«Waardevolle bundels.» – John Jansen van Galen

CarlavanLeeuwen2‘Over ‘Because en andere gedichten’ van Carla van Leeuwen en ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain in Met het oog op morgen, 2 mei 2021:
Elle eerste zondag van de maand sluit ‘Met het oog op morgen’ af met John’s Poëzierubriek van John Jansen van Galen. (…) Nieuwe poëzie uit de laatste resten tropisch Nederland. (…) De gedichten van Carla van Leeuwen gaan vooral over de liefde, en dan de ongemakkelijke en problematische liefde en om de tegenstelling tussen kindertijd en volwassenheid, misschien meer nog over de weigering om volwassen te worden, wat zij ook nauwelijks is geworden. (…) Jit Narain is een maatschappelijke dichter (…) samenhangend met de immigratiegeschiedenis van de Hindostanen. (…)
Luister hier naar de rubriek op de tijdlijn vanaf 45.35
Meer over ‘Because en andere gedichten’
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over John Jansen van Galen op deze site

«Deze bundel van Jit Narain zit vol muziek en lyriek.» – André Oyen

VoorplatNarainMensenkindOver ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain op Ansiel, 29 april 2021:
(…) ‘Een mensenkind in niemandsland’ is een door Michiel van Kempen en Effendi Ketwaru samengestelde bloemlezing uit de tien bundels die van Jit Narain vanaf 1977 tot en met 2019 zijn verschenen. (…) Zijn eerste bundels bevatten gedichten in het Sarnami en in het Nederlands, meestal zonder vertaling; de twee laatste bevatten parallelle Sarnami en Nederlandse versies. (…) Veel van zijn Sarnámi poëzie is door hem zelf in het Nederlands vertaald en andersom. (…) De stijl van Narains Nederlandstalige poëzie doet een beroep op literaire ervaring bij de lezer, en hetzelfde geldt voor zijn Sarnami poëzie, terwijl die van de Hindi poëzie minder moeilijk is, maar de taal zelf daar tot meer problemen leidt. De inleiding van Satya Jadoenandansing & Geert Koefoed is bijzonder nuttig om van deze mooie bundel ten volle kunnen genieten. Deze bundel van Jit Narain zit vol muziek en lyriek en doet de lezer zweven en dromen op de baren van exotische klanken.
Lees hier het signalement
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

«De gedichten louteren en wijzen de weg.»

voorplatFluit1-75Over ‘Bánsuri ke gam / Het verdriet van de fluit’ van Saya Yasmine Amores op Sarnámi Jánkári (Sarnámi Instituut Nederland), jrg 2 nr 1, 2021:
(…) Een tweetalige bundel met maar liefst 35 gedichten die zeker de moeite waard is om te lezen. Al was het maar vanwege het feit dat dit de laatste bundel in het Sarnámi zal zijn van schrijver en dichter Saya Yasmine Amores (voorheen: Cándani). Maar er is ook een andere reden om de gedichtenbundel te lezen. De gedichten in deze bundel zijn een autobiografische terugblik naar het verleden. De meeste gedichten zijn geschreven toen Amores nog erg jong was. (…) De gedichten zijn lyrisch, soms zelfs kalm en onschuldig, met een toon die je meesleept naar een tijd van leegte, op zoek naar liefde en een mooie toekomst. (…) De gedichten in deze bundel zijn niet alleen een weemoedige terugblik naar het verleden, maar ze louteren en wijzen de weg. De weg ver van de leegte en op naar een mooie gehunkerde toekomst. (…)
Lees hier de recensie op blz. 8, 9, 10
Meer over ‘Het verdriet van de fluit’
Meer over Saya Yasmine Amores bij Uitgeverij In de Knipscheer

Twee gedichten uit ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain op Laurens Jz. Coster

VoorplatNarainMensenkindUit ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain op Laurens Jz. Coster, 14 april 2021:
Redacteur Raymond Noë maakt voor het blog Laurens Jz. Coster elke werkdag een keuze uit een poëziebundel van een Nederlandstalig dichter. ‘Dichter van de dag’ is op deze 14de april Jit Narain (1948) die in het Sarnámi en het Nederlands dicht en van wie onlangs de tweetalige bloemlezing ‘Een mensenkind in niemandsland’ verscheen, zijn 2de dichtbundel bij Uitgeverij In de Knipscheer. De gekozen gedichten zijn ook geplaatst op Neerlandistiek.nl.

••
contractarbeiders zo talrijk dankzij de ronselaars
wat is u niet overkomen, hoeveel houdt de sluier niet bedekt

het bloed bruist ’t lichaam scheurend omhoog
deze oever is niet goed voor mij, de andere voelt vreemd
soms barst ’t innerlijk soms breekt ’t hart

als een graat in de keel blijf ik in Holland hangen, mijn ziel doolt
wat heb ik door uw geschiedenis geleerd

met het vuil van de Hollanders drijf ik weg
spartelend onder die sluier, neus dicht voor de stank

••

arkáṯhi se máre kantráki
tohare pe ká gujaral, oṟhani ká-ká chipáis

deṉh pháre khun bujbujái
i gháṯ man ná bháwe, u pardesi sujhái
kabbo man karke kabbo dil tut jái

ham aṯkal Holland meṉ jiw bhaṯke
ká sikhali tose itihás re

Bakṟá ke mailá sáth ham bah jáb
talphalát ohi oṟhani tare nák dabáike

(1984, Nederlandse vertaling Jit Narain en Effendi N. Ketwaru)

•••

De geest ontkiemt in de taal
is de taal niet toereikend
dan maakt hij die

de dood doordringt het lichaam
het leven zeeft het vuil van de dood

het hart voegt zich aan de geest
en wakkert het leven aan
door verraad breekt de geest
waarom zal het hart zich binden

(2019/2020)

Meer over ‘Een mensenkind in niemandland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Groot Caraïbisch dichter eindelijk gebloemleesd.»

VoorplatNarainMensenkindOver ‘Een mensenkind in niemandsland’ van Jit Narain op Caraïbisch Uitzicht, 26 maart 2021:
Het moest er van komen: nadat bij uitgeverij In de Knipscheer al ruime bloemlezingen waren verschenen van het werk van Caraïbische dichters als Shrinivási, Michael Slory, Bernardo Ashetu, Pierre Lauffer, Elis Juliana en Nydia Ecury is nu ook het werk van de Surinaamse dichter Jit Narain met een bloemlezing bereikbaar geworden. ‘Een mensenkind in niemandsland’ is een door Michiel van Kempen en Effendi Ketwaru samengestelde bloemlezing uit de tien bundels die van Jit Narain vanaf 1977 tot en met 2019 zijn verschenen. (…)
Lees hier het signalement
Meer over ‘Een mensenkind in niemandsland’
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer

«Laat de lezer deelgenoot worden van deze sterke en aangrijpende bundel.» – Rogier Nupie

voorplatFluit1-75Over ‘Het verdriet van de fluit’ van Saya Yasmine Amores in De Auteur, 12 maart 2021:
(…) Saya Yasmine Amores (…) debuteerde onder het pseudoniem Candani in 1990 met de dichtbundel ‘Ghunghru tut gail / De rinkelband is gebroken’. Daarna volgden nog vier dichtbundels en twee romans. Ze is tevens plastisch kunstenaar. De gedichten in ‘Bansuri ke gam / Het verdriet van de fluit’ schreef ze toen ze 17 en 18 was in het Sarnámi, de taal van de Surinaamse Hindostanen. Ze tekende zelf voor de Nederlandse vertaling. Haar poëzie is heel direct, vaak onderkoeld, en weet je als lezer meteen vanaf het eerste gedicht te raken. (…) Heel wat herinneringen, vaak niet al te fraai (…) misschien wachten haar betere tijden in Nederland – twee gedichten kregen de titel ‘Holland mee’. (…) Aan het eind van de poëtische tunnel bieden zich betere tijden aan. (…) Met veel verbeelding en fantasie/ met veel diepgaande emoties/ heb ik mijn dromen gesierd – dixit de dichteres. Dat heeft ze ook met haar poëzie gedaan. Laat de lezer deelgenoot worden van deze sterke en aangrijpende bundel.
‘De Auteur’ is een driemaandelijks tijdschrift van de Vereniging van Vlaamse letterkundigen.
Lees hier de recensie op het blog van de Vereniging: ‘De Boekhouding’
Meer over ‘Het verdriet van de fluit’
Meer over Saya Yasmine Amores bij Uitgeverij In de Knipscheer

Jit Narain – Een mensenkind in niemandsland

VoorplatNarainMensenkindJit Narain
Een mensenkind in niemandsland

gedichten
Suriname –Nederland
samenstelling Michiel van Kempen & Effendi Ketwaru
inleiding Satya Jadoenandansing & Geert Koefoed
gebrocheerd in omslag met flappen,
royaal formaat, 134 blz., € 19,50
ISBN 978-94-93214-23-1 NUR 306
eerste uitgave april 2021

Een mensenkind in niemandsland is een door Michiel van Kempen en Effendi Ketwaru samengestelde bloemlezing uit de tien bundels die van Jit Narain vanaf 1977 tot en met 2019 zijn verschenen.

Zoals de meeste Surinaamse dichters heeft Jit Narain al zijn dichtbundels zelf laten drukken en alleen in kleine kring verspreid. Pas in 2018 heeft Uitgeverij In de Knipscheer een van zijn bundels in Nederland op de markt gebracht (‘Waar ben je daar / Báte huwán tu kahán’). Jit Narain dicht, net als veel andere dichters uit veeltalenland Suriname, in twee talen. Bij hem zijn dat Sarnámi en Nederlands. Veel van zijn Sarnámi poëzie is door hem zelf in het Nederlands vertaald en andersom. Voor de dichter Jit Narain is zijn eerste taal Sarnámi bovenal de taal die de geschiedenis van de contractanten en hun nakomelingen belichaamt. De bijzondere betekenis die Sarnámi voor hem heeft, maakt dat zijn gedichten in deze taal niet zomaar de persoonlijke uitdrukking van gedachten en gevoelens zijn; hij wil iets voor die taal doen. Hij wil Sarnámi – in zijn eigen woorden – ‘voornaam, klassiek maken’ en daarmee eer bewijzen aan de generaties die deze taal gevormd hebben.
Een terugkerend woord is lied, in de ruime betekenis: al wat mij aan taal en cultuur (verhalen, liederen, feesten, rituelen, waarden, levenshouding) is doorgegeven. In Agni ke yád zegt de ik tot Ájá, zijn grootvader: ‘in het zingen van jouw lied ben ik tekort geschoten.’ Het is een van de sleutelzinnen van dit boek en van zijn oeuvre als geheel. Iets prils, iets moois, iets teers, iets van onnoembare waarde kan niet blijven bestaan, het gaat stuk. Dit motief bindt veel van Jit Narains poëzie tot een eenheid. Dat wat stukgaat is (bijna) onstoffelijk. Poëzie kan het gebrokene niet helen, maar wel de herinnering eraan bewaren en het verlangen ernaar verwoorden.

Jit Narain is als Djietnarainsingh Baldewsing geboren op 7 augustus 1948 te Livorno, een plaats in het toenmalige district Suriname (nu district Wanica) bezuiden Paramaribo. Hij groeide op binnen een homogeen Hindostaanse cultuur. Als moedertaal sprak hij het Sarnámi, de taal van de Surinaamse Hindostanen. Na zijn Algemene Middelbare School in Paramaribo in 1969 studeerde hij medicijnen en culturele antropologie in Leiden om in 1978 als arts en in 1979 als huisarts af te studeren. Narain ging in december 1991 terug naar Suriname. Hij opende in het district Saramacca een polikliniek en bouwde achter zijn huis een cultureel centrum met bibliotheek, zwembad en mediavoorzieningen voor de districtsbewoners. Hij legde zich ook toe – in de traditie van zijn ouders en voorouders – op de landbouw. Voor zijn dichtwerk en voor zijn verdiensten voor de emancipatie van het Sarnámi werden hem tal van literaire prijzen toegekend. Anno 2021 is Jit Narain nog altijd huisarts en landbouwer en woonachtig in de plaats Uitkijk in Suriname.
Meer over Jit Narain bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Sarnámi en Hindoestaans-Surinaams op deze site

«Een kleinood van een singer-songwriter.» – Pablo Cabenda

raj mohanOver het werk en de 2021-tour van dichter en singer-songwriter Raj Mohan in De Volkskrant, 17 februari 2021:
(…) Raj Mohan, die in 1974 uit Suriname hiernaartoe kwam en 47 jaar in Utrecht woont, besloot een eigen repertoire in zijn taal [het Sarnámi van de Hindoestanen in Suriname] bij elkaar te schrijven. (…) Zoals Indiërs migreerden van het ene continent naar het andere, zo doet de muziek van Raj Mohan talloze plekken aan. Ook in zijn teksten zijn sporen van de Hindoestaanse diaspora te vinden. Zijn laatst verschenen ep Dui Mutthi en het oudere nummer Kantráki vertellen over hoe Indiërs rond 1900, na de afschaffing van de slavernij, werden verscheept naar Suriname om er te werken als contractarbeiders. (…) Niet dat Mohans verhaal altijd weerklank vond. Na succes in het live circuit van de jaren negentig, sloeg de kaalslag toe. De draconische culturele bezuinigingen in 2011 resulteerden erin dat bijna alle Nederlandse podia die voornamelijk niet-westerse muziek programmeerden hun deuren moesten sluiten. (…) In India werd Mohan een graag geziene gast in het land waar hij elk jaar toert. Hij heeft de muziek gecomponeerd en gezongen voor de Indiase film Papihra, een familiedrama met een internationale cast, die ook in Nederland en Suriname uit zal komen. En vorig jaar werd hij benoemd tot adjunct-professor diasporastudies aan de Mahatma Gandhi Central University in Motihari in India. En zo kwam de muziek van de ambassadeur van de Sarnámi, na omzwervingen over oceanen en transformaties door de tijd, weer naar huis. (…)
Zijn beide dichtbundels en diverse van zijn cd’s zijn te bestellen bij Uitgeverij In de Knipscheer
Lees hier het interview in De Volkskrant
Lees hier het signalement op Caraïbisch Uitzicht
Meer over het werk van Raj Mohan op deze site

«Het is soms benauwend hoe dichtbij je ermee verwikkeld bent.» – Reza Madhar

voorplatFluit1-75Over ‘Het verdriet van de fluit’ van Saya Yasmine Amores in De Ware Tijd Literair, 12 december 2020:
(…) De dichter schrijft vooral vanuit zichzelf, en je ervaart hoe ze groeit tussen het eerste gedicht en het laatste. (…) Het boek vertelt een verhaal: er is een protagonist, er zijn tegenstanders en er is een omgeving en een cultuur. De eerste gedichten zijn verwijtend naar iemand op wie ze gesteld is, maar in wie ze steeds wordt teleurgesteld. Ze schrijft vastberaden: “waarom zou ik mijn poëzie/ in verlegenheid brengen/ om jouw ontrouw?” (…) Het gedicht, Hindostaan-zijn/ Hindustani, waarin ze zichzelf herinnert aan haar afkomst als Surinaamse Hindostaanse, heeft de felheid van een punk-rocklied. (…) Mijn favoriet van dit gedeelte is Surinaamse Hollander waarmee iedereen wel eens ervaring mee heeft gehad iedereen kent wel zo een persoon; “met geleend geld / ging hij naar Holland / vandaag, / vandaag heeft hij / enkele woorden / geleerd in Holland / en nu komt hij ons / vertellen hoe / wij moeten leven”. Een groot deel van de bundel gaat over het gevoel het zwarte schaap van de familie te zijn. (…) De ik-persoon is in de hele bundel aan het woord en prominent aanwezig, maar langzamerhand wordt het een “wij” en “zij” en zelfs “jij”. Er komt een kind bij kijken en de isolatie wordt erger. (…) Het wordt steeds pijnlijker om door te lezen. En hoewel het er hopeloos uitziet is de schrijfster toch niet overwonnen. (…) Denk niet dat dit een boek alleen voor Hindostanen is. (…) Het is soms benauwend hoe dichtbij je ermee verwikkeld bent. (…)
Lees hier of hier de recensie
Meer over ‘Het verdriet van de fluit’
Meer over Saya Yasmine Amores bij Uitgeverij In de Knipscheer

Videobeelden presentatie ‘Het verdriet van de fluit’

voorplatFluit1-75Presentatie ‘Bánsuri ke gam / Het verdriet van de fluit’ van Saya Yasmine Amores, 21 november 2020:
Op 27 september 2020, midden in Coronatijd, vond in de grote zaal van Vereniging Ons Suriname in Amsterdam voor een noodgedwongen klein gezelschap de presentatie plaats van de dichtbundel ‘Bánsuri ke gam / Het verdriet van de fluit’ van Saya Yasmine Amores. Van de presentatie zijn beeldopnamen gemaakt. Vanwege die goeddeels lege ruimte echoot helaas het geluid. Deel 1 opent met Delano Veira, directeur van Vereniging Ons Suriname. De inleiding van uitgever Franc Knipscheer wordt besloten met een voordracht van beeldend kunstenaar en acteur Peter Tholen (vanaf 17:10 op de tijdbalk). In deel 2 komt uitgeverijredacteur Peter de Rijk aan het woord, gevolgd door een tweede optreden van Peter Tholen vanaf 13:00 op de tijdbalk. Op 17:55 en 19:00 worden de eerste exemplaren door de auteur overhandigd aan resp. Simon van der Lugt, schrijver van het Voorwoord in de bundel, en Delano Veira. Daarna leest Saya Yasmine Amores voor uit de nieuwe bundel en wordt zij geïnterviewd door Delano Veira. Op circa 30:22 sluit Simon van der Lugt de presentatiemiddag af.
Kijk hier naar Deel 1
Kijk hier naar Deel 2
Lees hier de tekst van de inleiding en aankondigingen door Franc Knipscheer
Meer over ‘Het verdriet van de fluit’
Meer over Cándani bij Uitgeverij In de Knipscheer
Meer over Saya Yasmine Amores bij Uitgeverij In de Knipscheer