aan toe is. (…) Kunst, met name het obligate gekir in vakjargon, krijgt ook een veeg uit de pan. Jonker heeft er geen hoge pet van op. Door het weer te geven, zonder commentaar, maar wel in combinatie van een beschrijving van een one night stand, is hij overduidelijk. Maar het is niet altijd tegendraads in deze bundel. Pim Jonker kan, als hij dat wil, wonderschone gedichten schrijven waarin meer gebeurt dan een vakantiemoment vastleggen. (…) Pim Jonker is een dichter die zijn eigen weg gaat, wars van dat wat trendy is. De regels die hij schrijft doen er toe en lijken in een rijstkoker tot stand gekomen. Dat duurt even, maar dan heb je ook wat. In dit geval poëzie die tot nadenken stemt. Van een dichter die niets en niemand, en ook zichzelf ontziet.
Lees hier de recensie
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’

«Realiteit, droom en ontnuchtering omstrengelen elkaar.» – Wijnand Steemers

VoorplatPimJonker75Over ‘Kijkgaten naar binnen’ van W.A. Jonker voor Biblion, 7 maart 2016:
Dichter (1955) debuteerde met ‘Schuld’ (1986). Opbouw onderhavige bundel: Het Hotel (‘aankomst én ‘tijdelijk’ verblijf) en Onderweg. Realiteit, droom en ontnuchtering omstrengelen elkaar in vrije, aan eigen vorm gebonden gedichten. Ogen als kijkgaten voor de inwaartse blik zijn vertrekpunt voor zelfobservaties op diverse locaties (o.a. hotels, steden), brokkelige impressies, associatieve vondsten tijdens de innerlijke reis. Die collagetechniek past hij ook toe in de begeleidende 21 illustraties. Een inleidend gedicht, titelloos als de andere, loopt in toon en inhoud (‘potlood papier/ambities verdrongen’) op de rest vooruit, stelt ‘schilderij’ en/of vrouw als ijkwezen centraal. Ook op de ander (‘mijn meest recente scharrel’) of de wereld (o.a. ‘het is vandaag elf september’) gerichte perceptie; erotiek tout court, onenightstands; ingehouden tragiek: ‘het kind komt niet meer’, flarden verleden, onderweg geoogst zelfinzicht: ‘wat is je reisbestemming/de pupillen van ogen/kijkgaten naar binnen’. Of: ‘slappe vrouwenlijmer/dat ben ik/geoefend tranendal/dat zal ik worden’ of ‘wellicht hij die lijkt op mij’ ‘in mijn zielloos vaderland’. Nawoord biedt inzage in zijn cultureel curriculum (o.a. ABK Arnhem).
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’

Pim Jonker leest een gedicht op video

In aansluiting op het radio-interview op Amsterdam FM-radio op maandag 15 februari 2016 op de vierde etage van de OBA (Openbare Bibliotheek Amsterdam) maakt Rob Zwetsloot deze opname van dichter W.A. Jonker naar aanleiding van zijn nieuwe dichtbundel ‘Kijkgaten naar binnen’ voor zijn reeks van 2-minutenfilmpjes met auteurs uit het boekenuur van het programma ‘Kunst & Cultuur’. Jonker leest het gedicht
‘Het vervallen hotel fluit’.
Luister hier naar het voorafgaande radio-interview
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’
Meer van Rob Zwetsloot op deze site

W.A. Jonker te gast in Literat-uur op Amsterdam FM-Radio

IMG_1855Foto: Harry van Kesteren

Over ‘Kijkgaten naar binnen’ van W.A. Jonker op Amsterdam FM-Radio, 15 februari 2016:
Tussen 16.00 en 17.00 uur is Pim Jonker gast in het boekenprogramma dat live vanuit de OBA wordt uitgezonden. Dit naar aanleiding van zijn zojuist verschenen dichtbundel ‘Kijkgaten naar binnen’, zijn tweede bundel na zijn dichtersdebuut met ‘Schuld’ in 1986. Beeldend kunstenaar en dichter Pim Jonker manifesteerde zich in de kunstwereld vooral als organisator o.a. bij de Amsterdamse centra De Balie en de Brakke Grond en bij het Haagse Het paard van Troje. Vanaf 1994 maakte hij naam als festivaldirecteur met drie Triple X-kunstfestivals op het Amsterdamse Westergasfabriekterrein. In zijn poëziebundels gaan woord en beeld samen.
Luister hier naar de uitzending
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’

