Over ‘Willem: De zaak Reinaerd Vos’ van Harrie Geelen in Poëziekrant nr. 6, t/m december 2025:
Willem, u weet wel, die madocke makede, verzoekt – nee, bidt! – in zijn proloog tot Van den vos Reynaerde, ‘beyde den dorpers ende den doren / oftsi comen dar si horen / dese rime ende deze woert / dien si onnutte sijn gehoert / dat si se laten onbescaven’, want […] ‘si maken sulke rime valsch’. Men zou deze verzen kunnen vertalen met: ‘Ik bid de lomperds en dwazen, als zij komen waar zij ze horen, om deze rijmen en woorden, die aan hen niet besteed zijn – niet te verbeteren, [want] zij maken zulke verzen vals.’ In de nieuwe, sprankelende vertaling van Harrie Geelen, Willem, De zaak Reinaerd Vos, staat het er zo: ‘Een ding moet mij van het hart: / ik bid en smeek nog vóór ik start: / kleinsteeds volk en kletsmajoren, als zij iets onbehoorlijks horen, / als iets niet aan hen is besteed, (geen iets zinnigs te zeggen weet), / dat zij dan niet zelf gaan schaven. / […] [want] [hun] ‘verzen smaken nergens naar.’ Gezien vanuit verteller Willem is de hierop volgende opdracht aan ‘de gone’[…] [die] ‘leven hoveslike’ (Geelen: ‘voor wie onkreukbaar leven) een ironische opmaat tot een tekst waarin hij zijn publiek de zeven hoofdzonden voorschotelt. Gezien vanuit Harrie Geelen lijkt het daarnaast een opdracht aan zichzelf: niet gaan schaven, want het moeten verzen worden die ergens naar smaken! En dat doen ze. (…) Bij het herlezen van de ‘originele’ tekst, een uitgave waarvan de bladzijden voor de helft uit voetnoten bestaan, náást de versie van Harrie Geelen viel me op dat de verteller op enkele momenten inhoudt. Wanneer Nobel, nadat hij door de vos omgekocht is, Reynaert vergiffenis schenkt, staat er vrijwel zakelijk: ‘Doe nam die coninc ene stro / ende vergaf reynaerde algader / den wanconst van sine vader / en sines selves mesdaet altoe’. Geelen zet dit al even droog neer: ‘De vorst gaf hem een strohalm. Nou / was naast wat pa Vos had misdaan / Reinaerds eigen wangedrag / ook in een klap van de baan.’ De loftuigingen die Geelen als vertaler van Ovidius’ Metamorphoses en Heroides ontving, kunnen derhalve moeiteloos herhaald worden: hier is een dichter aan het werk; dit boek lezen is een feest. Waarvan akte.
Bron
Meer over ‘De zaak Reinaerd Vos’
Meer over Harrie Geelen bij Uitgeverij In de Knipscheer

Over ‘Held…’ van Ovidius vertaald door Harrie Geelen op Tzum, 23 mei 2025: