«Laat taal kronkelen in orgastische en hallucinante beelden.» – André Oyen

VoorplatExit-75Over ‘Exit’ van Annel de Noré op Ansiel, 10 juni 2021:
(…) ‘Exit’ is de eerste dichtbundel van schrijfster Annel de Noré. Wanneer je door deze bundel bladert valt het direct op hoe de dichter klanken (Net een slager rammel ik een remake op), gevoelens (uit zelfbehoud bestrijd ik revoluties) en passies (de wind heeft het water wellustig gekust) gebruikt om hallucinerende beelden te gebruiken. Aan haar zijn geen sobere zinnetjes besteed, zij laat taal kronkelen in orgastische en hallucinante beelden en nodigt zo de lezer uit om vrij en blij met haar te zijn. Het is heerlijk om met haar te dwalen over plaatsen waar addertjes onder het gras zitten. Elk gedicht is een rijk en beeldend geschenk dat in magische woorden verpakt is, al beweert ze dat ze niet toveren kan.
Lees hier het signalement
Meer over ‘Exit’
Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Dansende ritmiek, klankrijke woorden, scheppingsvreugde.» – Arjan Peters

VoorplatExit-75Over ‘Exit’ van Annel de Noré op Facebookpagina Arjan Peters, 14 mei 2021:
In ‘Exit’, de eerste dichtbundel van Annel de Noré (Paramaribo, 1950), moeten wel een paar spoken worden uitgedreven, of een niet te verdragen intieme odeur in de badkamer. Maar dankzij de dansende ritmiek en klankrijke woorden levert dat bijna montere poëzie op. (…) Zoiets als een grondige schoonmaak: eens moet het gebeuren, en pas als het gebeurd is hoef je er niet meer tegenop te zien. De dichter staat uiteindelijk in een verregende straat, hand in hand met de stilte, behouden omhoog te staren naar ‘een hemel vol juichende zilversterren’. Dat is haar gegund, en minstens zo beeldend als de vele zinnetjes die scheppingsvreugde verraden, ook al stemt de inhoud niet altijd vrolijk: ‘Zachtjes jammerend onder alle bedden kruipt het speelgoed’. ‘Jij bent mooi, al was je mooi niet het wachten/ waard.’ En bijna triomfantelijk gaat het eraan toe in de hangende tuin: ‘Zeven orchideeën prijken/ hemels boven lijken, wuiven over berg en dal/zeven is een heerlijk heilig sabbatsgetal.’ De titel ‘Exit’ moge op een afrekening wijzen, in feite is dit poëziedebuut een entree in de onvervreemdbare, kloeke taal van een iemand die niet aan het leven ten onder is gegaan. Annel de Noré is er uit gekomen.
Meer over ‘Exit’
Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij In de Knipscheer

Annel de Noré – Exit. Gedichten

VoorplatExit-75Annel de Noré
Exit

gedichten
Suriname, Nederland
gebrocheerd in omslag met flappen,
72 blz., € 17,50
ISBN 978-94-93214-26-2
eerste uitgave mei 2021

Annel de Noré schrijft welluidende, klankrijke, muzikale poëzie. In Exit pokert zij met woorden, schakelt zij moeiteloos van taal, code en register – associatief, intuïtief. Haar gedichten bieden sluipwegen en vertakkingen, doorkijkjes en inzichten, openingen en uitgangen. Vergezel haar in haar eigenzinnige manier van kijken en denken, luister naar haar zang, zoals in het titelgedicht van de bundel ‘Uitgang / Afgang / Ex it’:

Wanneer je straks weer eens weggaat
zal ik je uitwuiven vanachter de tralies
en verblind zien dat de zon ondergaat.

Later als je weerkeert of thuis arriveert
door de deur die je altijd zelf opendoet
ruik ik zonneklaar gelijk een hond haar.

Al in 2004 won zij met het gedicht ‘Gebroken: een oeroud stenen hart’ de tweede prijs in een poëzie- en voordrachtprijs ‘Het Gebroken Hart’ in Teylers Museum Haarlem. In 2019 was zij met het gedicht ‘Koudvuur’ (dat ook in deze bundel is opgenomen) prijswinnaar van de Guido Gezelle gedichtenwedstrijd, uitgeschreven naar aanleiding van diens 120ste sterfdag. Exit is haar eerste dichtbundel.

Annel de Noré (Paramaribo, 1950) publiceerde tot op dit moment enkel romans en verhalen. Haar alom geprezen debuutroman De bruine zeemeermin uit 2000 werd ‘het beste Caribische debuut sinds Bea Vianen en Astrid H. Roemer’ genoemd. Verder publiceerde zij bij Uitgeverij In de Knipscheer de verhalenbundel Het kind met de grijze ogen, de roman Stem uit duizenden en de verhalenbundel Vers vlees oud bloed, waarmee ze genomineerd werd voor de Halewijnprijs 2017. In 2019 kwam haar grote roman Lambarosa uit: «Zo beeldend en weerzinwekkend beschreven dat je het boek niet kan wegleggen. In het derde deel van de roman komen de eerste twee gedeelten op mysterieuze wijze samen. Het is een filosofisch stuk over de omgang met onzekerheden. Als lezer word je meegesleurd door het verhaal, de sfeer en de beklemmende emoties van de hoofdrolspelers. 540 pagina’s die je in een mum van tijd leest. Als lezer word je beloond met een boeiend en complex web van emoties, metaforen en vragen over het leven.» – Estefanía Pampín Zuidmeer in La Chispa

Meer over ‘Exit’
Meer over Annel de Noré bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Zijn gedichten zijn een totaalervaring van grenzen.» – Jeroen Heuvel

VoorplatGrenstekens-75Over ‘Grenstekens’ van Scott Rollins in Antilliaans Dagblad, 4 juli 2020:
Vertalen is in een andere taal omzetten of binnen dezelfde taal in een eenvoudiger te begrijpen boodschap. Ook kan het zijn het omzetten van gevoelens of gedachten in daden of in taal. Een dichter als Scott Rollins doet beide, en hij speelt bovendien met associaties. Geboren in Amerika is hij als 19-jarige naar Nederland verhuisd. Nu is hij achter in de zestig, en heeft onlangs zijn eerste dichtbundel in het Nederlands gepubliceerd. Deze bundel heeft de titel ‘Grenstekens’ gekregen. Niet zo verrassend, zou je zeggen, omdat je als emigrant een taalgrens overgaat, en als reiziger ook landsgrenzen. (…) ‘Vertaling’ is de titel van het eerste gedicht uit de bundel ‘Grenstekens’ van Scott Rollins. (…) Dit gedicht is niet een op een te begrijpen, dat is ook niet de bedoeling. Rollins vertaalt ervaringen, emoties op verstandelijk niveau, op gevoelsassociaties en op daad-ervaringen. Zijn gedichten zijn een totaalervaring van grenzen, grenzen van buiten naar binnen en weer naar buiten. Door een ervaring krijg ik woorden, en door de woorden bestaat de ervaring. (…) In de derde en laatste strofe van ‘Het eiland Forens’ geeft de ik-figuur aan dat hij voorbestemd was om te verhuizen. (…) Weer een grens, nu tussen water en land. Gedichten maken uit wat op je afkomt en materiaal dat eigenlijk ergens anders voor bedoeld is, in dit geval een dijk. Een grens, om water buiten het land te houden. De dichter is bijdehand. Ook in de titel, ‘Het eiland Forens’ zit het reizen besloten, je woont niet waar je werkt. De volgende titel gaat over het op weg zijn: ‘Het veer tussen de eilanden’. De verbinding die over grenzen gaat, zoals de auteur. (…) Een van de gedichten heet botweg ‘Grens’. In dit gedicht beleeft de ik angst. Volgens de ondertitel van het gedicht zijn we bij de grens van de VS, hier, en Mexico, daar. (…)
Lees hier en hier de recensie
Meer over ‘Grenstekens’
Meer over Scott Rollins bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Een gedicht dat je aandacht opeist.» – Frank Decerf

VoorplatGrenstekens-75Over ‘Grenstekens’ van Scott Rollins in De Auteur, 24 juni 2020:
De natuur is een eeuwenoud thema dat, in de poëzie, voortdurend zijn vermeende belangrijk wil opdringen. (…) Onlangs ontving ik het Nederlandstalig debuut van de Amerikaanse dichter, vertaler, schrijver en muzikant Scott Rollins. (…) Maar als je de bundel bijna dicht plooit om morgen nog eens te proberen, omdat je het voor vandaag voor bekeken houdt, ontdek je plotseling een gedicht dat je aandacht opeist.

Het eiland Forens

Ik ben op een stormachtige nacht in november geboren
Zelfs de wasserettes schrokken van de rukwinden
en de aangeharkte voorstedelijke huizen, waarin elk pasgeboren
jongetje wordt besneden uit gezondheidsoverwegingen,
trilden op hun grondvesten langs de duinen van het strand

Ik ben geboren waar de spoorlijn eruit zag als de arm
van een junk, die iedere dag de laatste rit naar huis zoekt
waar andere mannen elk ochtend hun kinderen achterlieten
om het leven uit te vinden in de wandelgangen, beurzen, winkels
en er schoon genoeg van kregen langs lijnen van gelijkmatigheid

Ik ben geboren tijdens een waterteken, voorbestemd om weg
te varen en me altijd af te vragen hoe het zat met dat schemergebied
tussen water en land, een bijdehante strandjutter die zijn verzen
bouwt uit aangespoeld wrakhout en vrachtwagens vol steen
en zandzakken bedoeld om de dijk te behouden.

‘De Auteur’ is een driemaandelijks tijdschrift van de Vereniging van Vlaamse letterkundigen met de recensierubriek ‘De Boekhouding’.
Meer over ‘Grenstekens’
Meer over Scott Rollins bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Dat is misschien een van de betekenissen van poëzie: iets creëren wat eigenlijk niet kan bestaan, of: het tijdelijk opheffen van afstand.»

Opmaak 1Alja Spaan interviewt Elly Stolwijk in MeanderMagazine n.a.v. ‘liefde de vluchtige holte’, 18 juni 2020:
In februari 2020 verscheen haar debuutbundel ‘liefde de vluchtige holte’ . De gedichten bij dit interview komen daar uit. « (…) Toen mijn moeder aan het eind van haar leven te kennen gaf dat ze niet meer geloofde in een leven na de dood vond ik dat zowel droevig als moedig (lees: taboedoorbrekend). Bij momenten probeer ik me voor te stellen dat mijn ouders elkaar weer hebben ontmoet, ergens, in de hemel. En dat ze op zoek gaan naar hun overleden kleindochter Renée Sterre. Maar eigenlijk komt die fantasie niet echt tot leven. Ook een eventuele aanwezigheid van mijn overleden vriendin Maria houd ik niet voor mogelijk, hoewel ik dat in sommige gedichten wél benoem. Dat is misschien een van de betekenissen van poëzie: iets creëren wat eigenlijk niet kan bestaan, of: het tijdelijk opheffen van afstand. (…)
Lees hier het interview
Meer over ‘liefde de vluchtige holte’

«Il s’agit surtout, en réalité, d’explorer nos frontières mentales en même temps que celles du rêve et celles de la compassion.» – Daniel Cunin

VoorplatGrenstekens-75Over ‘Signes de frontière’ van Scott Rollins op Flandres-Hollande – littérature flamande & néerlandaise, 28 mei 2020:
Daniel Cunin, vertaler van Vlaamse en Nederlandse literatuur in het Frans, signaleert het Nederlandse poëziedebuut ‘Grenstekens’ van de in New York geboren Scott Rollins. Le musicien, éditeur et poète newyorkais Scott Rollins vit depuis longtemps aux Pays-Bas. Sa connaissance de la langue néerlandaise l’a conduit à traduire bien des écrivains du cru dans sa langue maternelle, mais l’a aussi amené à composer quelques poèmes directement dans sa langue d’adoption ou à transposer dans celle-ci un choix de sa production en anglais. C’est ce dont rend compte Grenstekens (mot à mot « signes frontaliers »), son premier recueil publié aux éditions In de Knipscheer, lequel se divise en deux volets. Le premier propose 35 invitations au voyage dans diverses contrées, au-delà des frontières étatsuniennes ou hollandaises. (…) Il s’agit surtout, en réalité, d’explorer, à travers l’évocation de la flore et de la faune (ici une grive, là un faucon, plus loin l’albatros, au milieu d’une mélodie un éléphant, sans oublier des crabes, un poisson-lune et un brochet, « une baleine bleue et grise », « une colonne de fourmis », une « mite bleue sur un mur blanc ») et quelques bribes de souvenirs, nos frontières mentales en même temps que celles du rêve et celles de la compassion. (…) Intitulé « Een verzameld gedicht » (Poème compilé), le second volet de Grenstekens prolonge le voyage dans la langue par le biais du poème « Landschap van verlangen » (Paysage du désir) traduit en 23 langues.
Lees hier zijn bijdrage op Flandres-Hollande
Klik hier voor andere artikelen van Daniel Cunin op deze site
Meer over ‘Grenstekens’
Meer over Scott Rollins bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Voor poëzie heb ik een bepaalde stemming nodig en een prikkelarme omgeving.»

VoorplatMaanbrief-75Interview Jan Loogman met Inge Nicole over ‘Maanbrief aan het getij’ op MeanderMagazine, 21 mei 2020:
In mijn proza schrijf ik hoofdzakelijk over anderen, over levens die ver van mij afstaan. Ook al zit uiteraard in ieder hoofdpersonage wel een stukje Inge, toch ben ik in proza vooral bezig me te verplaatsen in een ander. Een overeenkomst met mijn poëzie is dat ik ook in romans veelal schrijf over wat ik aan het begin nog niet helemaal kan vatten en daar al schrijvende de vinger op wil leggen ‒ waarom doen mensen wat ze doen? (…) Dat je bij het woord denkt aan een brief van de maan aan het getij, is logisch. Dat roept het woord nu eenmaal op en het getij associeer je ook met de maan. Maar het is een ‘aanmaning’ aan het getij. Het water dat komt en gaat – eb en vloed – zou je als metafoor voor het leven en de daaraan gekoppelde dood kunnen zien. De ‘maanbrief’ is een herinnering aan het bestaan, dat het eindig is en dat je daar af en toe bij stil zou moeten staan om het naar waarde te kunnen schatten. De maanbrief wil aanmanen iets te doen, namelijk het leven te omarmen juist omdat het eindig is. (…)
Lees hier ‘De belofte van het komen en gaan’
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Versregels blijven je bij en kunnen een troost zijn.» – T.H.

VoorplatMaanbrief-75Over ‘Maanbrief aan het getij’ van Inge Nicole voor NBD/Biblion, 14 april 2020:
Een veertigtal gedichten in drie afdelingen: Hoogtij; Springtij en Doodtij als metaforen voor emotie. (…) In Doodtij staat het overlijden van de vader centraal. (…) Versregels als: ‘Jezus die wegkijkt’, ‘Vrijheid bestaat bij de gratie van de wind’, ‘Wat wanneer / het lichaam een foedraal omvat / waarin de ziel zich gevangen weet?’, en: ‘Bij doodtij verwaaien de resten van zijn leven / de zon slaat een luchtbrug door het wolkendek’ blijven je bij en kunnen een troost zijn in rouw. (…) Een gedicht dat in zijn geheel je ziel raakt, over stukgaan in inwendige kneuzingen, een wedergeboorte die dramatisch verloopt en over de vader die contact maakt via de schelpen op het strand. (…)
Lees hier de recensie
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Er veel te genieten in deze bundel.» – Wim van Til

VoorplatMaanbrief-75Over ‘Maanbrief aan het getij’ van Inge Nicole op Poëziecentrum Nederland, 31 maart 2020
Niets is zo belemmerend om een gedicht te genieten als de wetenschap, dat persoonlijke omstandigheden van de dichter ten grondslag liggen aan de tekst. Alsof het tuintje netjes afgebakend is met een hekwerk. Ik houd inderdaad meer van de rauwe natuur, de mogelijkheid om zelf te zien zonder de gestuurde waarneming. Tegelijkertijd wordt mijn aandacht gezogen naar een nawoord, een verantwoording of een bronverwijzing. Zo ook bij deze bundel. Had ik dat maar niet gedaan. De nadruk die Inge Nicole legt bij de inbreuken op haar persoonlijke leven, zweven daarna onvermijdelijk boven elk gedicht ‘zou ze dit bedoelen, speelt dat hierin een rol, heeft zij daarom deze woorden gekozen’. Eigen schuld, dikke bult, moet je dan zeggen. En dat is zo. Want eigenlijk valt er veel te genieten in deze bundel. De dichter weet waar zij het over heeft en beschikt over een goed arsenaal woorden en beelden. 10 illustraties heeft zij in de bundel opgenomen van de 22 die haar als uitdaging werden toegestuurd door beeldend kunstenaar Pieter Bijwaard. De gedichten die daarbij geschreven zijn, ontstijgen alle de anekdotiek van het beeld. En dat is prettig, want er is geen sprake van illustratie. In die zin helpen ze mij om ook de ‘persoonlijker’ gedichten los te lezen van het nawoord. En dan valt er nog meer te genieten in deze bundel.
Meer over ‘Maanbrief aan het getij’
Meer over Inge Nicole bij Uitgeverij In de Knipscheer