«De kracht van de versmelting van woord met beeld.» – André Oyen

VoorplatPimJonker75Over ‘Kijkgaten naar binnen. Geïllustreerde gedichten’ van W.A. Jonker op Ansiel en op lezerstippenlezers, 5 februari 2016:
Op het eerste gezicht lijken de gedichten uit ‘Kijkgaten naar binnen’ heel conventioneel, maar niets is minder waar. Elk gedicht heeft wel een dubbele bodem en heeft ook een link in zich naar een volgend gedicht. Dat maakt ook dat er samenhang en thematiek in het geheel zitten. De illustraties ondersteunen die verhaallijn nog. De bundel is in twee overheersende delen opgesplitst : ‘Hotel’ en ‘Onderweg’ en deze titels duiden volgens mij persoonlijk op stilstand en beweging. De dichter laat aan de lezer trouwens ruimte genoeg voor een persoonlijke interpretatie, zowel van zijn taal als van zijn beeld. De vormgeving van de bundel door Anders Kilian is ook heel stijlvol en accentueert de kracht van de versmelting van woord met beeld. ‘Kijkgaten naar binnen’ is een ook een bundel waarin je keer op keer iets nieuws ontdekt zowel in het woord als het beeld. De combinatie van de twee prikkelt de verbeelding van de lezer en geeft telkens een nieuwe ervaring.
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’

«Goed overwogen nonchalance.» – Peter de Rijk

VoorplatPimJonker75Over ‘Kijkgaten naar binnen’ van W.A. Jonker, 1 december 2015:
W.A. (Pim) Jonker (1955) debuteerde met de geïllustreerde gedichtenbundel Schuld (1986). Tevens publiceerde hij gedichten in Maatstaf licht draait traag de kamer uit, het vervallen hotel fluit, Welkenraedt Hotel Falckenstein, jeuk in zijn haar kruis, de kunstenaar en zijn model in Maatstaf 6 1993 en jeuk in zijn haar kruis in de Volkskrant-bijlage Kunst op komst 1993. Na afgestudeerd te zijn aan de Academie voor beeldende kunsten te Arnhem koos hij voor een organisatorische loopbaan naast zijn kunstenaarschap. Zo was hij, onder andere, parttime programmeur bij de Balie, artistiek leider van de Brakke Grond en directeur van het poppodium Het Paard van Troje in Den Haag. Driemaal stelde Jonker, halverwege de negentiger jaren, de geruchtmakende, underground tentoonstellingen samen van het festival Triple X. Jarenlang was hij lid van de Amsterdamse Kunstraad en de adviescommissie Cultuur en Cultuurhistorie Noord Holland. In het verleden leverde hij tekstuele bijdragen aan publicaties van het voormalige Amsterdamse kunstencentrum Makkom, het blad Mediamatic en het boek Felix Meritis 1789-1989 over de historie van het genootschap in Amsterdam.

Kenmerkend voor zijn beeldende kunst en gedichten is zijn schijnbare, maar goed overwogen, nonchalance. Belangrijk voor hem zijn de sporen die nagelaten worden: de vlekken, Typex, het gat van de punaise, geen leestekens, hoofdletters alleen bij namen en rijm bij toeval. Dat kan als provocerend opgevat worden. Al ligt dat weer aan de toeschouwer. Jonker laat het aan hem of haar over en biedt overal ruimte om zèlf verbanden te gaan leggen. Dat kan die tussen beeld en taal zijn, maar ook tussen regels die, dan weer op de ene, dan weer op de andere wijze, een combinatie kunnen vormen. Juist het schetsmatige, onaffe, schurende, trekt hem aan, het spontane dat ontstaat door te experimenteren. Het levert altijd verrassende gedichten en tekeningen op die iets van de toeschouwer of lezer verwachten. Voor welk standpunt of associatie wordt er gekozen? Is er sprake van humor of cynisme of moet het als uiterst serieus worden opgevat? Misschien helpen Jonkers’ uitspraken: ‘Tekenen en schrijven zijn hetzelfde alleen anders.’ En: ‘Architectuur is beeldende kunst maar dan met een functie.’ Kijkgaten naar binnen is een dichtbundel met illustraties die het moet hebben van invallen, intimiteiten, slordige collages, readymades en flarden van songteksten en bestaande gedichten. In twee delen: Hotel en Onderweg. Daar waar je aankomt en tijdelijk verblijft en het onderweg zijn. Momentopnamen in een leven die wijzen op invulbaarheid. Want wat gaat er gebeuren of waar kom je vandaan? Dat zijn de vragen die in deze bundel mogelijk beantwoord worden.
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’
Meer over W.A. Jonker

W.A. Jonker – Kijkgaten naar binnen. Geïllustreerde gedichten

VoorplatPimJonker75W.A. Jonker
Kijkgaten naar binnen
Geïllustreerde gedichten

Nederland
Paperback, royaal formaat, 70 blz., € 16,50
ISBN 978-90-6265-903-6
december 2015

W.A. (Pim) Jonker (1955) debuteerde met de geïllustreerde gedichtenbundel Schuld (1986). Tevens publiceerde hij gedichten in Maatstaf en in de Volkskrant. Na afgestudeerd te zijn aan de Academie voor beeldende kunsten te Arnhem koos hij voor een organisatorische loopbaan naast zijn kunstenaarschap. Zo was hij, onder andere, parttime programmeur bij de Balie, artistiek leider van de Brakke Grond en directeur van het poppodium Het Paard van Troje in Den Haag. Driemaal stelde W.A. Jonker, halverwege de jaren negentig, de geruchtmakende, underground tentoonstellingen samen van het festival Triple X. Jarenlang was hij lid van de Amsterdamse Kunstraad en de adviescommissie Cultuur en Cultuurhistorie Noord Holland.

Kenmerkend voor zijn beeldende kunst en gedichten is zijn schijnbare, maar goed overwogen, nonchalance. Typerend voor hem zijn de sporen die nagelaten worden: de vlekken, typex, het gat van de punaise, geen leestekens, hoofdletters alleen bij namen en rijm bij toeval. Dat kan als provocerend opgevat worden. Al ligt dat weer aan de toeschouwer. W.A. Jonker laat het aan hem of haar over en biedt overal ruimte om zélf verbanden te gaan leggen. Dat kan die tussen beeld en taal zijn, maar ook tussen regels die, dan weer op de ene, dan weer op de andere wijze, een combinatie kunnen vormen. Juist het schetsmatige, onaffe, schurende, trekt hem aan, het spontane dat ontstaat door te experimenteren. Het levert altijd verrassende gedichten en tekeningen op die iets van de toeschouwer of lezer verwachten. Voor welk standpunt of associatie wordt er gekozen? Is er sprake van humor of cynisme of moet het als uiterst serieus worden opgevat? Misschien helpt Jonkers’ uitspraak: ‘Tekenen en schrijven zijn hetzelfde alleen anders.’

Kijkgaten naar binnen is een dichtbundel met illustraties die het moet hebben van invallen, intimiteiten, slordige collages, readymades en flarden van songteksten en bestaande gedichten. In twee delen: ‘Hotel’ en ‘Onderweg’. Daar waar je aankomt en tijdelijk verblijft en het onderweg zijn. Momentopnamen in een leven die wijzen op invulbaarheid. Want wat gaat er gebeuren of waar kom je vandaan? Dat zijn de vragen die in deze bundel mogelijk beantwoord worden.
Meer over ‘Kijkgaten naar binnen’